2008-09-01 | BWBR0007858 | Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995

This commit is contained in:
Coornhert 2008-09-01 12:00:00 +00:00
parent 049bafdee9
commit f6bc5097c3

View file

@ -168,7 +168,7 @@ d. drijvende werktuigen.
### Artikel 1.03
De in artikel 1.02, eerste en tweede lid, bedoelde vaartuigen moeten zijn voorzien van een certificaat van onderzoek dat is afgegeven door een Commissie van Deskundigen, die door één der Oeverstaten of België is ingesteld.
De in artikel 1.02, eerste en tweede lid, bedoelde vaartuigen moeten zijn voorzien van een certificaat van onderzoek dat is afgegeven door een Commissie van Deskundigen, die door één der Oeverstaten of België is ingesteld, of van een door de Centrale Commissie van de Rijnvaart als gelijkwaardig erkend certificaat.
### Artikel 1.04
@ -1427,10 +1427,10 @@ Opmerking:
**2.**
Met inachtneming van de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen zijn hogere spanningen toegestaan:
Met inachtneming van de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen zijn hogere spanningen toegestaan voor:
a. voor krachtinstallaties waarvan het vermogen zulks vereist;
b. voor speciale inrichtingen, zoals radioinstallaties en ontstekingsinrichtingen.
a. krachtinstallaties waarvan het vermogen zulks vereist;
b. speciale inrichtingen, zoals radioinstallaties en ontstekingsinrichtingen.
### Artikel 9.07
@ -1878,7 +1878,7 @@ i. een vanuit de stuurstand bedienbare schijnwerper.
**1.**
Op de volgende plaatsen moet telkens 1 draagbaar blustoestel overeenkomstig de Europese norm EN 3, uitgave 1996, aanwezig zijn:
Op de volgende plaatsen moet telkens één draagbaar blustoestel overeenkomstig de Europese norm EN 3:1996 aanwezig zijn:
a. in het stuurhuis;
b. in de nabijheid van iedere toegang van het dek naar de verblijven;
@ -3887,7 +3887,7 @@ de metacentrumhoogte in m;
φ de hellingshoek in °.
Deze formule is van toepassing tot hellingshoeken van ten hoogste 10° of tot een hellingshoek waarbij de zijde van het dek wordt ingedompeld of de bodem boven water uitkomt. Daarbij is de kleinste hoek doorslaggevend. Bij schuin lopende zijwanden is de formule van toepassing tot hellingshoeken van ten hoogste 5°; voor het overige zijn de criteria als bedoeld in het derde en vierde lid van toepassing.
Bij schuin lopende zijwanden is de formule van toepassing tot hellingshoeken van ten hoogste 5°; voor het overige zijn de criteria, bedoeld in het derde lid en in de leden 4.1 tot en met 4.6, van toepassing.
Wanneer de bijzondere vorm van het drijvend voorwerp of de drijvende voorwerpen dit niet toelaat, zijn stabiliteitskrommen als bedoeld in het tweede lid, onder *c*, vereist.
@ -4110,7 +4110,7 @@ de artikelen 8.01, eerste en tweede lid, 8.02, eerste en tweede lid, 8.03, eerst
f. van hoofdstuk 9: artikel 9.01, eerste lid, van overeenkomstige toepassing;
g. van hoofdstuk 10:
de artikelen 10.01, tweede, derde en vijfde tot en met veertiende lid, 10.02, eerste lid, onderdelen a, b en c, en tweede lid, onderdelen a en e tot en met h, en 10.03, eaerste lid, onderdelen a, b en d; er moeten echter ten minste twee blustoestellen aan boord aanwezig zijn; en voorts de artikelen 10.03, tweede tot en met vijfde lid, en 10.05;
de artikelen 10.01, tweede, derde en vijfde tot en met veertiende lid, 10.02, eerste lid, onderdelen a tot en met c, en tweede lid, onderdelen a en e tot en met h, en 10.03, eerste lid, onderdelen a, b en d; er moeten echter ten minste twee draagbare blustoestellen aan boord aanwezig zijn; en voorts de artikelen 10.03, tweede tot en met zesde lid, 10.03a, 10.03b en 10.05;
h. hoofdstuk 13;
i. hoofdstuk 14.
@ -5115,7 +5115,7 @@ HOOFDSTUK 15
| 15.05 | Aantal passagiers | Bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 |
| 15.10, lid 4, lid 6, lid 7, lid 8 en lid 11 | Noodstroominstallatie | V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 |
**2.** Artikel 15.11, derde lid, onder a, is op schepen voor dagtochten, waarvan de kiel is gelegd op 1 april 1976 of daarvóór, tot aan de eerste verlenging van het certificaat van onderzoek ná 1.1.2045 slechts met dien verstande van toepassing dat slechts de verven, lakken en andere behandelingsmiddelen voor interieurs, gebruikt voor de naar de vluchtwegen toegekeerde oppervlakken, moeilijk ontvlambaar moeten zijn en rook en andere giftige gassen niet in gevaarlijke mate kunnen ontstaan.
**2.** Artikel 15.11, derde lid, eerste volzin en zesde lid, is op schepen voor dagtochten waarvan de kiel is gelegd op 1 april 1976 of daarvóór, tot aan de eerste verlenging van het certificaat van onderzoek na 1 januari 2045 slechts met dien verstande van toepassing dat slechts de verven, lakken en andere producten voor de behandeling van oppervlakken en voor de dekbedekking, gebruikt voor de naar vluchtwegen toegekeerde oppervlakken, moeilijk ontvlambaar moeten zijn en rook en andere giftige stoffen niet in buitengewone hoeveelheden kunnen ontstaan.
**3.** Artikel 15.11, twaalfde lid, is op schepen voor dagtochten, waarvan de kiel is gelegd op 1 april 1976 of daarvóór, tot aan de eerste verlenging van het certificaat van onderzoek ná 1.1.2045 slechts met dien verstande van toepassing dat het voldoende is wanneer, in plaats van de dragende constructie vervaardigd van staal van trappen die als vluchtweg dienen, deze trappen zo zijn uitgevoerd dat zij in geval van brand ongeveer even lang bruikbaar blijven als trappen met een dragende constructie van staal.
@ -5327,7 +5327,7 @@ HOOFDSTUK 15
| 15.11, lid 8, onder a, b, c 2^e zin, en d | Eisen aan deuren in scheidingsvlakken | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 9 | Wanden van dek tot dek overeenkomstig lid 2 | Op hotelschepen zonder sprinklerinstallatie eindigen van de wanden tussen hutten: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 10 | Scheidingsvlakken | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 12, 2^e zin | Traptreden van staal of een ander gelijkwaardig onbrandbaar materiaal | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 12 | Traptreden van staal of een ander gelijkwaardig onbrandbaar materiaal | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 13 | Omgeven van inwendig gelegen trappen door wanden overeenkomstig lid 2 | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 14 | Eisen aan ventilatie- en airconditioningsystemen | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |
| 15.11, lid 15 | Keukens met ventilatiesystemen en keukenfornuizen met afzuiging | N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 | 1.1.2006 |