2010-01-01 | BWBR0002629 | Wet op de omzetbelasting 1968
This commit is contained in:
parent
c020b319d8
commit
f795fef60f
1 changed files with 402 additions and 87 deletions
|
|
@ -64,10 +64,7 @@ f. nieuwe vervoermiddelen: voor het personen- of goederenvervoer bestemde schepe
|
|||
1°. na het tijdstip van eerste ingebruikneming van het landvoertuig niet meer dan zes maanden, dan wel van het schip of luchtvaartuig niet meer dan drie maanden, zijn verstreken; of
|
||||
2°. het vervoermiddel, als het een landvoertuig betreft ten hoogste 6000 km heeft afgelegd, als het een schip betreft ten hoogste 100 uren heeft gevaren, dan wel als het een luchtvaartuig betreft ten hoogste 40 uren heeft gevlogen;
|
||||
g. btw-identificatienummer: het nummer dat ingevolge artikel 214 van de BTW-richtlijn 2006 door een lid-staat aan een ondernemer of aan een rechtspersoon, andere dan ondernemer, is toegekend;
|
||||
h. intracommunautair goederenvervoer:
|
||||
|
||||
1°. het vervoer van goederen waarvan de plaats van vertrek en de plaats van aankomst op het grondgebied van twee verschillende lid-staten zijn gelegen;
|
||||
2°. het vervoer van goederen waarvan de plaats van vertrek en de plaats van aankomst in dezelfde lid-staat zijn gelegen, wanneer dit vervoer rechtstreeks samenhangt met het vervoer van goederen als bedoeld onder 1°;
|
||||
h. intracommunautair goederenvervoer: het vervoer van goederen waarvan de plaats van vertrek en de plaats van aankomst op het grondgebied van twee verschillende lidstaten zijn gelegen;
|
||||
i. plaats van vertrek: de plaats waar het goederenvervoer daadwerkelijk aanvangt, zonder rekening te houden met de trajecten die worden afgelegd om zich naar de plaats te begeven waar de goederen zich bevinden;
|
||||
j. plaats van aankomst: de plaats waar het goederenvervoer daadwerkelijk eindigt;
|
||||
k. wederverkoper: de ondernemer wiens activiteiten geheel of ten dele bestaan uit de wederverkoop van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten;
|
||||
|
|
@ -76,7 +73,7 @@ m. kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten: de bij minis
|
|||
n. gedeelte van een binnen de Gemeenschap verricht passagiersvervoer: het gedeelte van een vervoer dat, zonder tussenstop buiten de Gemeenschap, plaatsvindt tussen de plaats van vertrek en de plaats van aankomst van het vervoer van passagiers; in geval het een heen- en terugreis betreft, wordt de terugreis als een afzonderlijk vervoer beschouwd;
|
||||
o. plaats van vertrek van een vervoer van passagiers: het eerste punt in de Gemeenschap waar passagiers aan boord kunnen komen, eventueel na een tussenstop buiten de Gemeenschap;
|
||||
p. plaats van aankomst van een vervoer van passagiers: het laatste punt in de Gemeenschap waar passagiers die binnen de Gemeenschap aan boord zijn gekomen van boord kunnen gaan, eventueel vóór een tussenstop buiten de gemeenschap;
|
||||
q. elektronische diensten: langs elektronische weg verrichte diensten, onder andere de in bijlage II van de BTW-richtlijn 2006 beschreven diensten;
|
||||
q. elektronische diensten: langs elektronische weg verrichte diensten, met name de in bijlage II van de BTW-richtlijn 2006 beschreven diensten;
|
||||
r. normale waarde:
|
||||
|
||||
1°. het volledige bedrag, de omzetbelasting niet daaronder begrepen, dat de afnemer van goederen of diensten, om de desbetreffende goederen of diensten op dat tijdstip te verkrijgen, in dezelfde handelsfase als waarin de goederen worden geleverd of de diensten worden verricht, op het tijdstip van die levering of van die verrichting en bij vrije mededinging daarvoor zou moeten betalen aan een zelfstandige leverancier of dienstverrichter in Nederland;
|
||||
|
|
@ -160,6 +157,8 @@ b. het om niet verrichten van diensten door de ondernemer voor eigen privé-doel
|
|||
|
||||
**4.** Diensten welke worden verleend door tussenkomst van een commissionair of dergelijke ondernemer die overeenkomsten sluit op eigen naam maar op order en voor rekening van een ander, worden geacht aan en vervolgens door die ondernemer te zijn verleend.
|
||||
|
||||
### Afdeling 1a. Plaats van levering
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -192,65 +191,94 @@ c. in afwijking van onderdeel *b*, in geval van een levering van goederen aan bo
|
|||
|
||||
**3.** In afwijking van artikel 5 wordt de levering van gas via het aardgasdistributiesysteem of van elektriciteit in andere gevallen dan bedoeld in het eerste lid verricht op de plaats waar de afnemer het werkelijke gebruik en verbruik van de goederen heeft. Indien alle goederen of een deel ervan in werkelijkheid niet door deze afnemer worden gebruikt, worden deze niet-gebruikte goederen geacht te zijn gebruikt en verbruikt op de plaats waar deze afnemer is gevestigd of een vaste inrichting heeft waarvoor de goederen worden geleverd. Bij het ontbreken hiervan wordt deze afnemer geacht de goederen te hebben gebruikt en verbruikt in zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats.
|
||||
|
||||
### Afdeling 1b. Plaats van een dienst
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Algemene bepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** De plaats waar een dienst wordt verricht, is de plaats waar de ondernemer die de dienst verricht woont of is gevestigd dan wel een vaste inrichting heeft van waaruit hij de dienst verricht.
|
||||
**1.** De plaats van een dienst, verricht voor een als zodanig handelende ondernemer, is de plaats waar die ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening heeft gevestigd. Worden deze diensten evenwel verricht voor een vaste inrichting van de ondernemer op een andere plaats dan die waar hij de zetel van zijn bedrijfsuitoefening heeft gevestigd, dan geldt als plaats van dienst de plaats waar deze vaste inrichting zich bevindt. Bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, geldt als plaats van de dienst de woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats van de ondernemer die deze diensten afneemt.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
**2.** De plaats van een dienst, verricht voor een andere dan ondernemer, is de plaats waar de dienstverrichter de zetel van zijn bedrijfsuitoefening heeft gevestigd. Worden deze diensten evenwel verricht vanuit een vaste inrichting van de dienstverrichter, op een andere plaats dan die waar hij de zetel van zijn bedrijfsuitoefening heeft gevestigd, dan geldt als plaats van dienst de plaats waar deze vaste inrichting zich bevindt. Bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, geldt als plaats van de diensten de woonplaats of de gebruikelijke verblijfplaats van de dienstverrichter.
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid worden:
|
||||
|
||||
a. de diensten welke betrekking hebben op een onroerende zaak, met inbegrip van diensten van tussenpersonen in onroerende zaken, architecten en andere deskundigen, alsmede van diensten welke erop zijn gericht de uitvoering van bouwwerken voor te bereiden of te coördineren, verricht daar waar de zaak is gelegen;
|
||||
b. de diensten, bestaande in het vervoer van personen of goederen, verricht op de plaatsen waar de feitelijke handeling van het vervoer wordt verricht;
|
||||
c. de diensten, bestaande in:
|
||||
|
||||
1°. culturele, artistieke, sportieve, wetenschappelijke, onderwijs-, vermakelijkheids- of soortgelijke activiteiten, met inbegrip van die van de organisatoren van dergelijke activiteiten, alsmede in voorkomend geval, van daarmee samenhangende diensten;
|
||||
2°. laden, lossen of soortgelijke met vervoer samenhangende activiteiten;
|
||||
3°. werkzaamheden, deskundigenonderzoeken daaronder begrepen, met betrekking tot roerende zaken,
|
||||
|
||||
verricht daar waar de activiteiten of werkzaamheden feitelijk plaatsvinden;
|
||||
d. de hierna genoemde diensten welke worden verleend aan ondernemers, of aan anderen dan ondernemers voor zover zij buiten de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd, verricht op de plaats waar degene aan wie de dienst wordt verleend, woont of is gevestigd dan wel een vaste inrichting heeft waarvoor de dienst wordt verricht:
|
||||
|
||||
1°. de overdracht en het verlenen van auteursrechten, octrooirechten, licentierechten, rechten op fabrieks- en handelsmerken en andere soortgelijke rechten;
|
||||
2°. de diensten op het gebied van de reclame;
|
||||
3°. de diensten, verricht door raadgevende personen, ingenieurs, adviesbureaus, advocaten, accountants, en soortgelijke diensten, alsmede informatieverwerking en -verschaffing;
|
||||
4°. de verbintenis om een beroepsactiviteit of een onder 1° vermeld recht geheel of gedeeltelijk niet uit te oefenen;
|
||||
5°. bank-, financiële en verzekeringsverrichtingen, met uitzondering van de verhuur van safeloketten;
|
||||
6°. het beschikbaar stellen van personeel;
|
||||
7°. de verhuur van roerende zaken, met uitzondering van vervoermiddelen;
|
||||
8°. telecommunicatiediensten, te weten diensten die betrekking hebben op de transmissie, uitzending of ontvangst van signalen, tekst, beelden en geluiden of informatie van allerlei aard, via draad, radiogolven, optische of andere elektromagnetische systemen, daaronder begrepen de overdracht en het verlenen van het recht om gebruik te maken van capaciteit voor een dergelijke transmissie, uitzending of ontvangst, alsmede het verlenen van toegang tot wereldwijde informatienetten;
|
||||
9°. radio- en televisieomroepdiensten;
|
||||
10°. elektronische diensten;
|
||||
11°. het bieden van toegang tot, en van transport of transmissie via, aardgas- en elektriciteitsdistributiesystemen en het verrichten van andere daarmee rechtstreeks verbonden diensten;
|
||||
12°. het bemiddelen bij de verlening van diensten als hiervoor in dit onderdeel zijn bedoeld, door tussenpersonen die handelen op naam en voor rekening van een ander;
|
||||
e. de hierna genoemde diensten welke worden verricht door ondernemers die buiten de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben van waaruit de dienst wordt verricht, in Nederland verricht, wanneer het werkelijke gebruik en de werkelijke exploitatie in Nederland plaatsvinden:
|
||||
|
||||
1°. diensten, bedoeld in onderdeel *d*, 1° tot en met 7°, welke worden verleend aan in Nederland gevestigde lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, andere dan ondernemers;
|
||||
2°. diensten als bedoeld in onderdeel d, 8° en 9°, welke worden verleend aan natuurlijke personen of aan in Nederland gevestigde lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, andere dan ondernemers;
|
||||
3°. diensten, bestaande in de verhuur van vervoermiddelen, welke worden verleend aan natuurlijke personen of lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, die in Nederland wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben waarvoor de dienst wordt verricht;
|
||||
f. diensten als bedoeld in onderdeel d, 10°, welke worden verleend aan anderen dan ondernemers die in de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd, door ondernemers die buiten de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben van waaruit de dienst wordt verricht, verricht op de plaats waar degene aan wie de dienst wordt verleend, woont of is gevestigd.
|
||||
#### Paragraaf 2. Bijzondere bepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 6a
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 6, tweede lid, onderdeel b, worden de diensten bestaande in intracommunautair goederenvervoer verricht op de plaats van vertrek.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 6, tweede lid, onderdeel c, onder 2°, worden de diensten bestaande in laden, lossen of soortgelijke activiteiten die samenhangen met intracommunautair goederenvervoer, die worden verleend aan afnemers aan wie een btw-identificatienummer is toegekend in een andere lid-staat dan die waar de activiteiten feitelijk plaatsvinden, verricht in de lid-staat die aan de afnemer van de dienst het btw-identificatienummer heeft toegekend waaronder de dienst aan deze is verleend.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 6, eerste lid, worden:
|
||||
|
||||
a. de diensten bestaande in het bemiddelen bij de verlening van diensten als bedoeld in het eerste lid, door tussenpersonen die handelen op naam en voor rekening van een ander, verricht op de plaats van vertrek van het vervoer;
|
||||
b. de diensten bestaande in het bemiddelen bij de verlening van diensten in verband met activiteiten die samenhangen met intracommunautair goederenvervoer, door tussenpersonen die handelen op naam en voor rekening van een ander, verricht op de plaats waar de activiteiten feitelijk plaatsvinden;
|
||||
c. de diensten bestaande in het bemiddelen bij prestaties, andere dan die bedoeld in de onderdelen a en b en in artikel 6, tweede lid, onderdeel d, door tussenpersonen die handelen op naam en voor rekening van een ander, verricht op de plaats waar de onderliggende prestaties overeenkomstig deze wet worden verricht.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer de in het eerste en derde lid bedoelde diensten worden verleend aan afnemers aan wie een btw-identificatienummer is toegekend in een andere lid-staat dan die waar op grond van het eerste en derde lid de plaats van dienst is gesitueerd, worden deze diensten, in afwijking in zoverre van het eerste en derde lid, verricht in de lid-staat die aan de afnemer van de dienst het btw-identificatienummer heeft toegekend waaronder de dienst aan deze is verleend.
|
||||
De plaats van een dienst die voor andere dan ondernemers wordt verricht door een tussenpersoon die in naam en voor rekening van derden handelt, is de plaats waar de onderliggende handeling overeenkomstig de bepalingen van deze wet wordt verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 6b
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 6, tweede lid, onderdeel *c*, onder 3°, worden diensten bestaande in werkzaamheden, deskundigenonderzoeken daaronder begrepen, met betrekking tot roerende zaken die worden verleend aan afnemers aan wie een btw-identificatienummer is toegekend in een andere lid-staat dan die waar de werkzaamheden feitelijk plaatsvinden, verricht in de lid-staat die aan de afnemer van de dienst het btw-identificatienummer heeft toegekend waaronder de dienst aan deze is verleend.
|
||||
De plaats van een dienst die betrekking heeft op een onroerende zaak, met inbegrip van diensten van experts en makelaars in onroerende zaken, het verstrekken van accommodatie in het hotelbedrijf of in sectoren met een soortgelijke functie, zoals vakantiekampen of locaties die zijn ontwikkeld voor gebruik als kampeerterreinen, het verlenen van gebruiksrechten op een onroerende zaak, alsmede van diensten die erop gericht zijn de uitvoering van bouwwerken voor te bereiden of te coördineren, zoals de diensten verricht door architecten en door bureaus die toezicht houden op de uitvoering van het werk, is de plaats waar de onroerende zaak is gelegen.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is alleen van toepassing indien de goederen worden verzonden of vervoerd buiten de lid-staat waar de diensten daadwerkelijk zijn verricht.
|
||||
### Artikel 6c
|
||||
|
||||
**1.** De plaats van personenvervoerdiensten is de plaats waar het vervoer plaatsvindt, zulks naar verhouding van de afgelegde afstanden.
|
||||
|
||||
**2.** De plaats van andere goederenvervoerdiensten voor andere dan ondernemers dan het intracommunautaire goederenvervoer, is de plaats waar het vervoer plaatsvindt, zulks naar verhouding van de afgelegde afstanden.
|
||||
|
||||
**3.** De plaats van intracommunautaire goederenvervoerdiensten voor andere dan ondernemers, is de plaats van vertrek.
|
||||
|
||||
### Artikel 6d
|
||||
|
||||
De plaats van een dienst en van daarmee samenhangende diensten, in verband met culturele, artistieke, sportieve, wetenschappelijke, educatieve, vermakelijkheids- of soortgelijke activiteiten, zoals beurzen en tentoonstellingen, inclusief de diensten van de organisatoren van dergelijke activiteiten, is de plaats waar die activiteiten daadwerkelijk plaatsvinden.
|
||||
|
||||
### Artikel 6e
|
||||
|
||||
De plaats van de volgende diensten die voor andere dan ondernemers worden verricht, is de plaats waar die diensten daadwerkelijk worden verricht:
|
||||
|
||||
a. activiteiten die met vervoer samenhangen, zoals laden, lossen, intern vervoer en soortgelijke activiteiten;
|
||||
b. deskundigenonderzoeken en werkzaamheden met betrekking tot roerende lichamelijke zaken.
|
||||
|
||||
### Artikel 6f
|
||||
|
||||
**1.** De plaats van restaurant- en cateringdiensten is de plaats waar die diensten materieel worden verricht.
|
||||
|
||||
**2.** De plaats van restaurant- en cateringdiensten die materieel worden verricht aan boord van een schip, vliegtuig of trein tijdens het in de Gemeenschap verrichte gedeelte van een passagiersvervoer, is de plaats van vertrek van het passagiersvervoer.
|
||||
|
||||
### Artikel 6g
|
||||
|
||||
**1.** De plaats van dienst van kortdurende verhuur van een vervoermiddel is de plaats waar dat vervoermiddel daadwerkelijk ter beschikking van de afnemer wordt gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder «kortdurende verhuur» verstaan: het ononderbroken bezit of gebruik van het vervoermiddel gedurende een periode van ten hoogste dertig dagen, en voor schepen ten hoogste negentig dagen.
|
||||
|
||||
### Artikel 6h
|
||||
|
||||
**1.** De plaats van elektronische diensten, die worden verricht voor een andere dan ondernemer die in een lidstaat gevestigd is of daar zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft, door een ondernemer die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening buiten de Gemeenschap heeft gevestigd of daar over een vaste inrichting beschikt van waaruit de dienst wordt verricht, of, bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats buiten de Gemeenschap heeft, is de plaats waar de andere dan ondernemer gevestigd is of zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft.
|
||||
|
||||
**2.** Het feit dat de dienstverrichter en de afnemer langs elektronische weg berichten uitwisselen, betekent op zich niet dat de verrichte dienst een elektronische dienst is.
|
||||
|
||||
### Artikel 6i
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De plaats van de volgende diensten, verricht voor een andere dan ondernemer die buiten de Gemeenschap gevestigd is of aldaar zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft, is de plaats waar deze persoon gevestigd is of zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft:
|
||||
|
||||
a. de overdracht en het verlenen van auteursrechten, octrooien, licentierechten, handelsmerken en soortgelijke rechten;
|
||||
b. diensten op het gebied van de reclame;
|
||||
c. diensten verricht door raadgevende personen, ingenieurs, adviesbureaus, advocaten, accountants en andere soortgelijke diensten, alsmede gegevensverwerking en informatieverschaffing;
|
||||
d. de verplichting om een beroepsactiviteit of een in dit artikel vermeld recht geheel of gedeeltelijk niet uit te oefenen;
|
||||
e. bank-, financiële en verzekeringsverrichtingen met inbegrip van herverzekeringsverrichtingen en met uitzondering van de verhuur van safeloketten;
|
||||
f. het beschikbaar stellen van personeel;
|
||||
g. de verhuur van roerende lichamelijke zaken, met uitzondering van alle vervoermiddelen;
|
||||
h. het bieden van toegang tot aardgas- en elektriciteitsdistributiesystemen alsmede het verrichten van transport- en transmissiediensten via deze systemen en het verrichten van andere daarmee rechtstreeks verbonden diensten;
|
||||
i. telecommunicatiediensten;
|
||||
j. radio- en televisieomroepdiensten;
|
||||
k. elektronische diensten.
|
||||
|
||||
**2.** Het feit dat de dienstverrichter en de afnemer langs elektronische weg berichten uitwisselen, betekent op zich niet dat de verrichte dienst een elektronische dienst is.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 3. Voorkoming van niet-heffing
|
||||
|
||||
### Artikel 6j
|
||||
|
||||
De hierna genoemde diensten die worden verricht door ondernemers die buiten de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben van waaruit de dienst wordt verricht, of die, bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats buiten de Gemeenschap hebben, en de plaats van die diensten buiten de Gemeenschap is gelegen worden aangemerkt als worden zij in Nederland verricht, wanneer het werkelijke gebruik en de werkelijke exploitatie in Nederland plaatsvinden:
|
||||
|
||||
a. diensten, bestaande in de verhuur van vervoermiddelen, die worden verricht voor andere dan ondernemers die in Nederland wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben waarvoor de diensten worden verricht;
|
||||
b. diensten als bedoeld in artikel 6i, eerste lid, onderdelen a tot en met g, die worden verricht voor in Nederland gevestigde lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, andere dan ondernemers;
|
||||
c. diensten als bedoeld in artikel 6i, eerste lid, onderdelen i en j, die worden verricht voor andere dan ondernemers die in Nederland gevestigd zijn of er hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats hebben.
|
||||
|
||||
### Afdeling 1c. Ondernemer
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
|
|
@ -271,6 +299,13 @@ b. exploitatie van een vermogensbestanddeel om er duurzaam opbrengst uit te verk
|
|||
|
||||
**6.** Degene die, anders dan als ondernemer, een nieuw vervoermiddel levert welk vervoermiddel wordt verzonden of vervoerd naar een andere lid-staat, wordt met betrekking tot die levering als ondernemer aangemerkt.
|
||||
|
||||
**7.**
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van de regels betreffende de plaats van dienst in deze wet en in de daarop gebaseerde bepalingen wordt:
|
||||
|
||||
a. een ondernemer die ook werkzaamheden of handelingen verricht die niet als belastbare goederenleveringen of diensten in de zin van artikel 2, lid 1, van BTW-richtlijn 2006 worden beschouwd, met betrekking tot alle voor hem verrichte diensten als ondernemer aangemerkt;
|
||||
b. een rechtspersoon, andere dan ondernemer, die voor btw-doeleinden is geïdentificeerd, als ondernemer aangemerkt.
|
||||
|
||||
### Afdeling 2. Maatstaf en tarief van heffing
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
|
@ -414,11 +449,18 @@ met het oog op de bebouwing van de grond.
|
|||
|
||||
**1.** De belasting wordt geheven van de ondernemer die de levering of de dienst verricht.
|
||||
|
||||
**2.** Ingeval de ondernemer die een levering als bedoeld in artikel 5b of een dienst als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onderdeel d, 10°, artikel 6a of artikel 6b verricht, niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft van waaruit de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend, en aan degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend een btw-identificatienummer in Nederland is toegekend, wordt de belasting geheven van degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend.
|
||||
**2.** Ingeval de ondernemer die een levering als bedoeld in artikel 5b of een dienst als bedoeld in artikel 6, eerste lid, verricht, niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft van waaruit de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend, en aan degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend een btw-identificatienummer in Nederland is toegekend, wordt de belasting geheven van degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend.
|
||||
|
||||
**3.** Ingeval de ondernemer die de levering, niet zijnde een levering waarop de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel *a*, post 6, van toepassing is, of een dienst, andere dan bedoeld in het tweede lid, verricht, niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft van waaruit de levering of de dienst wordt verricht, en degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend, een ondernemer is die in Nederland woont of is gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting heeft, of een in Nederland gevestigd lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is, wordt de belasting geheven van degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend.
|
||||
|
||||
**4.** In bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen gevallen wordt onder bij of krachtens deze maatregel te stellen regelen de belasting, ten einde voor de inning daarvan meer waarborgen te scheppen, geheven van degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend.
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van dit artikel wordt een ondernemer die een vaste inrichting heeft in Nederland, geacht een niet in Nederland gevestigde ondernemer te zijn wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
a. hij verricht in Nederland een belastbare goederenlevering of een dienst;
|
||||
b. bij het verrichten van die goederenlevering of die dienst is de vaste inrichting in Nederland niet betrokken.
|
||||
|
||||
**5.** In bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen gevallen wordt onder bij of krachtens deze maatregel te stellen regelen de belasting, ten einde voor de inning daarvan meer waarborgen te scheppen, geheven van degene aan wie de levering wordt verricht of de dienst wordt verleend.
|
||||
|
||||
### Artikel 12a
|
||||
|
||||
|
|
@ -430,7 +472,7 @@ Indien ten onrechte gebruik is gemaakt van de uitzondering van artikel 11, eerst
|
|||
|
||||
De belasting wordt verschuldigd:
|
||||
|
||||
a. in gevallen waarin ingevolge artikel 35 een factuur moet worden uitgereikt, op het tijdstip van de uitreiking of, indien deze niet tijdig plaatsvindt, het tijdstip waarop zij uiterlijk had moeten geschieden;
|
||||
a. in gevallen waarin ingevolge artikel 35 een factuur moet worden uitgereikt, op het tijdstip van de uitreiking of, indien deze niet tijdig plaatsvindt, het tijdstip waarop zij uiterlijk had moeten geschieden tenzij sprake is van een dienst waarover de belasting op grond van artikel 12, tweede lid, verschuldigd is door de afnemer van deze dienst, in welk geval de belasting verschuldigd wordt op het tijdstip waarop de dienst wordt verricht;
|
||||
b. in andere gevallen op het tijdstip waarop de levering of de dienst wordt verricht.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking in zover van het eerste lid wordt de belasting of het desbetreffende gedeelte daarvan uiterlijk verschuldigd op het tijdstip waarop de vergoeding geheel of gedeeltelijk wordt ontvangen.
|
||||
|
|
@ -439,6 +481,8 @@ b. in andere gevallen op het tijdstip waarop de levering of de dienst wordt verr
|
|||
|
||||
**4.** In afwijking in zoverre van het eerste lid, onderdeel b, wordt de belasting ter zake van diensten als bedoeld in artikel 4, tweede lid, verschuldigd op de laatste dag van het kalenderjaar waarin die diensten worden verricht. Diensten die op die dag nog niet zijn voltooid, worden geacht op die dag te zijn voltooid voorzover zij betrekking hebben op dat kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**5.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, worden de diensten waarvan de belasting op grond van artikel 12, tweede lid, verschuldigd is door de afnemer van deze diensten en die doorlopend worden verricht gedurende een periode langer dan één jaar geacht bij de afloop van elk kalenderjaar te zijn voltooid zolang de dienstverrichting doorloopt en die geen aanleiding geven tot afrekeningen of betalingen in die periode.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** De in een tijdvak verschuldigd geworden belasting moet op aangifte worden voldaan.
|
||||
|
|
@ -920,7 +964,7 @@ In geval een ondernemer een levering of een dienst verricht die een verwerking o
|
|||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld inzake de toepassing van deze afdeling.
|
||||
|
||||
### Afdeling 7. Regeling voor niet in de Gemeenschap gevestigde ondernemers die elektronische diensten verrichten aan anderen dan ondernemers die in de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd
|
||||
### Afdeling 7. Regeling voor niet in de Gemeenschap gevestigde ondernemers die elektronische diensten verrichten aan andere dan ondernemers
|
||||
|
||||
### Artikel 28q
|
||||
|
||||
|
|
@ -928,7 +972,7 @@ In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
a. niet in de Gemeenschap gevestigde ondernemers: ondernemers die niet in de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd noch aldaar een vaste inrichting hebben, en ook niet anderszins voor omzetbelastingdoeleinden in de Gemeenschap zijn geïdentificeerd;
|
||||
b. lid-staat van identificatie: de lid-staat waar de niet in de Gemeenschap gevestigde ondernemer zich identificeert teneinde een nummer van registratie te verkrijgen vanwege het begin van zijn activiteit als ondernemer op het grondgebied van de Gemeenschap overeenkomstig deze afdeling;
|
||||
c. lid-staat van verbruik: de lid-staat waar overeenkomstig artikel 6, tweede lid, onderdeel f, elektronische diensten worden verricht;
|
||||
c. lid-staat van verbruik: de lidstaat waar overeenkomstig artikel 6h elektronische diensten worden verricht;
|
||||
d. melding elektronische diensten: het elektronische bericht waarin alle gegevens staan die nodig zijn om het bedrag te bepalen van de in elke lid-staat van verbruik verschuldigde belasting ter zake van elektronische diensten welke zijn verricht aan anderen dan ondernemers die in de Gemeenschap wonen of zijn gevestigd.
|
||||
|
||||
### Artikel 28r
|
||||
|
|
@ -983,7 +1027,9 @@ In afwijking van artikel 2 vindt geen aftrek van belasting plaats, maar wordt te
|
|||
|
||||
De belasting, verschuldigd ter zake van de invoer en de levering aan veilingen van vis, schaal-, schelp- en weekdieren die worden aangebracht per schip dat terugkeert van de visvangst, of per ventjager, bedraagt nihil.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk VI. Bijzondere bepalingen
|
||||
## Hoofdstuk VI. Diverse bepalingen
|
||||
|
||||
### Afdeling 1. Teruggaaf van belasting
|
||||
|
||||
### Artikel 29
|
||||
|
||||
|
|
@ -1014,40 +1060,282 @@ b. wordt terugbetaald omdat een vermindering van de vergoeding is verleend of om
|
|||
|
||||
**4.** Op verzoek wordt teruggaaf verleend van de belasting ter zake van invoer van goederen door een rechtspersoon, andere dan ondernemer, welke goederen zijn verzonden of vervoerd uit een derde-land met als bestemming een andere lid-staat, indien belanghebbende aantoont dat in die andere lid-staat ter zake van intracommunautaire verwerving van die goederen belasting is geheven.
|
||||
|
||||
### Artikel 30a
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 1, aanhef en onderdelen b en c, wordt ter zake van intracommunautaire verwervingen van goederen die op grond van artikel 17b, eerste lid, in Nederland worden verricht geen belasting geheven, voor zover:
|
||||
|
||||
a. de goederen zijn verworven door een ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft en aan wie een btw-identificatienummer is toegekend in een andere lid-staat;
|
||||
b. de goederen door deze ondernemer in Nederland worden geleverd aan een ondernemer die in Nederland woont of is gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting heeft, of aan een in Nederland gevestigd lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, en aan welke afnemer in Nederland een btw-identificatienummer is toegekend; en
|
||||
c. de goederen rechtstreeks naar de in onderdeel *b* bedoelde afnemer worden verzonden of vervoerd vanuit een lid-staat die niet een btw-identificatienummer heeft toegekend aan de in onderdeel *a* bedoelde ondernemer.
|
||||
|
||||
### Artikel 31
|
||||
|
||||
Bij overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen, al dan niet tegen vergoeding of in de vorm van een inbreng in een vennootschap, wordt geacht dat geen leveringen of diensten plaatsvinden en treedt, tenzij bij ministeriële regeling anders is bepaald, degene op wie de goederen overgaan in de plaats van de overdrager.
|
||||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
De ondernemer die in Nederland woont of is gevestigd, wordt geacht zijn leveringen en diensten in Nederland te verrichten, voor zover hij niet aan de hand van boeken, bescheiden of andere gegevensdragers het tegendeel aantoont. Deze bepaling is eveneens van toepassing op de ondernemer die in Nederland een vaste inrichting heeft, voor zover de leveringen en diensten vanuit die inrichting worden verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 33
|
||||
|
||||
**1.** Een verzoek om teruggaaf van belasting geschiedt bij de aangifte over het tijdvak waarin het recht op teruggaaf is ontstaan.
|
||||
|
||||
**2.** In gevallen waarin geen aangifte op de voet van artikel 14 moet worden ingediend, geschiedt een verzoek om teruggaaf door het doen van aangifte.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een verzoek om teruggaaf als is bedoeld in het tweede lid wordt ingediend door een ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft, dient het verzoek betrekking te hebben op belasting waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een tijdvak van ten minste drie maanden en ten hoogste een kalenderjaar. Het tijdvak mag evenwel korter zijn dan drie maanden indien deze periode het resterende gedeelte van een kalenderjaar betreft. De verzoeken kunnen mede belasting betreffen waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een ander tijdvak van hetzelfde kalenderjaar, maar waarvoor eerder geen verzoek om teruggaaf werd ingediend. Het verzoek moet worden ingediend binnen zes maanden na afloop van het kalenderjaar waarin het recht op teruggaaf is ontstaan.
|
||||
**3.** Indien een verzoek om teruggaaf als bedoeld in het tweede lid, wordt gedaan door een ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft van waaruit zakelijke handelingen worden verricht, maar die is gevestigd in een andere lidstaat, is het bepaalde in afdeling 2, paragrafen 1 en 2 mede van toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een verzoek om teruggaaf als is bedoeld in het tweede lid wordt ingediend door een ander dan een ondernemer genoemd in het derde lid, dient het verzoek betrekking te hebben op belasting waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een kwartaal en moet het verzoek worden ingediend binnen drie maanden na afloop van dat kwartaal.
|
||||
**4.** Indien een verzoek om teruggaaf als bedoeld in het tweede lid, wordt ingediend door een ondernemer die niet in Nederland en niet in de Gemeenschap woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft, dient het verzoek betrekking te hebben op belasting waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een tijdvak van ten minste drie maanden en ten hoogste een kalenderjaar. Het tijdvak mag evenwel korter zijn dan drie maanden indien deze periode het resterende deel van een kalenderjaar betreft. De verzoeken kunnen mede belasting betreffen waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een ander tijdvak van hetzelfde kalenderjaar, maar waarvoor eerder geen verzoek om teruggaaf werd ingediend. Het verzoek moet worden ingediend binnen zes maanden na afloop van het kalenderjaar waarin het recht op teruggaaf is ontstaan.
|
||||
|
||||
**5.** In gevallen als zijn bedoeld in het derde lid wordt in afwijking van artikel 17 geen teruggaaf verleend indien het verzoek betrekking heeft op een bedrag aan belasting van minder dan € 200. Betreft een verzoek om teruggaaf als is bedoeld in het derde lid evenwel een kalenderjaar of het resterende gedeelte daarvan, dan moet het bedrag aan belasting waarop het verzoek betrekking heeft ten minste € 25 belopen. Ter voldoening aan het bepaalde in artikel 7, leden 1 en 2, van de achtste Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting (nr. 79/1072/EEG, *PbEG* L 331), kunnen bij ministeriële regeling de beide vorenvermelde bedragen worden vervangen.
|
||||
**5.** Indien een verzoek om teruggaaf als bedoeld in het tweede lid, wordt ingediend door een ander dan een ondernemer genoemd in het derde lid of vierde lid, dient het verzoek betrekking te hebben op belasting waarvoor het recht op teruggaaf is ontstaan in een kwartaal en moet het verzoek worden ingediend binnen drie maanden na afloop van dat kwartaal.
|
||||
|
||||
**6.** Een ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft, behoeft bij een verzoek om teruggaaf, in afwijking van artikel 57 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, geen domicilie in Nederland te kiezen. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop deze ondernemers moeten aantonen, dat zij ondernemer zijn in de zin van artikel 7.
|
||||
**6.** In gevallen als bedoeld in het vierde lid, wordt in afwijking van artikel 17 geen teruggaaf verleend indien het verzoek betrekking heeft op een bedrag aan belasting van minder dan € 400. Betreft een verzoek om teruggaaf als is bedoeld in het vierde lid evenwel een kalenderjaar of het resterende gedeelte daarvan, dan moet het bedrag aan belasting waarop het verzoek betrekking heeft ten minste € 50 belopen.
|
||||
|
||||
**7.** De inspecteur beslist op het verzoek om teruggaaf bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
**7.** Een ondernemer die niet in de Gemeenschap woont of is gevestigd en in Nederland geen vaste inrichting heeft, behoeft bij een verzoek om teruggaaf, in afwijking van artikel 57 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, geen domicilie in Nederland te kiezen. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop deze ondernemers moeten aantonen, dat zij ondernemer zijn in de zin van artikel 7.
|
||||
|
||||
**8.** De inspecteur beslist op het verzoek om teruggaaf bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
**9.** Op de verzoeken om teruggaaf van belasting, bedoeld in het eerste en tweede lid, is afdeling 4.1.3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
|
||||
|
||||
### Afdeling 2. Teruggaaf aan ondernemers die niet in de lidstaat van teruggaaf maar in een andere lidstaat gevestigd zijn
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Algemeen
|
||||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van deze afdeling en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. niet in de lidstaat van teruggaaf gevestigde ondernemer: iedere ondernemer in de zin van artikel 7, eerste en tweede lid, die niet in de lidstaat van teruggaaf, maar in een andere lidstaat gevestigd is;
|
||||
b. lidstaat van teruggaaf: de lidstaat waar de belasting aan de niet in de lidstaat van teruggaaf gevestigde ondernemer in rekening werd gebracht ter zake van de voor genoemde ondernemer door andere ondernemers in deze lidstaat verrichte diensten of goederenleveringen, dan wel ter zake van de invoer van goederen in deze lidstaat;
|
||||
c. teruggaaftijdvak: het tijdvak waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft;
|
||||
d. teruggaafverzoek: het verzoek om teruggaaf van de aan de niet in de lidstaat van teruggaaf gevestigde ondernemer in rekening gebrachte belasting ter zake van de voor genoemde ondernemer door andere ondernemers in deze lidstaat verrichte diensten of goederenleveringen, of ter zake van de invoer van goederen in deze lidstaat;
|
||||
e. aanvrager: de niet in de lidstaat van teruggaaf gevestigde ondernemer die het teruggaafverzoek doet.
|
||||
|
||||
### Artikel 32a
|
||||
|
||||
**1.** Betreft het teruggaafverzoek een teruggaaftijdvak van minder dan één kalenderjaar, doch van ten minste drie maanden, dan moet het belastingbedrag waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft ten minste 400 euro of de tegenwaarde daarvan in de nationale munteenheid belopen.
|
||||
|
||||
**2.** Betreft het teruggaafverzoek een teruggaaftijdvak van een kalenderjaar of het resterende gedeelte van een kalenderjaar, dan moet het belastingbedrag ten minste 50 euro of de tegenwaarde daarvan in de nationale munteenheid belopen.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 2. Teruggaaf van in Nederland in rekening gebrachte belasting aan ondernemers uit een andere lidstaat
|
||||
|
||||
### Artikel 32b
|
||||
|
||||
Een niet in Nederland gevestigde ondernemer kan een teruggaafverzoek doen voor in Nederland in rekening gebrachte belasting ter zake van aan hem door andere ondernemers in Nederland verrichte diensten of goederenleveringen dan wel ter zake van de invoer, indien hij aan de volgende voorwaarden voldoet:
|
||||
|
||||
a. tijdens het tijdvak van teruggaaf heeft hij in Nederland noch de zetel van zijn bedrijfsuitoefening gehad, noch een vaste inrichting van waaruit zakelijke handelingen werden verricht, noch, bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats;
|
||||
b. tijdens het tijdvak van teruggaaf heeft hij geen goederenleveringen of diensten verricht waarvan de plaats geacht wordt in Nederland te zijn gelegen, met uitzondering van de volgende handelingen:
|
||||
|
||||
1°. vervoerdiensten en daarmee samenhangende diensten die vrijgesteld zijn krachtens artikel 39 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen dan wel vallen onder het tarief van nihil krachtens artikel 9, tweede lid, onderdeel b, en de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel b, post 1, 2, 4 of 54;
|
||||
2°. goederenleveringen of dienstverrichtingen waarvan de afnemer krachtens artikel 12, tweede, derde of vierde lid, de belasting verschuldigd is.
|
||||
|
||||
### Artikel 32c
|
||||
|
||||
Deze paragraaf is niet van toepassing ten aanzien van:
|
||||
|
||||
a. ingevolge deze wet incorrect gefactureerde belastingbedragen;
|
||||
b. gefactureerde belastingbedragen voor goederenleveringen die krachtens artikel 9, tweede lid, onderdeel b, en de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel a, post 6, onder het tarief van nihil vallen;
|
||||
c. gefactureerde belastingbedragen voor leveringen van goederen die door of voor rekening van een niet in Nederland gevestigde afnemer worden verzonden of vervoerd naar een plaats buiten de Gemeenschap, welke leveringen krachtens artikel 9, tweede lid, onderdeel b, en de bij deze wet behorende bijlage II, onderdeel a, post 2, onder het tarief van nihil vallen.
|
||||
|
||||
### Artikel 32d
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De niet in Nederland gevestigde ondernemer wordt op verzoek teruggaaf verleend van de belasting die werd geheven ter zake van de aan hem door andere ondernemers in Nederland verrichte goederenleveringen of diensten, of ter zake van de invoer van goederen in Nederland, voor zover deze goederen of diensten worden gebruikt voor de volgende handelingen:
|
||||
|
||||
a. de handelingen bedoeld in artikel 15, tweede lid, onderdelen a en b;
|
||||
b. handelingen, waarvan de afnemer overeenkomstig artikel 12, tweede, derde en vierde lid, tot voldoening van de belasting is gehouden.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd het bepaalde in artikel 32e wordt voor de toepassing van deze afdeling het recht op teruggaaf van voorbelasting bepaald overeenkomstig de daarvoor geldende bepalingen van deze wet.
|
||||
|
||||
### Artikel 32e
|
||||
|
||||
**1.** Om in Nederland recht te hebben op teruggaaf verricht een niet in Nederland gevestigde ondernemer handelingen die in de lidstaat van vestiging een recht op aftrek doen ontstaan.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer een niet in Nederland gevestigde ondernemer in de lidstaat waar hij gevestigd is, zowel handelingen verricht die in die lidstaat een recht op aftrek doen ontstaan, als handelingen die in die lidstaat geen recht op aftrek doen ontstaan, kan van het overeenkomstig artikel 32d voor teruggaaf in aanmerking komende bedrag slechts dat gedeelte van de belasting door Nederland worden teruggegeven dat overeenkomstig artikel 173 van BTW-richtlijn 2006, zoals toegepast door de lidstaat van vestiging, aan eerstgenoemde handelingen kan worden toegerekend.
|
||||
|
||||
### Artikel 32f
|
||||
|
||||
**1.** Een niet in Nederland gevestigde ondernemer die in Nederland teruggaaf van de belasting wenst te verkrijgen, richt langs elektronische weg een teruggaafverzoek tot Nederland, dat hij indient bij zijn lidstaat van vestiging, via de door deze lidstaat ingestelde portaalsite.
|
||||
|
||||
**2.** Het verzoek bevat alle informatie die daartoe bij ministeriële regeling is voorgeschreven overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 8 en 9, lid 1, van Richtlijn 2008/9/EG.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de aanvrager langs elektronische weg aanvullende gegevens verstrekt met betrekking tot iedere in artikel 9, lid 1, van Richtlijn 2008/9/EG vermelde code, voor zover die gegevens noodzakelijk zijn wegens in Nederland geldende beperkingen van het recht op aftrek of voor de toepassing van een krachtens artikel 395 of 396 van BTW-richtlijn 2006 aan Nederland verleende, voor dit geval relevante afwijking.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 57 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is niet van toepassing met betrekking tot ondernemers die een verzoek doen als bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 32g
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de aanvrager, onverminderd de krachtens artikel 32n verlangde gegevens, tezamen met het teruggaafverzoek langs elektronische weg een afschrift van de factuur of het invoerdocument overlegt, wanneer de maatstaf van heffing op de factuur of het invoerdocument 1000 euro of meer beloopt. Indien de factuur betrekking heeft op brandstof, is dit drempelbedrag 250 euro.
|
||||
|
||||
### Artikel 32h
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de aanvrager tezamen met het teruggaafverzoek zijn beroepsactiviteit omschrijft aan de hand van de geharmoniseerde codes die worden bepaald volgens artikel 34 bis, lid 3, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1798/2003.
|
||||
|
||||
### Artikel 32i
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke taal of talen de aanvrager kan gebruiken voor het verstrekken van de gegevens in het teruggaafverzoek of van mogelijke andere aanvullende gegevens die moeten worden verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 32j
|
||||
|
||||
**1.** Indien het vermelde pro rata voor de toepassing van de aftrek overeenkomstig artikel 175 van BTW-richtlijn 2006 na de indiening van het teruggaafverzoek wordt aangepast, corrigeert de aanvrager het bedrag dat wordt teruggevraagd of dat reeds is teruggegeven.
|
||||
|
||||
**2.** De correctie vindt plaats in een teruggaafverzoek dat gedaan wordt binnen het kalenderjaar volgend op het desbetreffende teruggaaftijdvak. Mocht de aanvrager in dat kalenderjaar geen volgend teruggaafverzoek indienen dan vindt de correctie plaats door toezending van een afzonderlijke verklaring via de door de lidstaat van vestiging ingestelde portaalsite.
|
||||
|
||||
### Artikel 32k
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het teruggaafverzoek heeft betrekking op:
|
||||
|
||||
a. verwervingen van goederen of afnames van diensten die gedurende het teruggaaftijdvak gefactureerd zijn, mits de belasting vóór of op het tijdstip van facturatie verschuldigd geworden is, of ten aanzien waarvan de belasting gedurende het teruggaaftijdvak verschuldigd geworden is, mits de verwervingen of afnames gefactureerd zijn voordat de belasting verschuldigd is geworden;
|
||||
b. de invoer van goederen die gedurende het teruggaaftijdvak heeft plaatsgevonden.
|
||||
|
||||
**2.** Naast de in het eerste lid bedoelde transacties kan het teruggaafverzoek ook betrekking hebben op facturen of invoerdocumenten die niet door eerdere teruggaafverzoeken werden bestreken en die betrekking hebben op handelingen die tijdens het kalenderjaar in kwestie werden verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 32l
|
||||
|
||||
Het teruggaafverzoek moet uiterlijk 30 september van het kalenderjaar volgend op het teruggaaftijdvak bij de lidstaat van vestiging worden ingediend.
|
||||
|
||||
### Artikel 32m
|
||||
|
||||
**1.** De inspecteur stelt de aanvrager onverwijld langs elektronische weg in kennis van de datum van ontvangst van het verzoek.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur deelt zijn beslissing om het teruggaafverzoek in te willigen of af te wijzen binnen vier maanden na ontvangst van het verzoek aan de aanvrager mee bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Artikel 32n
|
||||
|
||||
**1.** Ingeval de inspecteur meent niet alle dienstige informatie te hebben ontvangen om met betrekking tot het geheel of een deel van het teruggaafverzoek een beschikking te kunnen nemen, kan hij binnen de in artikel 32m, tweede lid, genoemde termijn van vier maanden, langs elektronische weg in het bijzonder de aanvrager of de lidstaat van vestiging om aanvullende gegevens verzoeken.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de aanvullende gegevens worden opgevraagd bij een andere persoon dan de aanvrager of de bevoegde autoriteiten van een lidstaat kan de inspecteur alleen langs elektronische weg om gegevens verzoeken indien de bestemmeling van het verzoek over de desbetreffende apparatuur beschikt.
|
||||
|
||||
**3.** Zo nodig kan de inspecteur om verdere aanvullende gegevens verzoeken.
|
||||
|
||||
**4.** De overeenkomstig de eerste tot en met vierde lid verlangde gegevens kunnen het overleggen van het origineel of een afschrift van de factuur of het invoerdocument omvatten wanneer de inspecteur op goede gronden het bestaan van een bepaalde vordering betwijfelt. In dat geval zijn de drempelnormen van artikel 32g niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**5.** De krachtens de vorige leden gevraagde gegevens moeten binnen een maand na ontvangst van het verzoek om informatie door de bestemmeling van het verzoek aan de inspecteur worden verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 32o
|
||||
|
||||
**1.** Indien de inspecteur om aanvullende gegevens heeft verzocht, deelt hij zijn beslissing om het teruggaafverzoek in te willigen of af te wijzen bij voor bezwaar vatbare beschikking mee aan de aanvrager binnen twee maanden na ontvangst van de gevraagde gegevens of, indien niet op zijn verzoek gereageerd is, binnen twee maanden na het verstrijken van de in artikel 32n, vijfde lid, genoemde termijn. De termijn waarover de inspecteur vanaf de ontvangst van het teruggaafverzoek beschikt om over een volledige of gedeeltelijke teruggaaf een beslissing te nemen, beloopt in ieder geval ten minste zes maanden.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer de inspecteur verdere aanvullende gegevens verlangt, stelt hij binnen acht maanden nadat het teruggaafverzoek door hem is ontvangen, de aanvrager bij voor bezwaar vatbare beschikking in kennis van zijn beslissing over een gehele of gedeeltelijke teruggaaf.
|
||||
|
||||
### Artikel 32p
|
||||
|
||||
**1.** Indien de inspecteur het teruggaafverzoek inwilligt, wordt het goedgekeurde teruggaafbedrag betaald uiterlijk binnen tien werkdagen na het verstrijken van de in artikel 32m, tweede lid, genoemde termijn, of, indien om aanvullende of verdere aanvullende gegevens is verzocht, na het verstrijken van de overeenkomstige termijnen in artikel 32o.
|
||||
|
||||
**2.** De betaling vindt plaats in Nederland, of, indien de aanvrager daarom verzoekt, in een andere lidstaat. In het laatste geval worden de bankkosten voor het overmaken in mindering gebracht op het aan de aanvrager te betalen bedrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 32q
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Indien de correctie, bedoeld in artikel 32j, tweede lid, eerste volzin, na verrekening in het aldaar bedoelde nieuwe teruggaafverzoek leidt tot:
|
||||
|
||||
a. een bedrag van nihil of een teruggaaf, beslist de inspecteur bij een voor bezwaar vatbare beschikking;
|
||||
b. een te betalen bedrag, legt de inspecteur hiervoor een naheffingsaanslag op.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Indien de correctie, bedoeld in artikel 32j, tweede lid, tweede volzin, leidt tot:
|
||||
|
||||
a. een teruggaaf, beslist de inspecteur bij een voor bezwaar vatbare beschikking;
|
||||
b. een te betalen bedrag, legt de inspecteur hiervoor een naheffingsaanslag op.
|
||||
|
||||
### Artikel 32r
|
||||
|
||||
**1.** Indien de betaling plaatsvindt na de laatste datum van betaling overeenkomstig artikel 32p, eerste lid, wordt aan de aanvrager rente betaald over het aan de aanvrager terug te geven bedrag. De bepalingen van de artikelen 29 en 30 van de Invorderingswet 1990 zijn ter zake van overeenkomstige toepassing als ware de rente invorderingsrente.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid, eerste volzin, is niet van toepassing indien de aanvrager de gevraagde aanvullende of verdere aanvullende gegevens niet binnen de voorgeschreven termijn aan de inspecteur heeft verstrekt. Het eerste lid, eerste volzin, is evenmin van toepassing zolang de inspecteur de krachtens artikel 32g langs elektronische weg toe te zenden documenten niet heeft ontvangen.
|
||||
|
||||
### Artikel 32s
|
||||
|
||||
De rente wordt berekend vanaf de dag volgende op de laatste dag waarop de teruggaaf volgens artikel 32p, eerste lid, uiterlijk had moeten plaatsvinden tot de dag waarop de teruggaaf daadwerkelijk plaatsvindt.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 3. Teruggaafverzoek voor in andere lidstaten aan Nederlandse ondernemers in rekening gebrachte belasting
|
||||
|
||||
### Artikel 33
|
||||
|
||||
Een in Nederland gevestigde ondernemer kan een teruggaafverzoek doen aan een lidstaat van teruggaaf indien hij aan de volgende voorwaarden voldoet:
|
||||
|
||||
a. tijdens het tijdvak van teruggaaf heeft hij in de lidstaat van teruggaaf noch de zetel van zijn bedrijfsuitoefening gehad, noch een vaste inrichting van waaruit zakelijke handelingen werden verricht, noch, bij gebreke van een dergelijke zetel of vaste inrichting, zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats;
|
||||
b. tijdens het tijdvak van teruggaaf heeft hij geen goederenleveringen of diensten verricht waarvan de plaats geacht wordt in de lidstaat van teruggaaf te zijn gelegen, met uitzondering van de volgende handelingen:
|
||||
|
||||
1°. vervoerdiensten en daarmee samenhangende diensten die in die lidstaat vrijgesteld zijn krachtens de artikelen 144, 146, 148, 149, 151, 153, 159 of 160 van BTW-richtlijn 2006;
|
||||
2°. goederenleveringen of dienstverrichtingen waarvan de afnemer krachtens de artikelen 194 tot en met 197 en artikel 199 van BTW-richtlijn 2006 in die lidstaat de belasting verschuldigd is.
|
||||
|
||||
### Artikel 33a
|
||||
|
||||
Het teruggaafverzoek heeft betrekking op de belasting die werd geheven ter zake van de voor de ondernemer door andere ondernemers in de lidstaat van teruggaaf verrichte goederenleveringen of diensten, of ter zake van de invoer van goederen in deze lidstaat voor zover deze goederen of diensten worden gebruikt voor de volgende handelingen:
|
||||
|
||||
a. de handelingen bedoeld in artikel 169, punten a) en b), van BTW-richtlijn 2006;
|
||||
b. handelingen, waarvan de afnemer overeenkomstig de artikelen 194 tot en met 197 en artikel 199 van BTW-richtlijn 2006, als toegepast in de lidstaat van teruggaaf, tot voldoening van de belasting is gehouden.
|
||||
|
||||
### Artikel 33b
|
||||
|
||||
**1.** Om in de lidstaat van teruggaaf recht te hebben op teruggaaf verricht de in Nederland gevestigde ondernemer handelingen die in Nederland een recht op aftrek doen ontstaan.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer de niet in de lidstaat van teruggaaf gevestigde ondernemer in Nederland gevestigd is, en zowel handelingen verricht die in Nederland een recht op aftrek doen ontstaan, als handelingen die in Nederland geen recht op aftrek doen ontstaan, kan van het overeenkomstig artikel 33a voor teruggaaf in aanmerking komende bedrag slechts dat gedeelte van de belasting door de lidstaat van teruggaaf in aanmerking worden genomen dat overeenkomstig artikel 173 van BTW-richtlijn 2006, zoals toegepast door Nederland, aan eerstgenoemde handelingen kan worden toegerekend.
|
||||
|
||||
### Artikel 33c
|
||||
|
||||
**1.** De in Nederland gevestigde ondernemer die in de lidstaat van teruggaaf de belasting terug wil verkrijgen, richt langs elektronische weg een teruggaafverzoek tot die lidstaat, dat hij indient bij de inspecteur via een daartoe ingestelde portaalsite.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het teruggaafverzoek bevat de volgende informatie:
|
||||
|
||||
a. de naam en het volledige adres van de aanvrager;
|
||||
b. een elektronisch adres;
|
||||
c. een omschrijving van de beroepsactiviteit van de aanvrager waarvoor de goederen of diensten worden afgenomen;
|
||||
d. het teruggaaftijdvak waarop het verzoek betrekking heeft;
|
||||
e. een verklaring van de aanvrager dat hij gedurende het teruggaaftijdvak geen goederenleveringen of diensten heeft verricht waarvan de plaats geacht wordt in de lidstaat van teruggaaf te zijn gelegen, met uitzondering van de handelingen bedoeld in artikel 33, onderdeel b, onder 1° en 2°;
|
||||
f. het btw-identificatienummer of het fiscaal registratienummer van de aanvrager;
|
||||
g. zijn bankgegevens (inclusief IBAN en BIC).
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Naast de in het tweede lid bedoelde gegevens worden in het teruggaafverzoek voor iedere lidstaat van teruggaaf en voor iedere factuur en ieder invoerdocument de volgende gegevens vermeld:
|
||||
|
||||
a. de naam en het volledige adres van de leverancier of dienstverrichter;
|
||||
b. behalve in het geval van invoer, het btw-identificatienummer van de leverancier of dienstverrichter of zijn fiscaal registratienummer, toegekend door de lidstaat van teruggaaf overeenkomstig artikel 239 en 240 van BTW-richtlijn 2006;
|
||||
c. behalve in het geval van invoer, het landencodenummer van de lidstaat van teruggaaf overeenkomstig artikel 215 van BTW-richtlijn 2006;
|
||||
d. de datum en het nummer van de factuur of het invoerdocument;
|
||||
e. de maatstaf van heffing en het bedrag aan btw, uitgedrukt in de munteenheid van de lidstaat van teruggaaf;
|
||||
f. het overeenkomstig artikel 33a en artikel 33b, tweede alinea, berekende bedrag van de aftrekbare belasting, uitgedrukt in de munteenheid van de lidstaat van teruggaaf;
|
||||
g. indien van toepassing, het overeenkomstig artikel 33b berekende pro rata, uitgedrukt in procenten;
|
||||
h. de aard van de afgenomen goederen en diensten, aangegeven door middel van de codes als bepaald in artikel 33d.
|
||||
|
||||
### Artikel 33d
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In het teruggaafverzoek moet de aard van de afgenomen goederen en diensten door middel van de volgende codes worden aangegeven:
|
||||
|
||||
1. = brandstof;
|
||||
2. = verhuur van vervoermiddelen;
|
||||
3. = uitgaven in verband met vervoermiddelen, andere dan die voor de goederen en diensten waarnaar wordt verwezen met de codes 1 en 2;
|
||||
4. = wegentol en andere heffingen met betrekking tot het gebruik van de weginfrastructuur;
|
||||
5. = reiskosten, zoals taxikosten, kosten van het openbaar vervoer;
|
||||
6 = logies;
|
||||
7. = spijzen, drank en restauratie;
|
||||
8. = toegang tot beurzen en tentoonstellingen;
|
||||
9 = weelde-uitgaven, en uitgaven voor ontspanning en representatie;
|
||||
10. = andere.
|
||||
|
||||
Indien code 10 wordt gebruikt, moet de aard van de afgenomen goederen en diensten worden aangegeven.
|
||||
|
||||
**2.** Op daartoe strekkend verzoek van de lidstaat van teruggaaf verstrekt de aanvrager bij het verzoek langs elektronische weg aanvullende gegevens met betrekking tot iedere in het eerste lid vermelde code, voor zover die gegevens voor die lidstaat noodzakelijk zijn wegens beperkingen van het recht op aftrek krachtens BTW-richtlijn 2006, als toegepast in die lidstaat, of voor de toepassing van een krachtens artikel 395 of 396 van die richtlijn aan de lidstaat van teruggaaf verleende, voor dit geval relevante afwijking.
|
||||
|
||||
**3.** Op daartoe strekkend verzoek van de lidstaat van teruggaaf omschrijft de aanvrager voorts bij het verzoek zijn beroepsactiviteit aan de hand van de geharmoniseerde codes die worden bepaald volgens artikel 34bis, lid 3, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1798/2003 van de Raad.
|
||||
|
||||
### Artikel 33e
|
||||
|
||||
**1.** Het teruggaafverzoek moet uiterlijk 30 september van het kalenderjaar volgend op het teruggaaftijdvak bij de door de inspecteur ingestelde portaalsite worden ingediend. Het teruggaafverzoek geldt alleen als ingediend indien de aanvrager alle in de artikelen 33c en 33d verlangde gegevens verstrekt heeft.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur stuurt de aanvrager onverwijld langs elektronische weg een bevestiging van ontvangst.
|
||||
|
||||
### Artikel 33f
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De inspecteur stuurt het verzoek niet door aan de lidstaat van teruggaaf wanneer de aanvrager in Nederland gedurende het teruggaaftijdvak:
|
||||
|
||||
a. niet aan belasting onderworpen is;
|
||||
b. slechts goederenleveringen of diensten verricht die uit hoofde van artikel 11 van belasting vrijgesteld zijn;
|
||||
c. valt onder de in artikel 25 opgenomen regeling voor kleine ondernemers;
|
||||
d. valt onder de in artikel 27, eerste en tweede lid, bedoelde landbouwregeling.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur stelt de aanvrager langs elektronische weg in kennis van zijn beslissing uit hoofde van het eerste lid bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Afdeling 3. Fiscaal vertegenwoordiger
|
||||
|
||||
### Artikel 33g
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft, kan in Nederland een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen ter zake van zijn leveringen en diensten waarvoor hij de belasting verschuldigd is en ter zake van zijn intracommunautaire verwervingen en invoer. De fiscaal vertegenwoordiger treedt op namens de ondernemer en treedt in zijn plaats met betrekking tot alle rechten en verplichtingen die hij heeft inzake de aangifte en de betaling van de belasting, alsmede de verplichtingen bedoeld in artikel 37a.
|
||||
|
||||
**2.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald in welke gevallen een ondernemer als bedoeld in het eerste lid verplicht is een fiscaal vertegenwoordiger aan te stellen.
|
||||
|
|
@ -1060,6 +1348,8 @@ De ondernemer die in Nederland woont of is gevestigd, wordt geacht zijn levering
|
|||
|
||||
**6.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, ter verzekering van de heffing en de invordering, regels worden gesteld met betrekking tot de voorwaarden waaronder de vergunning wordt verleend, gewijzigd en ingetrokken. Het verlenen, het wijzigen en het intrekken van de vergunning geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Afdeling 4. Administratieve verplichtingen
|
||||
|
||||
### Artikel 34
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer is gehouden, met inachtneming van bij ministeriële regeling te stellen regels, aantekening te houden van de door hem en aan hem verrichte leveringen van goederen en verleende diensten, van de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, van de invoer van goederen in en de uitvoer van goederen uit de Gemeenschap, alsmede van andere gegevens die van belang zijn met betrekking tot de heffing van de belasting in Nederland en in andere lid-staten.
|
||||
|
|
@ -1170,21 +1460,44 @@ Hij die op een factuur op enigerlei wijze melding maakt van omzetbelasting welke
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De ondernemer, uitgezonderd die bedoeld in artikel 7, zesde lid, is verplicht uiterlijk de laatste dag van de maand volgend op een kalenderkwartaal bij de inspecteur op de daartoe opengestelde wijze een formulier langs elektronische weg in te dienen met een lijst waarop zijn vermeld:
|
||||
De ondernemer, uitgezonderd die bedoeld in het artikel 7, zesde lid, is verplicht uiterlijk de laatste dag van de maand volgend op een kalendermaand bij de inspecteur op de daartoe opengestelde wijze een formulier langs elektronische weg in te dienen met een lijst voor dat tijdvak waarop zijn vermeld de afnemers:
|
||||
|
||||
a. de afnemers aan wie goederen zijn geleverd met toepassing van de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel *a*, post 6;
|
||||
b. de afnemers aan wie in een andere lid-staat goederen zijn geleverd in aansluiting op in die lid-staat door de ondernemer verrichte intracommunautaire verwervingen waarvoor tevens belasting is geheven met toepassing van artikel 17b, tweede lid.
|
||||
a. aan wie goederen zijn geleverd met toepassing van de bij deze wet behorende Tabel II, onderdeel a, post 6;
|
||||
b. aan wie in een andere lidstaat goederen zijn geleverd in aansluiting op de in die lidstaat door de ondernemer verrichte intracommunautaire verwervingen waarvoor tevens belasting is geheven met toepassing van artikel 17b, tweede lid;
|
||||
c. voor wie hij diensten heeft verricht die met toepassing van artikel 6, eerste lid, niet belastbaar zijn in Nederland en waarover de belasting ingevolge artikel 196 van BTW-richtlijn 2006 in de lidstaat van de afnemer wordt geheven van de afnemer, tenzij het verrichten van die dienst in die lidstaat is vrijgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** In de lijst wordt opgave verlangd van de gegevens, bedoeld in de artikelen 264 en 265 van de BTW-richtlijn 2006.
|
||||
|
||||
**3.** Indien voor het doen van aangifte voor de omzetbelasting ontheffing is verleend van de verplichting aangifte langs elektronische weg te doen, geldt deze ontheffing mede ten aanzien van de verplichting de lijst langs elektronische weg in te dienen. In dit geval wordt de lijst ingediend bij de inspecteur door middel van het uitgereikte of toegezonden formulier.
|
||||
**3.** In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt als tijdvak in plaats van een kalendermaand naar keus van de ondernemer een kalenderkwartaal indien het totaalbedrag van de in het eerste lid, onderdelen a en b genoemde leveringen noch voor het desbetreffende kalenderkwartaal, noch in één van de vier daaraan voorafgaande kalenderkwartalen, hoger is dan € 100 000. Deze afwijking geldt niet meer vanaf het einde van de maand waarin dit bedrag wordt overschreden, in welk geval uiterlijk de volgende maand een lijst moet worden opgesteld en ingediend voor alle maanden die sinds de aanvang van dat kwartaal zijn verlopen.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld inzake het indienen van de in dit artikel bedoelde gegevens.
|
||||
**4.** In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt naar keus van de ondernemer als tijdvak een kalenderkwartaal indien de ondernemer de onder het eerste lid onderdeel c genoemde diensten verricht.
|
||||
|
||||
**5.** Indien voor het doen van aangifte voor de omzetbelasting ontheffing is verleend van de verplichting aangifte langs elektronische weg te doen, geldt deze ontheffing mede ten aanzien van de verplichting de lijst langs elektronische weg in te dienen. In dit geval wordt de lijst ingediend bij de inspecteur door middel van het uitgereikte of toegezonden formulier.
|
||||
|
||||
**6.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld inzake het indienen van de in dit artikel bedoelde gegevens.
|
||||
|
||||
### Artikel 37b
|
||||
|
||||
Degene die ter zake van de intracommunautaire verwerving van goederen valt onder de toepassing van artikel 1a, tweede lid, wordt niettemin de belasting verschuldigd ter zake van die intracommunautaire verwerving wanneer in de lid-staat waar de goederen worden geleverd, belastingheffing plaatsvindt alsof artikel 1, aanhef en onderdeel b, van toepassing zou zijn.
|
||||
|
||||
### Afdeling 5. Bijzondere bepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 37c
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 1, aanhef en onderdelen b en c, wordt ter zake van intracommunautaire verwervingen van goederen die op grond van artikel 17b, eerste lid, in Nederland worden verricht geen belasting geheven, voor zover:
|
||||
|
||||
a. de goederen zijn verworven door een ondernemer die niet in Nederland woont of is gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft en aan wie een btw-identificatienummer is toegekend in een andere lid-staat;
|
||||
b. de goederen door deze ondernemer in Nederland worden geleverd aan een ondernemer die in Nederland woont of is gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting heeft, of aan een in Nederland gevestigd lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, en aan welke afnemer in Nederland een btw-identificatienummer is toegekend; en
|
||||
c. de goederen rechtstreeks naar de in onderdeel *b* bedoelde afnemer worden verzonden of vervoerd vanuit een lid-staat die niet een btw-identificatienummer heeft toegekend aan de in onderdeel *a* bedoelde ondernemer.
|
||||
|
||||
### Artikel 37d
|
||||
|
||||
Bij overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen, al dan niet tegen vergoeding of in de vorm van een inbreng in een vennootschap, wordt geacht dat geen leveringen of diensten plaatsvinden en treedt, tenzij bij ministeriële regeling anders is bepaald, degene op wie de goederen overgaan in de plaats van de overdrager.
|
||||
|
||||
### Artikel 37e
|
||||
|
||||
De ondernemer die in Nederland woont of is gevestigd, wordt geacht zijn leveringen en diensten in Nederland te verrichten, voor zover hij niet aan de hand van boeken, bescheiden of andere gegevensdragers het tegendeel aantoont. Deze bepaling is eveneens van toepassing op de ondernemer die in Nederland een vaste inrichting heeft, voor zover de leveringen en diensten vanuit die inrichting worden verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 38
|
||||
|
||||
Het is de ondernemer verboden aan anderen dan ondernemers en publiekrechtelijke lichamen goederen en diensten aan te bieden tegen prijzen met zodanige aanduidingen dat de omzetbelasting niet in de prijzen zou zijn begrepen.
|
||||
|
|
@ -1200,9 +1513,11 @@ b. andere in het kader van de wet passende nadere regels worden gesteld ter aanv
|
|||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
||||
**1.** Indien de ondernemer de in artikel 28s, eerste lid, bedoelde melding elektronische diensten of de in artikel 37a bedoelde lijst niet of niet tijdig heeft ingediend, dan wel een onvolledige of een onjuiste lijst of melding elektronische diensten heeft ingediend, vormt dat een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 4537 kan opleggen.
|
||||
**1.** Indien de ondernemer de in artikel 28s, eerste lid, bedoelde melding elektronische diensten of de in artikel 37a bedoelde lijst niet of niet tijdig heeft ingediend, dan wel een onvolledige of een onjuiste lijst of melding elektronische diensten heeft ingediend, vormt dat een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 4920 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot het opleggen van de in het eerste lid bedoelde boete vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht het verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de in artikel 28s, eerste lid, of artikel 37a, eerste lid, genoemde verplichting is ontstaan.
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot het opleggen van de in het eerste lid bedoelde boete vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, door het verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de in artikel 28s, eerste lid, of artikel 37a, eerste lid, genoemde verplichting is ontstaan.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 41
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue