2025-10-01 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A)

This commit is contained in:
Coornhert 2025-10-01 12:00:00 +00:00
parent a988320f79
commit f8829fa690

View file

@ -99,7 +99,6 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| ngo | non-gouvermentele organisatie |
| NIP | Nederlands Instituut van Psychologen |
| NJi | Nederlands Jeugdinstituut |
| NLA | Nederlandse arbeidsinspectie |
| NOD | Nederlandse Onderzoek Databank |
| NSIS | Nationaal Schengen Informatie Systeem |
| Nuffic | Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs |
@ -123,7 +122,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| RvR | Raad voor Rechtsbijstand |
| RWN | Rijkswet op het Nederlanderschap |
| SBB | stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SIRENE | Supplementary Information Request at the National Entries |
| SIS | Schengen Informatiesysteem |
| Stb. | Staatsblad |
@ -263,7 +262,7 @@ De vreemdeling moet voldoen aan de voorwaarden voor toegang tenzij deze in het b
• de Europese Overeenkomst inzake de afschaffing van visa voor vluchtelingen (Trb. 1959, nr. 153);
• de Europese Overeenkomst inzake de overdracht van verantwoordelijkheid met betrekking tot vluchtelingen.
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen of de DT&V mag deze vreemdeling niet naar zijn land van herkomst verwijderen.
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen of de DTenV mag deze vreemdeling niet naar zijn land van herkomst verwijderen.
Het onderstaande geldt met in achtneming van het bovenstaande, dat wil zeggen er moet worden voldaan aan artikel 6, eerste lid, SGC.
@ -967,9 +966,9 @@ Het Hoofd van de IND bepaalt dan of de betrokken vreemdeling, ook al is hij niet
De ambtenaar belast met de grensbewaking maakt proces-verbaal op in alle gevallen waarin als gevolg van het nalaten van de zorg- of afschriftplicht door de vervoerder een niet of onjuist gedocumenteerde vreemdeling binnen Nederland is gebracht (zie artikel 4, eerste, tweede en derde lid, Vw, artikel 5, eerste en tweede lid, Vw, artikel 65, derde lid, Vw en artikel 197a WvSr). De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt alle processen-verbaal door aan het OM. Het OM biedt eerst een transactie aan de overtreder van de zorg- of afschriftplicht aan.
De DT&V verhaalt de met de verwijdering gepaard gaande kosten op de vervoerder nadat de vreemdeling rechtmatig verwijderbaar is geworden, en de ambtenaar belast met de grensbewaking de vervoerder de aanwijzing heeft gegeven de vreemdeling terug te vervoeren naar een plaats buiten Nederland.
De DTenV verhaalt de met de verwijdering gepaard gaande kosten op de vervoerder nadat de vreemdeling rechtmatig verwijderbaar is geworden, en de ambtenaar belast met de grensbewaking de vervoerder de aanwijzing heeft gegeven de vreemdeling terug te vervoeren naar een plaats buiten Nederland.
Nadat een vreemdeling is terugvervoerd door een vervoerder, leveren alle overheidsinstanties de DT&V een overzicht aan van de kosten die zij met betrekking tot de betreffende vreemdeling hebben gemaakt. De overheidsinstanties doen dit aan de hand van de tarievenlijst zoals opgenomen in bijlage 22 van het VV. Deze gestandaardiseerde tarieven betreffen de kosten van uitzetting en de kosten van verblijf die de overheid maakt met betrekking tot vreemdelingen aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd. De tarieven zijn gebaseerd op de werkelijk gemaakte kosten van de diverse overheidsinstanties. De DT&V stuurt de vervoerder een rekening die de kosten omvat die door de diverse overheidsinstanties zijn gemaakt.
Nadat een vreemdeling is terugvervoerd door een vervoerder, leveren alle overheidsinstanties de DTenV een overzicht aan van de kosten die zij met betrekking tot de betreffende vreemdeling hebben gemaakt. De overheidsinstanties doen dit aan de hand van de tarievenlijst zoals opgenomen in bijlage 22 van het VV. Deze gestandaardiseerde tarieven betreffen de kosten van uitzetting en de kosten van verblijf die de overheid maakt met betrekking tot vreemdelingen aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd. De tarieven zijn gebaseerd op de werkelijk gemaakte kosten van de diverse overheidsinstanties. De DTenV stuurt de vervoerder een rekening die de kosten omvat die door de diverse overheidsinstanties zijn gemaakt.
De terugvoerplicht en de geldende procedure rondom het verhalen van kosten staan beschreven op www.terugvoerplicht.nl.
@ -1070,13 +1069,11 @@ Het onderzoeken van kleding of zaken van de opgehouden persoon of het onderzoek
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet ten behoeve van de vaststelling van de identiteit van de opgehouden persoon alle volgende handelingen verrichten:
• de vreemdeling voorbereiden op elektronische afname van vingerafdrukken op de Identiteitszuil (de Basis Voorziening Identiteitsvaststelling BVID);
• de uitvoering van de identiteitsvaststelling met de identiteitszuil;
• de instructies volgen volgens de gekozen categorie Vreemdelingen op de identiteitszuil;
• de resultaten opvolgen die voortkomen uit de door de identiteitszuil geraadpleegde systemen;
• voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding moet voor een aantal nationaliteiten vingerafdrukken met papier en inkt afgenomen worden. Hiervoor moet het speciaal daarvoor bedoelde formulier voor vingerafdrukken worden gebruikt (het Dactyloscopisch Formulier Identiteitsonderzoek). Op dit formulier mag geen verwijzing naar de verblijfshistorie van de vreemdeling vermeld staan.
• onmiddellijk verzenden van het vingerafdrukkenformulier naar de Dienst Landelijke Operationele Samenwerking (DLOS) met daarop de afgenomen vingerafdrukken van de opgehouden persoon;
• raadplegen van gegevens van de vreemdelingenadministratie;
• het E&S en het (N)SIS raadplegen of de opgehouden persoon onder de opgegeven (of inmiddels vastgestelde) identiteit voorkomt.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen neemt contact op met het Gemeenschappelijk Grenscoördinatiecentrum van de KMar, als de vreemdeling stelt in het bezit te zijn van een verblijfsvergunning uit een andere lidstaat van de Europese Unie, Europese Economische Ruimte of uit Zwitserland, om dit te verifiëren.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen neemt contact op met het Nationaal Coördinatiecentrum Eurosur Nederland van de KMar, als de vreemdeling stelt in het bezit te zijn van een verblijfsvergunning uit een andere lidstaat van de Europese Unie, Europese Economische Ruimte of uit Zwitserland, om dit te verifiëren.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet de gegevens in de BVV raadplegen om te beoordelen of een terugkeerbesluit moet worden genomen (model M107-A) tegen een vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijft.
@ -1084,13 +1081,13 @@ Als de vreemdeling stelt minderjarig te zijn maar dit niet met bewijsmiddelen ka
De leeftijdsschouw bestaat uit twee sessies die de volgende samenstelling hebben:
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen; en
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen die tevens hulpofficier van justitie is, of door de ambtenaar van politie of van de die daartoe is aangewezen door de korpschef, respectievelijk de Commandant der KMar.
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen; en
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen die tevens hulpofficier van justitie is, of door de ambtenaar van politie of van de die daartoe is aangewezen door de korpschef, respectievelijk de Commandant der KMar.
De ambtenaren beoordelen per sessie onafhankelijk van de andere sessie of er sprake is van evidente:
meerderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt minderjarig te zijn; en
minderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt meerderjarig te zijn.
meerderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt minderjarig te zijn; en
minderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt meerderjarig te zijn.
Er moet unaniem, in beide sessies, geoordeeld zijn dat sprake is van evidente meerder- of minderjarigheid.
@ -1323,7 +1320,7 @@ De Korpschef verleent aan een vreemdeling die een aanvraag voor een verblijfsver
##### 10.3.2. Meldplicht in het kader van terugkeer
De Korpschef legt de vreemdeling die zich niet rechtmatig in Nederland bevindt en zich conform artikel 54, eerste lid onder f, Vw juncto artikel 4.51, eerste lid Vb meldt, het tijdstip en de plaats van melden op. Deze meldplicht gaat gepaard met terugkeerbegeleiding door de DT&V. Het opleggen van de meldplicht met terugkeerbegeleiding kan worden gecombineerd met andere toezichtsmaatregelen.
De Korpschef legt de vreemdeling die zich niet rechtmatig in Nederland bevindt en zich conform artikel 54, eerste lid onder f, Vw juncto artikel 4.51, eerste lid Vb meldt, het tijdstip en de plaats van melden op. Deze meldplicht gaat gepaard met terugkeerbegeleiding door de DTenV. Het opleggen van de meldplicht met terugkeerbegeleiding kan worden gecombineerd met andere toezichtsmaatregelen.
##### 10.3.3. Onttrekking meldplicht
@ -1331,16 +1328,16 @@ Voor iedere meldplicht geldt:
De Korpschef vordert de vreemdeling aan wie een periodieke meldplicht is opgelegd en die zich twee achtereenvolgende keren niet heeft gehouden aan de periodieke meldplicht, om in persoon gegevens te verstrekken over de onttrekking aan de periodieke meldplicht. Als de vreemdeling niet reageert, mag de Korpschef concluderen dat de vreemdeling Nederland heeft verlaten of zich definitief aan het toezicht heeft onttrokken en meldt de vreemdeling af in de vreemdelingenadministratie.
Voor vreemdelingen die in een opvangvoorziening verblijven, laat de Korpschef een adrescontrole door de politie uitvoeren. De politie moet het daadwerkelijke vertrek van de vreemdeling vaststellen. De Korpschef mag concluderen dat de vreemdeling definitief is vertrokken als dat onomstotelijk vast is komen te staan. De Korpschef moet de IND en de DT&V over het (veronderstelde) vertrek van een vreemdeling informeren door middel van een verwijzing in BVV.
Voor vreemdelingen die in een opvangvoorziening verblijven, laat de Korpschef een adrescontrole door de politie uitvoeren. De politie moet het daadwerkelijke vertrek van de vreemdeling vaststellen. De Korpschef mag concluderen dat de vreemdeling definitief is vertrokken als dat onomstotelijk vast is komen te staan. De Korpschef moet de IND en de DTenV over het (veronderstelde) vertrek van een vreemdeling informeren door middel van een verwijzing in BVV.
#### 10.4. Borgsom
Aan de vreemdeling op wie een vertrekplicht rust en die in ieder geval aan alle volgende voorwaarden voldoet kan, voorafgaand aan terugkeer, een borgsom worden opgelegd door de DT&V:
Aan de vreemdeling op wie een vertrekplicht rust en die in ieder geval aan alle volgende voorwaarden voldoet kan, voorafgaand aan terugkeer, een borgsom worden opgelegd door de DTenV:
• de vreemdeling werkt aantoonbaar aan terugkeer;
• de vreemdeling tekent een terugkeercontract met de DT&V waarin rechten en plichten van de vreemdeling met betrekking tot terugkeer en de borgsom zijn vastgelegd.
• de vreemdeling tekent een terugkeercontract met de DTenV waarin rechten en plichten van de vreemdeling met betrekking tot terugkeer en de borgsom zijn vastgelegd.
Het opleggen van de borgsom kan worden gecombineerd met andere toezichtsmaatregelen. Het terugkeercontract bevat in ieder geval een termijn van in beginsel 28 dagen waarbinnen de vreemdeling aan zijn vertrekplicht moet hebben voldaan. Het borgbedrag wordt in beginsel gesteld op € 1.500, de DT&V kan hiervan afwijken. De borgsom wordt geretourneerd door de DT&V als de vreemdeling zich meldt op de luchthaven bij de KMar en daadwerkelijk Nederland verlaat.
Het opleggen van de borgsom kan worden gecombineerd met andere toezichtsmaatregelen. Het terugkeercontract bevat in ieder geval een termijn van in beginsel 28 dagen waarbinnen de vreemdeling aan zijn vertrekplicht moet hebben voldaan. Het borgbedrag wordt in beginsel gesteld op € 1.500, de DTenV kan hiervan afwijken. De borgsom wordt geretourneerd door de DTenV als de vreemdeling zich meldt op de luchthaven bij de KMar en daadwerkelijk Nederland verlaat.
#### 10.5. Veiligheidsfouillering
@ -1363,7 +1360,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen mo
• de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen mag de hulp van een tolk inroepen als door moeilijkheden met de taal geen of onvoldoende contact met de vreemdeling mogelijk is;
• de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet van alle aangetroffen bewijsmiddelen die ondersteunend kunnen zijn bij het vaststellen van de identiteit en nationaliteit van de vreemdeling, fotokopieën maken.
De Korpschef of de Commandant der KMar zendt de uitkomsten van het identiteits- en nationaliteitsonderzoek naar de DT&V, zodra dit bekend is door een overdrachtsdossier naar de DT&V te versturen. De DT&V heeft voor het vertrek van de vreemdeling informatie uit het overdrachtsdossier nodig voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding voor de vreemdeling.
De Korpschef of de Commandant der KMar zendt de uitkomsten van het identiteits- en nationaliteitsonderzoek naar de DTenV, zodra dit bekend is door een overdrachtsdossier naar de DTenV te versturen. De DTenV heeft voor het vertrek van de vreemdeling informatie uit het overdrachtsdossier nodig voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding voor de vreemdeling.
### 12. Signaleringen
@ -1492,7 +1489,7 @@ Ook paragraaf A2/12.10.4 Vc is van toepassing als de vreemdeling is gesignaleerd
#### 12.6. Invoeren van signaleringen in het SIS of E&S
De IND voert een signalering inzake terugkeer in SIS in van de vreemdeling, die
De IND voert een signalering inzake terugkeer in SIS in van de vreemdeling, die:
• een terugkeerbesluit krijgt of heeft gekregen van de daartoe bevoegde ambtenaar als bedoeld in artikel 6.4, eerste lid, VV. Bij dit terugkeerbesluit kan ook een inreisverbod of een besluit in de zin van artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861 zijn opgelegd;
• gesignaleerd is vanwege een inreisverbod opgelegd vóór 7 maart 2023, dat nog niet in werking is getreden en er een procedurele gebeurtenis plaatsvindt die leidt tot signalering. De IND wist dan de signalering vanwege het inreisverbod; of
@ -1502,16 +1499,21 @@ De IND voert een signalering met het oog op weigering van toegang en verblijf in
• een vreemdeling, die niet beschikt over een verblijfsvergunning inclusief asiel in een andere lidstaat of dit niet heeft aangetoond, en
ongewenst is verklaard op grond van artikel 67 Vw;
een besluit heeft gekregen in de zin van artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861; of
daadwerkelijk het grondgebied van de lidstaten heeft verlaten, en aan wie:
ongewenst is verklaard op grond van artikel 67 Vw;
een besluit heeft gekregen in de zin van artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861; of
daadwerkelijk het grondgebied van de lidstaten heeft verlaten, en aan wie:
• een zwaar inreisverbod met de rechtsgevolgen van 66a, zevende lid, Vw is opgelegd; of
• een licht inreisverbod met de rechtsgevolgen van artikel 66a, zesde lid, Vw is opgelegd;
• een vreemdeling aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd in verband met het gebruik van een vals document voor grensoverschrijding of identiteitspapieren. De signaleringsduur is 5 jaar;
• een vreemdeling aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd in verband met een aan drugssmokkel gerelateerd misdrijf. De signaleringsduur is 5 jaar;
• een vreemdeling bij wie concrete aanwijzingen zijn dat de vreemdeling een gevaar vormt voor de nationale veiligheid. De signaleringsduur is 10 jaar; of
• een vreemdeling bij wie concrete aanwijzingen zijn dat de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde. De signaleringsduur is 2 jaar.
• een vreemdeling aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd in verband met het gebruik van een vals document voor grensoverschrijding of identiteitspapieren. De signaleringsduur is vijf jaar;
• een vreemdeling aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd in verband met een aan drugssmokkel gerelateerd misdrijf. De signaleringsduur is vijf jaar;
• een vreemdeling die toegang wil verkrijgen tot Nederland of aan wie de toegang tot Nederland wordt geweigerd, bij wie concrete aanwijzingen zijn dat de vreemdeling een gevaar vormt voor de nationale veiligheid. De signaleringsduur is twintig jaar; of
• een vreemdeling die toegang wil verkrijgen tot Nederland of aan wie de toegang tot Nederland wordt geweigerd, bij wie concrete aanwijzingen zijn dat de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde. De signaleringsduur is twee jaar.
Deze signaleringstermijnen zijn van toepassing als de vreemdeling niet onder de werking van de Terugkeerrichtlijn valt in Nederland. Dit betekent dat de vreemdeling:
• zich buiten de EU bevindt (waaronder ook de vreemdeling die wordt geweigerd aan een grensdoorlaatpost die toegang tot de EU geeft); of
• zich weliswaar binnen de EU bevindt, maar zich buiten Nederland bevindt.
De IND voert de signalering inzake terugkeer of met het oog op weigering van toegang en verblijf ook in als de vreemdeling al in SIS is gesignaleerd door een andere lidstaat, zolang de signaleringen niet onverenigbaar zijn met elkaar.
@ -1526,8 +1528,8 @@ Daarnaast voert de IND in ieder geval de gegevens van een verblijfsdocument in S
• de vreemdeling:
zich uitgeschreven heeft uit de BRP op grond van emigratie; of
met onbekende bestemming is vertrokken; en
zich uitgeschreven heeft uit de BRP op grond van emigratie; of
met onbekende bestemming is vertrokken; en
• de geldigheidsduur van het verblijfsdocument nog niet is verlopen en het verblijfsdocument niet is ingeleverd bij de IND. De einddatum van de signalering is gelijk aan de einddatum van het verblijfsdocument.
De signalering in SIS vanwege een inreisverbod of vanwege een terugkeerbesluit in combinatie met een inreisverbod gaat voor, als er ook sprake is van een besluit tot signalering.
@ -1544,8 +1546,8 @@ In het E&S staan o.a. vreemdelingenrechtelijke signaleringen, zoals:
• een vreemdeling die een besluit krijgt in de zin van artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861;
• een op grond van artikel 67 ongewenst verklaarde vreemdeling, die
niet heeft aangetoond over een verblijfsvergunning in een andere lidstaat te beschikken; en
ongewenst is verklaard vanwege een andere grond dan openbare orde of niet voldoet aan artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861;
niet heeft aangetoond over een verblijfsvergunning in een andere lidstaat te beschikken; en
ongewenst is verklaard vanwege een andere grond dan openbare orde of niet voldoet aan artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861;
• een vreemdeling met een verblijfsvergunning inclusief asiel in een van de lidstaten die zich niet heeft gehouden aan de voorwaarden van artikel 12 Vw; de termijn van signalering is maximaal zes maanden; en
• een mvv-plichtige vreemdeling die niet (langer) voldoet aan de voorwaarden waaronder de mvv is afgegeven. De duur van deze signalering wordt gelijk gesteld met de (resterende) duur van de afgegeven mvv.
@ -1899,18 +1901,75 @@ De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de volgende artike
• artikel 3.1 Vb;
• artikel 6.1a tot en met 6.4 Vb.
#### 1.1. Elementen terugkeerbesluit
#### 1.1. Terugkeerbesluit
##### 1.1.1. Inleiding
Een terugkeerbesluit is een besluit waarin wordt vastgesteld dat de vreemdeling geen rechtmatig verblijf (meer) heeft in Nederland en waaruit de plicht blijkt om de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein (hierna: lidstaten) te verlaten binnen de daarvoor genoemde termijn naar het land van terugkeer.
Een terugkeerbesluit kan enkel voor een onderdaan van een derde land worden genomen.
##### 1.1.2. Elementen terugkeerbesluit
Een terugkeerbesluit bevat de volgende elementen:
a. de vaststelling dat een vreemdeling niet (langer) rechtmatig in Nederland verblijft;
b. de plicht om de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein te verlaten;
a. de vaststelling dat een vreemdeling niet (meer) rechtmatig in Nederland verblijft;
b. de plicht om de lidstaten te verlaten;
c. de termijn waarbinnen de vreemdeling aan zijn vertrekplicht moet voldoen; en
d. het benoemen van het land/de landen waarnaar de vreemdeling moet terugkeren voor zover dat land/die landen bekend is/zijn.
d. het land/de landen waarnaar de vreemdeling moet terugkeren voor zover dat land/die landen bekend is/zijn.
Ad a.
Er dient vastgesteld te zijn dat een vreemdeling niet (meer) rechtmatig in Nederland verblijft. Specifiek voor vreemdelingen die een aanvraag om een verblijfsvergunning hebben ingediend geldt het volgende. Bij een afwijzing, een buitenbehandelingstelling, het intrekken of het niet verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning wordt vastgesteld dat er geen sprake (meer) is van rechtmatig verblijf. Dan wordt aan de voorwaarde voor element a voldaan. Tenzij er nog een andere aanvraagprocedure in eerste aanleg loopt waarvan de uitkomst in Nederland mag worden afgewacht. In dat geval wordt (nog) niet aan de voorwaarde voldaan en kan er (nog) geen terugkeerbesluit worden genomen.
Ad b.
Een vreemdeling met een terugkeerbesluit, een zwaar inreisverbod en rechtmatig verblijf in een andere lidstaat van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein voldoet met zijn vertrek naar de verblijfgevende lidstaat of een ander hiervoor genoemd land niet aan zijn terugkeerverplichting. De vreemdeling voldoet aan deze terugkeerverplichting als hij vertrekt naar een land buiten de EU, Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein.
Een vreemdeling met een terugkeerbesluit voldoet niet aan zijn terugkeerverplichting als hij vertrekt naar een andere lidstaat. Ook niet als hij daar rechtmatig verblijf heeft. De vreemdeling voldoet alleen aan de terugkeerverplichting als hij het grondgebied van de lidstaten verlaat.
Ad c.
Voor de termijnen die gelden wordt verwezen naar paragraaf A3/3 Vc.
Ad d.
Een land van terugkeer kan zijn:
• het land van herkomst van de vreemdeling (voor een staatloze het land van gebruikelijke woonplaats);
• een land van doorreis op basis van communautaire of bilaterale overnameovereenkomsten of andere regelingen, waaronder begrepen het land waarnaar de vreemdeling kan terugkeren op basis van een removal order; of
• een ander derde land waarnaar de vreemdeling vrijwillig terug wil keren en waar de vreemdeling wordt toegelaten.
In een terugkeerbesluit benoemt de IND, KMar, AVIM of Zeehavenpolitie een of meerdere landen van terugkeer. Als het gestelde herkomstland niet aannemelijk is, benoemt de IND, KMar, AVIM of Zeehavenpolitie zowel dat herkomstland als de landen waarvoor aanwijzingen bestaan dat deze landen van terugkeer kunnen zijn.
Het gevolg van een terugkeerbesluit is dat de vreemdeling gesignaleerd wordt in het Schengeninformatie Systeem inzake terugkeer. Die regels staan beschreven in A2/12 Vc.
##### 1.1.3. Bevoegdheid nemen terugkeerbesluit
De IND neemt een terugkeerbesluit:
• bij een afwijzing of het buiten behandeling stellen van de aanvraag;
• bij de intrekking of het niet verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning;
• als de vreemdeling zijn aanvraag intrekt; of
• als de IND op basis van een voorstel van de AVIM, Zeehavenpolitie en KMar een zwaar inreisverbod aan een vreemdeling oplegt zonder dat er een aanvraag is ingediend.
De KMar, AVIM of Zeehavenpolitie neemt een terugkeerbesluit als na onderzoek is gebleken dat de vreemdeling niet rechtmatig in Nederland is en zowel Nederland als de lidstaten moet te verlaten. Zie paragraaf A3/2 Vc in het geval de vreemdeling verblijfsrecht heeft in een andere lidstaat.
De IND, KMar, AVIM of Zeehavenpolitie neemt een aanvullend terugkeerbesluit als:
• er in het eerder genomen terugkeerbesluit geen land van terugkeer is genoemd;
• als in de terugkeerprocedure blijkt naar welk land een vreemdeling kan terugkeren, maar dat land niet is genoemd in het eerdere terugkeerbesluit.
In het aanvullend terugkeerbesluit worden een of meerdere landen van terugkeer toegevoegd. Tegen het aanvullend terugkeerbesluit staan rechtsmiddelen open.
De IND, KMar, AVIM of Zeehavenpolitie neemt geen terugkeerbesluit als:
a. er eerder een rechtsgeldig terugkeerbesluit is gegeven terwijl de vreemdeling nog niet heeft voldaan aan zijn vertrekverplichting die is opgenomen in het terugkeerbesluit;
b. de IND de aanvraag heeft afgewezen, maar er nog een andere aanvraag in Nederland loopt die procedureel rechtmatig verblijf geeft, waarop nog niet in eerste aanleg is beslist;
c. de vreemdeling een alleenstaande minderjarige vreemdeling is en zolang niet is vastgesteld dat er adequate opvang aanwezig is in het land van terugkeer (zie paragraaf A3/6.1 en B8/6.1 Vc) (artikel 5 Terugkeerrichtlijn: belang van het kind);
d. er is vastgesteld dat familie-, gezins- of privéleven in de zin van artikel 8 EVRM zich verzet tegen het nemen van een terugkeerbesluit;
e. er is vastgesteld dat de vreemdeling in het land van terugkeer een risico loopt op vervolging, zoals bedoeld in artikel 29, eerste lid, onder a Vw of een reëel risico loopt op ernstige schade (artikel 3 EVRM), zoals bedoeld in artikel 29, eerste lid onder b, Vw;
f. er is vastgesteld dat er sprake is van een risico op schending van artikel 3 EVRM als gevolg van de gezondheidstoestand van de vreemdeling bij uitzetting naar het land van terugkeer; (artikel 5 Terugkeerrichtlijn)
g. als een overdrachtsbesluit ingevolge de Dublinverordening (EU) 604/2013 is genomen; of
h. de vreemdeling valt onder het toepassingsbereik van Richtlijn 2004/38 (burger van de Europese Unie of familielid van de burger van de Europese Unie).
### 2. Zelfstandig vertrek
@ -1920,30 +1979,30 @@ De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen mag de vreemdeling op gron
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen moet de vreemdeling uitleggen welke gegevens de vreemdeling moet verstrekken om het vertrek van de vreemdeling uit Nederland mogelijk te maken. De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen registreert de vordering tot het verstrekken van gegevens in de vreemdelingenadministratie.
De DT&V kan een vreemdeling bij de feitelijke terugkeer begeleiden. De DT&V kan dit bijvoorbeeld doen bij:
De DTenV kan een vreemdeling bij de feitelijke terugkeer begeleiden. De DTenV kan dit bijvoorbeeld doen bij:
• een alleenstaande minderjarige vreemdeling; of
• een vreemdeling waarbij sprake is van een medische overdracht.
Naast deze begeleiding door de DT&V kunnen andere vormen van begeleiding plaatsvinden, zoals begeleiding:
Naast deze begeleiding door de DTenV kunnen andere vormen van begeleiding plaatsvinden, zoals begeleiding:
• door de KMar in het kader van veiligheid van de vlucht; of
• door derden, zoals psychiatrisch geschoolde verpleegkundigen, ter vervulling van de reisvoorwaarden opgenomen in het BMA-advies.
In het geval de vreemdeling in één van de lidstaten van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland een geldige reguliere verblijfsvergunning of andere toestemming tot verblijf heeft, wordt in de regel geen terugkeerbesluit uitgevaardigd. Ingevolge artikel 62a, derde lid, Vw wordt aan de vreemdeling in beginsel eerst het bevel gegeven zich onmiddellijk naar het grondgebied van de betrokken lidstaat te begeven (model M106-B). Als dit bevel niet wordt nageleefd of als om redenen van openbare orde of nationale veiligheid het onmiddellijke vertrek van de vreemdeling is vereist, wordt tegen de vreemdeling wel een terugkeerbesluit uitgevaardigd door de IND, KMAR, politie of ZHP.
In het geval de vreemdeling in één van de lidstaten van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland een geldige reguliere verblijfsvergunning of andere toestemming tot verblijf heeft, wordt in de regel geen terugkeerbesluit uitgevaardigd. Ingevolge artikel 62a, derde lid, Vw wordt aan de vreemdeling in beginsel eerst het bevel gegeven zich onmiddellijk naar het grondgebied van de betrokken lidstaat te begeven (model M106-B). Als dit bevel niet wordt nageleefd of als om redenen van openbare orde of nationale veiligheid het onmiddellijke vertrek van de vreemdeling is vereist, wordt tegen de vreemdeling wel een terugkeerbesluit uitgevaardigd door de IND, KMar, politie of ZHP.
In het geval de vreemdeling in één van de lidstaten van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland internationale bescherming geniet, wordt geen terugkeerbesluit uitgevaardigd. Om die reden kan ook geen inreisverbod worden opgelegd (zie ook A4/2.2 Vc). Ingevolge artikel 62a, derde lid, Vw wordt aan de vreemdeling het bevel gegeven zich onmiddellijk naar het grondgebied van de betrokken lidstaat te begeven (model M106-B).
In het geval de vreemdeling in één van de lidstaten van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland internationale bescherming of een langdurig ingezetene-status in een andere lidstaat geniet, wordt geen terugkeerbesluit uitgevaardigd. Om die reden kan ook geen inreisverbod worden opgelegd (zie ook A4/2.2 Vc). Ingevolge artikel 62a, derde lid, Vw wordt aan de vreemdeling het bevel gegeven zich onmiddellijk naar het grondgebied van de betrokken lidstaat te begeven (model M106-B).
De IND kan deze vreemdeling enkel ongewenst verklaren als hij zich buiten Nederland bevindt. Zie voor signalering en raadplegingsprocedure: paragraaf A2/12.10 Vc.
Een vreemdeling die voldoet aan alle volgende kenmerken wordt door de DT&V begeleid in de terugkeer naar de lidstaat die hem een verblijfsvergunning heeft verleend:
Een vreemdeling die voldoet aan alle volgende kenmerken wordt door de DTenV begeleid in de terugkeer naar de lidstaat die hem een verblijfsvergunning heeft verleend:
• de vreemdeling is afkomstig uit een derde land;
• de vreemdeling heeft geen rechtmatig verblijf in Nederland;
• de vreemdeling is in het bezit van een door een andere lidstaat van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein of Zwitserland afgegeven geldige verblijfsvergunning of andere toestemming tot verblijf; en
• aan de vreemdeling is geen terugkeerbesluit gegeven.
Als de vreemdeling wel een terugkeerbesluit heeft gekregen, begeleidt de DT&V niet in het vertrek naar de andere lidstaat van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland die aan de vreemdeling een verblijfsvergunning of andere toestemming tot verblijf heeft verleend. In dat geval zet de DT&V in op vertrek naar het land zoals genoemd in het terugkeerbesluit.
Als de vreemdeling wel een terugkeerbesluit heeft gekregen, begeleidt de DTenV niet in het vertrek naar de andere lidstaat van de EU (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland die aan de vreemdeling een verblijfsvergunning of andere toestemming tot verblijf heeft verleend. In dat geval zet de DTenV in op vertrek naar het land zoals genoemd in het terugkeerbesluit.
### 3. Vertrektermijnen
@ -2039,20 +2098,20 @@ De IND, de ambtenaar belast met de grensbewaking of AVIM ziet af van het onthoud
#### 3.7. Verlenging van de vertrektermijn
Een vreemdeling aan wie een vertrektermijn is verleend kan vragen om verlenging van deze termijn, zoals beschreven in artikel 6.3 VV. De vreemdeling krijgt door het indienen of het inwilligen van een verzoek om een verlenging van de vrijwillige vertrektermijn geen rechtmatig verblijf in Nederland. De DT&V mag bij de inwilliging van het verzoek om verlenging van de vrijwillige vertrektermijn niet tot uitzetting overgaan totdat de verlengde vertrektermijn is verstreken. De vreemdeling heeft de plicht gedurende de verlengde vertrektermijn zelfstandig aan zijn vertrek te werken.
Een vreemdeling aan wie een vertrektermijn is verleend kan vragen om verlenging van deze termijn, zoals beschreven in artikel 6.3 VV. De vreemdeling krijgt door het indienen of het inwilligen van een verzoek om een verlenging van de vrijwillige vertrektermijn geen rechtmatig verblijf in Nederland. De DTenV mag bij de inwilliging van het verzoek om verlenging van de vrijwillige vertrektermijn niet tot uitzetting overgaan totdat de verlengde vertrektermijn is verstreken. De vreemdeling heeft de plicht gedurende de verlengde vertrektermijn zelfstandig aan zijn vertrek te werken.
Een vreemdeling kan een verzoek voor verlenging van de vrijwillige vertrektermijn uitsluitend op een van de volgende manieren indienen:
• persoonlijk bij één van de loketten van de IND;
• schriftelijk tijdens vertrekgesprekken met de ambtenaar van de DT&V. De ambtenaar van de DT&V moet het verzoek voor verlenging van de vrijwillige vertrektermijn doorsturen naar de IND.
• schriftelijk tijdens vertrekgesprekken met de ambtenaar van de DTenV. De ambtenaar van de DTenV moet het verzoek voor verlenging van de vrijwillige vertrektermijn doorsturen naar de IND.
Om het besluit over de verlenging te nemen, stelt de IND de vreemdeling in de gelegenheid om feiten en omstandigheden naar voren te brengen die aan het verzoek ten grondslag liggen. De IND biedt geen afzonderlijk herstel verzuim en geeft onmiddellijk een beschikking.
### 4. Reisdocumenten
Als een vreemdeling Nederland moet verlaten en niet over een geldig document voor grensoverschrijding beschikt op grond waarvan zijn toegang tot zijn land van herkomst of een ander land is gewaarborgd, ondersteunt de DT&V de vreemdeling bij het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. Dit geldt ook voor vreemdelingen waarvan een (herhaalde) aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is afgewezen en de bevoegdheid tot uitzetting tijdelijk is opgeschort.
Als een vreemdeling Nederland moet verlaten en niet over een geldig document voor grensoverschrijding beschikt op grond waarvan zijn toegang tot zijn land van herkomst of een ander land is gewaarborgd, ondersteunt de DTenV de vreemdeling bij het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. Dit geldt ook voor vreemdelingen waarvan een (herhaalde) aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is afgewezen en de bevoegdheid tot uitzetting tijdelijk is opgeschort.
De DT&V mag de vreemdeling of derden verzoeken bewijsmiddelen die de identiteit en nationaliteit van de vreemdeling onderbouwen, aan de DT&V te overhandigen.
De DTenV mag de vreemdeling of derden verzoeken bewijsmiddelen die de identiteit en nationaliteit van de vreemdeling onderbouwen, aan de DTenV te overhandigen.
Een vreemdeling die uitgezet wordt, moet over tenminste één van de volgende bewijsmiddelen beschikken waarmee de toegang tot het land van bestemming en een eventuele doorreis door een derde land is gewaarborgd:
@ -2061,35 +2120,35 @@ Een vreemdeling die uitgezet wordt, moet over tenminste één van de volgende be
#### 4.1. Aanvragen van een geldig document voor grensoverschrijding
Als blijkt dat de vreemdeling niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding of een re-entry permit dan moet de DT&V zo snel mogelijk tenminste een van de volgende bewijsmiddelen aanvragen bij de buitenlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het land van herkomst van de vreemdeling:
Als blijkt dat de vreemdeling niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding of een re-entry permit dan moet de DTenV zo snel mogelijk tenminste een van de volgende bewijsmiddelen aanvragen bij de buitenlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het land van herkomst van de vreemdeling:
• een geldig document voor grensoverschrijding;
re-entry permit.
De DT&V moet een aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding bij voorkeur samen met de vreemdeling opmaken. De DT&V moet de vreemdeling informeren over welke informatie de vreemdeling moet verstrekken voor het verkrijgen een geldig document voor grensoverschrijding. De vreemdeling is zelf verantwoordelijk voor het door de vreemdeling ingevulde formulier of de aan de DT&V verstrekte bewijsmiddelen geen asielgerelateerde informatie bevatten. De DT&V hoeft deze bewijsmiddelen niet te vertalen en te screenen op gegevens waaruit indirect kan worden afgeleid dat het om een vreemdeling gaat die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingediend voordat het aan een diplomatieke vertegenwoordiging wordt overgelegd.
De DTenV moet een aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding bij voorkeur samen met de vreemdeling opmaken. De DTenV moet de vreemdeling informeren over welke informatie de vreemdeling moet verstrekken voor het verkrijgen een geldig document voor grensoverschrijding. De vreemdeling is zelf verantwoordelijk voor het door de vreemdeling ingevulde formulier of de aan de DTenV verstrekte bewijsmiddelen geen asielgerelateerde informatie bevatten. De DTenV hoeft deze bewijsmiddelen niet te vertalen en te screenen op gegevens waaruit indirect kan worden afgeleid dat het om een vreemdeling gaat die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingediend voordat het aan een diplomatieke vertegenwoordiging wordt overgelegd.
De DT&V moet bewijsmiddelen wel screenen op gegevens waaruit indirect kan worden afgeleid dat het om een vreemdeling gaat die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingediend bij landen waarvan bekend is dat het aanvragen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd tot problemen kan leiden bij de terugkeer van de vreemdeling tot dat land. De DT&V mag aan de diplomatieke vertegenwoordiging uitsluitend aangeven dat:
De DTenV moet bewijsmiddelen wel screenen op gegevens waaruit indirect kan worden afgeleid dat het om een vreemdeling gaat die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingediend bij landen waarvan bekend is dat het aanvragen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd tot problemen kan leiden bij de terugkeer van de vreemdeling tot dat land. De DTenV mag aan de diplomatieke vertegenwoordiging uitsluitend aangeven dat:
• de vreemdeling geen rechtmatig verblijf in Nederland heeft en om die reden Nederland moet verlaten;
• of dat de vreemdeling gehouden is om medewerking te verlenen aan de voorbereiding van zijn vertrek.
De DT&V moet beschikbare (kopieën van) bewijsmiddelen die de identiteit of nationaliteit van de vreemdeling kunnen onderbouwen, voegen bij de aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding.
De DTenV moet beschikbare (kopieën van) bewijsmiddelen die de identiteit of nationaliteit van de vreemdeling kunnen onderbouwen, voegen bij de aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding.
Als onmiddellijke uitzetting van de vreemdeling door middel van overdracht aan de buitenlandse grensautoriteiten of door plaatsing aan boord van een schip of een vliegtuig mogelijk is, vraagt de DT&V geen geldig document voor grensoverschrijding en de eventueel benodigde visa, transitvisa en re-entry permit bij de buitenlandse diplomatieke vertegenwoordiging aan.
Als onmiddellijke uitzetting van de vreemdeling door middel van overdracht aan de buitenlandse grensautoriteiten of door plaatsing aan boord van een schip of een vliegtuig mogelijk is, vraagt de DTenV geen geldig document voor grensoverschrijding en de eventueel benodigde visa, transitvisa en re-entry permit bij de buitenlandse diplomatieke vertegenwoordiging aan.
Als de uitzetting van een vreemdeling in overeenstemming met artikel 65, eerste lid, Vw, niet zonder geldig document voor grensoverschrijding en de eventueel benodigde visa, transitvisa en re-entry permit kan worden geëffectueerd, moet de ambtenaar belast met grensbewaking contact opnemen met de DT&V. De DT&V dient voor de effectuering van de uitzetting van de vreemdeling, een aanvraag in bij de buitenlandse diplomatieke vertegenwoordiging voor een geldig document voor grensoverschrijding.
Als de uitzetting van een vreemdeling in overeenstemming met artikel 65, eerste lid, Vw, niet zonder geldig document voor grensoverschrijding en de eventueel benodigde visa, transitvisa en re-entry permit kan worden geëffectueerd, moet de ambtenaar belast met grensbewaking contact opnemen met de DTenV. De DTenV dient voor de effectuering van de uitzetting van de vreemdeling, een aanvraag in bij de buitenlandse diplomatieke vertegenwoordiging voor een geldig document voor grensoverschrijding.
#### 4.2. Contact met de diplomatieke vertegenwoordiging
De DT&V nodigt de vreemdeling uit voor een presentatie bij de diplomatieke vertegenwoordiging voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. De politie of KMar heeft de bevoegdheid de vreemdeling te vorderen om te verschijnen voor een presentatie aan de diplomatieke vertegenwoordiging (zie model 90A).
De DTenV nodigt de vreemdeling uit voor een presentatie bij de diplomatieke vertegenwoordiging voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. De politie of KMar heeft de bevoegdheid de vreemdeling te vorderen om te verschijnen voor een presentatie aan de diplomatieke vertegenwoordiging (zie model 90A).
Voorafgaande aan de presentatie aan de diplomatieke vertegenwoordiging informeert de DT&V de vreemdeling dat de vreemdeling niet is gehouden om inlichtingen te verstrekken aan de diplomatieke vertegenwoordiging met betrekking tot de reden van zijn verblijf in Nederland. De DT&V moet de vreemdeling een kopie verstrekken van de aanvraag die is ingediend bij de diplomatieke vertegenwoordiging voor een geldig document voor grensoverschrijding.
Voorafgaande aan de presentatie aan de diplomatieke vertegenwoordiging informeert de DTenV de vreemdeling dat de vreemdeling niet is gehouden om inlichtingen te verstrekken aan de diplomatieke vertegenwoordiging met betrekking tot de reden van zijn verblijf in Nederland. De DTenV moet de vreemdeling een kopie verstrekken van de aanvraag die is ingediend bij de diplomatieke vertegenwoordiging voor een geldig document voor grensoverschrijding.
#### 4.3. Moment van aanvraag
De DT&V mag de aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding, een identiteitsonderzoek of de presentatie van de vreemdeling bij de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het (vermoedelijke) land van herkomst niet starten indien de (herhaalde) aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in behandeling is bij de IND.
De DTenV mag de aanvraag voor een geldig document voor grensoverschrijding, een identiteitsonderzoek of de presentatie van de vreemdeling bij de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het (vermoedelijke) land van herkomst niet starten indien de (herhaalde) aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in behandeling is bij de IND.
De DT&V moet voor een vreemdeling die in een justitiële inrichting of een andere inrichting is opgenomen, tijdens het verblijf in die inrichting een geldig document voor grensoverschrijding aanvragen. De vreemdeling die in een inrichting is geplaatst, moet aansluitend aan het einde van het verblijf in de inrichting worden uitgezet (zie paragraaf A3/10 Vc).
De DTenV moet voor een vreemdeling die in een justitiële inrichting of een andere inrichting is opgenomen, tijdens het verblijf in die inrichting een geldig document voor grensoverschrijding aanvragen. De vreemdeling die in een inrichting is geplaatst, moet aansluitend aan het einde van het verblijf in de inrichting worden uitgezet (zie paragraaf A3/10 Vc).
#### 4.4. Gedragslijn als geen geldig document voor grensoverschrijding kan worden verkregen
@ -2101,7 +2160,7 @@ De Korpschef of de Commandant der KMar moet de vreemdeling aanzeggen dat de vree
#### 4.5. Gebruik van een Europees reisdocument
Het vertrek van een vreemdeling uit Nederland mag plaatsvinden met behulp van een Europees reisdocument. Het Europees reisdocument wordt afgegeven door de DT&V als op grond van één of meer aanwijzingen de nationaliteit of identiteit van de betrokken vreemdeling wordt aangenomen. Aan het Europees reisdocument worden bewijsmiddelen gevoegd als ondersteuning van de identiteit of nationaliteit van de vreemdeling. De bewijsmiddelen mogen geen asielgerelateerde informatie bevatten.
Het vertrek van een vreemdeling uit Nederland mag plaatsvinden met behulp van een Europees reisdocument. Het Europees reisdocument wordt afgegeven door de DTenV als op grond van één of meer aanwijzingen de nationaliteit of identiteit van de betrokken vreemdeling wordt aangenomen. Aan het Europees reisdocument worden bewijsmiddelen gevoegd als ondersteuning van de identiteit of nationaliteit van de vreemdeling. De bewijsmiddelen mogen geen asielgerelateerde informatie bevatten.
Het Europees reisdocument mag worden gebruikt:
@ -2152,13 +2211,13 @@ Het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt moet ten aanzien
• op het ingehouden ontvangstbewijs voor terugontvangst door de vreemdeling van het geldig document voor grensoverschrijding van de vreemdeling of een identiteitspapier van de vreemdeling een verklaring stellen waaruit blijkt dat het vertrek van de vreemdeling is gecontroleerd;
• het ontvangstbewijs voor terugontvangst door de vreemdeling van het geldig document voor grensoverschrijding van de vreemdeling of een identiteitspapier van de vreemdeling terugsturen aan de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen die het ontvangstbewijs heeft afgegeven.
Het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt informeert onmiddellijk de betrokken politie, ZHP, KMar of DT&V of KMar in tenminste een van de volgende situaties:
Het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt informeert onmiddellijk de betrokken politie, ZHP, KMar of DTenV of KMar in tenminste een van de volgende situaties:
• de vreemdeling zich niet op de afgesproken tijd en plaats bij het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt heeft gemeld;
• als de uitreis van de vreemdeling vertraging ondervindt;
• als de uitreis van de vreemdeling problemen ondervindt.
Het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt overlegt met de politie, ZHP, KMar of DT&V of KMar over te volgen handelwijze.
Het hoofd van de grensdoorlaatpost of het overgave-overnamepunt overlegt met de politie, ZHP, KMar of DTenV of KMar over te volgen handelwijze.
### 5. Ondersteuning bij vertrek
@ -2231,7 +2290,7 @@ Om in aanmerking te kunnen komen voor ondersteuning onder het remigratiebeleid,
a) de vreemdeling bezit de nationaliteit van een derde land, niet zijnde Oekraïne;
b) de vreemdeling heeft/had een (tijdelijk) verblijfsrecht in Oekraïne;
c) de vreemdeling is voor 19 juli 2022 ingeschreven in de BRP;
d) de vreemdeling verleent medewerking aan de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) door het (laten) verstrekken van benodigde informatie en het opvolgen van instructies met het oog op zijn vertrek;
d) de vreemdeling verleent medewerking aan de Dienst Terugkeer en Vertrek (DTenV) door het (laten) verstrekken van benodigde informatie en het opvolgen van instructies met het oog op zijn vertrek;
e) de vreemdeling ondertekent een intrekkingsverklaring en verklaart daarbij eventuele nog aanhangige verblijfsmatige procedures in te trekken dan wel afstand te doen van een verblijfsvergunning als die aan de vreemdeling is verleend;
f) het vertrek uit Nederland van de vreemdeling betekent geen doorkruising van een strafrechtelijk vervolgings- of uitleveringstraject waar hij bij betrokken is;
g) het vertrek van de vreemdeling kan feitelijk worden gerealiseerd;
@ -2249,25 +2308,25 @@ Een verzoek om ondersteuning kan worden geweigerd dan wel de aanspraak op onders
##### 5.2.3. Voorzieningen en remigratiebijdrage
De DT&V biedt aan de vreemdeling die in aanmerking komt voor dit remigratiebeleid de volgende ondersteuning:
De DTenV biedt aan de vreemdeling die in aanmerking komt voor dit remigratiebeleid de volgende ondersteuning:
• advies en informatie over remigratie;
• een vliegticket enkele reis naar het land van bestemming;
• begeleiding bij vertrek op Schiphol;
• een financiële remigratiebijdrage zoals hieronder beschreven;
• € 5.000 per persoon wanneer de vreemdeling een schriftelijke aanvraag indient, tot en met 4 maart 2024, voor ondersteuning bij de DT&V en binnen 1 maand na indienen van de aanvraag Nederland uitreist.
• € 5.000 per persoon wanneer de vreemdeling een schriftelijke aanvraag indient, tot en met 4 maart 2024, voor ondersteuning bij de DTenV en binnen 1 maand na indienen van de aanvraag Nederland uitreist.
Het algemene uitgangspunt is dat binnen 1 maand na aanvraag de uitreis plaatsvindt. Mocht het om zwaarwegende redenen noodzakelijk zijn om van deze periode af te wijken dan kan de DT&V hiertoe besluiten.
Het algemene uitgangspunt is dat binnen 1 maand na aanvraag de uitreis plaatsvindt. Mocht het om zwaarwegende redenen noodzakelijk zijn om van deze periode af te wijken dan kan de DTenV hiertoe besluiten.
De vreemdeling die na 4 maart 2023 een aanvraag indient komt niet meer in aanmerking voor dit beleid.
##### 5.2.4. Aanvraag en procedure
De vreemdeling dient de aanvraag voor ondersteuning op basis van het remigratiebeleid schriftelijk in via de website van de DT&V. De DT&V behandelt de aanvraag en zoekt ten behoeve van de beslissing op de aanvraag afstemming met ketenpartners. De DT&V zoekt altijd afstemming met de IND met de vraag of er bezwaren zijn tegen het vertrek van de vreemdeling.
De vreemdeling dient de aanvraag voor ondersteuning op basis van het remigratiebeleid schriftelijk in via de website van de DTenV. De DTenV behandelt de aanvraag en zoekt ten behoeve van de beslissing op de aanvraag afstemming met ketenpartners. De DTenV zoekt altijd afstemming met de IND met de vraag of er bezwaren zijn tegen het vertrek van de vreemdeling.
Na het vertrek van een vreemdeling stelt de DT&V de IND op de hoogte van het vertrek van de vreemdeling.
Na het vertrek van een vreemdeling stelt de DTenV de IND op de hoogte van het vertrek van de vreemdeling.
Het remigratiebeleid zal worden uitgevoerd door de DT&V. De DT&V kan besluiten om de IOM een rol te geven in de uitvoering van deze beleidsregels.
Het remigratiebeleid zal worden uitgevoerd door de DTenV. De DTenV kan besluiten om de IOM een rol te geven in de uitvoering van deze beleidsregels.
### 6. Uitzetting
@ -2277,17 +2336,17 @@ Uitzetting van een vreemdeling vindt plaats op tenminste een van de volgende wij
• door plaatsing van de vreemdeling aan boord van een vliegtuig of schip van de onderneming die de vreemdeling naar Nederland heeft vervoerd;
• de vreemdeling wordt rechtstreeks of met een tussenstop uitgezet naar een land waarvan op basis van feiten en omstandigheden wordt aangenomen dat de vreemdeling daar de toegang wordt verleend.
Voor wat betreft de mogelijkheid om een vreemdeling door de DT&V te laten begeleiden bij de feitelijke terugkeer, wordt verwezen naar paragraaf A3/2 Vc.
Voor wat betreft de mogelijkheid om een vreemdeling door de DTenV te laten begeleiden bij de feitelijke terugkeer, wordt verwezen naar paragraaf A3/2 Vc.
De DT&V stelt uiterlijk 36 uur voorafgaand aan een door de DT&V georganiseerde uitzetting of gedwongen overdracht de volgende personen in kennis van de reisgegevens:
De DTenV stelt uiterlijk 36 uur voorafgaand aan een door de DTenV georganiseerde uitzetting of gedwongen overdracht de volgende personen in kennis van de reisgegevens:
• de vreemdeling;
• de gemachtigde die de vreemdeling bijstaat in de vertrekprocedure; en (indien van toepassing)
• de gemachtigde die de vreemdeling bijstaat in een nog openstaande verblijfsrechtelijke procedure.
De DT&V laat enkel het informeren van de vreemdeling over de aanstaande uitzetting of gedwongen overdracht achterwege als er een risico aanwezig is dat de veiligheid of de gezondheid van de vreemdeling of diens eventuele gezinsleden door het informeren in gevaar komt. De gemachtigde van de vreemdeling wordt wel tijdig in kennis gesteld van de reisgegevens.
De DTenV laat enkel het informeren van de vreemdeling over de aanstaande uitzetting of gedwongen overdracht achterwege als er een risico aanwezig is dat de veiligheid of de gezondheid van de vreemdeling of diens eventuele gezinsleden door het informeren in gevaar komt. De gemachtigde van de vreemdeling wordt wel tijdig in kennis gesteld van de reisgegevens.
De DT&V is niet verplicht om de vreemdeling en/of diens gemachtigde uiterlijk 36 uur voorafgaand aan de uitzetting of gedwongen overdracht in kennis te stellen van de nieuwe reisgegevens als de uitzetting of gedwongen overdracht op het aanvankelijk geplande moment geen doorgang vindt, maar alsnog uiterlijk op de tweede dag na de dag van het geannuleerde vertrek kan plaatsvinden.
De DTenV is niet verplicht om de vreemdeling en/of diens gemachtigde uiterlijk 36 uur voorafgaand aan de uitzetting of gedwongen overdracht in kennis te stellen van de nieuwe reisgegevens als de uitzetting of gedwongen overdracht op het aanvankelijk geplande moment geen doorgang vindt, maar alsnog uiterlijk op de tweede dag na de dag van het geannuleerde vertrek kan plaatsvinden.
#### 6.1. De terugkeer van amvs
@ -2311,11 +2370,11 @@ Gedurende het uitstel van vertrek wordt de amv geacht medewerking te verlenen aa
##### 6.1.2. Na het opleggen van een terugkeerbesluit aan de AMV
Nadat een terugkeerbesluit is uitgevaardigd, dient de toegang tot adequate opvang te zijn geregeld ten tijde van het vertrek. De DT&V stelt de voogd van de amv op de hoogte van het besluit dat de amv wordt uitgezet en de wijze waarop de uitzetting plaatsvindt.
Nadat een terugkeerbesluit is uitgevaardigd, dient de toegang tot adequate opvang te zijn geregeld ten tijde van het vertrek. De DTenV stelt de voogd van de amv op de hoogte van het besluit dat de amv wordt uitgezet en de wijze waarop de uitzetting plaatsvindt.
#### 6.2. Vertrek van gezinsleden uit Nederland
Voor het vertrek van het hoofd van een gezin uit Nederland geldt dat de tot het gezin behorende vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, zoveel mogelijk met het hoofd van het gezin vertrekken. Als gezamenlijk vertrek van het gezin niet mogelijk is, mag gescheiden vertrek plaatsvinden nadat de situatie van het gezin is beoordeeld en getoetst door de DT&V.
Voor het vertrek van het hoofd van een gezin uit Nederland geldt dat de tot het gezin behorende vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, zoveel mogelijk met het hoofd van het gezin vertrekken. Als gezamenlijk vertrek van het gezin niet mogelijk is, mag gescheiden vertrek plaatsvinden nadat de situatie van het gezin is beoordeeld en getoetst door de DTenV.
#### 6.3. Geen uitzetting ondanks de vertrekplicht
@ -2353,7 +2412,7 @@ De procedure in geval van een lastminuteaanvraag om een verblijfsvergunning asie
#### 6.5. Verantwoordelijkheid voor maatregelen uitzetting
De DT&V is verantwoordelijk voor de effectuering van de uitzetting van vreemdelingen, met uitzondering van uitsluitend de volgende categorieën vreemdelingen:
De DTenV is verantwoordelijk voor de effectuering van de uitzetting van vreemdelingen, met uitzondering van uitsluitend de volgende categorieën vreemdelingen:
• vreemdelingen die door de KMar in het kader van het Mobiel Toezicht Veiligheid (MTV) zijn aangetroffen. De Commandant der KMar is verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen voor de overdracht aan Duitsland of België via de landsgrenzen;
• vreemdelingen die in het kader van het vreemdelingentoezicht worden aangetroffen en die op basis van bilaterale overeenkomsten met Duitsland, België en Luxemburg zonder uitgebreide formaliteiten kunnen worden overgedragen aan de autoriteiten van deze landen via de landgrenzen met België of Duitsland. Deze vreemdelingen worden door de politie aan de KMar overgedragen. De KMar zorgt voor de overdracht aan België of Duitsland;
@ -2365,10 +2424,10 @@ Uitzettingen vinden plaats via één van de justitiële inrichtingen. Hiervan ui
• vreemdelingen die zijn aangetroffen in het grensgebied in het kader van het MTV of in het kader van het vreemdelingentoezicht;
• vreemdelingen die worden uitgezet per vliegtuig en rechtstreeks naar de grensdoorlaatpost worden gebracht waarlangs de vreemdeling zal worden uitgezet. Het rechtstreeks via de grensdoorlaatpost laten vertrekken van vreemdelingen mag uitsluitend in de volgende gevallen:
• na overleg met de DT&V;
• na overleg met de DTenV;
• in uitzonderlijke gevallen bij capaciteitsproblemen of bij overwegingen van openbare orde.
De DT&V is bij uitzetting per vliegtuig verantwoordelijk voor het boeken van een vlucht voor de vreemdeling. Minimaal 48 uur voor vertrek controleert de DT&V of de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden:
De DTenV is bij uitzetting per vliegtuig verantwoordelijk voor het boeken van een vlucht voor de vreemdeling. Minimaal 48 uur voor vertrek controleert de DTenV of de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden:
• de vreemdeling beschikt over een geldig vliegticket;
• de vreemdeling beschikt over zijn geld en andere eigendommen;
@ -2380,9 +2439,9 @@ Voor de uitzetting plaatsvindt, wijst de ambtenaar belast met de feitelijke uitz
#### 6.7. Informatie-uitwisseling ten behoeve van de uitzetting
De DT&V meldt de KMar of ZHP door middel van Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld, voorafgaand aan de uitzetting alle feiten en bijzonderheden die van belang kunnen zijn voor de veiligheid tijdens de uitzetting of de veiligheid van de ambtenaren belast met de begeleiding tijdens de vlucht. De DT&V kan de KMar op basis van gedragsaspecten verzoeken om begeleiding van de vreemdeling tijdens de vlucht.
De DTenV meldt de KMar of ZHP door middel van Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld, voorafgaand aan de uitzetting alle feiten en bijzonderheden die van belang kunnen zijn voor de veiligheid tijdens de uitzetting of de veiligheid van de ambtenaren belast met de begeleiding tijdens de vlucht. De DTenV kan de KMar op basis van gedragsaspecten verzoeken om begeleiding van de vreemdeling tijdens de vlucht.
De DT&V maakt voor de overdracht van de vreemdeling aan de KMar ten behoeve van de feitelijke uitzetting model M24-A op. Bij de overdracht van de vreemdeling ondertekent de KMar het exemplaar van het model M24-A en geeft het getekende exemplaar terug aan de ambtenaar die de vreemdeling heeft overgedragen aan de KMar. Afhankelijk van de wijze van vertrek, maakt de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen het relevante bericht op zodat de IND wordt geïnformeerd dat de vreemdeling is vertrokken en of deze gesignaleerd moet worden. Als signalering aan de orde is, wordt dit door de IND opgevoerd.
De DTenV maakt voor de overdracht van de vreemdeling aan de KMar ten behoeve van de feitelijke uitzetting model M24-A op. Bij de overdracht van de vreemdeling ondertekent de KMar het exemplaar van het model M24-A en geeft het getekende exemplaar terug aan de ambtenaar die de vreemdeling heeft overgedragen aan de KMar. Afhankelijk van de wijze van vertrek, maakt de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen het relevante bericht op zodat de IND wordt geïnformeerd dat de vreemdeling is vertrokken en of deze gesignaleerd moet worden. Als signalering aan de orde is, wordt dit door de IND opgevoerd.
#### 6.8. Hulpmiddelen ten behoeve van uitzetting
@ -2417,41 +2476,41 @@ Een ambtshalve genomen overdrachtsbesluit wordt aan de vreemdeling kenbaar gemaa
Dit gebeurt door verzending aan de gemachtigde van de vreemdeling en/of door uitreiking of toezending aan de vreemdeling.
Indien de vreemdeling uit eigen beweging wil vertrekken naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn verzoek om internationale bescherming, biedt de IND hem een termijn van ten hoogste tien werkdagen na uitreiken beschikking om zijn vertrek te realiseren. De IND vervat deze termijn in het ambtshalve genomen overdrachtsbesluit. Wanneer de IND reeds een overdrachtsbesluit heeft genomen, kan de DT&V de vreemdeling op diens initiatief ook nadien nog de gelegenheid tot zelfstandig vertrek bieden. De DT&V kan de vreemdeling daartoe een termijn stellen van ten hoogste vijf werkdagen.
Indien de vreemdeling uit eigen beweging wil vertrekken naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn verzoek om internationale bescherming, biedt de IND hem een termijn van ten hoogste tien werkdagen na uitreiken beschikking om zijn vertrek te realiseren. De IND vervat deze termijn in het ambtshalve genomen overdrachtsbesluit. Wanneer de IND reeds een overdrachtsbesluit heeft genomen, kan de DTenV de vreemdeling op diens initiatief ook nadien nog de gelegenheid tot zelfstandig vertrek bieden. De DTenV kan de vreemdeling daartoe een termijn stellen van ten hoogste vijf werkdagen.
Als een vreemdeling een verzoek tot een voorlopige voorziening indient, kan de DT&V een nieuwe termijn van vijf werkdagen toekennen na uitspraak op deze voorlopige voorziening. Daarbij geldt dat deze termijn niet tot gevolg mag hebben dat de uiterste overdrachtsdatum daarmee overschreden wordt.
Als een vreemdeling een verzoek tot een voorlopige voorziening indient, kan de DTenV een nieuwe termijn van vijf werkdagen toekennen na uitspraak op deze voorlopige voorziening. Daarbij geldt dat deze termijn niet tot gevolg mag hebben dat de uiterste overdrachtsdatum daarmee overschreden wordt.
De IND biedt de vreemdeling die op grond van artikel 6a of artikel 59a Vw in bewaring is gesteld en ten behoeve waarvan een terug- of overnameverzoek wordt ingediend bij een andere lidstaat niet meer de gelegenheid om uit eigen beweging te vertrekken naar de betreffende lidstaat na accordering van het terug- of overnameverzoek door de andere lidstaat.
De Commandant der KMar beoordeelt of de vreemdeling wordt overgedragen in de vorm van een gecontroleerd vertrek of onder geleide. Bij de beoordeling beziet de Commandant der KMar of uit de geaccordeerde claim blijkt dat een begeleide overdracht gewenst is. De DT&V adviseert de Commandant der KMar bij de beoordeling voor een gecontroleerd vertrek of onder geleide.
De Commandant der KMar beoordeelt of de vreemdeling wordt overgedragen in de vorm van een gecontroleerd vertrek of onder geleide. Bij de beoordeling beziet de Commandant der KMar of uit de geaccordeerde claim blijkt dat een begeleide overdracht gewenst is. De DTenV adviseert de Commandant der KMar bij de beoordeling voor een gecontroleerd vertrek of onder geleide.
De DT&V maakt de datum van overdracht aan de vreemdeling bekend. De DT&V verstrekt de vreemdeling die zelfstandig reist naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming, het geldige document voor grensoverschrijding. De DT&V vermeldt op het geldig document voor grensoverschrijding aan welke lidstaat de vreemdeling wordt overgedragen. Als de vreemdeling onder geleide reist, houdt zijn begeleider het geldig document voor grensoverschrijding onder zich. Bij gecontroleerd vertrek per vliegtuig wordt het geldig document voor grensoverschrijding afgegeven aan de gezagvoerder die het geldig document voor grensoverschrijding bij aankomst aan de grensbewakingsautoriteiten overhandigt.
De DTenV maakt de datum van overdracht aan de vreemdeling bekend. De DTenV verstrekt de vreemdeling die zelfstandig reist naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming, het geldige document voor grensoverschrijding. De DTenV vermeldt op het geldig document voor grensoverschrijding aan welke lidstaat de vreemdeling wordt overgedragen. Als de vreemdeling onder geleide reist, houdt zijn begeleider het geldig document voor grensoverschrijding onder zich. Bij gecontroleerd vertrek per vliegtuig wordt het geldig document voor grensoverschrijding afgegeven aan de gezagvoerder die het geldig document voor grensoverschrijding bij aankomst aan de grensbewakingsautoriteiten overhandigt.
De ambtenaar van de dienst die het geld en andere persoonlijke eigendommen van de vreemdeling in beheer heeft, verstrekt dit bij het vertrek uit Nederland aan de vreemdeling.
DT&V verstrekt de volgende informatie aan de IND:
DTenV verstrekt de volgende informatie aan de IND:
• de vlucht- en/of reisgegevens;
• een kopie van het laissez-passer, dat onmiddellijk wordt verzonden aan de IND;
• een kopie van de beschikbare reis- of identiteitspapieren, voor zover deze nog niet zijn verstrekt aan de IND bij het leggen van de claim;
• Overige bijzonderheden die bekend zijn bij de DT&V, die van belang kunnen zijn voor de verantwoordelijke lidstaat.
• Overige bijzonderheden die bekend zijn bij de DTenV, die van belang kunnen zijn voor de verantwoordelijke lidstaat.
De IND verzendt alle relevante informatie naar de verantwoordelijke lidstaat conform de bepalingen en binnen de termijnen van artikel 31 en, indien van toepassing, artikel 32, Verordening (EU) nr. 604/2013.
#### 6.10. Bericht van vertrek of ontruiming
In alle volgende situaties moet de politie het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DT&V melden:
In alle volgende situaties moet de politie het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DTenV melden:
• als de vreemdeling een bevel heeft ontvangen om onmiddellijk terug te keren naar het grondgebied van de andere lidstaat (model M106-A). Deze handelingen worden uitsluitend verricht bij vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, maar niet de Europese Unie. Aan vreemdelingen die de Europese Unie moeten verlaten reikt de politie een terugkeerbesluit uit (model M107-A);
• als de vreemdeling zelfstandig de woonruimte heeft verlaten tijdens de procedure voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning asiel of regulier voor bepaalde tijd of vóór het ingaan van de vertrektermijn;
• als de vreemdeling zelfstandig de woonruimte heeft verlaten in of na de vertrektermijn van de procedure voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning asiel of regulier voor bepaalde tijd.
De politie meldt het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DT&V door alle volgende handelingen te verrichten:
De politie meldt het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DTenV door alle volgende handelingen te verrichten:
• toezenden van een bericht van vertrek;
• aangeven op welke wijze de vreemdeling is vertrokken.
De KMar maakt in alle volgende situaties melding van het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DT&V:
De KMar maakt in alle volgende situaties melding van het vertrek van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DTenV:
• als de vreemdeling is uitgezet;
• als de vreemdeling vanuit strafrechttraject is uitgezet, conform het VRIS-protocol;
@ -2462,16 +2521,16 @@ De KMar maakt in alle volgende situaties melding van het vertrek van een vreemde
• als de vreemdeling een bevel heeft ontvangen om onmiddellijk terug te keren naar het grondgebied van de andere lidstaat (model M106-A). Een bevel om onmiddellijk terug te keren naar het grondgebied van de andere lidstaat (model M106-A) geldt uitsluitend voor vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, maar niet de Europese Unie hoeven te verlaten. Aan vreemdelingen die de Europese Unie moeten verlaten reikt de politie een terugkeerbesluit uit;
• als bij controle op uitreis blijkt dat een vreemdeling zonder rechtmatig verblijf zelfstandig uit Nederland vertrekt. Als deze vreemdeling nog niet eerder een terugkeerbesluit met een inreisverbod heeft ontvangen, moet de KMar dit aan de vreemdeling uitreiken (model M107-A).
De KMar meldt het vertrek of de uitzetting van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DT&V door alle volgende handelingen te verrichten:
De KMar meldt het vertrek of de uitzetting van een vreemdeling uit Nederland aan de IND en de DTenV door alle volgende handelingen te verrichten:
• toezenden van een bericht van vertrek;
• aangeven op welke wijze de vreemdeling is vertrokken.
Als de vreemdeling in Nederland opvang heeft genoten, melden de KMar en de politie ook de opvangverlenende instantie het vertrek of de uitzetting van de vreemdeling uit Nederland. Het COA moet de beëindiging van de onderdakvoorziening of de opvangvoorziening van een vreemdeling aan de IND en de DT&V melden door toezending van het model M100-A.
Als de vreemdeling in Nederland opvang heeft genoten, melden de KMar en de politie ook de opvangverlenende instantie het vertrek of de uitzetting van de vreemdeling uit Nederland. Het COA moet de beëindiging van de onderdakvoorziening of de opvangvoorziening van een vreemdeling aan de IND en de DTenV melden door toezending van het model M100-A.
#### 6.11. Gedragslijn als uitzetting niet mogelijk is
Als de politie constateert dat de vreemdeling niet langer op zijn woonadres verblijft waardoor uitzetting niet mogelijk is, meldt de politie aan de IND en de DT&V het vertrek van de vreemdeling. De politie vergezelt deze melding met een voorstel tot signalering aan de IND. De IND moet nagaan of de vreemdeling ondertussen rechtmatig verblijf heeft gekregen.
Als de politie constateert dat de vreemdeling niet langer op zijn woonadres verblijft waardoor uitzetting niet mogelijk is, meldt de politie aan de IND en de DTenV het vertrek van de vreemdeling. De politie vergezelt deze melding met een voorstel tot signalering aan de IND. De IND moet nagaan of de vreemdeling ondertussen rechtmatig verblijf heeft gekregen.
### 7. Geen uitzetting om gezondheidsredenen
@ -2603,7 +2662,7 @@ De vreemdeling legt bij de schriftelijke aanvraag alle bewijsmiddelen als bedoel
Het indienen van de aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw schort de vertrekplicht niet op. In afwachting van het besluit op de aanvraag, heeft de vreemdeling geen rechtmatig verblijf op grond van artikel 8 Vw.
In beginsel maakt de DT&V geen gebruik van de bevoegdheid tot uitzetting van de vreemdeling, zolang op de aanvraag op grond van artikel 64 Vw niet is beslist.
In beginsel maakt de DTenV geen gebruik van de bevoegdheid tot uitzetting van de vreemdeling, zolang op de aanvraag op grond van artikel 64 Vw niet is beslist.
Het indienen van de aanvraag op grond van artikel 64 Vw schort de door het COA te volgen procedures tot beëindiging van verstrekkingen ingevolge de Rva niet op.
@ -2677,7 +2736,7 @@ Bij de beoordeling van de aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 6
• De IND verzoekt het BMA in ieder geval niet om een advies uit te brengen als de vreemdeling incomplete of ontbrekende bewijsmiddelen als genoemd in paragraaf A3/7.2.4 Vc overlegt en deze niet heeft aangevuld, ondanks dat de IND hem daartoe in de gelegenheid heeft gesteld.
• Het raadplegen van BMA is niet nodig als het gaat om een aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw bij zwangerschap, tuberculose of klinische opname (zie ook paragrafen A3/7.3.2.6, A3/7.3.2.7 en A3/7.3.2.8 Vc).
• De vreemdeling hoeft zijn medische situatie niet aan te tonen als de DT&V, het COA of de ambtenaar belast met grensbewaking, concrete aanwijzingen heeft dat de vreemdeling medisch gezien niet in staat is om te reizen. De vreemdeling moet in ieder geval onder behandeling staan bij een behandelaar. De ambtenaar belast met de uitzetting of ontruiming of de ambtenaar van de DT&V moet ook zonder nadere onderbouwing van het beroep op artikel 64 Vw door de vreemdeling zich ervan vergewissen of de uitzetting achterwege moet blijven en bij de IND een medisch advies (laten) vragen.
• De vreemdeling hoeft zijn medische situatie niet aan te tonen als de DTenV, het COA of de ambtenaar belast met grensbewaking, concrete aanwijzingen heeft dat de vreemdeling medisch gezien niet in staat is om te reizen. De vreemdeling moet in ieder geval onder behandeling staan bij een behandelaar. De ambtenaar belast met de uitzetting of ontruiming of de ambtenaar van de DTenV moet ook zonder nadere onderbouwing van het beroep op artikel 64 Vw door de vreemdeling zich ervan vergewissen of de uitzetting achterwege moet blijven en bij de IND een medisch advies (laten) vragen.
• De IND vraagt het BMA geen informatie over behandelmogelijkheden in het land van herkomst als de vreemdeling zijn identiteit en nationaliteit niet aannemelijk heeft gemaakt. In dat geval is niet duidelijk in welk land naar behandelmogelijkheden moet worden gezocht en wordt uitgegaan van het bestaan ervan.
• De IND vraagt het BMA geen informatie over behandelmogelijkheden in het land van herkomst -bij een (ambtshalve) verzoek om toepassing van artikel 64 Vw- als de vreemdeling afkomstig is uit één van onderstaande landen: een Europese lidstaat en IJsland, Noorwegen, Zwitserland en Liechtenstein, Verenigd Koninkrijk, Australië, Japan, Canada, Singapore, Nieuw Zeeland, Israël, Qatar, Koeweit en de Verenigde Staten.
@ -2701,7 +2760,7 @@ Uitzondering hierop is de situatie dat:
De duur van het uitstel van vertrek is gelijk aan de periode die in het medisch advies van BMA is genoemd, waarvoor de vreemdeling naar verwachting onder behandeling zal staan, met een maximum van een jaar.
De IND informeert de DT&V dat uitzetting tijdelijk achterwege blijft. Als de vreemdeling aanspraak wil maken op Rva-verstrekkingen, informeert de IND ook het COA.
De IND informeert de DTenV dat uitzetting tijdelijk achterwege blijft. Als de vreemdeling aanspraak wil maken op Rva-verstrekkingen, informeert de IND ook het COA.
Als de vreemdeling beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding, plaatst de IND daarin een sticker Verblijfsaantekeningen Algemeen (bijlage 7g VV), met vermelding van de duur van het uitstel van vertrek. De periode van dit uitstel mag de geldigheidsduur van het document niet overschrijden. Als de vreemdeling niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding, dan geldt een van de volgende situaties:
@ -2719,7 +2778,7 @@ Van een vreemdeling wordt verwacht dat hij:
• een medisch dossier overlegt ter vertaling voor een medisch behandelaar in het land van herkomst, als daar om wordt gevraagd;
• probeert op andere wijze in het bezit te komen van documenten om zijn identiteit en nationaliteit aan te tonen waarmee hij vervangende reisdocumenten kan verkrijgen om Nederland te kunnen verlaten (zie paragraaf B8/4 Vc).
De DT&V stelt vast of er sprake is van voldoende medewerking door de vreemdeling.
De DTenV stelt vast of er sprake is van voldoende medewerking door de vreemdeling.
##### 7.3.2. Toepassing van
@ -2841,7 +2900,7 @@ Bij de beoordeling van een aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel
##### 7.4.3. Procedure in geval van vreemdelingenbewaring
Als de aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw vanuit vreemdelingenbewaring wordt ingediend, moet de DT&V of de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen bij het doorzenden van de aanvraag naar de IND melding maken van het feit dat de vreemdeling de vrijheid is ontnomen. De IND behandelt deze aanvragen met voorrang. Als de aanvraag op grond van artikel 64 Vw wordt ingewilligd, wordt de bewaring op grond van artikel 59 Vw opgeheven.
Als de aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw vanuit vreemdelingenbewaring wordt ingediend, moet de DTenV of de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen bij het doorzenden van de aanvraag naar de IND melding maken van het feit dat de vreemdeling de vrijheid is ontnomen. De IND behandelt deze aanvragen met voorrang. Als de aanvraag op grond van artikel 64 Vw wordt ingewilligd, wordt de bewaring op grond van artikel 59 Vw opgeheven.
Een vreemdeling die een aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw indient terwijl hij in bewaring verblijft, komt niet in aanmerking voor toepassing van het beleid zoals neergelegd in paragraaf A3/7.3.2 Vc.
@ -2860,7 +2919,7 @@ De vreemdeling mag de behandeling van het verzoek om een voorlopige voorziening
• er is sprake van een poging van de vreemdeling om de uitzetting te frustreren
• de aanvraag om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw met toepassing van artikel 4:6 Awb is afgewezen.
De vaststelling of er sprake is van het frustreren van de uitzetting moet plaatsvinden aan de hand van alle individuele omstandigheden van de vreemdeling. De DT&V beoordeelt of het de vreemdeling te doen is de geplande uitzetting te frustreren of dat de behandeling van het verzoek in Nederland mag worden afgewacht. De DT&V brengt hierover aan de IND een advies uit, waaraan door de IND bij de besluitvorming rekening mee wordt gehouden.
De vaststelling of er sprake is van het frustreren van de uitzetting moet plaatsvinden aan de hand van alle individuele omstandigheden van de vreemdeling. De DTenV beoordeelt of het de vreemdeling te doen is de geplande uitzetting te frustreren of dat de behandeling van het verzoek in Nederland mag worden afgewacht. De DTenV brengt hierover aan de IND een advies uit, waaraan door de IND bij de besluitvorming rekening mee wordt gehouden.
Als de IND oordeelt dat de behandeling van het eerste, tijdig ingediende verzoek om een voorlopige voorziening niet in Nederland mag worden afgewacht, wordt de vreemdeling of zijn raadsman direct schriftelijk of mondeling op de hoogte gebracht.
@ -2913,7 +2972,7 @@ De Staat of andere openbare lichamen moeten van het geld dat ontvangen is voor d
### 10. Vreemdelingen in de strafrechtketen
De KMar, politie, Openbaar Ministerie, DT&V, DJI en IND moeten ten aanzien van vreemdelingen in de strafrechtketen (VRIS) de werkafspraken hanteren die zijn vastgelegd in de Ketenprocesbeschrijving Vreemdeling In de Strafrechtketen (VRIS).
De KMar, politie, Openbaar Ministerie, DTenV, DJI en IND moeten ten aanzien van vreemdelingen in de strafrechtketen (VRIS) de werkafspraken hanteren die zijn vastgelegd in de Ketenprocesbeschrijving Vreemdeling In de Strafrechtketen (VRIS).
Als een land een formeel uitleveringsverzoek indient, mogen er geen uitzettingshandelingen plaatsvinden totdat de uitleveringsprocedure is afgerond.
@ -2934,13 +2993,13 @@ Het Ministerie van Justitie en Veiligheid ontvangt het uitleveringsverzoek van d
In de gevallen waarin het antwoord van de buitenlandse autoriteit over het al dan niet indienen van een uitleveringsverzoek nog niet is ontvangen, mag de buitenlandse autoriteit voorafgaand aan het formele uitleveringsverzoek, om voorlopige aanhouding van de vreemdeling vragen. De Korpschef of de Commandant der KMar neemt voor het verzoek om voorlopige aanhouding contact op met de bevoegde officier van justitie.
Een vreemdeling die in vreemdelingenbewaring is gesteld, moet door de Korpschef of de Commandant der KMar in strafrechtelijke bewaring worden geplaatst. De Korpschef of de Commandant der KMar informeert de DT&V over de overplaatsing van de vreemdeling.
Een vreemdeling die in vreemdelingenbewaring is gesteld, moet door de Korpschef of de Commandant der KMar in strafrechtelijke bewaring worden geplaatst. De Korpschef of de Commandant der KMar informeert de DTenV over de overplaatsing van de vreemdeling.
De ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen informeert de DT&V als de voorgenomen uitzetting van de vreemdeling wordt opgeschort gedurende de afhandeling van een verzoek om voorlopige aanhouding of uitlevering en de vreemdeling niet meer op korte termijn kan worden uitgezet.
De ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen informeert de DTenV als de voorgenomen uitzetting van de vreemdeling wordt opgeschort gedurende de afhandeling van een verzoek om voorlopige aanhouding of uitlevering en de vreemdeling niet meer op korte termijn kan worden uitgezet.
### 11. Internationale overeenkomsten over terug- en overname
De vreemdelingenketen moet contact opnemen met de DT&V voor informatie over:
De vreemdelingenketen moet contact opnemen met de DTenV voor informatie over:
• internationale verdragen en overeenkomsten over terug- en overname van vreemdelingen;
• de te volgen procedures bij terug- of overname van vreemdelingen.
@ -3512,7 +3571,7 @@ De bevoegde ambtenaar moet de vreemdeling erop wijzen dat hij contact mag (laten
#### 2.2. Aanmelding vreemdeling
Bij de uitzetting van een vreemdeling wordt gebruik gemaakt van Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld. Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld wordt ingevuld door of namens de ambtenaar belast met de grensbewaking of de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV die voor de vrijheidsontnemende maatregel verantwoordelijk is. Deze is ook verantwoordelijk voor het aanbrengen van wijzigingen en aanvullingen in Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld. Vanaf het moment dat de vrijheidsontneming in een justitiële inrichting plaatsvindt, rust deze verantwoordelijkheid op de ambtenaren van de DT&V en DJI die in die inrichting werkzaam zijn.
Bij de uitzetting van een vreemdeling wordt gebruik gemaakt van Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld. Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld wordt ingevuld door of namens de ambtenaar belast met de grensbewaking of de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV die voor de vrijheidsontnemende maatregel verantwoordelijk is. Deze is ook verantwoordelijk voor het aanbrengen van wijzigingen en aanvullingen in Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld. Vanaf het moment dat de vrijheidsontneming in een justitiële inrichting plaatsvindt, rust deze verantwoordelijkheid op de ambtenaren van de DTenV en DJI die in die inrichting werkzaam zijn.
Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld wordt bijgewerkt met de gegevens van de betreffende vreemdeling bij iedere vrijheidsontneming op grond van artikel 6, artikel 6a, artikel 59, artikel 59a of artikel 59b Vw van het moment van aanvang van de vrijheidsontnemende maatregel tot aan het moment van uitzetting of invrijheidstelling van de vreemdeling. Bij elke wijziging en aanvulling moet Sigma, het digitale vreemdelingenbeeld worden bijgewerkt.
@ -3601,12 +3660,12 @@ Zodra sprake is van concrete aanknopingspunten voor een overdracht op grond van
De ambtenaar belast met grensbewaking of de bevoegde ambtenaar van de IND hoeft geen nieuwe beschikking model M19 te maken als tijdelijke overplaatsing van de vreemdeling nodig is om redenen die voortvloeien uit toepassing van de Vw. Ook het vervoer naar de aangewezen ruimte of plaats valt onder beschikking model M19.
Als er redenen zijn om de vrijheidsontnemende maatregel met maximaal twaalf maanden te verlengen, moet de vreemdeling voor het verstrijken van de maximale bewaringsduur van zes maanden schriftelijk op de hoogte worden gesteld van dit besluit. De DT&V maakt het verlengingsbesluit op en reikt deze aan de vreemdeling uit.
Als er redenen zijn om de vrijheidsontnemende maatregel met maximaal twaalf maanden te verlengen, moet de vreemdeling voor het verstrijken van de maximale bewaringsduur van zes maanden schriftelijk op de hoogte worden gesteld van dit besluit. De DTenV maakt het verlengingsbesluit op en reikt deze aan de vreemdeling uit.
Voor het opheffen van de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6 Vw of artikel 6a Vw, moet de ambtenaar belast met de grensbewaking of de bevoegde ambtenaar van de IND, gebruik maken van model M113. Van model M113 moet altijd:
• het origineel van dit formulier in het archief worden opgeborgen en een afschrift wordt aan de vreemdeling uitgereikt;
• een kopie worden verzonden naar de IND en de DT&V.
• een kopie worden verzonden naar de IND en de DTenV.
Voor de tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeperkende maatregel van artikel 6, eerste lid, Vw of artikel 6a Vw geldt geen regime.
@ -3656,7 +3715,7 @@ Als een vreemdeling een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel of regulier
Vreemdelingen moeten zich beschikbaar houden op grond van artikel 55 Vw in een AC of opvanglocatie. Voor vreemdelingen die een aanvraag om een verblijfsvergunning regulier hebben ingediend kan dat de woon- of verblijfplaats zijn.
Als een vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken, moet de Korpschef dit melden aan de IND, DT&V en het COA. Bij deze melding wordt een kopie van het model M117-A gevoegd. Het met onbekende bestemming vertrokken zijn moet vastgesteld zijn door de Korpschef.
Als een vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken, moet de Korpschef dit melden aan de IND, DTenV en het COA. Bij deze melding wordt een kopie van het model M117-A gevoegd. Het met onbekende bestemming vertrokken zijn moet vastgesteld zijn door de Korpschef.
### 5. Vrijheidsbeperking op grond van
@ -3890,18 +3949,18 @@ Bij hernieuwde inbewaringstelling op een andere bewaringsgrond moet de vreemdeli
#### 6.8. De duur
De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6 of 59 Vw duurt niet langer dan zes maanden, met een mogelijkheid deze te verlengen met twaalf maanden. De DT&V ziet toe op naleving van deze termijnen en past daarbij artikel 88 van het WvSr analoog toe. Een maand geldt daarbij als 30 dagen. Bij een verlengingsbesluit als bedoeld in artikel 59, zesde lid, Vw wordt de periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw buiten beschouwing gelaten. De periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw telt niet mee, omdat deze inbewaringstelling niet uitzetting als doel heeft. De periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw wordt wel betrokken bij de kenbare belangenafweging, die door DT&V in het model M120 gemaakt wordt na zes maanden inbewaringstelling.
De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6 of 59 Vw duurt niet langer dan zes maanden, met een mogelijkheid deze te verlengen met twaalf maanden. De DTenV ziet toe op naleving van deze termijnen en past daarbij artikel 88 van het WvSr analoog toe. Een maand geldt daarbij als 30 dagen. Bij een verlengingsbesluit als bedoeld in artikel 59, zesde lid, Vw wordt de periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw buiten beschouwing gelaten. De periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw telt niet mee, omdat deze inbewaringstelling niet uitzetting als doel heeft. De periode van inbewaringstelling op grond van artikel 59a of artikel 59b Vw wordt wel betrokken bij de kenbare belangenafweging, die door DTenV in het model M120 gemaakt wordt na zes maanden inbewaringstelling.
De DT&V stelt de gemachtigde van de vreemdeling bij het voortduren van een vrijheidsontnemende maatregel als bedoeld in artikel 6, 6a, 59, 59a en 59b Vw iedere drie maanden na het opleggen van een eerste maatregel van bewaring op de hoogte van de mogelijkheid tot het instellen van een beroep als bedoeld in artikel 96 Vw, en verzoekt de gemachtigde om kenbaar te maken, als hij of zij niet meer de gemachtigde van de vreemdeling is.
De DTenV stelt de gemachtigde van de vreemdeling bij het voortduren van een vrijheidsontnemende maatregel als bedoeld in artikel 6, 6a, 59, 59a en 59b Vw iedere drie maanden na het opleggen van een eerste maatregel van bewaring op de hoogte van de mogelijkheid tot het instellen van een beroep als bedoeld in artikel 96 Vw, en verzoekt de gemachtigde om kenbaar te maken, als hij of zij niet meer de gemachtigde van de vreemdeling is.
De mededeling wordt achterwege gelaten, als:
• De IND in het tijdvak van drie maanden op grond van artikel 94 Vw gehouden is de rechtbank ambtshalve op de hoogte te stellen van het opleggen of voortduren van een vrijheid ontnemende maatregel; of
• door de vreemdeling al een beroep is ingesteld op basis van artikel 96 Vw.
Als er redenen zijn om de bewaring of vrijheidsontnemende maatregel met een termijn van maximaal twaalf maanden te verlengen moet de DT&V de vreemdeling voor het verstrijken van de zes maanden bewaring van de verlenging met een verlengingsbesluit op de hoogte stellen.
Als er redenen zijn om de bewaring of vrijheidsontnemende maatregel met een termijn van maximaal twaalf maanden te verlengen moet de DTenV de vreemdeling voor het verstrijken van de zes maanden bewaring van de verlenging met een verlengingsbesluit op de hoogte stellen.
De DT&V stelt dit besluit op en reikt deze aan de vreemdeling uit. In het verlengingsbesluit wordt nagegaan of er voldaan is aan de voorwaarden voor verlenging, of er nog voldoende gronden voor de bewaring zijn, of de bewaring voor de vreemdeling onredelijk bezwarend is en of er zicht op uitzetting bestaat.
De DTenV stelt dit besluit op en reikt deze aan de vreemdeling uit. In het verlengingsbesluit wordt nagegaan of er voldaan is aan de voorwaarden voor verlenging, of er nog voldoende gronden voor de bewaring zijn, of de bewaring voor de vreemdeling onredelijk bezwarend is en of er zicht op uitzetting bestaat.
De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6a of 59a Vw kan na aanvaarding van het terug- of overnameverzoek (conform artikel 28, Verordening (EU) nr. 604/2013) door de verantwoordelijke lidstaat afhankelijk van de vraag of beroep is ingesteld en of dat beroep opschortende werking heeft nog maximaal 6 weken voortduren.
@ -3909,7 +3968,7 @@ Zie paragraaf A5/6.2 Vc voor de duur van de bewaring van een Dublinclaimant die
#### 6.9. Voorlopige voorziening
Als een vreemdeling tijdens de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, 6a, 59 of 59a Vw een verzoek om een voorlopige voorziening indient met als doel het opschorten van de uitzetting of overdracht, moet de DT&V in overleg met de IND nagaan of de behandeling van dit verzoek in Nederland afgewacht mag worden. Als de behandeling van het verzoek afgewacht mag worden en de bewaring voortduurt, vraagt de IND de rechtbank om het verzoek om een voorlopige voorziening zo spoedig als mogelijk te behandelen.
Als een vreemdeling tijdens de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, 6a, 59 of 59a Vw een verzoek om een voorlopige voorziening indient met als doel het opschorten van de uitzetting of overdracht, moet de DTenV in overleg met de IND nagaan of de behandeling van dit verzoek in Nederland afgewacht mag worden. Als de behandeling van het verzoek afgewacht mag worden en de bewaring voortduurt, vraagt de IND de rechtbank om het verzoek om een voorlopige voorziening zo spoedig als mogelijk te behandelen.
#### 6.10. Tenuitvoerlegging
@ -3923,7 +3982,7 @@ om zijn verwijdering uit Nederland te belemmeren, of om zich aan de verdere bewa
De ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen doet direct schriftelijk gemotiveerd mededeling van de opgelegde beperking van de rechten van de vreemdeling aan alle volgende belanghebbenden:
• de DT&V;
• de DTenV;
• de vreemdeling;
• zijn gemachtigde.
@ -3952,7 +4011,7 @@ Als er geen grond voor bewaring meer is, moet de ambtenaar als bedoeld in artike
Van model M113 moet altijd:
• het origineel van dit formulier in het archief worden opgeborgen en een afschrift wordt aan de vreemdeling uitgereikt;
• een kopie worden verzonden naar de IND en de DT&V;
• een kopie worden verzonden naar de IND en de DTenV;
• samen met het verzoek om ontslag uit de justitiële inrichting (model M114) een kopie van het model M113 gezonden aan de directeur van de justitiële inrichting waarin de vreemdeling zich bevindt.
Als de bewaring op grond van artikel 59, eerste of tweede lid, Vw of artikel 59a Vw van een gezin met één of meer minderjarige kinderen langer duurt dan de maximaal gestelde termijn van twee weken, moet de bewaring worden opgeheven door uitsluitend de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV.
@ -3963,11 +4022,11 @@ Heeft de vreemdeling Nederland verlaten en keert hij terug, dan moet de vreemdel
### 7. De behandeling van het beroep
De DT&V stuurt uiterlijk op dag drie na indiening van het beroep (voortgangs)gegevens met betrekking tot de uitzetting naar de IND via een procesverwijzing in de BVV.
De DTenV stuurt uiterlijk op dag drie na indiening van het beroep (voortgangs)gegevens met betrekking tot de uitzetting naar de IND via een procesverwijzing in de BVV.
Als uit de uitspraak van de rechtbank op het beroep blijkt dat de bewaring moet worden opgeheven, informeert de IND direct de DT&V. Hierbij overlegt de IND zo nodig met de DT&V in verband met het in te dienen hoger beroep of het verzoek om een voorlopige voorziening.
Als uit de uitspraak van de rechtbank op het beroep blijkt dat de bewaring moet worden opgeheven, informeert de IND direct de DTenV. Hierbij overlegt de IND zo nodig met de DTenV in verband met het in te dienen hoger beroep of het verzoek om een voorlopige voorziening.
De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV heft de bewaring op met gebruikmaking van het model M113. Hiertoe richt deze ambtenaar een schriftelijk verzoek om invrijheidstelling aan de directeur van de justitiële inrichting, vergezeld van een model M113. De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV zendt een afschrift van model M113 naar de DT&V.
De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV heft de bewaring op met gebruikmaking van het model M113. Hiertoe richt deze ambtenaar een schriftelijk verzoek om invrijheidstelling aan de directeur van de justitiële inrichting, vergezeld van een model M113. De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV zendt een afschrift van model M113 naar de DTenV.
## A6. Registratie en identificatie
@ -4079,20 +4138,32 @@ Vervallen
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M17A. Formulier voor het weigeren van toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen na afhandeling van de asielaanvraag in de grensprocedure
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M18. Beschikking weigering toegang personen die vallen onder het EU-recht inzake vrij verkeer
*[afbeelding]*
## Bijlage M18. Beschikking weigering toegang personen die vallen onder het EU-recht inzake vrij verkeer (
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M18A. Beschikking uitstellen van de toegangsweigering van asielzoekers
*[afbeelding]*
@ -4221,11 +4292,139 @@ Vervallen
## Bijlage M35-I. Aanvraag Verlenging verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd; of Verblijfsvergunning asiel onbepaalde tijd; of EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen
*[afbeelding]*
*Lees eerst de toelichting op deze pagina voordat u begint met invullen.*
*[afbeelding]*
De verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd of een verlenging van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd kan alleen worden verleend als u al vijf jaar in het bezit bent van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Om in aanmerking te kunnen komen voor de verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd moet u ook voldoen aan het inburgeringsvereiste. De EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten kan alleen worden
*[afbeelding]*
verleend als u minimaal aan de volgende voorwaarden voldoet:
De status van EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten biedt u de mogelijkheid om voor een periode van langer dan drie maanden in een andere EU-lidstaat te verblijven met als doel daar een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd te verkrijgen, bijvoorbeeld om te werken, te studeren of om andere redenen, zoals economisch niet-actieve (bijvoorbeeld als gepensioneerde). U moet dan wel aan de in die lidstaat geldende voorwaarden
voor het verkrijgen van die vergunning voldoen.
Vul voor iedere persoon voor wie u een nieuwe vergunning aanvraagt één formulier in. Dien de aanvraag pas in als u dit formulier, inclusief de bijlagen, volledig heeft ingevuld, dus niet in gedeelten.
Als u de ouder of wettelijk vertegenwoordiger bent van een minderjarig kind, kunt u dit formulier namens hem/haar invullen. Als in het formulier wordt gesproken van u of aanvrager, dan wordt het kind bedoeld. Vul voor ieder kind één formulier in. Beantwoord alle vragen namens het kind. Als het kind 12 jaar of ouder is, dan mag hij/zij zelf het formulier ondertekenen, indien het kind jonger dan 12 jaar is kunt u als ouder of wettelijk vertegenwoordiger het formulier ondertekenen. Als het kind jonger is dan 12 jaar, hoeft 3. Antecedentenverklaring niet ingevuld te worden.
Om problemen met betrekking tot uw verblijfsrecht te voorkomen, moet u uw aanvraag tijdig indienen, dus vóór afloop van uw huidige vergunning. De IND ontvangt uw aanvraag het liefst vier weken vóór afloop van de geldigheid van uw verblijfsdocument.
Maak een kopie van alle documenten en aanvullende bewijsstukken die u nodig hebt en stuur deze op met het formulier. Stuur nooit originele stukken op per post. Maak een duidelijk zichtbare kopie van het document op A4 papier. Gebruik geen andere formaten papier. Schrijf op elke kopie uw V-nummer of klantnummer (als dit bij u bekend is) of anders uw persoonsgegevens. Stuur nooit voorwerpen (bijvoorbeeld USB sticks, DVDs of fotoalbums) op.
Om uw verblijfsdocument te kunnen maken heeft de IND uw pasfoto, vingerafdrukken en handtekening nodig. Van aanvragers van 6 jaar en ouder worden vingerafdrukken afgenomen. Iedere persoon vanaf 12 jaar moet zelf zijn of haar handtekening zetten.
**Let op!** Voor het maken van een pasfoto, afname van vingerafdrukken en het zetten van de handtekening moet u naar een IND loket gaan. Dit moet u doen binnen 3 weken na het opsturen van uw aanvraag aan de IND. U hoeft hiervoor geen afspraak te maken. Als de IND geen vingerafdrukken, pasfoto en handtekening van u heeft, kan er geen verblijfsdocument worden aangemaakt en aan u worden uitgereikt. Het is dus belangrijk dat u hiervoor naar een IND loket gaat.
De IND heeft loketten in Zwolle, Utrecht, Rijswijk, Rotterdam, Eindhoven, Den Bosch, Amsterdam en Hoofddorp. Kijk op www.ind.nl voor de adressen en de openingstijden van de IND loketten.
Voor de verblijfsvergunningen die u met dit formulier kunt aanvragen moet u ingeschreven staan in de Basisregistratie personen. De IND controleert deze gegevens in de Basisregistratie personen.
Aan de aanvraag voor een verblijfsvergunning kunnen leges verbonden zijn. Over de hoogte van de eventuele leges vindt u in dit formulier geen informatie. Wilt u vooraf weten wat de leges zijn, kijk dan op www.ind.nl Als uit de beoordeling van uw aanvraag blijkt dat u niet in aanmerking komt voor de aangevraagde verblijfsvergunning, krijgt u uw betaalde leges niet terug.
Stuur het formulier naar de IND. Gebruik daarvoor de retourenvelop die u bij dit formulier hebt gekregen. Hebt u dit formulier gedownload van www.ind.nl? Gebruik dan een eigen envelop. Dien de aanvraag pas in als u dit formulier volledig hebt ingevuld, dus niet in gedeelten. Stuur alle gevraagde documenten tegelijk met uw aanvraag mee.
Als uw aanvraag niet compleet is, kan uw aanvraag niet goed worden beoordeeld. Het indienen van een niet complete aanvraag kan leiden tot vertraging bij de behandeling. De IND mag volgens de wet in beginsel zes maanden over de beslissing doen. Als uw aanvraag is ontvangen, stuurt de IND u een bewijs van ontvangst voor de aanvraag. U ontvangt schriftelijk bericht als uw aanvraag is afgehandeld. Als uw aanvraag wordt ingewilligd, ontvangt u een brief met informatie over hoe en waar u uw verblijfsdocument kunt afhalen.
Bent u nu in het bezit van een verblijfsvergunning regulier? Dan kunt u dit formulier niet gebruiken. U moet dan gebruik maken van het formulier Aanvraag of wijziging Verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd.
Kijk dan op de website van de IND, www.ind.nl.
1.1 V-nummer
*Het V-nummer kunt u terugvinden in eerdere correspondentie van de IND of op uw eerdere verblijfsvergunning*
1.2 Burgerservicenummer (indien bekend)
1.3 Naam Achternaam zoals in het document voor grensoverschrijding
Voornamen
1.4 Geslacht en geboortedatum *> Kruis aan wat van toepassing is*
□ man □ vrouw Dag Maand Jaar
1.5 Geboorteplaats
1.6 Geboorteland
1.7 Nationaliteit
1.8 Woonadres Straat Nummer
Postcode Plaats
1.9 Burgerlijke staat □ ongehuwd □ gehuwd □ geregistreerd partnerschap □ gescheiden □ weduwe/weduwnaar
1.10 Telefoonnummer
1.11 E-mail
**Let op!**
Zorg ervoor dat u de vergunning aanvraagt die gelet op de gestelde voorwaarden voor u van toepassing kan zijn. Dit komt de voortgang van uw procedure ten goede.
*> Kruis aan welke verblijfsvergunning u aanvraagt en volg de instructie op die daarbij staat vermeld*
□ **Verlenging van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd voor de maximale geldigheidsduur (493)**
□ **Een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd (497)**
Als de aanvraag wordt afgewezen vanwege het niet voldoen aan het inburgeringsvereiste vraag ik hierbij tevens verlenging aan van de maximale geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd.
□ **EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten (513)**
Omdat ik nu vijf jaar of langer ononderbroken en direct voorafgaand aan de aanvraag met een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, 1e lid, onder a of b Vw, in Nederland woon; of
Omdat ik in het bezit ben geweest van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, 1e lid, onder a of b Vw, en nu een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd heb; of
Omdat ik nu vijf jaar of langer ononderbroken en direct voorafgaande aan de aanvraag met een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, 1e lid, onder e of f Vw, in Nederland woon en de hoofdpersoon van het gezin waar ik toe behoor internationaal beschermd is (artikel 29, 1e lid, onder a of b Vw) en de EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten bezit of heeft aangevraagd.
Als de aanvraag om een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezeten wordt afgewezen vanwege het niet
voldoen aan het inkomensvereiste en/of het inburgeringvereiste vraag ik bij deze tevens een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd aan dan wel een verlenging van de maximale geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd.
**Let op!**
Deze antecedentenverklaring is niet van toepassing als u (de vergunninghouder):
of
Als u deze antecedentenverklaring niet naar waarheid invult, kan dit verblijfsrechtelijke consequenties hebben!
*> Kruis aan welke situatie van toepassing is sinds de afgifte van uw huidige verblijfsvergunning*
Als u in aanmerking wenst te komen voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd of een EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten, moet u voldoen aan het inburgeringsvereiste. Om aan te tonen dat u ingeburgerd bent, levert u de bijlage Inburgeringsvereiste samen met de bewijsstukken die worden gevraagd mee met de aanvraag. Voor de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd kunt u ook in aanmerking komen als u vrijgesteld of ontheven bent van het inburgeringsvereiste. Voor de EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten geldt dit echter niet.
Als u in aanmerking wilt komen voor een EU-verblijfsvergunning langdurig ingezeten, moet u voldoen aan het inkomenvereiste. Lever bij de aanvraag mee de door uw werkgever en de werkgever van uw eventuele echtgeno(o)t(e) of (geregistreerd) partner de volledig ingevulde en ondertekende bijlage Werkgeversverklaring, niet ouder dan 3 maanden. Als u en/of uw partner niet in loondienst werkt, levert u bewijsstukken dat u en/of uw partner over voldoende middelen van bestaan beschikt mee met de aanvraag. Bewijsstukken die hiervoor gebruikt kunnen worden, vindt u in de bijlage Bewijsstukken inkomen.
Ik vraag een verblijfsvergunning aan voor mijzelf/mijn kind/het kind dat ik wettelijk vertegenwoordig. Ik heb dit formulier naar waarheid ingevuld. Ik weet dat de ingevulde persoonsgegevens voor de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 worden verwerkt en worden doorgegeven aan instanties die deze gegevens daarvoor nodig hebben. Wijzigingen in mijn situatie/de situatie van het kind die betrekking hebben op het verblijfsrecht, geef ik direct door aan de IND.
Ik lever dit formulier en (aantal) bijlagen/bewijsstukken in.
6.1 Naam
6.2 Plaats en datum Plaats Dag Maand Jaar
6.3 Handtekening
> Controleer of u het formulier volledig hebt ingevuld.
> Controleer of u het formulier hebt ondertekend.
> Voeg bij uw aanvraag alle gevraagde bijlagen, bewijsstukken en documenten.
Gebruik geen nietjes of paperclips!
> Stuur de aanvraag per post naar de IND. Gebruik daarvoor de retourenvelop die u bij dit formulier hebt gekregen.
> Hebt u dit formulier gedownload van www.ind.nl? Gebruik dan een eigen envelop. Stuur de aanvraag naar:
**Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND)**
**Postbus 9**
**9560 AA Ter Apel**
**U kunt dit formulier ook online invullen via de website van de IND. U moet hiervoor inloggen met uw DigiD account.**
## Bijlage M35-J. Verklaring om een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in
@ -4427,12 +4626,20 @@ Vervallen
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M55-A. Kennisgeving aangifte/verlenen medewerking aan strafproces mensenhandel gedurende asielprocedure
@ -4635,6 +4842,10 @@ Vervallen
## Bijlage M101. Ontvangstbewijs voor het tijdelijk in bewaring nemen van reis- en/ of identiteitspapieren
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M102. Maatregel ex
@ -4827,6 +5038,12 @@ Vervallen
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M110. Proces-verbaal van gehoor (
@ -4907,18 +5124,30 @@ Vervallen
## Bijlage M119. Dossier vreemdelingenbewaring
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M120. (Voortgangs) Gegevens met betrekking tot uitzetting
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M122. Mededeling toepassing