2011-07-01 | BWBR0004730 | Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990

This commit is contained in:
Coornhert 2011-07-01 12:00:00 +00:00
parent 2ac4f1bee6
commit f8f5320ca4

View file

@ -301,6 +301,11 @@ b. vier dierenartsen en een door Onze Ministers te bepalen aantal para-veterinai
Het in de artikelen 46c, tweede lid, 46d, tweede lid, 46f, 46i met uitzondering van het eerste lid, onderdeel c, 46j, 46l, eerste lid, onderdeel a, en derde lid, 46m, 46o en 46p, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren voor de leden van de rechterlijke macht bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de leden van het veterinair tuchtcollege en hun plaatsvervangers.
De artikelen 13a, 13b, uitgezonderd het eerste lid, onderdelen b en c, en vierde lid, en 13c tot en met 13g van de Wet op de rechterlijke organisatie zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van gedragingen van de leden van het veterinair tuchtcollege en hun plaatsvervangers, met dien verstande dat:
a. voor de overeenkomstige toepassing van die artikelen onder «het betrokken gerechtsbestuur» wordt verstaan: de voorzitter van het veterinair tuchtcollege; en
b. de procureur-generaal niet verplicht is aan het verzoek, bedoeld in artikel 13a, te voldoen, indien de verzoeker redelijkerwijs onvoldoende belang heeft bij een onderzoek als bedoeld in datzelfde artikel.
### Artikel 23
**1.** De voorzitter is bevoegd ambtshalve aan de leden en hun plaatsvervangers, die de waardigheid van hun ambt, hun ambtsbezigheden of ambtsplichten verwaarlozen of die zich schuldig maken aan overtreding van artikel 24, de nodige waarschuwing te doen, na hen in de gelegenheid te hebben gesteld om te worden gehoord.