2002-11-01 | BWBR0009705 | Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij

This commit is contained in:
Coornhert 2002-11-01 12:00:00 +00:00
parent c42dc733c9
commit fa17381c9f

View file

@ -156,13 +156,13 @@ Een overeenkomstig artikel 8.19 van de Wet milieubeheer gedane melding wordt sle
Een bedrijf komt uitsluitend voor de toepassing van deze paragraaf in aanmerking indien ten aanzien van het bedrijf is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
a. het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen is per saldo niet verkleind ten gevolge van de registratie van kennisgevingen van verplaatsingen met betrekking tot dat recht die zijn gedaan in de periode van 1 januari 1996 tot 10 juli 1997 of, ingeval het bedrijf na 1 januari 1996 door samenvoeging is ontstaan of een of meerdere malen is overgedragen, in de periode gelegen tussen die samenvoeging of de laatste van die overdrachten en 10 juli 1997;
a. vervallen
b. uiterlijk op 1 januari 2003 is binnen de inrichting extra huisvesting gebouwd voor ten minste 75% van het aantal varkens waarvoor extra huisvesting diende te worden gebouwd om alle varkens die mogen worden gehouden ingevolge de verleende milieuvergunning, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, onderscheidenlijk ingevolge de milieuvergunning, bedoeld in de tweede volzin van dat lid dan wel het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer of het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer, te kunnen huisvesten overeenkomstig de verleende milieuvergunning, onderscheidenlijk overeenkomstig de in het eerste lid, tweede volzin, bedoelde milieuvergunning in samenhang met de overeenkomstig artikel 8.19 van de Wet milieubeheer gedane meldingen, dan wel overeenkomstig het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer of het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer in samenhang met de in het eerste lid, onderdeel c, bedoelde meldingen;.
c. uiterlijk op 1 januari 2003 is op het bedrijf huisvesting voor varkens aanwezig voor tenminste het aantal varkens dat overeenkomt met 85% van het op grond van deze paragraaf vergrote varkensrecht;
d. bij de melding, bedoeld in artikel 2, wordt een afschrift van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onderscheidenlijk de meldingen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c en, in voorkomend geval, de milieuvergunning, bedoeld in de tweede volzin van het eerste lid, waarop door het bevoegd gezag de datum van ontvangst is aangetekend, overgelegd. Bij gebreke van een dergelijke aantekening wordt tevens een door het bevoegd gezag afgegeven bewijs van ontvangst, waarin die datum is vermeld, overgelegd;
e. binnen zes weken na de verlening van de milieuvergunning, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, dan wel, indien die verlening vóór de inwerkingtreding van dit besluit heeft plaatsgevonden, binnen zes weken na die inwerkingtreding, wordt een afschrift van de milieuvergunning overgelegd aan het Bureau Heffingen. Op verzoek van het Bureau Heffingen wordt binnen de daarbij aangegeven termijn de milieuvergunning aan dat bureau overgelegd.
**3.** Indien het varkensrecht overeenkomstig artikel 7 van de wet is bepaald, wordt in het tweede lid, onderdeel a, in plaats van «1996» telkens gelezen: 1995.
**3.** Vervallen
**4.** Indien het bedrijf na 10 juli 1997 met betrekking tot dezelfde inrichting overeenkomstig artikel 8.19 van de Wet milieubeheer, onderscheidenlijk artikel 4 van het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer of artikel 3 van het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer, een melding heeft gedaan dan wel een nieuwe aanvraag voor een milieuvergunning heeft gedaan die niet ziet op een verdere uitbreiding van de varkensstapel, treedt de melding dan wel de nieuwe aanvraag, onderscheidenlijk de uiterlijk op 1 januari 2001 naar aanleiding van die aanvraag verleende milieuvergunning, voor de toepassing van het tweede lid, onderdelen b en e, in de plaats van de meldingen bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, onderscheidenlijk van de in onderdeel b van dat lid bedoelde aanvraag dan wel van de milieuvergunning, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. Een afschrift van de melding, onderscheidenlijk de nieuwe aanvraag, wordt aan het Bureau Heffingen overgelegd.
@ -227,7 +227,7 @@ Het varkensrecht van het bedrijf, bedoeld in artikel 13, komt overeen met het bi
### Artikel 16
Het overeenkomstig hoofdstuk II, uitgezonderd artikel 14, en artikel 24 van de wet bepaalde fokzeugenrecht van een daartoe aangemeld bedrijf wordt overeenkomstig deze paragraaf vergroot, indien met betrekking tot het desbetreffende bedrijf na 1992 en vóór 10 juli 1997 ten behoeve van een vergroting van het aantal te houden fokzeugen onder vermindering van het aantal te houden andere varkens dan fokzeugen:
Het overeenkomstig hoofdstuk II, uitgezonderd artikel 14, en artikel 24 van de wet bepaalde fokzeugenrecht van een daartoe aangemeld bedrijf wordt overeenkomstig deze paragraaf vergroot, indien met betrekking tot het desbetreffende bedrijf na 1992 en vóór 15 november 1997 ten behoeve van een vergroting van het aantal te houden fokzeugen onder vermindering van het aantal te houden andere varkens dan fokzeugen:
a. door het bevoegd gezag een milieuvergunning is verleend,
b. een aanvraag is ingediend om een milieuvergunning en deze naar aanleiding van de aanvraag uiterlijk op 1 januari 2001 is verleend, dan wel
@ -459,7 +459,7 @@ a. het aantal kilogrammen fosfaat dat wordt bepaald door het verschil tussen het
b. de mestproductie afkomstig van de in 1996 gehouden dieren van andere diersoorten dan varkens en kippen, voorzover deze mestproductie groter is dan de som van het grondgebonden mestproductierecht zoals dat zou gelden op 1 januari 1998 indien geen rekening wordt gehouden met wijzigingen in de oppervlakte tot het bedrijf behorende landbouwgrond na 9 juli 1997, en het niet-gebonden mestproductierecht voor deze diersoorten zoals dat zou gelden op 1 januari 1998 indien geen rekening wordt gehouden met na 9 juli 1997 gedane kennisgevingen van verplaatsing met betrekking tot dit recht, en
c. de mestproductie afkomstig van de in 1996 gehouden kippen.
**4.** Een bedrijf komt uitsluitend voor de toepassing van dit artikel in aanmerking indien ten aanzien van het bedrijf is voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdelen a, b, d en e, met dien verstande dat voor de toepassing van dit hoofdstuk in dat artikel in plaats van «varkens» telkens wordt gelezen «dieren van de in bijlage A bij de Meststoffenwet opgenomen andere diersoorten dan varkens, onderverdeeld in categorieën binnen die diersoorten», en voorts onder de voorwaarde dat uiterlijk op 1 januari 2003 op het bedrijf extra huisvesting aanwezig is voor tenminste het aantal dieren van de in bijlage A bij de Meststoffenwet opgenomen andere diersoorten dan varkens, onderverdeeld in categorieën binnen die diersoorten, dat overeenkomt met 85% van het aantal kilogrammen fosfaat waarmee het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen op grond van dit artikel is vergroot.
**4.** Een bedrijf komt uitsluitend voor de toepassing van dit artikel in aanmerking indien ten aanzien van het bedrijf is voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdelen b, d en e, met dien verstande dat voor de toepassing van dit hoofdstuk in dat artikel in plaats van «varkens» telkens wordt gelezen «dieren van de in bijlage A bij de Meststoffenwet opgenomen andere diersoorten dan varkens, onderverdeeld in categorieën binnen die diersoorten», en voorts onder de voorwaarde dat uiterlijk op 1 januari 2003 op het bedrijf extra huisvesting aanwezig is voor tenminste het aantal dieren van de in bijlage A bij de Meststoffenwet opgenomen andere diersoorten dan varkens, onderverdeeld in categorieën binnen die diersoorten, dat overeenkomt met 85% van het aantal kilogrammen fosfaat waarmee het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen op grond van dit artikel is vergroot.
**5.** Indien het varkensrecht wordt bepaald overeenkomstig artikel 7 van de wet, wordt in het derde lid en voor de toepassing van het vierde lid in plaats van «1996» telkens gelezen: 1995.
@ -503,7 +503,12 @@ c. de mestproductie afkomstig van de in 1996 gehouden kippen.
De latente ruimte is ten minste nihil.
**8.** Indien het varkensrecht is bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2, paragrafen 5, 6, 6B of 7, wordt de latente ruimte bepaald overeenkomstig artikel 55a, vierde lid, onderscheidenlijk vijfde lid, eerste volzin, van de Meststoffenwet.
**8.**
Indien het varkensrecht is bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2, paragrafen 5, 6, 6B, 6C of 7, wordt de latente ruimte bepaald overeenkomstig artikel 55a, vierde lid, onderscheidenlijk vijfde lid, eerste volzin, van de Meststoffenwet, met dien verstande dat, indien het varkensrecht is bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2, paragraaf 6C, de mestproductie wordt bepaald overeenkomstig artikel 55, achtste lid, van de Meststoffenwet en voor de toepassing van dat lid:
- het gemiddeld in 1996 of 1995 op het bedrijf gehouden aantal varkens het overeenkomstig artikel 19g bepaalde aantal is;
- het gemiddeld in 1996 of 1995 op het bedrijf gehouden aantal dieren van andere diersoorten dan varkens, het aantal is dat met betrekking tot het desbetreffende bedrijf en het desbetreffende jaar is opgegeven overeenkomstig de artikelen 4 en 5 van de Regeling landbouwtelling 1996 of de artikelen 4 en 5 van de Regeling landbouwtelling 1995, verminderd met 10%.
**9.** Indien het varkensrecht is bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2, paragraaf 6A, wordt de latente ruimte van elk van de tot de inrichting behorende bedrijven per afzonderlijk bedrijf bepaald overeenkomstig artikel 55a, vierde lid, onderscheidenlijk vijfde lid, eerste volzin, van de Meststoffenwet.
@ -525,7 +530,7 @@ De latente ruimte is ten minste nihil.
**2.** Voor de toepassing van artikel 26, vijfde, onderscheidenlijk tiende lid, wordt in het eerste lid in plaats van «1996» telkens gelezen: 1994, onderscheidenlijk 1997.
**3.** Voor de toepassing van artikel 26, zevende, achtste en negende lid, wordt in het eerste lid in plaats van «1996» telkens gelezen: 1995 of 1996, al naar gelang het varkensrecht en het fokzeugenrecht, bedoeld in onderscheidenlijk artikel 9, eerste lid, 16, 19, eerste lid,19a, eerste lid, 19d, eerste lid, en 20 zijn bepaald overeenkomstig artikel 7 of artikel 6 van de wet.
**3.** Voor de toepassing van artikel 26, zevende, achtste en negende lid, wordt in het eerste lid in plaats van «1996» telkens gelezen: 1995 of 1996, al naar gelang het varkensrecht en het fokzeugenrecht, bedoeld in onderscheidenlijk artikel 9, eerste lid, 16, 19, eerste lid,19a, eerste lid, 19d, eerste lid, 19f en 20 zijn bepaald overeenkomstig artikel 7 of artikel 6 van de wet.
**4.** Het eerste lid is niet van toepassing indien het varkensrecht is bepaald overeenkomstig hoofdstuk 2, paragraaf 2, onderscheidenlijk 4, 7A of 7C, van dit besluit.