diff --git a/wet/wet-basisregistratie-personen/BWBR0033715/README.md b/wet/wet-basisregistratie-personen/BWBR0033715/README.md index 3a84b1e5892..d745fff283f 100644 --- a/wet/wet-basisregistratie-personen/BWBR0033715/README.md +++ b/wet/wet-basisregistratie-personen/BWBR0033715/README.md @@ -42,7 +42,7 @@ s. *het burgerservicenummer:* het nummer, bedoeld in artikel 1, onder b, van de t. *een overheidsorgaan:* - 1° een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, of 2° een ander persoon of college, met enig openbaar gezag bekleed; -u. *een derde:* elke natuurlijke persoon niet zijnde een overheidsorgaan of een ingeschrevene en elke rechtspersoon die niet krachtens publiekrecht is ingesteld, noch met enig openbaar gezag is bekleed; +u. *een derde:* elke natuurlijke persoon, niet zijnde een overheidsorgaan of de ingeschrevene, en elke rechtspersoon die niet krachtens publiekrecht is ingesteld, noch met enig openbaar gezag is bekleed; v. *openbare lichamen:* de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; w. *een inschrijfvoorziening:* een voorziening als bedoeld in artikel 2.64; x. *het Besluit bevolkingsboekhouding:* het Besluit bevolkingsboekhouding zoals dat gold op de laatste dag voor de intrekking van de Wet bevolkings- en verblijfsregisters; @@ -225,7 +225,7 @@ In de basisregistratie worden over de ingeschrevene uitsluitend de volgende gege a. algemene gegevens: 1° gegevens over de burgerlijke staat waar het betreft de naam, de geboorte, het geslacht, de ouders, het huwelijk, dan wel geregistreerd partnerschap en eerdere huwelijken of eerder geregistreerde partnerschappen, de echtgenoot dan wel geregistreerd partner en eerdere echtgenoten of geregistreerde partners, de kinderen en het overlijden; -2° gegevens over kinderen die op het moment van de geboorte niet meer in leven zijn of omtrent wie een akte in Nederland is opgemaakt die vermeldt dat het kind op het ogenblik van de aangifte niet in leven is; +2° gegevens over kinderen die op het moment van de geboorte niet meer in leven zijn of omtrent wie een akte in Nederland is opgemaakt die vermeldt dat het kind op het ogenblik van de aangifte niet in leven is, dan wel die zijn overleden zonder zelf ingeschrevene te zijn; 3° gegevens over curatele; 4° gegevens over het gezag dat over de minderjarige wordt uitgeoefend; 5° gegevens over de nationaliteit, met dien verstande dat geen gegevens over een vreemde nationaliteit worden opgenomen naast gegevens over het Nederlanderschap of het feit dat de betrokkene als Nederlander wordt behandeld; @@ -313,7 +313,7 @@ c. de vreemdeling rechtmatig in Nederland verblijft als bedoeld in artikel 8, on **1.** Op de persoonslijst van een persoon worden geen gegevens over zijn kind opgenomen indien het kind ten tijde van de inschrijving van de persoon reeds is overleden en het kind zelf geen ingeschrevene is. -**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op de persoon die een verzoek doet als bedoeld in artikel 2.56a en was ingeschreven als ingezetene in het persoonsregister, bedoeld in het Besluit bevolkingsboekhouding, op het moment van de geboorte van zijn kind. +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op de persoon die een verzoek doet als bedoeld in artikel 2.56a, eerste lid. ### Artikel 2.12 @@ -351,11 +351,11 @@ c. de vreemdeling rechtmatig in Nederland verblijft als bedoeld in artikel 8, on ### Artikel 2.16 -Gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend aan mededelingen daarover van Onze Minister van Veiligheid en Justitie aan het college van burgemeester en wethouders. +Gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend aan mededelingen daarover van Onze Minister van Justitie en Veiligheid aan het college van burgemeester en wethouders. ### Artikel 2.17 -Bij de inschrijving van een vreemdeling op grond van artikel 2.4, worden gegevens inzake de geboortedatum en de nationaliteit die niet als zodanig kunnen worden opgenomen overeenkomstig de artikelen 2.8 en 2.15, ontleend aan een mededeling daarover van Onze Minister van Veiligheid en Justitie voor zover deze gegevens door hem zijn vastgesteld in het kader van de toelating van de betrokkene tot Nederland. +Bij de inschrijving van een vreemdeling op grond van artikel 2.4, worden gegevens inzake de geboortedatum en de nationaliteit die niet als zodanig kunnen worden opgenomen overeenkomstig de artikelen 2.8 en 2.15, ontleend aan een mededeling daarover van Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor zover deze gegevens door hem zijn vastgesteld in het kader van de toelating van de betrokkene tot Nederland. ### Artikel 2.18 @@ -411,9 +411,11 @@ c. de dag waarop van het voornemen tot opneming aan betrokkene schriftelijk mede ### Artikel 2.23 -**1.** Indien het woonadres ontbreekt dan wel artikel 2.40 of artikel 2.41 van toepassing is, wordt op aangifte een briefadres opgenomen. +**1.** Indien het woonadres ontbreekt dan wel artikel 2.40 of artikel 2.41 van toepassing is, wordt op aangifte een briefadres opgenomen. -**2.** Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd ambtshalve een briefadres op te nemen indien het woonadres ontbreekt en geen aangifte wordt gedaan van een briefadres. Het college neemt ambtshalve geen briefadres op dan met instemming van de briefadresgever. +**2.** Het college van burgemeester en wethouders neemt ambtshalve een briefadres op indien het woonadres ontbreekt en geen aangifte wordt gedaan van een briefadres. + +**3.** Indien toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, wordt als briefadres opgenomen met instemming van een briefadresgever als bedoeld in artikel 2.42 diens adres of, indien geen instemming van een briefadresgever wordt verkregen, een adres van de gemeente. ### Artikel 2.24 @@ -453,7 +455,7 @@ Omtrent de beslissing dat een opgenomen algemeen gegeven onjuist is of, indien h ### Artikel 2.29 -**1.** Indien Onze Minister van Veiligheid en Justitie in het openbaar register, bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, melding heeft gemaakt van het feit dat een persoon een verklaring tot verkrijging van het Nederlanderschap of een verklaring van afstand van het Nederlanderschap heeft afgelegd, dan wel dat een persoon door verlening het Nederlanderschap heeft verkregen of door intrekking het Nederlanderschap heeft verloren, doet hij daarvan mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente. De mededeling bevat de datum waarop de verklaring in ontvangst is genomen of de datum waarop het Nederlanderschap is verkregen of verloren. +**1.** Indien Onze Minister van Justitie en Veiligheid in het openbaar register, bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, melding heeft gemaakt van het feit dat een persoon een verklaring tot verkrijging van het Nederlanderschap of een verklaring van afstand van het Nederlanderschap heeft afgelegd, dan wel dat een persoon door verlening het Nederlanderschap heeft verkregen of door intrekking het Nederlanderschap heeft verloren, doet hij daarvan mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente. De mededeling bevat de datum waarop de verklaring in ontvangst is genomen of de datum waarop het Nederlanderschap is verkregen of verloren. **2.** Een mededeling als bedoeld in het eerste lid blijft achterwege indien artikel 2.14, derde lid, van toepassing is. @@ -461,7 +463,7 @@ Omtrent de beslissing dat een opgenomen algemeen gegeven onjuist is of, indien h ### Artikel 2.30 -Onze Minister van Veiligheid en Justitie doet van de gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling die voor de bijhouding van de basisregistratie van belang zijn, mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente. +Onze Minister van Justitie en Veiligheid doet van de gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling die voor de bijhouding van de basisregistratie van belang zijn, mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente. ### Artikel 2.31 @@ -574,12 +576,12 @@ b. een rechtspersoon die zijn zetel heeft in Nederland en die door het college v Ter uitvoering van het eerste lid verschijnt de ingezetene in persoon bij het college, indien: -a. niet alle ingezetenen met hetzelfde woonadres de verplichting, bedoeld in het eerste lid, vervullen, of -b. niet voor alle ingezetenen met hetzelfde woonadres de verplichting, bedoeld in het eerste lid, wordt vervuld. +a. niet alle ingezetenen met hetzelfde woonadres die echtgenoot, geregistreerde partner, levensgezel dan wel bloed- of aanverwanten tot en met de tweede graad zijn van de persoon die aangifte van vertrek doet, de verplichting, bedoeld in het eerste lid, vervullen, of; +b. niet voor alle ingezetenen met hetzelfde woonadres die echtgenoot, geregistreerde partner, levensgezel dan wel bloed- of aanverwanten tot en met de tweede graad zijn van de persoon die aangifte van vertrek doet, de verplichting, bedoeld in het eerste lid, wordt vervuld. -**4.** Een minderjarige verschijnt in persoon, tenzij alle ingezetenen met hetzelfde woonadres aangifte van vertrek doen of aangifte van vertrek voor hen wordt gedaan. +**4.** Een minderjarige verschijnt in persoon, tenzij alle ingezetenen, bedoeld in het derde lid, met hetzelfde woonadres als de minderjarige de verplichting, bedoeld in het eerste lid, vervullen of deze verplichting voor hen wordt vervuld. -**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent bijzondere gevallen waarin het eerste lid niet van toepassing is. +**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent bijzondere gevallen waarin het eerste of vierde lid niet van toepassing is. ### Artikel 2.44 @@ -633,7 +635,7 @@ d. het hoofd van een instelling voor gezondheidszorg voor een in die instelling Het eerste lid, onderdelen a, b en d, en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de in artikel 2.43 vermelde verplichting, met dien verstande dat, behoudens bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen, een ouder en zijn meerderjarige kind en echtgenoten dan wel geregistreerde partners voor elkaar slechts de aangifteplicht kunnen vervullen, indien: a. zij die verplichting ook voor zichzelf vervullen, en -b. alle andere ingezetenen met hetzelfde woonadres die verplichting vervullen of die verplichting voor hen wordt vervuld. +b. alle andere ingezetenen met hetzelfde woonadres die echtgenoot, geregistreerde partner, levensgezel dan wel bloed- of aanverwanten tot en met de tweede graad zijn die verplichting vervullen of die verplichting voor hen wordt vervuld. De tweede en derde volzin van het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing. @@ -675,7 +677,7 @@ De echtgenoot, de geregistreerde partner en andere nabestaanden tot en met de tw ### Artikel 2.55 -**1.** Het college van burgemeester en wethouders voldoet binnen vier weken aan het verzoek van een ieder die het recht van inzage, bedoeld in artikel 15 van de verordening, uitoefent. +**1.** Het college van burgemeester en wethouders voldoet binnen vier weken aan het verzoek van eenieder die het recht van inzage, bedoeld in artikel 15 van de verordening, uitoefent. **2.** @@ -696,7 +698,7 @@ b. curatoren voor onder curatele gestelden. ### Artikel 2.56a -**1.** Het college van burgemeester en wethouders neemt op schriftelijk verzoek van de ouder die op het moment van de geboorte van een kind als bedoeld in artikel 2.7, eerste lid, onder a, onderdeel 2°, als ingezetene in de basisregistratie, de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens dan wel het persoonsregister, bedoeld in het Besluit bevolkingsboekhouding, was ingeschreven en in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens of de basisregistratie als ingezetene is of was ingeschreven binnen vier weken kosteloos op zijn persoonslijst de gegevens op over het kind. De gegevens over het kind worden ontleend aan een akte, een geschrift, een verklaring of een opgave als bedoeld in artikel 2.8a. +**1.** Het college van burgemeester en wethouders neemt op schriftelijk verzoek van de ouder binnen vier weken kosteloos op diens persoonslijst de gegevens op over een kind als bedoeld in artikel 2.7, eerste lid, onder a, onderdeel 2°, indien de ouder ten tijde van het verzoek als ingezetene in de basisregistratie is of wordt ingeschreven. **2.** De ouder, bedoeld in het eerste lid, legt op verzoek van het college van burgemeester en wethouders van een akte of een geschrift als bedoeld in artikel 2.8a, tweede lid, een door een beëdigde vertaler vervaardigde vertaling in het Nederlands over. @@ -708,7 +710,7 @@ b. curatoren voor onder curatele gestelden. **1.** -Het college van burgemeester en wethouders verwijdert op schriftelijk verzoek van de adoptiefouders van een minderjarige jonger dan 16 jaar, of op schriftelijk verzoek van een adoptiefkind van 16 jaar of ouder, binnen vier weken kosteloos van de persoonslijst van het adoptiefkind, de vóór de adoptie geldende algemene gegevens voor zover het betreft: +Het college van burgemeester en wethouders verwijdert op schriftelijk verzoek van een adoptiefkind van 16 jaar of ouder, binnen vier weken kosteloos van de persoonslijst van het adoptiefkind, de vóór de adoptie geldende algemene gegevens voor zover het betreft: a. gegevens over de naam; b. gegevens over één of beide ouders; @@ -725,7 +727,7 @@ a. gegevens over de naam; b. gegevens over het geslacht; c. gegevens over het gebruik van de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner. -**4.** Het college verwijdert op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene die de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, binnen vier weken kosteloos van zijn persoonslijst de algemene gegevens over de naam en het geslacht van een ouder, een eerdere echtgenoot of een eerdere geregistreerde partner of het algemeen gegeven over de naam van het kind van de ingeschrevene, die zijn gewijzigd in verband met een wijziging van de vermelding van het geslacht in de geboorteakte van de ouder, eerdere echtgenoot, eerdere geregistreerde partner of het kind. +**4.** Het college verwijdert op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene die de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, binnen vier weken kosteloos van zijn persoonslijst de algemene gegevens over de naam en het geslacht van een ouder, een echtgenoot of een geregistreerde partner, een eerdere echtgenoot of een eerdere geregistreerde partner of het algemeen gegeven over de naam van het kind van de ingeschrevene, die zijn gewijzigd in verband met een wijziging van de vermelding van het geslacht in de geboorteakte van de ouder, echtgenoot, geregistreerde partner, eerdere echtgenoot, eerdere geregistreerde partner of het kind dan wel die golden voorafgaand aan die wijziging. **5.** Artikel 2.55, vierde lid, is van toepassing op een verzoek als bedoeld in het eerste tot en met vierde lid. Op een verzoek als bedoeld in het derde of vierde lid is bovendien artikel 2.55, tweede lid, van overeenkomstige toepassing. @@ -810,7 +812,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen bestuursorganen worden aangewezen die ### Artikel 2.67 -**1.** Eenieder kan Onze Minister verzoeken hem in te schrijven in de basisregistratie. +**1.** Eenieder kan Onze Minister verzoeken om hem in te schrijven in de basisregistratie. Een dergelijk verzoek kan, waar het gaat om de inschrijving van minderjarigen jonger dan 16 jaar, worden gedaan door ouders, voogden of verzorgers. **2.** Bij zijn verzoek legt de betrokkene ten minste de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen bescheiden ten behoeve van een juiste inschrijving over. @@ -867,7 +869,8 @@ b. administratieve gegevens: Onze Minister neemt in de overige gevallen algemene gegevens op: a. door ontlening aan een opgave van een aangewezen bestuursorgaan; -b. op verzoek van de ingeschrevene. +b. op verzoek van de ingeschrevene; +c. door ontlening aan een mededeling van de ambtenaar van de burgerlijke stand van een gemeente die in het onder hem ressorterende register melding heeft gemaakt van het overlijden van een ingeschrevene. **4.** Onze Minister draagt zorg voor het opnemen van de administratieve gegevens die betrekking hebben op de algemene gegevens. @@ -889,7 +892,7 @@ De gegevens over de nationaliteit worden vastgesteld overeenkomstig de artikelen ### Artikel 2.74 -De gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend aan de gegevens die Onze Minister van Veiligheid en Justitie daarover tot zijn beschikking heeft. +De gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend aan de gegevens die Onze Minister van Justitie en Veiligheid daarover tot zijn beschikking heeft. ### Artikel 2.75 @@ -899,6 +902,10 @@ De gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling worden ontleend **3.** Als de ingeschrevene geen opgave heeft gedaan of aannemelijk is dat de opgave onjuiste gegevens bevat, kunnen de gegevens ambtshalve worden vastgesteld. +### Artikel 2.75a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 2.76 Omtrent de vaststelling dat een opgenomen algemeen gegeven onjuist is of, indien het een gegeven over de burgerlijke staat betreft, in strijd is met de Nederlandse openbare orde, omtrent een onderzoek naar die onjuistheid of strijdigheid, alsmede omtrent de omstandigheid dat de ingeschrevene geen ingezetene is, wordt een aantekening geplaatst bij de desbetreffende gegevens. @@ -915,7 +922,9 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de **2.** Indien bij een algemeen gegeven een aantekening is geplaatst omtrent een onderzoek naar de onjuistheid of strijdigheid met de openbare orde, bevordert een aangewezen bestuursorgaan de goede vaststelling van het gegeven, voor zover het bestuursorgaan zelf het gegeven verwerkt in verband met de uitoefening van zijn taak. -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de uitvoering van het eerste en tweede lid. +**3.** De ambtenaar van de burgerlijke stand doet de mededeling, bedoeld in artikel 2.70, derde lid, onder c, terstond aan Onze Minister. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de uitvoering van het eerste, tweede en derde lid. ### Artikel 2.79 @@ -939,6 +948,8 @@ Indien Onze Minister in verband met het opnemen van gegevens in de basisregistra **4.** Een verzoek als bedoeld in artikel 2.55 kan ook worden gericht aan het college van burgemeester en wethouders van enige gemeente in Nederland. +**5.** Op een verzoek als bedoeld in artikel 2.53, derde lid, is artikel 2.79, derde lid, van overeenkomstige toepassing. + ## Hoofdstuk 3. De verstrekking van gegevens uit de basisregistratie ### Afdeling 1. De verstrekking aan overheidsorganen en derden @@ -1062,7 +1073,15 @@ b. de verstrekking in overeenstemming is met het tweede lid. ### Artikel 3.12 -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de verstrekking van algemene en administratieve gegevens aan een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen. +**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de verstrekking van algemene en administratieve gegevens aan een verantwoordelijke voor de verwerking van gegevens in een basisadministratie in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de openbare lichamen. + +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de verstrekking van gegevens uit de basisregistratie aan een daarbij aangewezen autoriteit in een van de openbare lichamen, Aruba, Curaçao of Sint Maarten voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de bij of krachtens een rijkswet aan de desbetreffende autoriteit opgedragen taak. + +**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de verstrekking van gegevens uit de basisregistratie aan autoriteiten in een van de openbare lichamen, Aruba, Curaçao of Sint Maarten voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de uitvoering van bij of krachtens de maatregel aangewezen andere taken dan bedoeld in het eerste en tweede lid waarmee zij op grond van de voor hen geldende wetgeving zijn belast. + +**4.** Bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het tweede of derde lid worden regels gesteld omtrent de vaststelling van de kosten in verband met de verstrekking van de gegevens en de wijze waarop deze kosten dienen te worden vergoed. + +**5.** Indien op grond van het eerste, tweede of derde lid een regeling wordt getroffen omtrent de systematische verstrekking van gegevens is artikel 3.2 van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 3.13 @@ -1088,7 +1107,7 @@ Indien op grond van artikel 15, derde lid, van de verordening in samenhang met a ### Artikel 3.16 -Een derde kan bij het verwerken van persoonsgegevens gebruik maken van het burgerservicenummer voor zover dit noodzakelijk is in verband met de juiste verstrekking van gegevens aan hem uit de basisregistratie. +Een derde kan bij het verwerken van persoonsgegevens gebruikmaken van het burgerservicenummer voor zover dit noodzakelijk is in verband met de juiste verstrekking van gegevens aan hem uit de basisregistratie. ### Artikel 3.17 @@ -1152,6 +1171,10 @@ b. dit noodzakelijk is in het belang van de veiligheid van de staat of de voorko **5.** Artikel 2.55, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. +### Artikel 3.22a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 3.23 **1.** Het college van burgemeester en wethouders doet op schriftelijk verzoek van de betrokkene, indien op grond van het verzoek, bedoeld in de artikelen 2.57 en 2.58, een besluit als bedoeld in artikel 2.60, dan wel de uitspraak van de rechter, bedoeld in artikel 2.61, ten aanzien van hem gegevens zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd, van de wijziging mededeling aan overheidsorganen en derden aan wie gedurende twintig jaren voorafgaand aan het verzoek en in de sedert dat verzoek verstreken tijd, de desbetreffende gegevens zijn verstrekt, tenzij dit onmogelijk blijkt of een onevenredige inspanning kost. @@ -1268,9 +1291,9 @@ b. de datum waarop het nummer van kracht is geworden of beëindigd. **3.** Tot de laatste van de in de aanhef van het eerste en tweede lid bedoelde data blijft artikel 50 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, van toepassing. Tot dat moment wordt aan een niet-ingezetene die wordt ingeschreven in de basisregistratie een administratienummer toegekend. Daarbij is het hiervoor bedoelde artikel 50, eerste, tweede, derde en zesde lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het nummer wordt toegekend door Onze Minister. Onze Minister neemt de gegevens, bedoeld in het tweede lid, op in de basisregistratie. -**4.** Een overheidsorgaan kan tot de in het derde lid bedoelde datum bij het verwerken van persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van zijn taak gebruik maken van het administratienummer. +**4.** Een overheidsorgaan kan tot de in het derde lid bedoelde datum bij het verwerken van persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van zijn taak gebruikmaken van het administratienummer. -**5.** Een derde kan tot de in het derde lid bedoelde datum bij het verwerken van persoonsgegevens gebruik maken van het administratienummer voor zover dit noodzakelijk is in verband met de juiste verstrekking aan hem van gegevens uit de basisregistratie. +**5.** Een derde kan tot de in het derde lid bedoelde datum bij het verwerken van persoonsgegevens gebruikmaken van het administratienummer voor zover dit noodzakelijk is in verband met de juiste verstrekking aan hem van gegevens uit de basisregistratie. **6.** Na de in het derde lid bedoelde datum wordt het administratienummer niet meer gebruikt. @@ -1310,7 +1333,7 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent he ### Artikel 4.14 -De verplichting, bedoeld in artikel 2.81, eerste lid, is niet van toepassing na een inschrijving als bedoeld in artikel 2.66, indien de inschrijving geschiedt op grond van een verzoek als bedoeld in artikel 2.68 en wordt gedaan ten aanzien van op het moment van inwerkingtreding van deze wet bij de aangewezen bestuursorganen bekende personen. +Vervallen #### Paragraaf 7. De gefaseerde overgang van GBA naar basisregistratie personen @@ -1339,6 +1362,41 @@ f. overige aspecten inzake de bijhouding en verstrekking van gegevens, voor zove **3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld in verband met de overgang, waaronder regels omtrent het tijdstip van de overgang. +### Afdeling 2a. Tijdelijke afwijking van de wet bij wege van experiment + +### Artikel 4.16a + +**1.** + +Bij algemene maatregel van bestuur kunnen bij wege van experiment regels worden gesteld waarmee voor de periode van ten hoogste vier jaren wordt afgeweken van bepalingen van deze wet met het oogmerk om: + +a. de rechten van burgers uit te breiden ten aanzien van de bijhouding van of de verstrekking uit de basisregistratie; +b. de bijhouding van gegevens in of de verstrekking uit de basisregistratie te beperken; +c. de administratieve lasten voor de burger ten aanzien van diens verplichtingen onder deze wet te verlichten; +d. de bijhouding van gegevens over niet-ingezetenen in de basisregistratie uit te breiden; +e. contactgegevens of een tweede adresgegeven in de basisregistratie bij te houden; of +f. de ingeschrevene op het woonadres te informeren over de inschrijvingen op het betreffende adres. + +**2.** + +De bepalingen, bedoeld in het eerste lid, zijn die in hoofdstuk 1, paragraaf 4, hoofdstuk 2, afdeling 1, paragrafen 2 tot en met 6, en afdeling 2, alsmede die in hoofdstuk 3, afdeling 1, paragrafen 1 en 4, en afdeling 2. Indien wordt afgeweken van de bij die bepalingen geboden waarborgen, wordt een gelijkwaardig alternatief opgenomen waarbij rekenschap wordt gegeven van de wijze waarop ten minste worden gewaarborgd: + +a. de rechten, bedoeld in de artikelen 13 tot en met 17 van de verordening, van betrokkenen ten aanzien van de verwerking van hun gegevens in de basisregistratie; en +b. de rechten van betrokkenen onder de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van beslissingen als bedoeld in de artikelen 2.60, 3.18 en 3.24 van deze wet. + +**3.** De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. + +**4.** Onze Minister zendt ten minste drie maanden voor het einde van de werkingsduur van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het experiment in de praktijk. Uit het verslag blijkt ten minste in hoeverre het experiment heeft bijgedragen aan het betreffende oogmerk, bedoeld in het eerste lid. Artikel 1.15 is van overeenkomstige toepassing. + +**5.** Het vierde lid is niet van toepassing, indien voor het einde van de werkingsduur van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid een voordracht plaatsvindt van een voorstel van wet waarmee in het onderwerp van de maatregel wordt voorzien. In dat geval kan bij besluit van Onze Minister de werkingsduur, zo nodig in afwijking van de periode, genoemd in het eerste lid, aanhef, worden verlengd tot het tijdstip waarop het voorstel tot wet is verheven en de wet in werking treedt, dan wel het voorstel is verworpen of ingetrokken. + +**6.** + +Bij algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid: + +a. wordt bepaald voor welke periode, bedoeld in het eerste lid, aanhef, van welke bepalingen, bedoeld in het tweede lid, eerste zin, op welke wijze en door welke instanties wordt afgeweken; en +b. worden nadere regels gesteld over de wijze waarop en de criteria aan de hand waarvan de doeltreffendheid en de effecten van het experiment worden bepaald. + ### Afdeling 3. Straf- en slotbepalingen ### Artikel 4.17 @@ -1350,7 +1408,7 @@ b. aan degene met een woonadres in de gemeente die bewust toelaat dat een andere ### Artikel 4.18 -De termijn, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Archiefwet 1995 vangt aan bij degene die op de dag van zijn overlijden ingezetene is, op die dag, en bij degene die na vertrek uit Nederland op de dag vallende honderd jaar na de geboorte niet ingezetene is, op die dag. +De termijn, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Archiefwet 1995 vangt aan bij degene die op de dag van zijn overlijden ingezetene is, op die dag, en bij degene die op de dag vallende honderd jaar na de geboorte niet ingezetene is, op die dag. ### Artikel 4.19