diff --git a/beleidsregel/omzetbelasting-kleine-ondernemersregeling/BWBR0033123/README.md b/beleidsregel/omzetbelasting-kleine-ondernemersregeling/BWBR0033123/README.md index cecbd8e90f3..e1491fe52e5 100644 --- a/beleidsregel/omzetbelasting-kleine-ondernemersregeling/BWBR0033123/README.md +++ b/beleidsregel/omzetbelasting-kleine-ondernemersregeling/BWBR0033123/README.md @@ -12,7 +12,9 @@ citeertitel: Omzetbelasting, kleine ondernemersregeling De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten. -Dit besluit bevat een goedkeuring waardoor de inspecteur aan het verzoek van een startende (kleine) ondernemer om ontheffing van administratieve verplichtingen terugwerkende kracht kan verlenen tot de dag waarop het verzoek is ingediend (§7.1). Daarnaast bevat dit besluit een goedkeuring voor commissarissen en niet-uitvoerende bestuurders (§7.2) +Dit besluit bevat een goedkeuring voor commissarissen en niet-uitvoerende bestuurders (§7.2) + +Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 3 juli 2018, nr. 2018-71700, Stcrt. 38320. Bij deze wijziging is onderdeel 7.1 vervallen en zijn de onderdelen 7.2, 7.3 en 7.4 vernummerd tot onderscheidenlijk 7.1, 7.2 en 7.3. ## 1. Inleiding @@ -92,17 +94,7 @@ De ondernemer die gebruik maakt van de regeling moet voldoen aan de administrati ## 7. Ontheffing van administratieve verplichtingen -### 7.1. Moment van ingaan ontheffing - -In bepaalde gevallen kan de ondernemer voor de btw ontheven worden van zijn administratieve verplichtingen die voortvloeien uit het belaste ondernemerschap (artikel 25, derde lid, van de wet). Een ondernemer die in aanmerking komt voor ontheffing van de administratieve verplichtingen, moet bij de inspecteur een verzoek indienen. Als de inspecteur het verzoek inwilligt, gaat de ontheffing in met ingang van 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar waarin het verzoek is ingediend (artikel 25 van de beschikking). Dit betekent dat de ondernemer tot aan dat tijdstip nog moet voldoen aan de administratieve verplichtingen voor de btw. Om de administratieve lasten voor startende (kleine) ondernemers te verminderen keur ik vooruitlopend op wijziging van artikel 25, tweede lid, van de beschikking het volgende goed. - -Ik keur onder de volgende voorwaarden goed dat de inspecteur, in zoverre in afwijking van artikel 25, tweede lid, van de beschikking, aan het verzoek om ontheffing van administratieve verplichtingen terugwerkende kracht kan verlenen tot de dag waarop het verzoek is ingediend. Ik verbind hieraan de volgende voorwaarden. - -– de ondernemer maakt aannemelijk dat hij na toepassing van artikel 25, eerste lid, van de wet over het jaar waarin het verzoek wordt ingediend geen btw hoeft te voldoen; -– de ondernemer heeft over het jaar waarin het verzoek wordt ingediend geen melding gemaakt van btw op de door hem uitgereikte facturen; -– de ondernemer maakt over het jaar waarin het verzoek wordt ingediend geen aanspraak op teruggaaf van btw en heeft dat ook niet gedaan. - -### 7.2. Commissarissen +### 7.1. Commissarissen Commissarissen hebben als lid van de raad van commissarissen een toezichthoudende en adviserende taak. Als een naamloze of besloten vennootschap het zogenoemde “one-tier board” besturingsmodel toepast vervult de niet-uitvoerende bestuurder de rol van toezichthouder. Deze werkzaamheden worden zelfstandig uitgevoerd. Per commissariaat of niet-uitvoerend bestuurderschap dient te worden bezien of sprake is van belastingplicht voor de btw. @@ -115,11 +107,11 @@ b. Het is aannemelijk dat de commissaris of niet-uitvoerende bestuurder na toepa c. De commissaris of niet-uitvoerende bestuurder heeft met inbegrip van de ingangsdatum van de ontheffing geen melding gemaakt van btw op de door hem uitgereikte facturen; d. Het verzoek is ingediend vóór 1 juli 2013. -### 7.3. Geen vermelding van btw +### 7.2. Geen vermelding van btw Als de ondernemer ontheffing van de administratieve verplichtingen heeft gekregen is hij niet verplicht facturen uit te reiken (artikel 25, derde lid van de wet). Reikt hij toch een factuur uit, dan mag hij daarop op geen enkele wijze melding maken van btw. De afnemer kan ter zake van de aan hem verrichte levering of verleende dienst geen btw in aftrek brengen. Vermeldt de ondernemer toch btw op door hem uitgereikte facturen, dan vervalt de ontheffing voor het jaar waarin die uitreiking geschiedt. De vermindering van btw wordt niet aan hem verleend. In voorkomende gevallen zal daardoor de verschuldigde btw moeten worden nageheven. Doordat voor het bewuste jaar de grondslag aan de ontheffing is komen te vervallen, zal de ondernemer voor de rest van dat jaar de gewone administratieve verplichtingen moeten vervullen. In volgende jaren kan de ontheffing weer toepassing vinden zonder dat een nieuw verzoek om ontheffing wordt gedaan en voor zover aan de daarvoor gestelde eisen wordt voldaan. -### 7.4. Bedrijfsmiddel +### 7.3. Bedrijfsmiddel Het kan voorkomen dat een ondernemer, die ontheffing van administratieve verplichtingen heeft gekregen, goederen levert die hij als bedrijfsmiddel heeft gebruikt. Ik keur op grond van artikel 63 AWR het volgende goed.