2005-01-01 | BWBR0002460 | Ziekenfondswet

This commit is contained in:
Coornhert 2005-01-01 12:00:00 +00:00
parent 4154faa0bd
commit fb2e00f75e

View file

@ -465,7 +465,7 @@ Vreemdelingen die niet rechtmatig in Nederland verblijf genieten als bedoeld in
Verzekerd is:
a. de werknemer in de zin van de Ziektewet, wiens loon, verdiend in een of meer dienstbetrekkingen in de zin van de Ziektewet, niet meer bedraagt dan f 62 200 per 1 januari 2004: € 32.600,-per jaar, met dien verstande dat:
a. de werknemer in de zin van de Ziektewet, wiens loon, verdiend in een of meer dienstbetrekkingen in de zin van de Ziektewet, niet meer bedraagt dan f 62 200 per 1 januari 2005: € 33.000,per jaar, met dien verstande dat:
1e. ten aanzien van degene die ingevolge artikel 7 van de Ziektewet als werknemer in de zin van die wet wordt beschouwd, gedurende het eerste jaar voor zover hij recht heeft op een werkloosheidsuitkering berekend naar 70% van het dagloon, de verzekering ingevolge deze wet wordt beoordeeld naar zijn verzekeringssituatie op de dag voorafgaande aan die waarop dat artikel op hem van toepassing werd;
2e. ten aanzien van degene die ingevolge artikel 8 of 8c van de Ziektewet als werknemer in de zin van die wet wordt beschouwd, de verzekering ingevolge deze wet wordt beoordeeld naar zijn verzekeringssituatie op de dag voorafgaande aan die waarop dat artikel op hem van toepassing werd;
@ -493,12 +493,12 @@ Voor de toepassing van het bepaalde bij het eerste lid, onder a, en bij of krach
a. onder loon verstaan:
- elke overeengekomen vaste, naar tijdsruimte en in geld vastgestelde uitkering, welke de verzekerde als vergoeding voor zijn arbeid of gedurende staking van de arbeid van zijn werkgever ontvangt, met uitzondering van bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen uitkeringen of bestanddelen van zodanige uitkeringen;
- een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringniet zijnde de uitkering van een overheidswerknemer in de zin van artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, of van een gewezen overheidswerknemer, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%;
- een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Ziektewet dan wel een uitkering of bijdrage als bedoeld in artikel 59 van die wet, voor zover die laatstbedoelde uitkering of bijdrage door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid als zodanig loon is aangewezen.
- een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Werkloosheidswet dan wel hoofdstuk IV van die wet niet zijnde de uitkering van een overheidswerknemer in de zin van artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, of van een gewezen overheidswerknemer;
- een toeslag ingevolge de Toeslagenwet;
- een loonsuppletie als bedoeld in hoofdstuk IIIb van de Werkloosheidswet en artikel 25 van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid;
elke overeengekomen vaste, naar tijdsruimte en in geld vastgestelde uitkering, welke de verzekerde als vergoeding voor zijn arbeid of gedurende staking van de arbeid van zijn werkgever ontvangt, met uitzondering van bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen uitkeringen of bestanddelen van zodanige uitkeringen;
een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringniet zijnde de uitkering van een overheidswerknemer in de zin van artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, of van een gewezen overheidswerknemer, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%;
een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Ziektewet dan wel een uitkering of bijdrage als bedoeld in artikel 59 van die wet, voor zover die laatstbedoelde uitkering of bijdrage door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid als zodanig loon is aangewezen.
een uitkering op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Werkloosheidswet dan wel hoofdstuk IV van die wet niet zijnde de uitkering van een overheidswerknemer in de zin van artikel 1, onderdeel l, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, of van een gewezen overheidswerknemer;
een toeslag ingevolge de Toeslagenwet;
een loonsuppletie als bedoeld in hoofdstuk IIIb van de Werkloosheidswet en artikel 25 van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid;
een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg aan de werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in artikel 3:6, eerste lid, van die wet;
b. het over een of meer gedeelten van een jaar verdiende loon tot jaarloon herleid;
c. tot het einde van een kalenderjaar geen rekening gehouden met wijzigingen van het loon, welke tijdens de duur van de dienstbetrekking onderscheidenlijk van de uitkering, bijdrage, toeslag of loonsuppletie na 1 november van het voorafgaande kalenderjaar plaatsvinden of hebben plaatsgevonden,
@ -575,7 +575,7 @@ c. degene die een uitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet ontvangt, indi
### Artikel 3c
**1.** Verzekerde is voorts degene van 65 jaar of ouder, die zich daartoe heeft aangemeld bij een ziekenfonds indien hij naar de omstandigheden beoordeeld hier te lande woonachtig is, en het inkomen van hem en zijn eventuele echtgenote niet hoger is dan f 39 550 per 1 januari 2004: € 20.750,-. Bij de aanmelding bij een ziekenfonds overlegt de verzekerde een verklaring van de Sociale verzekeringsbank waaruit blijkt dat het inkomen van hem en zijn eventuele echtgenote niet hoger is dan het bedrag genoemd in de eerste volzin.
**1.** Verzekerde is voorts degene van 65 jaar of ouder, die zich daartoe heeft aangemeld bij een ziekenfonds indien hij naar de omstandigheden beoordeeld hier te lande woonachtig is, en het inkomen van hem en zijn eventuele echtgenote niet hoger is dan f 39 550 per 1 januari 2005: € 21.000,. Bij de aanmelding bij een ziekenfonds overlegt de verzekerde een verklaring van de Sociale verzekeringsbank waaruit blijkt dat het inkomen van hem en zijn eventuele echtgenote niet hoger is dan het bedrag genoemd in de eerste volzin.
**2.** De verzekering ingevolge het eerste lid gaat in op de eerste dag van de maand volgend op de dag van aanmelding.
@ -638,7 +638,7 @@ b. loon in de vorm van uitkeringen ingevolge de Wet financiering loopbaanonderbr
Verzekerd gedurende een kalenderjaar is de persoon, jonger dan 65 jaar:
a. die in Nederland woont en die winst uit onderneming geniet, tenzij hij de onderneming niet voor eigen rekening drijft;
b. die niet in Nederland woont en die winst uit Nederlandse onderneming geniet, tenzij hij de onderneming niet voor eigen rekening drijft; en wiens inkomen niet meer bedraagt dan € 20 800.
b. die niet in Nederland woont en die winst uit Nederlandse onderneming geniet, tenzij hij de onderneming niet voor eigen rekening drijft; en wiens inkomen niet meer bedraagt dan € 20 800 per 1 januari 2005: € 21.050,.
**2.** De inspecteur van de rijksbelastingdienst verstrekt bij voor bezwaar vatbare beschikking aan de persoon, bedoeld in of krachtens het eerste lid, een verklaring waaruit blijkt dat hij voldoet aan de in het eerste lid bedoelde voorwaarden.
@ -995,6 +995,10 @@ Vervallen
**3.** Onverminderd het bepaalde in het eerste lid zijn de verzekerden, bedoeld in de artikelen 3, eerste lid, onder c, en 3c, over hun uitkering ingevolge de Algemene Ouderdomswet een procentuele premie verschuldigd naar hetzelfde percentage als ingevolge artikel 15, eerste lid, eerste volzin, voor de verzekering van de aldaar bedoelde verzekerden wordt vastgesteld.
### Artikel 18a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 19
**1.** Het College zorgverzekeringen verstrekt aan de ziekenfondsen ten laste van de Algemene Kas jaarlijks een uitkering ter gehele of gedeeltelijke dekking van de kosten van de verzekering ingevolge deze wet.
@ -1005,7 +1009,7 @@ Vervallen
**4.** Het College zorgverzekeringen stelt de uitkering van elk ziekenfonds vast vóór de aanvang van het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft. De betaling van de uitkering geschiedt overeenkomstig door het College zorgverzekeringen te stellen beleidsregels.
**5.** Het College zorgverzekeringen stelt na afloop van het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, de uitkering nader vast. Naar het oordeel van het College toezicht onverantwoorde besparingen op de beheerskosten worden in mindering gebracht op de uitkering. Het verschil tussen het bedrag van de vooraf vastgestelde uitkering en de nader vastgestelde uitkering wordt verrekend. Overeenkomstig door het College zorgverzekeringen te stellen beleidsregels wordt aan het ziekenfonds onderscheidenlijk door het ziekenfonds een vergoeding voor rentekosten over het verschil verleend onderscheidenlijk in rekening gebracht.
**5.** Het College zorgverzekeringen stelt na afloop van het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, de uitkering nader vast. Naar het oordeel van het College toezicht onverantwoorde besparingen op de beheerskosten worden in mindering gebracht op de uitkering. Het verschil tussen het bedrag van de vooraf vastgestelde uitkering en de nader vastgestelde uitkering wordt verrekend. Voor de rente die het College zorgverzekeringen dan wel het ziekenfonds over het verschil heeft gederfd, wordt overeenkomstig door het College zorgverzekeringen te stellen beleidsregels aan het ziekenfonds een vergoeding in rekening gebracht onderscheidenlijk aan het ziekenfonds een vergoeding toegekend.
**6.** Ook na aanvang van het kalenderjaar kan bij ministeriële regeling worden geregeld dat middelen beschikbaar zijn voor het doen van uitkeringen. In dat geval zijn de tweede volzin van het tweede lid en het derde, vierde en vijfde lid van overeenkomstige toepassing.
@ -1019,9 +1023,11 @@ Indien een verzekerde schuldig nalatig blijft de door hem verschuldigde premie v
**1.** Een ziekenfonds besteedt de middelen waarover het ten behoeve van de verzekering ingevolge deze wet de beschikking heeft gekregen, ter dekking van zijn ten behoeve van de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet noodzakelijke uitgaven.
**2.** De beheerskosten van een ziekenfonds worden aangemerkt als kosten voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet, voor zover zij niet worden gedekt door vergoedingen voor beheerskosten die het ziekenfonds ontvangt anders dan voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet.
**2.** De beheerskosten van een ziekenfonds worden aangemerkt als kosten voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet, voor zover zij niet worden gedekt door vergoedingen voor beheerskosten die het ziekenfonds ontvangt anders dan voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet. Indien het ziekenfonds is aangewezen als een rechtspersoon, bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, worden de beheerskosten die het in of in verband met die hoedanigheid maakt en de vergoeding die het daarvoor ontvangt voor de toepassing van de eerste volzin buiten beschouwing gelaten.
**3.** Het College toezicht is bevoegd vast te stellen dat uitgaven van een ziekenfonds niet verantwoord waren voor zover deze door haar niet noodzakelijk worden geacht voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet.
**3.** Het College toezicht is bevoegd vast te stellen dat uitgaven van een ziekenfonds niet verantwoord waren voor zover deze door hem niet noodzakelijk worden geacht voor de uitvoering van de verzekering ingevolge deze wet.
**4.** Het College zorgverzekeringen kan voor de toepassing van het tweede lid nadere regels stellen.
### Artikel
@ -1493,7 +1499,7 @@ Het beroep en het hoger beroep inzake een geschil van uitsluitend geneeskundige
### Artikel 76
Met betrekking tot bezwaar tegen een beschikking als bedoeld in artikel 3d, tweede lid, met betrekking tot beroep terzake van een uitspraak op het desbetreffende bezwaar, alsmede met betrekking tot beroep in cassatie terzake van de desbetreffende rechterlijke uitspraak, gelden dezelfde regels als die welke van toepassing zijn op bezwaar, beroep of beroep in cassatie als bedoeld in hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Op het bezwaar, beroep, hoger beroep en beroep in cassatie inzake een beschikking als bedoeld in artikel 3d, tweede lid, is hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 77