diff --git a/wet/tunnelwet-westerschelde/BWBR0009930/README.md b/wet/tunnelwet-westerschelde/BWBR0009930/README.md index 733b0827fd9..4ffc7236791 100644 --- a/wet/tunnelwet-westerschelde/BWBR0009930/README.md +++ b/wet/tunnelwet-westerschelde/BWBR0009930/README.md @@ -18,7 +18,7 @@ citeertitel: Tunnelwet Westerschelde In deze wet wordt verstaan onder: -a. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat; +a. Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat; b. de NV: de naamloze vennootschap, bedoeld in artikel 2, eerste lid; c. de exploitant: de NV, of de rechtspersoon met wie de NV is overeengekomen dat die rechtspersoon de tunnel met aansluitende wegen en bijbehorende werken, of een deel ervan, zal exploiteren. @@ -42,7 +42,7 @@ c. de exploitant: de NV, of de rechtspersoon met wie de NV is overeengekomen dat **3.** Met ingang van de datum, bedoeld in het eerste lid, berust bij het Rijk het toezicht op het in goede staat verkeren van die wegen. -**4.** Waar in de Wegenverkeerswet 1994 en de daarop berustende bepalingen voor wegen onder beheer van het Rijk de minister van Verkeer en Waterstaat als bevoegd gezag wordt aangewezen, is in afwijking daarvan voor de wegen, bedoeld in het eerste lid, het college van gedeputeerde staten bevoegd, met dien verstande dat bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat dit lid vervalt. +**4.** Waar in de Wegenverkeerswet 1994 en de daarop berustende bepalingen voor wegen onder beheer van het Rijk de Minister van Infrastructuur en Waterstaat als bevoegd gezag wordt aangewezen, is in afwijking daarvan voor de wegen, bedoeld in het eerste lid, het college van gedeputeerde staten bevoegd, met dien verstande dat bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat dit lid vervalt. **5.** De bevoegdheid krachtens artikel 38 van de Waterstaatswet 1900 tot het geven van bevelen tot de uitvoering van noodzakelijke waterstaatswerken en voorzieningen komt wat de Westerscheldetunnel, de wegen door de tunnel en de aansluitende wegen betreft toe aan Onze Minister. @@ -57,6 +57,8 @@ In afwijking van artikel 14 van de Wegenwet is de exploitant bevoegd: a. het gebruik van de wegen door de tunnel te ontzeggen aan degene die met hem geen overeenkomst sluit over het gebruik; b. voorzieningen op de aansluitende wegen aan te brengen die tot doel hebben voor degene die de overeenkomst niet sluit, of niet nakomt, de verdere doorgang onmogelijk te maken. +**3.** De exploitant benadeelt niet-reguliere gebruikers van de tunnel niet op ongerechtvaardigde wijze bij de toepassing van het eerste en tweede lid. + ### Paragraaf 4. Tarieven ### Artikel 5 @@ -67,6 +69,8 @@ b. voorzieningen op de aansluitende wegen aan te brengen die tot doel hebben voo **3.** De tarieven kennen geen tarief waarvan de hoogte wordt bepaald naar gelang het aantal inzittenden. +**4.** De exploitant maakt bij het heffen van het toltarief geen direct of indirect onderscheid als bedoeld in artikel 7, vijfde lid, van Richtlijn 99/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 1999 betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuurvoorzieningen aan zware vrachtvoertuigen (PbEG 1999, L 187) op grond van de nationaliteit van de weggebruiker, de lidstaat of het derde land waar de vervoerder gevestigd is, de lidstaat of het derde land waar het voertuig geregistreerd is, of de herkomst of de bestemming van het vervoer. + ### Artikel 6 **1.** De hoogste vergoeding voor een rit met een personenauto bedraagt ten hoogste twee keer het referentietarief.