From fd5a69ecab606068e3e217656c74f6fbd6cc50f7 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Apr 2014 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2014-04-01 | BWBR0012288 | Vreemdelingencirculaire 2000 (C) --- .../BWBR0012288/README.md | 85 ++++++++++++------- 1 file changed, 55 insertions(+), 30 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md index cc5620d6c4f..ed3b2da6332 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md @@ -283,12 +283,6 @@ De IND beoordeelt op basis van het medisch advies (zie paragraaf C1/2.2 Vc) of s De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van een amv jonger dan twaalf jaar op grond van artikel 3.113 lid 5, aanhef en onder b, Vb in de verlengde asielprocedure, nadat in het aanmeldcentrum een eerste gehoor heeft plaatsgevonden. -De IND beoordeelt aan de hand van het dossier of sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3.113 lid 5 Vb, nader uitgewerkt in artikel 3.49 lid 2 VV. - -De IND betrekt bij de beoordeling in ieder geval de inhoud van het medisch advies. - -De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.49 lid 2 VV in de verlengde asielprocedure, nadat in het aanmeldcentrum een eerste gehoor heeft plaatsgevonden. De ambtenaar belast met de grensbewaking of de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen verzorgt in dat geval de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel, die op grond van artikel 6 Vw is opgelegd, als het gestelde onder ‘*De gesloten verlengde asielprocedure’* niet van toepassing is. - De IND bepaalt na het eerste gehoor of het nader gehoor of de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wordt behandeld in de verlengde asielprocedure, onder voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel bedoeld in artikel 6 Vw. Dit wordt de gesloten verlengde asielprocedure genoemd. De procedure, waarmee een grenslogies wordt aangewezen als plaats of ruimte bedoeld in artikel 6 Vw, waar de vreemdeling zich moet ophouden, staat beschreven in paragraaf A5/3Vc. @@ -315,13 +309,6 @@ De IND kan bij het nader onderzoek naar de identiteit of nationaliteit van de vr De IND houdt bij haar keuze rekening met de verwachte duur van het nader onderzoek. -Er is in ieder geval sprake van misbruik van de asielprocedure of fraude als: - -• de vreemdeling onjuiste informatie heeft verstrekt over zijn identiteit, nationaliteit of reisroute; -• de vreemdeling valse of vervalste identiteits- en/of reisdocumenten heeft overgelegd; -• de vreemdeling zich heeft ontdaan van zijn al dan niet vervalste identiteits- en/of reisdocumenten; -• er aanwijzingen zijn dat sprake is van vingermutilatie. - De IND behandelt in de gesloten verlengde asielprocedure geen aanvragen van gezinnen met minderjarige kinderen. De IND kan besluiten om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure, als het gestelde in de overige delen van deze paragraaf van toepassing is. Er moeten zwaarwegende argumenten aanwezig zijn om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders gescheiden van de rest van het gezin, te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure. Deze argumenten kunnen in ieder geval gelegen zijn in misbruik van de asielprocedure, fraude of vermoedens van gedragingen als bedoeld in artikel 1F Vluchtelingenverdrag. De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de overige gezinsleden in de verlengde asielprocedure. @@ -499,10 +486,19 @@ De IND hanteert voor het beoordelen van een aanvraag voor een verblijfsvergunnin 2. Als de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet afwijst op grond van artikel 30 Vw, onderzoekt de IND of de vreemdeling zich schuldig heeft gemaakt aan een misdrijf of handeling zoals bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag; 3. Als de IND concludeert dat de vreemdeling zich niet schuldig heeft gemaakt aan een misdrijf of handeling zoals bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag, toetst de IND de aanvraag aan artikel 29, eerste en tweede lid, Vw; 4. In het kader van de toets aan artikel 29, eerste en tweede lid, Vw beoordeelt de IND de geloofwaardigheid van de verklaringen van de vreemdeling; -5. In het kader van de toets aan artikel 29, eerste en tweede lid, Vw beoordeelt de IND de zwaarwegendheid van de geloofwaardig geachte verklaringen van de vreemdeling. +5. In het kader van de toets aan artikel 29, eerste en tweede lid, Vw beoordeelt de IND de zwaarwegendheid van de geloofwaardig geachte verklaringen van de vreemdeling; +6. Als de IND de eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afwijst, beoordeelt de IND op grond van artikel 3.6a Vb ambtshalve, of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd; +7. Als de IND ambtshalve geen verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verleent, beoordeelt de IND op grond van artikel 6.1e Vb ambtshalve, of de vreemdeling in aanmerking komt voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw (zie ook A3/7.3 Vc). Deze toetsingsvolgorde is ook van toepassing op vreemdelingen die behoren tot een door de IND in het landgebonden asielbeleid aangewezen risicogroep of kwetsbare minderheidsgroep. +De IND betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd mede de omstandigheid dat de vreemdeling bij zijn aanvraag onjuiste gegevens aan de Nederlandse autoriteiten heeft verstrekt dan wel de juiste gegevens heeft achtergehouden. Er is in ieder geval sprake van dergelijke omstandigheden als: + +• de vreemdeling onjuiste informatie heeft verstrekt over zijn identiteit, nationaliteit of reisroute; +• de vreemdeling valse of vervalste identiteits- en/of reisdocumenten heeft overgelegd; +• de vreemdeling zich heeft ontdaan van zijn al dan niet vervalste identiteits- en/of reisdocumenten; +• er aanwijzingen zijn dat sprake is van vingermutilatie. + De IND beoordeelt de geloofwaardigheid van de verklaringen van de vreemdeling over: a. de voor de beoordeling van de inwilligbaarheid van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd relevante gestelde feiten en omstandigheden; @@ -519,6 +515,8 @@ c. zijn voor de beoordeling van de inwilligbaarheid van de aanvraag voor een ver Onder ‘veronderstellingen’ verstaat de IND aannames van de vreemdeling die deel uitmaken van de door hem gestelde gebeurtenissen in het verleden. +De beoordeling van de geloofwaardigheid + Bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de door de vreemdeling gestelde feiten, omstandigheden en veronderstellingen betrekt de IND: • alle documenten die de vreemdeling heeft ingediend; @@ -528,7 +526,7 @@ Bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de door de vreemdeling gestelde Documenten zijn alle gegevensdragers die een vreemdeling ter onderbouwing van zijn verklaringen heeft ingediend. -De vreemdeling kan op grond van verklaringen die de IND niet als geloofwaardig beoordeelt, geen aanspraak maken op de beschermingsgronden als genoemd in artikel 29 lid 1, aanhef en onder a tot en met c, Vw. +De vreemdeling kan op grond van verklaringen die de IND niet als geloofwaardig beoordeelt, geen aanspraak maken op de beschermingsgronden als genoemd in artikel 29 lid 1, Vw. Als sprake is van één of meerdere van de omstandigheden genoemd in artikel 31 lid 2, aanhef onder a tot en met f Vw, acht de IND de verklaringen van de vreemdeling uitsluitend geloofwaardig als van deze verklaringen een positieve overtuigingskracht uitgaat. @@ -556,21 +554,12 @@ De IND beoordeelt of de vermoedens van de vreemdeling over wat er met hem zal ge Naast de aspecten bedoeld in artikel 3.35 lid 2 VV, betrekt de IND bij de beoordeling van de aannemelijkheid van de vermoedens van de vreemdeling de volgende aspecten: • het tijdsverloop tussen de gebeurtenissen die voor de vreemdeling aanleiding vormden om zijn land van herkomst te verlaten en het moment van vertrek uit zijn land van herkomst; en -• de vraag of degenen van wie de vreemdeling vervolging of een onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing vreest op de hoogte zijn of kunnen raken van de omstandigheden waarop de vreemdeling zich beroept en op grond waarvan hij vreest vervolgd of onmenselijk of vernederend behandeld of bestraft te worden. +• de vraag of degenen van wie de vreemdeling vervolging of een onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing vreest op de hoogte zijn of kunnen raken van de omstandigheden waarop de vreemdeling zich beroept en op grond waarvan hij vreest te worden vervolgd of onmenselijk of vernederend te worden behandeld of bestraft. Als de IND oordeelt dat deze vermoedens aannemelijk zijn, beoordeelt de IND of de gebeurtenissen die de vreemdeling verwacht, voldoende zwaarwegend zijn om te worden aangemerkt als een rechtsgrond voor verlening als bedoeld in artikel 29 Vw. -Als aan de vreemdeling die een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingediend een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel is verleend, wijst de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af op grond van artikel 30 lid 1, aanhef en onder b, Vw. - -Als de IND een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afwijst, verleent de IND ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel als: - -• de vreemdeling eerder aangifte heeft gedaan van mensenhandel en heeft afgezien van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel in afwachting van een beoordeling van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd; of -• de vreemdeling op een andere manier medewerking had verleend aan een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek en had afgezien van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel in afwachting van een beoordeling van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. - De IND betrekt BMA niet bij de beoordeling van de zwaarwegendheid van de verklaringen van de vreemdeling. -De IND beoordeelt tijdens de behandeling van een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd of er aanleiding bestaat om aan de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, als de vreemdeling verklaringen heeft afgelegd waaruit de IND kan afleiden dat één of meerdere van de gronden van artikel 3.6 Vb op hem van toepassing is. - Het leeftijdsonderzoek kan een van de volgende resultaten opleveren: a. meerderjarigheid kan niet worden aangetoond; of @@ -604,6 +593,20 @@ Als de vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt dat het ontbreken van dit document De IND vraagt geen eigen bijdrage van de vreemdeling voor het DNA-onderzoek als de vreemdeling een beroep doet op artikel 29, tweede lid, Vw. +Bij afwijzing van de eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd beoordeelt de IND conform artikel 3.6a Vb ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op een van de gronden genoemd in het artikel 3.6a, eerste lid, Vb. + +De IND behandelt een tweede of opvolgende aanvraag voor verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als een eerste aanvraag in de zin van artikel 3.6a Vb, indien de vorige aanvraag is afgewezen op grond van artikel 30, eerste lid, Vw en die afwijzingsgrond niet (meer) van toepassing is. + +Bij de ambtshalve beoordeling of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.6a, eerste lid, onder a, Vb (uitzetting in strijd met artikel 8 EVRM), past de IND paragraaf B7/3.8 Vc (8 EVRM) overeenkomstig toe. + +Bij de ambtshalve beoordeling of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.6a, eerste lid onder b, Vb, past de IND paragraaf B8/3.1 Vc onder het kopje *Ambtshalve verlening in de asielprocedure *toe. + +De IND verleent een verblijfsvergunning regulier op grond van artikel 3.6a, eerste lid, onder c, Vb juncto artikel 3.48, tweede lid onder b, Vb ambtshalve wanneer de Minister hier op grond van zijn discretionaire bevoegdheid toe heeft besloten. + +De IND beoordeelt bij afwijzing van de eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 6.1e Vb ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw. Paragrafen A3/7 en A3/7.3 Vc in het bijzonder, zijn van overeenkomstige toepassing. + +De IND laat de ambtshalve toets als bedoeld in artikel 3.6a Vb en 6.1e Vb achterwege, wanneer de IND aan de vreemdeling gelijk met de afwijzing van een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een zwaar inreisverbod (artikel 66a, lid 7, Vw) oplegt. + Als de vreemdeling in het kader van zijn opvolgende aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd feiten en omstandigheden inbrengt die dateren van voor de eerdere afwijzende beschikking, beoordeelt de IND of de vreemdeling deze feiten en omstandigheden in het kader van een eerdere aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd had kunnen inbrengen. De IND hanteert daarbij als uitgangspunt dat de vreemdeling alle bij hem bekende informatie en documenten in het kader van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aan de IND moet overleggen. Als de vreemdeling in het kader van zijn opvolgende aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd feiten en omstandigheden inbrengt die dateren van voor de eerdere afwijzende beschikking, moet de vreemdeling aannemelijk maken dat hij deze feiten en omstandigheden redelijkerwijs niet eerder had kunnen inbrengen. Gegevensdragers die feiten en omstandigheden onderbouwen die de vreemdeling in het kader van een eerdere aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft ingebracht, kunnen nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 Awb vormen. @@ -627,7 +630,17 @@ Bijzondere, op de individuele zaak betrekking hebbende feiten en omstandigheden Als een vreemdeling tijdens een tweede of opvolgende asielaanvraag aangeeft dat hij homoseksueel is, en deze informatie acht de IND geloofwaardig, werpt de IND de vreemdeling niet tegen dat hij niet tijdens een voorgaande procedure gewag heeft gemaakt van zijn homoseksuele geaardheid. -De IND beschouwt een verzoek om heroverweging als een onvolledige aanvraag als bedoeld in artikel 4:5 Awb. +De IND beschouwt een verzoek om heroverweging als een onvolledige aanvraag als bedoeld in artikel 4:5 + +Awb. + +Bij de toetsing of een vreemdeling voor hervestiging in aanmerking komt maakt de IND een beoordeling op grond van een weging van de volgende factoren: + +• de internationale beschermingsgronden, zoals omschreven onder paragraaf C2/3.2 Vc; +• de individueel gemotiveerde voordracht van UNHCR; en +• het asielbeleid ten aanzien van het land van herkomst van de vreemdeling. + +De uitsluitingsgronden en contra-indicaties die van toepassing zijn op de internationale beschermingsgronden zijn eveneens van toepassing in het geval een vreemdeling in het kader van hervestiging naar Nederland wil komen. ## C2. De verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd @@ -1612,12 +1625,18 @@ Als de IND vaststelt dat een houder van een verblijfsvergunning asiel voor bepaa Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, onder a Vw, wordt de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan de ingangsdatum van de verblijfsvergunning. +Als de IND de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt of de aanvraag om verlenging van de geldigheidsduur ervan afwijst, beoordeelt de IND op grond van artikel 3.6a Vb ambtshalve, of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd (zie verder paragraaf C1/3 Vc onder het kopje *ambtshalve toets*). + +Als de IND ambtshalve geen verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verleent, beoordeelt de IND op grond van artikel 6.1e Vb ambtshalve, of de vreemdeling in aanmerking komt voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw (zie verder paragraaf C1/3 Vc onder het kopje *ambtshalve toets*), met dien verstande dat in dat geval de ambtshalve beoordeling uitsluitend plaatsvindt indien de vreemdeling de voor die beoordeling relevante medische gegevens en overige bescheiden heeft overgelegd. + #### 8.2. Artikel 1F Vluchtelingenverdrag blijkt alsnog van toepassing Het gestelde in paragraaf C2/6.2.8 Vc is van toepassing. De IND brengt geen voornemen uit tot intrekking of weigering van verlenging van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van de vaststelling dat artikel 1F Vluchtelingenverdrag juncto artikel 31, tweede lid, onder k Vw van toepassing is, voordat de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld tijdens een gehoor op deze vaststelling te reageren. Dit gehoor wordt uitgevoerd door een ambtenaar van de IND, die gespecialiseerd is in de materie van artikel 1F Vluchtelingenverdrag. +Paragraaf C2/8.1 onder het kopje *ambtshalve toets* is van overeenkomstige toepassing. + #### 8.3. Gevaar voor de openbare orde of de nationale veiligheid Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw, wordt de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan de pleegdatum van het misdrijf. @@ -1657,6 +1676,8 @@ De IND past bovenstaande beleidsregels overeenkomstig toe in het geval de verbli Paragraaf B1/4.4 Vc (‘nationale veiligheid’) is van overeenkomstige toepassing. +Paragraaf C2/8.1 onder het kopje *ambtshalve toets* is van overeenkomstige toepassing. + #### 8.4. De grond voor verlening is komen te vervallen Als de IND vaststelt dat de grond voor verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is komen te vervallen en de wijziging van de omstandigheden ingevolge artikel 3.37e VV een voldoende ingrijpend en niet voorbijgaand karakter hebben onderzoekt de IND in ieder geval: @@ -1670,6 +1691,8 @@ Als tenminste één van deze omstandigheden zich voordoet, trekt de IND de verbl Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, onder c Vw, wordt de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan het moment dat de grond voor verlening is komen te vervallen. +Paragraaf C2/8.1 onder het kopje *ambtshalve toets* is van overeenkomstige toepassing. + Ingevolge artikel 3.37e VV komt de vreemdeling in aanmerking voor dit beleid indien hij voldoet aan beide hieronder genoemde voorwaarden: a. de vreemdeling is slachtoffer geweest van wandaden die (mede) hebben geleid tot het verlenen van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd; en, @@ -1700,7 +1723,7 @@ De IND concludeert niet dat de grond voor verlening is komen te vervallen alleen Als de IND constateert dat in het land van herkomst een doeltreffend systeem voor opsporing, vervolging en bestraffing van daders van als traumatiserend aangemerkte gebeurtenissen aanwezig is, kan dit aanleiding geven voor de conclusie dat de grond voor verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder c Vw, zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan de wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening is komen te vervallen. -Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder d Vw zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan de wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, onder c Vw, wordt de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan de ingangsdatum van het wijzigingsbesluit waarmee het categoriaal beschermingsbeleid is beëindigd. +Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleent op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder d Vw zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan de wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, onder c Vw, wordt de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan de ingangsdatum van het wijzigingsbesluit waarmee het categoriaal beschermingsbeleid is beëindigd. #### 8.5. De vreemdeling heeft zijn hoofdverblijf buiten Nederland gevestigd @@ -2538,7 +2561,7 @@ In Congo DRC is uitsluitend sprake van een uitzonderlijke situatie in de zin van • de provincies Noord- en Zuid-Kivu; • de regio’s Haut- en Bas-Uélé. -Voor vreemdelingen van Congolese nationaliteit, afkomstig uit de provincies Noord- en Zuid-Kivu en de regio’s Haut-en Bas Uélé, is een vestigingsalternatief aanwezig in Kinshasa, indien de vrees een gevolg is van de uitzonderlijke situatie als bedoeld in artikel 15c van de richtlijn 2004/83/EG (zie verder paragraaf C7/10.5.2 Vc). +Voor vreemdelingen van Congolese nationaliteit, afkomstig uit de provincies Noord- en Zuid-Kivu en de regio’s Haut-en Bas Uélé, is een vestigingsalternatief aanwezig in Kinshasa, indien de vrees een gevolg is van de uitzonderlijke situatie als bedoeld in artikel 15c van de richtlijn 2011/95/EU (zie verder paragraaf C7/10.5.2 Vc). ##### 10.4.2. Systematische blootstelling in de zin van @@ -3661,9 +3684,9 @@ In Sudan is sprake van een uitzonderlijke situatie als bedoeld in artikel 3 EVRM • Vreemdelingen afkomstig uit Noord- en Zuid-Darfur; • Vreemdelingen afkomstig uit Zuid-Kordofan (inclusief Abyei) en Blue Nile. -De uitzonderlijke situatie van artikel 15c van richtlijn 2004/83 EG is niet gerelateerd aan individuele vrees. +De uitzonderlijke situatie van artikel 15c van richtlijn 2011/95/EU is niet gerelateerd aan individuele vrees. -Een vreemdeling afkomstig uit Noord en Zuid-Darfur en uit Zuid-Kordofan (inclusief Abyei) en Blue Nile kan een vestigingsalternatief in een ander deel van Sudan hebben, wanneer de dreiging waaraan de vreemdeling wordt blootgesteld niet op de vreemdeling is gericht, maar uitsluitend een gevolg is van extreme situatie van willekeurig geweld als bedoeld in artikel 15c van richtlijn 2004/83 EG. +Een vreemdeling afkomstig uit Noord en Zuid-Darfur en uit Zuid-Kordofan (inclusief Abyei) en Blue Nile kan een vestigingsalternatief in een ander deel van Sudan hebben, wanneer de dreiging waaraan de vreemdeling wordt blootgesteld niet op de vreemdeling is gericht, maar uitsluitend een gevolg is van extreme situatie van willekeurig geweld als bedoeld in artikel 15c van richtlijn 2011/95/EU. Dit vestigingsalternatief geldt niet voor de vreemdeling, die: @@ -3921,3 +3944,5 @@ Ten aanzien van Uganda geldt geen besluit in de zin van artikel 45, vierde lid, Geen bijzonderheden. ## Bijlage + +Vervallen