diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md index c978c0fdc93..65ca868215a 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md @@ -3435,22 +3435,21 @@ Voor de signalering van de vreemdeling vanwege het besluit tot signalering wordt Voor de duur van het besluit tot signalering is het beleid uit paragraaf A4/2.3 Vc van overeenkomstige toepassing. -##### 4.2.1. Signalering in E&S - -De duur van het besluit tot signalering begint te lopen op het moment dat: +##### 4.2.1. Duur signalering bij signalering in E&S +• De duur van het besluit tot signalering begint te lopen op het moment dat: • de vreemdeling in E&S gesignaleerd staat; en • buiten Nederland is. -De vreemdeling toont dit aan bij zijn verzoek tot opheffing van het besluit tot signalering. +De vreemdeling toont dit aan bij zijn verzoek tot opheffing van het besluit tot signalering na afloop van de duur van de signalering. -##### 4.2.2. Signalering eerst in E&S, daarna in SIS +##### 4.2.2. Duur signalering bij signalering eerst in E&S, daarna in SIS De duur van het besluit tot signalering begint te lopen op het moment dat de vreemdeling, die in het SIS gesignaleerd staat, het grondgebied van de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein heeft verlaten. De IND telt de duur dat de vreemdeling buiten Nederland (maar binnen het grondgebied van de lidstaten) heeft verbleven gedurende de signalering in E&S, mee. -De vreemdeling moet hiervoor een verzoek tot opheffing van het besluit tot signalering indienen. Zie hiervoor paragraaf A4/4.3 Vc. +De vreemdeling moet hiervoor een verzoek tot opheffing van het besluit tot signalering indienen na afloop van de duur van de signalering. Zie hiervoor paragraaf A4/4.3 Vc. #### 4.3. Opheffing van het besluit tot signalering @@ -3824,7 +3823,9 @@ De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV moet op verzoek van de advocaat van d #### 6.6. De vorm waarin de maatregel wordt opgelegd -Wanneer aan de in bewaring te stellen vreemdeling ook een terugkeerbesluit, eventueel in combinatie met een inreisverbod (zie paragraaf A4/2 Vc), wordt uitgereikt, vindt uitreiking daarvan plaats voorafgaand aan of gelijktijdig met de maatregel van bewaring. Voor het opleggen van de maatregel van bewaring moet gebruik worden gemaakt van model M109, M109-A of M109-B. +Wanneer aan de in bewaring te stellen vreemdeling ook een terugkeerbesluit, eventueel in combinatie met een inreisverbod (zie paragraaf A4/2 Vc), wordt uitgereikt, vindt uitreiking daarvan plaats voorafgaand aan of gelijktijdig met de maatregel van bewaring. Voor het opleggen van de maatregel van bewaring moet gebruik worden gemaakt van model M109, M109-A of + +M109-B. Bij het opleggen van de maatregel wordt tevens de informatiefolder ‘Waarom bent u in bewaring gesteld?’ uitgereikt. Deze folder is opgesteld in een voor de vreemdeling begrijpelijke taal en wordt voorzien van een overzicht van de van toepassing zijnde feitelijke en juridische gronden. De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV moet afschriften maken van de beschikking waarbij de bewaring, het terugkeerbesluit en/of inreisverbod opgelegd is. De afschriften zijn uitsluitend bedoeld voor de volgende belanghebbenden: @@ -3879,13 +3880,11 @@ De ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen doet • de vreemdeling; • zijn gemachtigde. -De bewaring van een vreemdeling op een politiebureau of in een cel van de KMar voor een termijn van meer dan vijf dagen moet worden voorkomen. Bij de berekening van deze termijn worden in beginsel alle volgende situaties niet meegeteld: +De bewaring of vrijheidsontneming van een vreemdeling in een politiebureau voor een termijn langer dan vierentwintig uur moet worden voorkomen. -• de duur van het verblijf op een politiebureau of in een cel van de KMar op grond van ophouding ter vaststelling van identiteit en verblijfsrechtelijke positie (zie artikel 50 Vw); -• de duur van het verblijf op een politiebureau of in een cel van de KMar op grond van strafrechtelijke detentie; -• de dag waarop de bewaring is bevolen. +Deze termijn vangt aan met het opleggen van de maatregel van bewaring of vrijheidsontnemende maatregel en eindigt zodra de vreemdeling de politiecel heeft verlaten voor het vervoer naar een gespecialiseerde inrichting voor vreemdelingenbewaring. -De termijn van vijf dagen mag uitsluitend overschreden worden op grond van bijzondere omstandigheden of zwaarwegende belangen van de vreemdeling. In welke mate de termijn van vijf dagen kan worden overschreden, is afhankelijk van de aard van de bijzondere omstandigheden en/ of de zwaarte van de belangen en zal daarom ook per vreemdeling moeten worden beoordeeld. In het geval de bewaring op een politiebureau of in een cel van de KMar langer duurt dan vijf dagen, moet uit het dossier van de vreemdeling blijken welke bijzondere omstandigheden of zwaarwegende belangen tot de bewaring hebben geleid. +Als de termijn van vierentwintig uur wordt overschreden, moet uit het overdrachtsdossier blijken welke omstandigheden tot overschrijding van deze termijn hebben geleid. #### 6.11. Plaatsing in een justitiële inrichting @@ -4741,26 +4740,40 @@ Vervallen *[afbeelding]* + + *[afbeelding]* + + *[afbeelding]* ## Bijlage M109a. Maatregel van bewaring als bedoeld in *[afbeelding]* + + *[afbeelding]* + + *[afbeelding]* ## Bijlage M109b. Maatregel van bewaring als bedoeld in *[afbeelding]* -*[afbeelding]* + *[afbeelding]* + + +*[afbeelding]* + + + *[afbeelding]* ## Bijlage M109c. Maatregel van bewaring als bedoeld in