diff --git a/wet/invoeringswet-wet-werk-en-bijstand/BWBR0015704/README.md b/wet/invoeringswet-wet-werk-en-bijstand/BWBR0015704/README.md index 52842c83b5c..3f2fdf2fe67 100644 --- a/wet/invoeringswet-wet-werk-en-bijstand/BWBR0015704/README.md +++ b/wet/invoeringswet-wet-werk-en-bijstand/BWBR0015704/README.md @@ -61,7 +61,18 @@ b. de Wet werk en bijstand, indien het recht op bijstand ingaat na de peildatum. ### Artikel 6 -(vervallen) +**1.** + +Onze Minister kan de verlening van bijstand aan een Nederlander die zich in het buitenland bevindt voortzetten ten aanzien van: + +a. degene die in december 1995 bijstand ontving op grond van artikel 82 of artikel 95 van de Algemene Bijstandswet, welke bijstand niet is geëindigd; +b. degene die op enig moment in de periode van 26 weken onmiddellijk voorafgaand aan 31 december 1995 bijstand ontving op grond van artikel 82 van de Algemene Bijstandswet, welke bijstand in die periode is geëindigd, indien belanghebbende binnen 26 weken na die datum opnieuw bijstand aanvraagt. + +**2.** De in het eerste lid bedoelde bijstand wordt afgestemd op de omstandigheden, mogelijkheden en middelen van de belanghebbende, rekening houdend met het niveau van de noodzakelijke kosten van het bestaan ter plaatse. + +**3.** Hoofdstuk 2 en de paragrafen 6.1 tot en met 6.5 van de Wet werk en bijstand zijn, voor zover de omstandigheden het toelaten, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat Onze Minister in de plaats treedt van het college. + +**4.** Zodra ten minste 26 weken zijn verstreken nadat de bijstand die werd verleend op grond van het eerste lid werd beëindigd, is dat lid ten aanzien van het desbetreffende geval niet langer van toepassing. ### Artikel 7 @@ -86,11 +97,15 @@ d. 0,25, in de tiende tot en met de twaalfde maand na de peildatum. **2.** Colleges kunnen ook na de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstand bijzondere bijstand in de vorm van een collectieve aanvullende ziektekostenverzekering verstrekken. +**3.** In afwijking van artikel 35, eerste lid, van de Wet werk en bijstand, kan, onverminderd het eerste lid, bijzondere bijstand ook aan een persoon van 18 jaar en ouder, doch jonger dan 65 jaar, behorend tot een categorie chronisch zieken of gehandicapten, worden verleend, zonder dat wordt nagegaan of ten aanzien van die persoon kosten in verband met chronische ziekte of handicap ook daadwerkelijk noodzakelijk zijn of gemaakt zijn, indien ten aanzien van de categorie waartoe hij behoort aannemelijk is dat die zich in bijzondere omstandigheden bevindt die leiden tot bepaalde noodzakelijke kosten van bestaan waarin de algemene bijstand niet voorziet en die de aanwezige draagkracht te boven gaan. + +**4.** Het derde lid vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. + ### Artikel 11 -**1.** Artikel 50, tweede lid, van de Wet werk en bijstand is niet van toepassing op de belanghebbende die op de peildatum recht had op algemene bijstand en eigenaar was van een door hemzelf of zijn gezin bewoonde woonwagen of bewoond woonschip met bijbehorend erf. +**1.** Artikel 50, tweede lid, van de Wet werk en bijstand is tot een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip niet van toepassing op de belanghebbende die op de peildatum recht had op algemene bijstand en eigenaar was van een door hemzelf of zijn gezin bewoonde woonwagen of bewoond woonschip met bijbehorend erf. -**2.** De toepassing van het eerste lid eindigt op het tijdstip dat het recht op algemene bijstand eindigt, tenzij de belanghebbende binnen een jaar na de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstand opnieuw recht heeft op algemene bijstand. +**2.** In afwijking van artikel 8 wordt het in de woonwagen of het woonschip met bijbehorend erf gebonden vermogen van de belanghebbende, bedoeld in het eerste lid, met ingang van het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, vastgesteld op de waarde ervan op dat tijdstip. ### Artikel 12