--- titel: Besluit rijksbijdragen IFV bwb_id: BWBR0032156 type: AMvB status: geldend datum_inwerkingtreding: '2013-01-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0032156 citeertitel: Besluit rijksbijdragen IFV --- # Besluit rijksbijdragen IFV ### Paragraaf 1. Algemene bepalingen ### Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. a. *Onze Minister:* Onze Minister van Veiligheid en Justitie; b. b. *Instituut:* het Instituut Fysieke Veiligheid; c. c. *bestuur:* het bestuur van het Instituut Fysieke Veiligheid, bedoeld in artikel 67 van de Wet veiligheidsregio’s. ### Paragraaf 2. Verstrekking van bijdragen ### Artikel 2 **1.** Onze Minister stelt jaarlijks vóór 1 december voor het daaropvolgende kalenderjaar de bijdrage aan het Instituut vast. **2.** Onze Minister kan de jaarlijkse bijdrage bijstellen in verband met loon- en prijsmutaties. **3.** Onze Minister kan de jaarlijkse bijdrage bijstellen in verband met andere dan in het tweede lid bedoelde wijzigingen. **4.** Onze Minister stelt het bestuur van het Instituut zo spoedig mogelijk op de hoogte van een besluit tot bijstelling als bedoeld in het tweede en derde lid. **5.** Verrekening van bijstellingen in de jaarlijkse bijdrage vindt uiterlijk plaats op 1 december van het jaar waarop de jaarlijkse bijdrage betrekking heeft. ### Artikel 3 Onze Minister kan voor incidentele bijdragen voor een bijzonder doel als bedoeld in artikel 74, eerste lid, onder a, van de Wet veiligheidsregio’s nadere regels vaststellen. ### Artikel 4 De betaling van de bijdrage, bedoeld in artikel 2, eerste lid, vindt plaats in vier gelijke termijnen, op 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober. ### Paragraaf 3. Besteding en verantwoording ### Artikel 5 Het bestuur besteedt de bijdrage, bedoeld in artikel 2, aan de uitvoering van de taken, genoemd in artikel 68, eerste lid, de onderdelen a, e, f, g en h, van de Wet veiligheidsregio’s. ### Artikel 6 **1.** Het bestuur zendt ten behoeve van de verantwoording over de besteding van de bijdragen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en artikel 3, uiterlijk 31 maart aan Onze Minister: a. a. de jaarrekening en het bestuursverslag, bedoeld in Titel 9, Boek 2, van het Burgerlijk Wetboek, en b. b. de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen, bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. **2.** De accountant verricht zijn werkzaamheden met inachtneming van de daarover bij ministeriële regeling gestelde regels. **3.** Door Onze Minister aangewezen ambtenaren kunnen een onderzoek verrichten naar de rechtmatigheid van het beheer en de juistheid van de verslaglegging daarover, alsmede de doelmatigheid van het beheer, de organisatie en het beleid van het bestuur. **4.** Het bestuur geeft aan de krachtens het derde lid aangewezen ambtenaren desgevraagd inzage in de boeken en bescheiden en verstrekt alle inlichtingen die zij noodzakelijk achten voor de uitoefening van hun taak. **5.** De krachtens het derde lid aangewezen ambtenaren kunnen tevens informatie inwinnen bij de accountant die met de controle is belast. ### Artikel 7 Onze Minister kan de betalingen, bedoeld in artikel 4, geheel of gedeeltelijk opschorten indien de in artikel 6, eerste lid, bedoelde informatie niet tijdig of niet op de voorgeschreven wijze is verstrekt. ### Paragraaf 4. Slotbepalingen ### Artikel 8 Het Besluit Nederlands bureau brandweerexamens en het Besluit Nederlands instituut fysieke veiligheid worden ingetrokken. ### Artikel 9 Wijzigt het Aanwijzingsbesluit rechtspersonen met een beperkte kasbeheerfunctie. ### Artikel 10 Wijzigt het Besluit Bibob. ### Artikel 11 Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. ### Artikel 12 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit rijksbijdragen IFV.