--- titel: Wijzigingsbesluit Bekostigingsbesluit WEC, enz. (invoering van leerlinggebonden financiering) bwb_id: BWBR0014754 type: AMvB status: geldend datum_inwerkingtreding: '2003-08-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0014754 citeertitel: Wijzigingsbesluit Bekostigingsbesluit WEC, enz. (invoering van leerlinggebonden financiering) --- # Wijzigingsbesluit Bekostigingsbesluit WEC, enz. (invoering van leerlinggebonden financiering) ### Artikel I Wijzigt het Bekostigingsbesluit WEC. ### Artikel II Wijzigt het Formatiebesluit WEC. ### Artikel III Wijzigt het Onderwijskundig besluit WEC. ### Artikel IV Wijzgt het Bekostigingsbesluit WPO. ### Artikel V Wijzigt het Formatiebesluit WPO. ### Artikel VI Wijzigt het Bekostigingsbesluit W.V.O. ### Artikel VII Voor de toepassing van artikel 56a van het Bekostigingsbesluit WEC wordt voor de schooljaren 2003–2004 en 2004–2005 het aantal geïndiceerde leerlingen vastgesteld op de helft van de som van het aantal leerlingen dat op 1 oktober 2002 is ingeschreven bij de aan het regionaal expertisecentrum deelnemende scholen en het aantal door die scholen ambulant begeleide leerlingen op die datum. ### Artikel VIII Voor de berekening van de formatie en de berekening van de vergoeding voor de materiële instandhouding van scholen voor speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, niet zijnde instellingen, worden de leerlingen die met inachtneming van artikel V van de Wet van 28 november 2002 houdende wijziging van de Wet op de expertisecentra, de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de invoering van een leerlinggebonden budget en de vorming van regionale expertisecentra (Stb. 2002, 631) op de school zijn ingeschreven, aangemerkt als leerlingen die toelaatbaar zijn verklaard tot een van de onderwijssoorten die door de school worden verzorgd dan wel tot het cluster waartoe de school behoort. ### Artikel IX De formatie voor een school voor speciaal onderwijs, een school voor voortgezet speciaal onderwijs en een school voor speciaal en voortgezetspeciaal onderwijs, niet zijnde een instelling, voor het schooljaar 2003–2004, wordt ten minste vastgesteld op de omvang van de formatie die de school zou ontvangen op basis van de regelingen zoals die op de school van toepassing waren op 31 juli 2003 en gebaseerd op het leerlingenaantal dat daarvoor van toepassing was. ### Artikel X **1.** Het totaal van de formatie ambulante begeleiding voor de schooljaren 2003–2004 en 2004–2005 wordt vastgesteld op de omvang van die formatie zoals die voor de school gold op 1 augustus 2003 vermeerderd met de formatie op grond van de Regeling aanvullende formatie (v)so rechtstreekse instromers zoals die voor de school op genoemde datum gold. **2.** Ten behoeve van de berekening van de omvang van de formatie ten behoeve van preventieve ambulante begeleiding voor het schooljaar 2005–2006 wordt op de teldatum 1 oktober 2003 het aantal leerlingen geteld dat op basis van de Regeling aanvullende formatie (v)so rechtstreekse instromers in aanmerking komt voor ambulante begeleiding en wordt op 1 oktober 2004 vastgesteld voor hoeveel van die leerlingen een leerlinggebonden budget beschikbaar is. ### Artikel XI Vervallen ### Artikel XII Voor de onderwijssoorten, bedoeld in artikel 2, vierde lid onder d, van de Wet op de expertisecentra worden voor de periode 1 januari 2004 tot 1 januari 2007 nieuwe programma's van eisen vastgesteld, die voor al die onderwijssoorten gelijk zijn. ### Artikel XIII Artikel 8 van het Formatiebesluit WEC blijft buiten toepassing in het schooljaar 2003–2004. ### Artikel XIV **1.** In afwijking van artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs en artikel 17 van het Bekostigingsbesluit WPO wordt de vergoeding in verband met een leerling met een leerlinggebonden budget voor de schooljaren 2003–2004 en 2004–2005 vastgesteld op het bedrag dat het verschil is tussen de in artikel 17 van genoemd besluit voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde bedrag en het in genoemd artikel voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde verplicht her te besteden bedrag. **2.** Het verplicht her te besteden bedrag wordt, onverminderd artikel IV, vierde lid, van de Wet van 28 november 2002 houdende wijziging van de Wet op de expertisecentra, de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de invoering van een leerlinggebonden budget en de vorming van regionale expertisecentra (Stb. 2002, 631), toegerekend aan de school, bedoeld in de Wet op de expertisecentra, van de soort waarvoor de leerling toelaatbaar is verklaard en die is gelegen in het gebied van het regionaal expertisecentrum waarin ook de school, bedoeld in de Wet op het primair onderwijs is gelegen en die de ambulante begeleiding verzorgt. Het bevoegd gezag van de school waarbij de leerling is ingeschreven, meldt Onze minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, welke school, bedoeld in de Wet op de expertisecentra de ambulante begeleiding van de leerling verzorgt. ### Artikel XV **1.** In afwijking van artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs en artikel 16 van het Formatiebesluit WPO wordt de omvang van het leerlinggebonden budget voor de schooljaren 2003–2004 en 2004–2005 vastgesteld op het aantal formatierekeneenheden dat het verschil bedraagt tussen de in artikel 16 van genoemd besluit voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde aantal formatierekeneenheden van het leerlinggebonden budget en het in genoemd artikel voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde aantal formatierekeneenheden dat verplicht moet worden herbesteed. **2.** Het aantal verplicht her te besteden formatierekeneenheden maakt, onverminderd artikel IV, vierde lid, van de Wet van 28 november 2002 houdende wijziging van de Wet op de expertisecentra, de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de invoering van een leerlinggebonden budget en de vorming van regionale expertisecentra (Stb. 2002, 631), deel uit van de formatie, bedoeld in artikel IX en X, van de school, bedoeld in de Wet op de expertisecentra, van de soort waarvoor de leerling toelaatbaar is verklaard en die is gelegen in het gebied van het regionaal expertisecentrum waarin ook de school, bedoeld in de Wet op het primair onderwijs is gelegen en die de ambulante begeleiding verzorgt. Het bevoegd gezag van de school waarbij de leerling is ingeschreven, meldt Onze minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, welke school, bedoeld in de Wet op de expertisecentra de ambulante begeleiding van de leerling verzorgt. ### Artikel XVI **1.** In afwijking van artikel 77a, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs wordt indien op de school een leerling wordt ingeschreven voor wie een leerlinggebonden budget beschikbaar is, dat leerlinggebonden budget gerekend vanaf de in artikel 77a, tweede lid, bedoelde datum, aan het bevoegd gezag van die school toegekend met ingang van 1 augustus volgend op die inschrijving. **2.** In afwijking van artikel 8a van het Bekostigingsbesluit W.V.O. wordt de vergoeding in verband met een leerling met leerlinggebonden budget voor de schooljaren 2003–2004 en 2004–2005, en 2005–2006 vastgesteld op het bedrag dat het verschil bedraagt tussen de in artikel 8a van genoemd besluit voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde bedrag en het in genoemd artikel voor de desbetreffende onderwijssoort vermelde verplicht her te besteden bedrag. **3.** Het verplicht her te besteden bedrag, bedoeld in het tweede lid, wordt in de vorm van een aantal formatierekeneenheden en een geldbedrag ten behoeve van de materiële instandhouding volgens onderstaande tabel toegekend aan de school als bedoeld in de Wet op de expertisecentra waarbinnen onderwijs wordt gegeven van de soort waarvoor de leerling toelaatbaar is verklaard: | | toelaatbaar verklaard tot (voortgezet) speciaal onderwijs aan/van | formatie-rekeneenheden | materiële instandhouding | | --- | --- | --- | --- | | | | | EURO | | a. | dove kinderen | 17 | 506 | | b. | slechthorende kinderen | 11 | 195 | | d. | lichamelijk gehandicapte kinderen | 17 | 423 | | e. | langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap | 11 | 248 | | f. | zeer moeilijk lerende kinderen | 11 | 135 | | g. | meervoudig gehandicapte kinderen | 11 | 248 | | h. | cluster 4 | 11 | 248 | **4.** Het bevoegd gezag van de school waarbij de leerling is ingeschreven, meldt Onze minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, welke school, bedoeld in de Wet op de expertisecentra de ambulante begeleiding van de leerling verzorgt. ### Artikel XVII Indien een school op 31 juli 2003 leerlingen ontvangt uit een residentiële instelling en de school om diezelfde reden met ingang van 1 augustus 2003 daarvoor formatie krijgt toegekend, op grond van artikel 117, achtste lid, van de Wet op de expertisecentra wordt het aantal leerlingen dat bepalend is voor de toekenning van die formatie, in mindering gebracht op het aantal leerlingen, bedoeld in artikel VIII. ### Artikel XVIII **1.** De ingevolge dit besluit gewijzigde artikelen van het Bekostigingsbesluit WEC, het Formatiebesluit WEC, het Onderwijskundig besluit WEC, het Bekostigingsbesluit WPO, het Formatiebesluit WPO en het Bekostigingsbesluit W.V.O., zoals die artikelen luidden op de dag voor de inwerkingtreding van dit besluit, blijven van toepassing op de tijdvakken waarvoor zij gelding hadden. **2.** Op geschillen met betrekking tot de ingevolge dit besluit gewijzigde artikelen van het Bekostigingsbesluit WEC, het Formatiebesluit WEC, het Onderwijskundig besluit WEC, het Bekostigingsbesluit WPO, het Formatiebesluit WPO en het Bekostigingsbesluit W.V.O., zoals die artikelen luidden op de dag voor inwerkingtreding van dit besluit, op die datum in bezwaar of beroep aanhangig zijn of na die datum binnen de bezwaar- of beroepstermijn aanhangig zijn gemaakt, blijven de op die datum geldende regelingen van toepassing. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing op de bevoegdheid tot het intrekken en vervangen van besluiten die tot de aldaar bedoelde geschillen hebben geleid. ### Artikel XIX Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.