--- titel: Instellingsbesluit Hoofddirectie Financieel Economische Zaken Verkeer en Waterstaat bwb_id: BWBR0012682 type: ministeriele-regeling status: geldend datum_inwerkingtreding: '2001-08-02' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0012682 citeertitel: Instellingsbesluit Hoofddirectie Financieel Economische Zaken Verkeer en Waterstaat --- # Instellingsbesluit Hoofddirectie Financieel Economische Zaken Verkeer en Waterstaat ### Artikel 1 Ingesteld wordt de Hoofddirectie Financieel Economische Zaken. ### Artikel 2 De Hoofddirectie bestaat uit: a. a. de afdeling Algemene Zaken; b. b. de hoofdafdeling Algemeen en Economisch Beleid c. c. de projectorganisatie Baten/Lastenstelsel; d. d. de directie Begroting; e. e. de directie Beleidstoetsing; f. f. de directie Bedrijfsvoeringstoezicht; g. g. de directie Bedrijfsvoeringssys-temen. ### Artikel 3 Aan de Hoofddirectie worden de volgende kerntaken opgedragen: • Verstrekken van algemene financieel-economische adviezen aan de Minister cq Staatssecretaris en de ambtelijke departementsleiding; • Uitvoeren van de door de Comptabiliteitswet opgelegde taken zoals nader omschreven in het Besluit taak Centrale directie Financieel-economische zaken; • Opstellen van de begroting, bewaken uitvoering en verantwoording; • Toetsen van plannen en voorstellen van de dienstonderdelen die mogelijk financiële gevolgen hebben op rechtmatigheid en doelmatigheid; • Invullen van de (financiële) organisatie en informatievoorziening als onderdeel van de bedrijfsvoering; • Het houden van toezicht daarop waarin begrepen het houden van operational audits. ### Artikel 4 Het Besluit van de Minister van Verkeer en Waterstaat van 28 februari 1959, nr. IA-622 wordt ingetrokken. ### Artikel 5 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2001. ### Artikel 6 Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Hoofddirectie Financieel Economische Zaken Verkeer en Waterstaat. Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer, de secretaris-generaal, diens plaatsvervanger en de diensthoofden.