--- titel: Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2011 bwb_id: BWBR0031095 type: pbo status: geldend datum_inwerkingtreding: '2012-01-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0031095 citeertitel: Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2011 --- # Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2011 ### Artikel 1 Dit besluit neemt de terminologie, als omschreven in artikel 1 van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in de kalkoensector (PPE) 2011 (hierna: de Verordening), over en verstaat daarnaast onder: 1. 1. ondernemer: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent, en 2. 2. Salmonella Typhimurium mede: monofasische Salmonella Typhimurium met de antigene formule 1,4,[5],12:i:-. ### Paragraaf . Hygiëneonderzoek ### Artikel 2 **1.** De ondernemer laat zes keer per kalenderjaar een hygiëneonderzoek door GD uitvoeren, overeenkomstig Bijlage I. **2.** De ondernemer mag onderdelen van het hygiëneonderzoek zelf uitvoeren. overeenkomstig Bijlage II. **3.** De ondernemer neemt op grond van de uitslag van het hygiëneonderzoek de maatregelen die zijn opgenomen in Bijlage I, hoofdstuk C, onderdelen 1., 2. en 3. ### Paragraaf . Monsterneming in het kader van ### Artikel 3 De ondernemer neemt de monsters als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Verordening overeenkomstig de werkvoorschriften opgenomen in Bijlage III (dons, meconium of liggenblijvers). ### Paragraaf . Detectie en serotypering monsters ### Artikel 4 **1.** De ondernemer zorgt ervoor dat de monsters als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Verordening binnen 24 uur na de monsterneming zijn verzonden naar een voor detectie van Salmonella erkend laboratorium. **2.** Indien het voor detectie van Salmonella erkende laboratorium Salmonella in een monster heeft gedetecteerd, dan zorgt de ondernemer ervoor dat dit monster onverwijld na de detectie wordt geserotypeerd door een voor serotypering erkend laboratorium. ### Paragraaf . Melding uitslagen onderzoek naar Salmonella ### Artikel 5 **1.** Indien uit de uitslag van de serotypering blijkt dat in een monster Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium, Salmonella Hadar, Salmonella Infantis of Salmonella Virchow is aangetoond, dan zorgt de ondernemer ervoor dat dit binnen één werkdag nadat deze uitslag bij hem bekend is, is gemeld aan de voorzitter, aan GD, aan het fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf dat de broedeieren heeft geproduceerd waarvan de monsters afkomstig zijn en aan het bedrijf dat de kalkoenen afneemt die uit deze broedeieren zijn geboren (opfokbedrijf, fokbedrijf, vermeerderingsbedrijf of vleeskalkoenbedrijf). **2.** Indien uit de uitslag van de detectie blijkt dat geen Salmonella in een monster is aangetoond of indien uit de uitslag van de serotypering blijkt dat in een monster een ander serotype Salmonella dan Salmonella Enteritidis, Salmonella Typhimurium, Salmonella Hadar, Salmonella Infantis, Salmonella Virchow is aangetoond, dan zorgt de ondernemer ervoor dat dit binnen tien werkdagen nadat de uitslag bij hem bekend is, is gemeld aan de voorzitter, aan het fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf dat de broedeieren heeft geproduceerd waarvan de monsters afkomstig zijn en aan het bedrijf dat de kalkoenen afneemt die uit deze broedeieren zijn geboren (opfokbedrijf, fokbedrijf, vermeerderingsbedrijf of vleeskalkoenbedrijf). **3.** De ondernemer meldt de uitslag van de laatst uitgevoerde detectie en serotypering van de monsters van een stalkoppel fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen waarvan de broedeieren afkomstig zijn, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Hygiënebesluit fokbedrijven, opfokbedrijven en vermeerderingsbedrijven kalkoensector (PPE) 2011, schriftelijk aan het bedrijf dat de kalkoenen afneemt gelijktijdig met de aflevering van deze kalkoenen aan dit bedrijf (opfokbedrijf, fokbedrijf, vermeerderingsbedrijf of vleeskalkoenbedrijf) **4.** De in het eerste en tweede lid bedoelde melding aan de voorzitter bevat naast de uitslag van het serotype Salmonella of de negatieve uitslag van de detectie de volgende gegevens: - Naam of KIP-nummer van het fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf dat de broedeieren heeft geproduceerd waarvan de monsters afkomstig zijn, - Activiteit: kalkoenkuikenbroederij, - Geboortedatum kalkoenkuikens, - Kastnummer, - Datum monsterneming, - Type monster (dons, meconium of liggenblijvers), - Type onderzoek (regulier + Salmonella), - In geval van een negatieve uitslag de datum van de uitslag van de detectie, - In geval van een positieve uitslag de datum van de uitslag van de serotypering. ### Paragraaf . Maatregelen bij een besmetting met Salmonella ### Artikel 6 Indien de voorzitter op grond van het onderzoek naar Salmonella als bedoeld in artikel 4, tweede lid, of artikel 7, tweede lid, dan wel het verificatieonderzoek als bedoeld in artikel 4, vierde lid, of artikel 7, vierde lid van de Verordening, een besmetting met Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft vastgesteld bij het stalkoppel fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen dat de broedeieren heeft geproduceerd waarvan de monsters als bedoeld in artikel 7 afkomstig zijn, dan is de ondernemer verplicht om de maatregelen als bedoeld in artikel 8 van de Verordening uit te voeren. ### Paragraaf . Hygiëne-eisen inrichting kalkoenkuikenbroederij ### Artikel 7 **1.** De ondernemer werkt overeenkomstig een door de voorzitter goedgekeurd plan dat voldoet aan het bepaalde in Bijlage IV, waarin is beschreven op welke wijze de kalkoenkuikenbroederij wordt ingericht en op welke wijze in de kalkoenkuikenbroederij wordt gewerkt, zodat in de kalkoenkuikenbroederij en tijdens het transport geen kruisbesmetting van Salmonella kan ontstaan. **2.** De ondernemer legt broedeieren in overeenkomstig de indeling zoals opgenomen in Bijlage V, teneinde kruisbesmetting van Salmonella te voorkomen. ### Paragraaf . Bewaarplicht ### Artikel 8 **1.** De ondernemer bewaart de uitslagen van het hygiëneonderzoek, de detectie en de serotypering gedurende ten minste twee jaren na ontvangst van de uitslagen. **2.** De ondernemer registreert de uitslagen van de ingevolge de artikelen 4 en 7 van de Verordening uitgevoerde onderzoeken naar Salmonella per kalkoenkuikenbroederij, per fokbedrijf, per vermeerderingsbedrijf en per stal van het fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf. De ondernemer bewaart deze uitslagen gedurende ten minste twee jaren nadat het betreffende stalkoppel is geruimd. ### Paragraaf . Slotbepaling ### Artikel 9 **1.** Dit besluit kan worden aangehaald als Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2011. **2.** Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en het treedt in werking met ingang van 1 januari 2012. ## Bijlage I. Hygiëneonderzoeken in de kalkoenkuikenbroederij ## Bijlage II. Voorwaarden voor het uitvoeren van onderdelen van het hygiëneonderzoek door de ondernemer zelf Het hygiëneonderzoek zoals beschreven in Bijlage I bestaat uit een aangekondigd uitgebreid hygiëneonderzoek dat twee maal per kalenderjaar plaatsvindt en uit korte hygiëneonderzoeken die vier maal per kalenderjaar plaatsvinden: de zogenaamde standaard hygiëneonderzoeken. Het standaard hygiëneonderzoek kan door de ondernemer zelf worden uitgevoerd, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: De uitslagen van het hygiëneonderzoek worden meegenomen in de controle van de kalkoenkuikenbroederijen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Verordening. Wanneer uit de resultaten van de controle blijkt dat de standaard hygiëneonderzoeken niet correct zijn uitgevoerd of dat na de beoordeling niet de juiste maatregel is genomen dan worden de standaard hygiëneonderzoeken gedurende één jaar wederom uitgevoerd door GD. Het halfjaarlijkse uitgebreide hygiëneonderzoek wordt door GD uitgevoerd. Wanneer de resultaten van het uitgebreide hygiëneonderzoek onvoldoende of slecht zijn dan voert GD de standaard hygiëneonderzoeken opnieuw uit, totdat uit twee opeenvolgende uitgebreide hygiëneonderzoeken blijkt dat de kalkoenkuikenbroederij tenminste voldoende scoort voor de uitgebreide hygiëneonderzoeken. ## Bijlage III. Werkvoorschrift voor het nemen van monsters in de kalkoenkuikenbroederij ## Bijlage IV. Leidraad voor het opzetten van een bedrijfsplan voor kalkoenkuikenbroederijen Om te komen tot een kalkoenkuikenbroederij waarin kruisbesmetting met Salmonella wordt voorkomen, zal aan een aantal eisen voldaan dienen te worden. Volgens artikel 5 van dit besluit dient iedere kalkoenkuikenbroederij over een door de Voorzitter van het Productschap goedgekeurd plan te beschikken. Bijgaande leidraad is bedoeld als hulpmiddel en model bij het opstellen van dit bedrijfsplan. Het bedrijfsplan dient betrekking te hebben op zowel de inrichting als de werkwijze in de kalkoenkuikenbroederij. De volgende indeling wordt aanbevolen: Het onderdeel hygiënebewustzijn en persoonlijke hygiëne dient te bevatten: Het onderdeel hygiëne management in de kalkoenkuikenbroederij dient te bevatten: In onderstaande maatregelen wordt een voorzet gegeven hoe in het kader van het bedrijfsplan met broedeieren op kalkoenkuikenbroederij-niveau moet worden omgegaan. Het gaat hierbij om zowel bouwkundige en technische voorzieningen als om een aantal protocollen voor werkwijze, voor wat betreft mogelijk besmette broedeieren. Uitgangspunt voor de richtlijn is dat eieren, kuikens of afvalmateriaal en dons van kuikens van mogelijk besmette koppels niet in contact mogen komen met eieren of kuikens van vrije koppels. Wanneer dit wel gebeurt moet de hele partij als mogelijk besmet worden beschouwd. Afvalverwerking dient zo plaats te vinden dat geen besmetting van schone ruimtes of producten met het vuile afval kan plaatsvinden. Hiervoor dient duidelijk te zijn op welke wijze de kalkoenkuikenbroederij het afval opslaat, verwerkt en verwijderd. ## Bijlage V. Categorie-indeling voor logistiek broeden in de kalkoenkuikenbroederij De ondernemer dient broedeieren in de kalkoenkuikenbroederij gescheiden te houden volgens onderstaande categorie-indeling: