--- titel: Instelling Adviescommissie Duaal Ontslagstelsel bwb_id: BWBR0010296 type: ministeriele-regeling status: geldend datum_inwerkingtreding: '1999-03-03' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0010296 citeertitel: Instelling Adviescommissie Duaal Ontslagstelsel --- # Instelling Adviescommissie Duaal Ontslagstelsel ### Artikel 1 Er is een Adviescommissie Duaal Ontslagstelsel, verder te noemen de commissie. ### Artikel 2 De commissie heeft tot taak een toekomstverkenning uit te voeren naar de inrichting van het duaal ontslagstelsel en hierover binnen uiterlijk 18 maanden advies uit te brengen aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Justitie. ### Artikel 3 De commissie is als volgt samengesteld: - Prof. mr. M.G. Rood, voorzitter; - Mevr. Prof. dr. H. Maassen van den Brink, lid; - Prof. mr. G.J.J. Heerma van Voss, lid. - Mr. J.J.M. de Laat, lid, voorgedragen door de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak; en - mr. R.A.A. Duk, lid, voorgedragen door de Nederlandse Orde van Advocaten. ### Artikel 4 De commissie wordt ten behoeve van haar werkzaamheden en alle daarmede samenhangende kosten een nader door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Justitie vast te stellen budget toegekend, voor de duur van ten hoogste 18 maanden. ### Artikel 5 In het secretariaat van de commissie wordt door de commissie voorzien ten laste van het haar toegekende budget. ### Artikel 6 In afwijking van het bepaalde in artikel 4 komen de kosten voor huisvesting van het secretariaat, voor onderzoek in opdracht van de commissie en voor andere activiteiten die de commissie nodig acht voor de vervulling van haar taak, voor gezamenlijke rekening van de Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Justitie, voor zover deze uitgaven vooraf door genoemde Ministers zijn goedgekeurd. ### Artikel 7 De commissie dient bij het einde van haar taakopdracht binnen 4 maanden over de gedane uitgaven schriftelijk verantwoording af te leggen aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Justitie. Na goedkeuring van deze verantwoording zullen de leden van de commissie ieder afzonderlijk door genoemde bewindspersonen worden gedechargeerd. In geval van tussentijdse beƫindiging van het lidmaatschap van de commissie wordt het betrokken lid, op voorstel van de commissie, gedechargeerd. ### Artikel 8 Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt met inachtneming van de bepalingen in de Archiefwet 1995. De bescheiden worden na beƫindiging van de werkzaamheden van de commissie opgenomen in het archief van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. ### Artikel 9 Dit besluit, dat in de Staatscourant zal worden geplaatst, treedt in werking met ingang van heden.