--- titel: Wijzigingswet Wgr-plus bwb_id: BWBR0019114 type: wet status: geldend datum_inwerkingtreding: '2006-01-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0019114 citeertitel: Wijzigingswet Wgr-plus --- # Wijzigingswet Wgr-plus ### Artikel I Wijzigt de Wet gemeenschappelijke regelingen. ### Artikel II Wijzigt de Provinciewet. ### Artikel III Wijzigt de Wet op het BTW-compensatiefonds. ### Artikel IV Wijzigt de Huisvestingswet. ### Artikel V Wijzigt de Wet bodembescherming. ### Artikel VI Wijzigt de Wet milieubeheer. ### Artikel VII Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening. ### Artikel VIII Wijzigt de Woningwet. ### Artikel IX Wijzigt de Planwet verkeer en vervoer. ### Artikel X Wijzigt de Tracéwet. ### Artikel XI Wijzigt de Wet bereikbaarheid en mobiliteit. ### Artikel XII Wijzigt de Wet infrastructuurfonds. ### Artikel XIII Wijzigt de Wet personenvervoer 2000. ### Artikel XIV Wijzigt de Wet houdende regels met betrekking tot enkele specifieke uitkeringen aan provincies en gemeenten op het terrein van Verkeer en Waterstaat. ### Artikel XV Wijzigt de Wet BDU verkeer en vervoer. ### Artikel XVI Wijzigt de Wet op de jeugdzorg. ### Artikel XVII Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. ### Artikel XVIII Indien voor het tijdstip waarop deze wet in werking treedt, een aanvraag om een vergunning krachtens artikel 8.1 van de Wet milieubeheer is ingediend bij het dagelijks bestuur van een regionaal openbaar lichaam als bedoeld in de Kaderwet bestuur in verandering en op die aanvraag nog niet is beslist, wordt op de aanvraag beslist door burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de inrichting geheel of in hoofdzaak zal zijn of is gelegen. De behandeling van de aanvraag wordt door burgemeester en wethouders voortgezet in de staat waarin zij zich bevindt. ### Artikel XIX **1.** De Kaderwet bestuur in verandering wordt ingetrokken. **2.** Een gemeenschappelijke regeling, getroffen krachtens de Kaderwet bestuur in verandering, geldt met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet als een regeling, tot stand gekomen op basis van hoofdstuk XI van de Wet gemeenschappelijke regelingen. **3.** Het dagelijks bestuur van een openbaar lichaam, ingesteld bij een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in het tweede lid, wijzigt binnen acht weken na inwerkingtreding van deze wet de gemeenschappelijke regeling voor zover dat noodzakelijk is in verband met de inwerkingtreding van deze wet. De gewijzigde regeling wordt gezonden aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die de regeling opneemt in het register, bedoeld in artikel 109, eerste lid, en aan gedeputeerde staten. **4.** Indien het bestuur van een gemeente die deel uitmaakt van een gemeenschappelijke regeling waarbij een openbaar lichaam als bedoeld in het tweede lid is ingesteld, binnen drie maanden na inwerkingtreding van deze wet gedeputeerde staten meedeelt dat het een besluit als bedoeld in artikel 110, eerste lid, gewenst acht en indien gedeputeerde staten naar aanleiding van deze mededelingen gemeenten uitnodigen tot aanpassing of opheffing van de plusregio over te gaan, vindt de besluitvorming over deze aanpassing of opheffing plaats binnen een jaar na inwerkingtreding van deze wet. De artikelen 114 en 120 zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel XX Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. In dat besluit wordt zo nodig toepassing gegeven aan artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet. ### Artikel XXI Deze wet wordt aangehaald als: Wijzigingswet Wgr-plus.