--- titel: Besluit instelling erepenning menslievend hulpbetoon bwb_id: BWBR0002019 type: KB status: geldend datum_inwerkingtreding: '2002-10-09' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0002019 citeertitel: Besluit instelling erepenning menslievend hulpbetoon --- # Besluit instelling erepenning menslievend hulpbetoon ### Artikel 1 **1.** Aan hen, die een menschlievende daad hebben verricht, welke kenmerken draagt van moed, beleid en zelfopoffering, kan door Ons een belooning worden toegekend, bestaande in een penning. **2.** Deze penning heeft den naam van: Eerepenning voor menschlievend hulpbetoon. ### Artikel 2 **1.** Deze eerepenning bestaat uit een Koninklijke kroon, waaraan bevestigd een ovale draagpenning, metende een totale hoogte van 6 centimeter, op welks voorzijde voorkomt het beeld der Naastenliefde en de woorden: "Voor Menschlievend Hulpbetoon" en aan de keerzijde de woorden: "De Koning aan", waaronder telkens de naam van den begiftigde zal worden gesteld, een en ander overeenkomstig de bij Ons besluit van 11 April 1912, no. 4, gevoegde teekening. **2.** De eerepenning wordt op de linkerborst gedragen, aan een oranje-moiré lint van 3 centimeter breedte, hebbende in het midden een roode bies ter breedte van 0,7 centimeter. **3.** De eerepenning wordt door officieren gedragen op het lint, in welk geval dit een breedte zal hebben van 2,5 centimeter. ### Artikel 3 **1.** De erepenning wordt verleend in brons, zilver of goud. **2.** Aan de begiftigde wordt een oorkonde uitgereikt, waarin melding wordt gemaakt van de verrichte menslievende daad. ### Artikel 4 **1.** Het is den begiftigde vergund de eerepenning in verkleinden vorm te dragen. **2.** Indien alleen het lint wordt gedragen, zullen de zilveren en gouden eerepenning worden aangegeven door een zilveren of gouden kroon op het lint. ### Artikel 4a Een voordracht tot toekenning van een erepenning wordt gedaan door: - Onze Minister van Defensie, indien de menslievende daad is verricht door een militair dan wel door een burgerambtenaar in dienst van het Ministerie van Defensie; - Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, in andere gevallen dan bedoeld onder a. ### Artikel 5 **1.** In bijzondere gevallen, te Onzer beoordeeling, kan de Eerepenning voor menschlievend hulpbetoon tijdelijk of blijvend worden ontnomen aan hen, die zich dit eereteeken niet langer waardig toonen. **2.** Een voordracht tot het ontnemen van een verleende erepenning wordt gedaan door Onze Minister die het aangaat. ### Artikel 6 Dit besluit treedt in werking met ingang van den tweeden dag na dien der dagteekening van het *Staatsblad,* waarin het is geplaatst.