--- titel: Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken bwb_id: BWBV0003476 type: verdrag status: geldend datum_inwerkingtreding: '1975-09-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBV0003476 citeertitel: Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken --- # Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken ### Artikel 1 Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is bevoegd om uitspraak te doen over de uitlegging van het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken en van het aan dat Verdrag gehechte protocol, beide ondertekend te Brussel op 27 september 1968, alsmede van het onderhavige protocol. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is ook bevoegd om uitspraak te doen over de uitlegging van het Verdrag inzake de toetreding van het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland tot het Verdrag van 27 september 1968 en tot dit Protocol. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is ook bevoegd om uitspraak te doen over de uitlegging van het Verdrag inzake de toetreding van de Helleense Republiek tot het Verdrag van 27 september 1968 en tot dit Protocol, zoals deze zijn gewijzigd bij het Verdrag van 1978. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is ook bevoegd om uitspraak te doen over de uitlegging van het Verdrag inzake de toetreding van het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek tot het Verdrag van 27 september 1968 en tot dit Protocol, zoals deze zijn gewijzigd bij de Verdragen van 1978 en 1982. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is ook bevoegd om uitspraak te doen over de uitlegging van het Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag van 27 september 1968 en tot dit Protocol, zoals deze zijn gewijzigd bij de Verdragen van 1978, 1982 en 1989. ### Artikel 2 De volgende rechterlijke instanties kunnen het Hof van Justitie verzoeken, bij wijze van prejudiciële beslissing, een uitspraak te doen over een vraagstuk van uitlegging: 1. 1. - in België: het Hof van Cassatie - la Cour de Cassation en de Raad van State - le Conseil d'Etat, - in Denemarken: højesteret, - in de Bondsrepubliek Duitsland: die obersten Gerichtshöfe des Bundes, - in Griekenland: τα ανώτατα Δίκαστήρια, - in Spanje: el Tribunal Supremo, - in Frankrijk: la Cour de Cassation alsmede le Conseil d'Etat, - in Ierland: the Supreme Court, - in Italië: la Corte Suprema di Cassazione, - in Luxemburg: la Cour supérieure de Justice siégeant comme cour de cassation, - in Oostenrijk: *het Oberste Gerichtshof, het Verwaltungsgerichtshof en het Verfassungsgerichtshof*, - in Nederland: de Hoge Raad, - in Finland: *korkein oikeus/högsta domstolen *en *korkein hallinto-oikeus/högsta förvaltningsdomstolen*, - in Zweden: *Högsta Domstolen*, *Regeringsrätten, Arbetsdomstolen *en *Marknadsdomstolen*, - in Portugal: o Supremo Tribunal de justiça en o Supremo Tribunal Administrativo, - in het Verenigd Koninkrijk: the House of Lords en de rechterlijke instanties die op grond van artikel 37, tweede lid, of artikel 41 van het Verdrag zijn aangeroepen; - - in België: het Hof van Cassatie - la Cour de Cassation en de Raad van State - le Conseil d'Etat, - - in Denemarken: højesteret, - - in de Bondsrepubliek Duitsland: die obersten Gerichtshöfe des Bundes, - - in Griekenland: τα ανώτατα Δίκαστήρια, - - in Spanje: el Tribunal Supremo, - - in Frankrijk: la Cour de Cassation alsmede le Conseil d'Etat, - - in Ierland: the Supreme Court, - - in Italië: la Corte Suprema di Cassazione, - - in Luxemburg: la Cour supérieure de Justice siégeant comme cour de cassation, - - in Oostenrijk: *het Oberste Gerichtshof, het Verwaltungsgerichtshof en het Verfassungsgerichtshof*, - - in Nederland: de Hoge Raad, - - in Finland: *korkein oikeus/högsta domstolen *en *korkein hallinto-oikeus/högsta förvaltningsdomstolen*, - - in Zweden: *Högsta Domstolen*, *Regeringsrätten, Arbetsdomstolen *en *Marknadsdomstolen*, - - in Portugal: o Supremo Tribunal de justiça en o Supremo Tribunal Administrativo, - - in het Verenigd Koninkrijk: the House of Lords en de rechterlijke instanties die op grond van artikel 37, tweede lid, of artikel 41 van het Verdrag zijn aangeroepen; 2. 2. de rechterlijke instanties van de verdragsluitende Staten, wanneer zij recht spreken in hoger beroep; 3. 3. in de gevallen, bedoeld in artikel 37 van het Verdrag, de in dat artikel genoemde rechterlijke instanties. ### Artikel 3 **1.** Indien een vraag betreffende de uitlegging van het Verdrag en van de andere in artikel 1 genoemde teksten wordt opgeworpen in een zaak aanhangig bij een rechterlijke instantie genoemd onder punt 1 van artikel 2, is deze instantie, indien zij een beslissing op dit punt noodzakelijk acht voor het wijzen van haar vonnis, gehouden het Hof van Justitie te verzoeken over deze vraag een uitspraak te doen. **2.** Indien een vraag te dien aanzien wordt opgeworpen voor een onder de punten 2 en 3 van artikel 2 genoemde rechterlijke instantie, kan deze instantie, onder de in lid 1 bepaalde voorwaarden, het Hof van Justitie verzoeken uitspraak te doen. ### Artikel 4 **1.** De bevoegde autoriteit van een verdragsluitende Staat kan aan het Hof van Justitie verzoeken zich uit te spreken over een vraagstuk betreffende de uitlegging van het Verdrag en van de andere in artikel 1 genoemde teksten, indien de door de rechterlijke instanties van deze Staat gegeven beslissingen in strijd zijn met de door het Hof van Justitie of in een uitspraak van een rechterlijke instantie van een andere verdragsluitende Staat, genoemd onder de punten 1 en 2 van artikel 2, gegeven uitlegging. De bepalingen van dit lid zijn slechts van toepassing op uitspraken die kracht van gewijsde hebben verkregen. **2.** De door het Hof van Justitie naar aanleiding van een dergelijk verzoek gegeven uitlegging heeft geen gevolg ten aanzien van de uitspraken ter gelegenheid waarvan het Hof om uitlegging is verzocht. **3.** De Procureurs-Generaal bij de Hoven van Cassatie van de verdragsluitende Staten of elke andere door een verdragsluitende Staat aangewezen autoriteit zijn bevoegd, zich met een verzoek om uitlegging als bedoeld in lid 1 tot het Hof van Justitie te wenden. **4.** De Griffier van het Hof van Justitie geeft kennis van het verzoek aan de verdragsluitende Staten, aan de Commissie en aan de Raad van de Europese Gemeenschappen, die het recht hebben binnen twee maanden te rekenen vanaf deze kennisgeving bij het Hof memories of schriftelijke opmerkingen in te dienen. **5.** De in het onderhavige artikel omschreven procedure geeft geen aanleiding tot inning noch tot vergoeding van kosten of uitgaven. ### Artikel 5 **1.** Voor zover dit protocol niet anders bepaalt, zijn de bepalingen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en die van het daaraan gehechte protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie, die van toepassing zijn wanneer het Hof bij wijze van prejudiciële beslissing een uitspraak dient te doen, tevens van toepassing op de procedure inzake de uitlegging van het verdrag en van de andere in artikel 1 genoemde teksten. **2.** Het Reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie zal zo nodig worden aangepast en aangevuld overeenkomstig artikel 188 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap. ### Artikel 6 Vervallen ### Artikel 7 Dit protocol wordt door de ondertekenende Staten bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen. ### Artikel 8 Dit protocol treedt in werking op de eerste dag van de derde maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging door de ondertekenende Staat, die als laatste deze handeling verricht. Het protocol treedt evenwel niet eerder in werking dan het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken. ### Artikel 9 De verdragsluitende partijen erkennen dat elke Staat die lid wordt van de Europese Economische Gemeenschap en waarop artikel 63 van het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken van toepassing is de bepalingen van het onderhavige protocol dient te aanvaarden onder voorbehoud van de noodzakelijke aanpassingen. ### Artikel 10 De Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen stelt de ondertekenende Staten in kennis van: a) a) het nederleggen van iedere akte van bekrachtiging; b) b) de datum van inwerkingtreding van dit Protocol; c) c) de ingevolge artikel 4, lid 3, ontvangen verklaringen. ### Artikel 11 De verdragsluitende Staten doen aan de Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen mededeling van de teksten van hun wettelijke bepalingen die een wijziging van de lijst van de in artikel 2, punt 1, genoemde rechterlijke instanties met zich medebrengen. ### Artikel 12 Dit Protocol wordt voor onbeperkte tijd gesloten. ### Artikel 13 Iedere verdragsluitende Staat kan verzoeken om herziening van dit Protocol. In dat geval roept de Voorzitter van de Raad van de Europese Gemeenschappen een conferentie voor de herziening bijeen. ### Artikel 14 Dit Protocol, opgesteld in één exemplaar, in de Duitse, de Franse, de Italiaanse en de Nederlandse taal, welke vier teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat van de Raad van de Europese Gemeenschappen. De Secretaris-Generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de Regering van elke ondertekenende Staat.