rijk/amvb/besluit-begroting-en-verantwoording-remigratiewet/BWBR0011218
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit begroting en verantwoording Remigratiewet BWBR0011218 AMvB geldend 2000-04-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0011218 Besluit begroting en verantwoording Remigratiewet

Besluit begroting en verantwoording Remigratiewet

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. a. wet: de Remigratiewet; b. b. begroting: de begroting, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel a, van de wet; c. c. vijfjarige raming: de vijfjarige raming, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel a, van de wet; d. d. aanvraag om een voorschot: de aanvraag om een voorschot, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel b, van de wet; e. e. tussentijdse rapportage: de tussentijdse rapportage, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel c, van de wet.

Hoofdstuk 2. Tijdstip, inhoud en inrichting van schriftelijke stukken en tijdstip van betaling van voorschotten

Artikel 2

1. De SVB biedt jaarlijks vóór 15 juli van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar de begroting en de vijfjarige raming aan Onze Minister aan.

2. De begroting en de vijfjarige raming worden wat betreft de inhoud en de inrichting opgesteld overeenkomstig de opzet voor de sociale verzekeringsfondsen.

3. In afwijking van het tweede lid kan Onze Minister over de inhoud en de inrichting van de begroting en de vijfjarige raming nadere regels stellen.

4. De goedgekeurde begroting wordt vóór 15 januari van het begrotingsjaar bekend gemaakt tegelijk met de toekenning van het voorschot, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel b, van de wet.

Artikel 3

1. De SVB biedt jaarlijks vóór 1 december van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar de aanvraag om een voorschot aan Onze Minister aan.

2. De aanvraag om een voorschot heeft betrekking op de uitgaven en kosten, bedoeld in artikel 8b, eerste en tweede lid, van de wet.

3. In de aanvraag om een voorschot worden het volume en de prijs vermeld die aan de berekening van het voorschot ten grondslag liggen.

4. Indien de aanvraag om een voorschot afwijkt van de daarop betrekking hebbende begroting, dient het verschil in bedoelde aanvraag te worden gemotiveerd.

Artikel 4

1. Onze Minister verstrekt het voorschot aan de SVB in maandelijkse termijnen vóór de 15e van de maand op basis van het toegekende voorschot, bedoeld in artikel 2, vierde lid.

2. Indien de tussentijdse rapportage daartoe aanleiding geeft kan het voorschot, bedoeld in het eerste lid, elk kwartaal worden aangepast.

Artikel 5

1. Onze Minister stelt regels over het tijdstip waarop de SVB de tussentijdse rapportage aan Onze Minister aanbiedt.

2. De tussentijdse rapportage geeft inzicht in de gerealiseerde uitgaven en kosten, bedoeld in artikel 8b, eerste en tweede lid, van de wet, ten opzichte van de voor deze doeleinden verstrekte voorschotten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, en ten opzichte van de vastgestelde begroting en de vijfjarige raming.

3. Onze Minister stelt nadere regels over de inhoud en de inrichting van de tussentijdse rapportage.

Artikel 6

1. De SVB biedt de in artikel 8c, eerste lid, onderdeel d en e, van de wet, bedoelde schriftelijke stukken jaarlijks vóór 15 juli van het jaar volgende op het begrotingsjaar aan Onze Minister aan.

2. De schriftelijke stukken, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel d, van de wet, worden wat betreft de inhoud en de inrichting opgesteld overeenkomstig de opzet voor de sociale verzekeringsfondsen.

3. In afwijking van het tweede lid kan Onze Minister over de inhoud en de inrichting van de schriftelijke stukken, bedoeld in artikel 8c, eerste lid, onderdeel d, van de wet, nadere regels stellen.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit begroting en verantwoording Remigratiewet.