|
…
|
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit ex artikel 6, derde lid, Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag | BWBR0002646 | AMvB | geldend | 1969-02-23 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0002646 | Besluit ex artikel 6, derde lid, Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag |
Besluit ex artikel 6, derde lid, Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
Artikel I
Voor de toepassing van het bij of krachtens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag bepaalde wordt mede onder loon verstaan het vrije genot van:
a. kost en inwoning; b. maaltijden; c. bewassing; d. vuur; e. licht; f. water; g. een woning; h. kleding voor een kind, dat werkzaam is in de onderneming van zijn ouders; i. huisvesting:
1e. aan boord van binnenschepen - andere dan vissersvaartuigen - en van baggermateriaal; 2e. aan boord van zeeschepen, andere dan vissersvaartuigen; 3e. aan boord van vissersvaartuigen; 4e. in pakwagens voor werknemers, in dienst van kermisexploitanten.
Artikel II
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip, waarop de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag in werking treedt.