rijk/amvb/besluit-handel-in-emissierechten/BWBR0017779
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit handel in emissierechten BWBR0017779 AMvB geldend 2024-03-30 https://wetten.overheid.nl/BWBR0017779 Besluit handel in emissierechten

Besluit handel in emissierechten

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

accreditatie-instantie: nationale accreditatie-instantie, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en marktoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PbEU L 218);

brandstof: gasvormige, vloeibare of vaste stof, met inbegrip van alle daaraan toegevoegde stoffen, dienende voor verbranding;

CEN-norm: norm die door het CEN, het Europese Comité voor Standaardisatie, is vastgesteld;

CO_2: kooldioxide;

N_2O: distikstofoxide (lachgas);

verbrandingseenheid: vaste technische eenheid waarin activiteiten als bedoeld in artikel 3, onder t, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten plaatsvinden;

wet: Wet milieubeheer.

Hoofdstuk 2. Broeikasgasemissies

Paragraaf 2.1. Broeikasgasinstallaties

Artikel 1a

Deze paragraaf heeft het toepassingsgebied van afdeling 16.2.1 van de wet.

Artikel 2

1.

Als categorieën van activiteiten als bedoeld in artikel 16.1, tweede lid, van de wet worden aangewezen:

a. a. de categorieën van activiteiten die in de bij dit besluit behorende bijlage I zijn genoemd en de daar genoemde broeikasgassen; b. b. op grond van artikel 24 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten in het systeem van handel in broeikasgasemissierechten opgenomen:

        1°.
        combinaties van activiteiten en broeikasgassen alsmede
      
      
        2°.
        combinaties van broeikasgasinstallaties en broeikasgassen,
      
    
    met ingang van de in de beschikking van de Europese Commissie tot goedkeuring van die opneming genoemde datum.

1°. 1°. combinaties van activiteiten en broeikasgassen alsmede 2°. 2°. combinaties van broeikasgasinstallaties en broeikasgassen,

2.

De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, heeft geen betrekking op activiteiten, indien:

a. a. de betreffende drempelwaarde, genoemd in bijlage I, niet wordt overschreden; b. b. de broeikasgasinstallatie waarin de activiteiten worden verricht, bestemd is voor het verbranden van gevaarlijke afvalstoffen; c. c. de broeikasgasinstallatie waarin de activiteiten worden verricht, bestemd is voor onderzoek, ontwikkeling of beproeving van nieuwe processen of producten; d. d. de totale broeikasgasemissies van de broeikasgasinstallatie in de voorgaande desbetreffende periode van vijf jaar als bedoeld in artikel 11, eerste lid, tweede alinea, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten gemiddeld voor meer dan 95% uit emissies bestaat die het gevolg is van de verbranding van biomassa die voldoet aan de bij ministeriële regeling vastgestelde duurzaamheids- en broeikasgasemissiereductiecriteria; e. e. zich in de broeikasgasinstallatie waarin de activiteiten worden verricht, een reserve, achtervang of parallelle eenheid bevindt die niet gelijktijdig in werking kan zijn met andere eenheden en:

        1°.
        de drempelwaarde, genoemd in bijlage I, niet wordt overschreden, als de activiteiten die plaatsvinden in de reserve, achtervang of parallelle eenheid van een broeikasgasinstallatie niet worden meegeteld;
      
      
        2°.
        er een technische restrictie is waardoor de reserve, achtervang of parallelle eenheid niet tegelijkertijd in werking kan zijn met andere eenheden en de drempelwaarden, genoemd in bijlage 1, op geen enkel moment kunnen worden overschreden;
      
      
        3°.
        de technische restrictie, bedoeld onder 2°, gemeld is aan het bestuur van de emissieautoriteit, en
      
      
        4°.
        voldaan wordt aan de bij ministeriële regeling gestelde regels;

1°. 1°. de drempelwaarde, genoemd in bijlage I, niet wordt overschreden, als de activiteiten die plaatsvinden in de reserve, achtervang of parallelle eenheid van een broeikasgasinstallatie niet worden meegeteld; 2°. 2°. er een technische restrictie is waardoor de reserve, achtervang of parallelle eenheid niet tegelijkertijd in werking kan zijn met andere eenheden en de drempelwaarden, genoemd in bijlage 1, op geen enkel moment kunnen worden overschreden; 3°. 3°. de technische restrictie, bedoeld onder 2°, gemeld is aan het bestuur van de emissieautoriteit, en 4°. 4°. voldaan wordt aan de bij ministeriële regeling gestelde regels; f. f. de broeikasgasinstallatie op grond van artikel 27bis van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten op verzoek van de exploitant van de broeikasgasinstallatie is uitgesloten van het systeem van handel in broeikasgasemissierechten en minder dan 2500 ton CO_2-equivalenten aan emissies heeft gerapporteerd aan het bestuur van de emissieautoriteit, uitgezonderd emissies van biomassa, in elk van de drie jaren voorafgaand aan het moment van aanmelding bij de Europese Commissie en voldaan wordt aan de bij ministeriële regeling gestelde regels.

3.

De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, onder a, heeft geen betrekking op activiteiten binnen:

a. a. een verbrandingseenheid die uitsluitend bedoeld is voor de verbranding van gevaarlijke afvalstoffen; b. b. een eenheid voor onderzoek, ontwikkeling of het testen van nieuwe producten of processen.

4. Indien in een broeikasgasinstallatie meerdere activiteiten als genoemd in de bij dit besluit behorende bijlage I worden uitgeoefend, blijft bij de toepassing van het eerste lid, onder a, de activiteit met een drempelwaarde uitgedrukt in totaal nominaal thermisch ingangsvermogen buiten beschouwing, indien de drempelwaarde van de andere activiteit of activiteiten is uitgedrukt in een ander criterium dan totaal nominaal thermisch ingangsvermogen en deze drempelwaarde wordt bereikt of overschreden.

5. Indien een broeikasgasinstallatie op grond van artikel 27 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten is uitgesloten van het systeem van handel in broeikasgasemissierechten, ziet de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, met betrekking tot de betrokken handelsperiode niet op activiteiten die in de broeikasgasinstallatie worden verricht.

6. Indien een broeikasgasinstallatie, die als gevolg van de exploitatie van verbrandingseenheden met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van meer dan 20 MW onder het toepassingsgebied van het Europese emissiehandelssysteem valt, haar productieprocessen wijzigt om haar broeikasgasemissies te verminderen en niet langer aan die drempel voldoet, kan de exploitant van de broeikasgasinstallatie het bestuur van de emissieautoriteit verzoeken om de broeikasgasinstallatie alleen tot het einde van de huidige of ook de volgende periode van vijf jaar als bedoeld in artikel 11 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten na de wijziging van de productieprocessen binnen het toepassingsgebied te laten vallen van afdeling 16.2.1 van de wet.

7. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop het verzoek, bedoeld in het zesde lid, kan worden gedaan.

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

1. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop de aanvraag om een vergunning krachtens artikel 16.5, en de aanvraag krachtens artikel 16.20a, eerste lid, van de wet moeten geschieden, de gegevens en de bescheiden die door de aanvrager moeten worden verstrekt met het oog op de beslissing op de aanvraag, en de wijze waarop die gegevens moeten worden verkregen. Bij de aanvraag om een vergunning wordt een monitoringsplan ingediend.

2.

Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat in daarbij aangegeven gevallen en met inachtneming van bij die regeling te stellen eisen:

a. a. bij het bepalen van de jaarvracht van een broeikasgasinstallatie tevens rekening wordt gehouden met emissies van een met betrekking tot die activiteit aangeduid broeikasgas, die worden veroorzaakt door activiteiten die in de broeikasgasinstallatie worden verricht en die behoren tot een categorie van activiteiten die in de bij dit besluit behorende bijlage I is genoemd, indien de bron van die emissies zich buiten de broeikasgasinstallatie bevindt; b. b. bij het bepalen van de jaarvracht van een broeikasgasinstallatie geen rekening wordt gehouden met emissies van een met betrekking tot die activiteit aangeduid broeikasgas, die worden veroorzaakt door activiteiten die in de broeikasgasinstallatie worden verricht en die behoren tot een categorie van activiteiten die in de bij dit besluit behorende bijlage I is genoemd, indien de bron van die emissies zich buiten de broeikasgasinstallatie bevindt;

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 12a

Vervallen

Paragraaf 2.2. Luchtvaartactiviteiten en maritiem vervoer

Artikel 12b

Deze paragraaf heeft het toepassingsgebied van afdeling 16.2.2 van de wet.

Artikel 12c

Als broeikasgas, veroorzaakt door luchtvaartactiviteiten, als bedoeld in artikel 16.39a, eerste lid, onder d, van de wet, wordt CO_2 aangewezen.

Artikel 12d

Vervallen

Artikel 12e

Vervallen

Artikel 12f

Vervallen

Artikel 12g

Vervallen

Artikel 12h

1. Als broeikasgas veroorzaakt door maritiem vervoer als bedoeld in artikel 16.39a, eerste lid, onder d, van de wet, wordt CO_2 aangewezen.

2. Vanaf 1 januari 2026 worden in aanvulling op het eerste lid, als broeikasgassen veroorzaakt door maritiem vervoer als bedoeld in artikel 16.39a, eerste lid, onder d, van de wet, CH_4 en N_2O aangewezen.

Paragraaf 2.3. Gereglementeerde entiteiten

Artikel 13

Als gereglementeerde activiteit als bedoeld in artikel 16.1, eerste lid, van de wet wordt aangewezen de activiteit die in de bij dit besluit behorende bijlage II is genoemd.

Hoofdstuk 3. Emissies van stikstofoxiden en NO

Artikel 13

Vervallen

Artikel 13a

Vervallen

Artikel 13b

Vervallen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 14a

Vervallen

Artikel 14b

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Artikel 21

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2005.

Artikel 22

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit handel in emissierechten.

Bijlage I. behorende bij het Besluit handel in emissierechten

Categorieën van activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a:

Voor het bepalen of het totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van een broeikasgasinstallatie meer dan 20 megawatt thermisch bedraagt, worden eenheden met een vermogen van minder dan 3 megawatt thermisch buiten beschouwing gelaten.

Bijlage II. behorende bij het Besluit handel in emissierechten

Bijlage III. behorende bij het Besluit handel in emissierechten

Vervallen

Bijlage IV. behorende bij het Besluit handel in emissierechten

Vervallen