rijk/amvb/besluit-kunststofproducten-voor-eenmalig-gebruik/BWBR0045257
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik BWBR0045257 AMvB geldend 2021-07-03 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045257 Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik

Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

    *EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik:* richtlijn (EU) 2019/904 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de vermindering van de effecten van bepaalde kunststofproducten op het milieu (PbEU 2019, L 155);

    *havenontvangstvoorziening:* voorziening als bedoeld in artikel 6, eerste lid, eerste volzin, van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen;

    *in de handel brengen:* voor het eerst beroepsmatig op de markt aanbieden van een product;

    *kunststof:* materiaal bestaande uit een polymeer als bedoeld in artikel 3, punt 5, van Verordening (EG) nr. 1907/2006, waaraan mogelijk additieven of andere stoffen zijn toegevoegd, en dat als een structureel hoofdbestanddeel van eindproducten kan worden gebruikt, met uitzondering van natuurlijke polymeren die niet chemisch gewijzigd zijn;

    *kunststofproduct voor eenmalig gebruik:* product dat geheel of gedeeltelijk van kunststoffen is gemaakt en niet werd bedacht, ontworpen of in de handel gebracht om binnen zijn levensduur meerdere cycli te maken door te worden teruggestuurd naar een producent om opnieuw gevuld te worden of opnieuw gebruikt te worden voor het doel waarvoor het gemaakt was;

    *op de markt aanbieden:* in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken van een product met het oog op distributie, consumptie of gebruik;

    *oxo-degradeerbare kunststoffen:* kunststofmaterialen die additieven bevatten die via oxidatie het kunststofmateriaal afbreken tot microfragmenten of chemisch ontbinden;

    *producent:*
  
  
    
      1°.
      elke in Nederland gevestigde natuurlijke of rechtspersoon die beroepsmatig, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, kunststofproducten voor eenmalig gebruik vervaardigt, vult, verkoopt of invoert en in Nederland kunststofproducten voor eenmalig gebruik, gevulde kunststofproducten voor eenmalig gebruik of kunststofhoudend vistuig in de handel brengt, niet zijnde personen die visserijactiviteiten uitvoeren zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 28, van Verordening (EG) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad;
    
    
      2°.
      elke in een lidstaat van de Europese Unie of derde land gevestigde natuurlijke of rechtspersoon die beroepsmatig rechtstreeks kunststofproducten voor eenmalig gebruik, gevulde kunststofproducten voor eenmalig gebruik, of kunststofhoudend vistuig in een andere lidstaat verkoopt aan particuliere huishoudens of aan andere gebruikers dan particuliere huishoudens, door overeenkomsten op afstand zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 7, van Richtlijn 2011/83/EU, niet zijnde personen die visserijactiviteiten uitvoeren zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 28, van Verordening (EG) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad;

1°. 1°. elke in Nederland gevestigde natuurlijke of rechtspersoon die beroepsmatig, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, kunststofproducten voor eenmalig gebruik vervaardigt, vult, verkoopt of invoert en in Nederland kunststofproducten voor eenmalig gebruik, gevulde kunststofproducten voor eenmalig gebruik of kunststofhoudend vistuig in de handel brengt, niet zijnde personen die visserijactiviteiten uitvoeren zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 28, van Verordening (EG) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad; 2°. 2°. elke in een lidstaat van de Europese Unie of derde land gevestigde natuurlijke of rechtspersoon die beroepsmatig rechtstreeks kunststofproducten voor eenmalig gebruik, gevulde kunststofproducten voor eenmalig gebruik, of kunststofhoudend vistuig in een andere lidstaat verkoopt aan particuliere huishoudens of aan andere gebruikers dan particuliere huishoudens, door overeenkomsten op afstand zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 7, van Richtlijn 2011/83/EU, niet zijnde personen die visserijactiviteiten uitvoeren zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 28, van Verordening (EG) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad;

    *richtlijn consumentenrechten:*
    richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende consumentenrechten, tot wijziging van Richtlijn 93/13/EEG van de Raad en van Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 85/577/EEG en van Richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad (PbEU L 2011, 304);

    *richtlijn havenontvangstvoorzieningen:* richtlijn (EU) 2019/883 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake havenontvangstvoorzieningen voor de afvalafgifte van schepen, tot wijziging van Richtlijn 2010/65/EU en tot intrekking van Richtlijn 2000/59/EG (PbEU 2019, L 151);

    *tabaksproducten:* tabaksproducten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Tabaks- en rookwarenwet;

    *verpakking:* verpakking als bedoeld in artikel 1 van het Besluit beheer verpakkingen 2014;

    *verordening (EU) 2017/745:* verordening (EU) 2017/745 betreffende medische hulpmiddelen, tot wijziging van Richtlijn 2001/83/EG, Verordening (EG) nr. 178/2002 en Verordening (EG) nr. 1223/2009, en tot intrekking van Richtlijnen 90/385/EEG en 93/42/EEG van de Raad (PbEU 2017, L 117);

    *verordening (EU) 2020/2151:* Uitvoeringsverordening (EU) 2020/2151 van de Commissie van 17 december 2020 tot vaststelling van regels inzake geharmoniseerde markeringsspecificaties voor kunststofproducten voor eenmalig gebruik die zijn opgenomen in deel D van de bijlage bij Richtlijn (EU) 2019/904 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de vermindering van de effecten van bepaalde kunststofproducten op het milieu (PbEU 2020, L 428);

    *vistuig:* elk voorwerp of onderdeel van een werktuig dat wordt gebruikt in de visserij of de aquacultuur om in zee levende organismen af te zonderen, te vangen of te kweken, of dat op het zeeoppervlak drijft en wordt uitgezet met als doel dergelijke in zee levende organismen aan te trekken, te vangen of te kweken;

    *vistuigafval:* elk vistuig dat een afvalstof is, met inbegrip van alle afzonderlijke bestanddelen, stoffen of materialen die deel uitmaakten van of bevestigd waren aan dergelijk vistuig toen het werd afgedankt, werd achtergelaten of verloren raakte;

    *vochtige doekjes:* vooraf bevochtigde doekjes voor persoonlijke hygiëne of huishoudelijk gebruik die kunststof bevatten;

    *wet:*
    Wet milieubeheer.

Artikel 2

1.

Het is verboden producten vervaardigd uit oxo-degradeerbare kunststoffen en de volgende kunststofproducten voor eenmalig gebruik in Nederland in de handel te brengen:

a. a. katoenen wattenstaafjes, tenzij dit medische hulpmiddelen zijn als bedoeld in artikel 2, punt 1, van verordening (EU) 2017/745; b. b. bestek; c. c. borden; d. d. rietjes, tenzij dit medische hulpmiddelen zijn als bedoeld in artikel 2, punt 1, van verordening (EU) 2017/745; e. e. roerstaafjes voor dranken; f. f. stokjes en de mechanismen van die stokjes die worden bevestigd aan ballonnen ter ondersteuning van die ballonnen, niet zijnde ballonnen voor industriële of andere professionele toepassingen.

2. De verkooppunten van rietjes die een medisch hulpmiddel zijn, kunnen in aantal, type of in de wijze van verkoop worden beperkt.

Artikel 3

1.

Dit artikel is van toepassing op de producent van de volgende kunststofproducten voor eenmalig gebruik:

a. a. maandverbanden, tampons, inbrenghulzen voor tampons; b. b. vochtige doekjes; c. c. tabaksproducten met kunststofhoudende filters of kunststofhoudende filters die worden verkocht voor gebruik in combinatie met tabaksproducten.

2.

De producent voorziet in overeenstemming met verordening (EU) 2020/2151 de verpakkingen van een product als bedoeld in het eerste lid van markeringen waarmee opvallende, duidelijk leesbare en onuitwisbare informatie wordt verstrekt over:

a. a. passende en ongepaste manieren om zich van het product te ontdoen, in overeenstemming met de afvalhiërarchie, bedoeld in artikel 10.4 van de wet; en b. b. de aanwezigheid van kunststoffen in het product en de negatieve effecten op het milieu van zwerfafval of andere ongepaste manieren om zich van het product te ontdoen.

Artikel 4

1.

Producenten van vochtige doekjes en van ballonnen die kunststof bevatten, niet zijnde ballonnen voor industriële of andere professionele toepassingen, zijn verantwoordelijk voor het bijdragen aan vermindering van het zwerfafval van die producten in het milieu en het dekken van de kosten van ten minste de volgende maatregelen:

a. a. het bewust maken van consumenten over:

        1°.
        de beschikbaarheid van herbruikbare alternatieven voor die producten, systemen voor hergebruik en de mogelijkheden en de beste praktijken voor een deugdelijk afvalbeheer;
      
      
        2°.
        de effecten op het milieu, met name het mariene milieu, van zwerfafval en onjuiste manieren van afvalverwijdering van die producten; en
      
      
        3°.
        de gevolgen van onjuiste manieren van afvalverwijdering op de riolering;

1°. 1°. de beschikbaarheid van herbruikbare alternatieven voor die producten, systemen voor hergebruik en de mogelijkheden en de beste praktijken voor een deugdelijk afvalbeheer; 2°. 2°. de effecten op het milieu, met name het mariene milieu, van zwerfafval en onjuiste manieren van afvalverwijdering van die producten; en 3°. 3°. de gevolgen van onjuiste manieren van afvalverwijdering op de riolering; b. b. het opruimen, het vervoer en de verwerking, door of namens de overheid, van het zwerfafval van die producten.

2. Een in Nederland gevestigde producent die producten als bedoeld in het eerste lid in een andere lidstaat verkoopt, wijst in die andere lidstaat een gemachtigde vertegenwoordiger aan, die verantwoordelijk is voor het naleven van de verplichtingen van de producent die voortvloeien uit de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid ter implementatie van EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik in die andere lidstaat.

Artikel 5

1. Producenten van tabaksproducten met kunststofhoudende filters en kunststofhoudende filters die worden verkocht voor gebruik in combinatie met tabaksproducten zijn met ingang van 5 januari 2023 verantwoordelijk voor het bijdragen aan vermindering van het zwerfafval van die tabaksproducten in het milieu door de kosten te dekken van de overheidsmaatregelen, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a en b, alsmede de kosten voor de openbare inzamelsystemen voor het afval van die producten, het plaatsen en exploiteren daarvan.

2. Producenten als bedoeld in het eerste lid leveren met ingang van het daarvoor vastgestelde kalenderjaar aan Onze Minister gegevens over afval van die producten in overeenstemming met het daarvoor geldende format.

3. Een in Nederland gevestigde producent die producten als bedoeld in het eerste lid in een andere lidstaat verkoopt, wijst in die andere lidstaat een gemachtigde vertegenwoordiger aan, die verantwoordelijk is voor het naleven van de verplichtingen van de producent die voortvloeien uit de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid ter implementatie van EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik in die andere lidstaat.

Artikel 6

1. Producenten van kunststofhoudend vistuig zijn verantwoordelijk voor de inzameling van een jaarlijks minimumpercentage afval van kunststofhoudend vistuig, dat voor 2022 tenminste 23% bedraagt van door hen in dat jaar in Nederland in de handel gebracht kunststofhoudend vistuig en voor de jaren 2023 tot en met 2027 per jaar 3% hoger ligt.

2. Onze Minister kan het percentage met ten hoogste 10% naar boven of naar beneden bijstellen voor 2022 en dat voor de jaren 2023 tot en met 2027 jaarlijks met ten hoogste 3%, indien de resultaten of verwachtingen van de haalbaarheid daarvan daartoe aanleiding geven.

3. Het jaarlijks minimumpercentage afval van kunststofhoudend vistuig, bedoeld in het eerste lid, geldt na inwerkingtreding van artikel 7 ook als nationaal jaarlijks minimuminzamelingspercentage als bedoeld in artikel 8, achtste lid, van EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

Artikel 7

1.

De producenten van kunststofhoudend vistuig dekken de kosten van de volgende maatregelen:

a. a. het bewust maken van gebruikers over:

        1°.
        de beschikbaarheid van herbruikbare alternatieven voor de producten, bedoeld in het eerste lid, systemen voor hergebruik en de mogelijkheden en de beste praktijken voor een deugdelijk afvalbeheer; en
      
      
        2°.
        de effecten op het milieu, met name het mariene milieu, van zwerfafval en onjuiste manieren van afvalverwijdering van die producten;

1°. 1°. de beschikbaarheid van herbruikbare alternatieven voor de producten, bedoeld in het eerste lid, systemen voor hergebruik en de mogelijkheden en de beste praktijken voor een deugdelijk afvalbeheer; en 2°. 2°. de effecten op het milieu, met name het mariene milieu, van zwerfafval en onjuiste manieren van afvalverwijdering van die producten; b. b. het gescheiden inzamelen van afval van kunststofhoudend vistuig dat in overeenstemming met artikel 12b van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen is aangeleverd aan de havenontvangstvoorzieningen of aan gelijkwaardige inzamelsystemen die niet onder de richtlijn havenontvangstvoorzieningen vallen; en c. c. het vervoer en de verwerking van het gescheiden ingezamelde afval van kunststofhoudend vistuig.

2. Een in Nederland gevestigde producent die kunststofhoudend vistuig in een andere lidstaat verkoopt, wijst in die lidstaat een gemachtigde vertegenwoordiger aan, die verantwoordelijk is voor het naleven van de verplichtingen van de producent die voortvloeien uit de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid ter implementatie van EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik in die andere lidstaat.

3. Producenten van kunststofhoudend vistuig leveren met ingang van het daarvoor vastgestelde kalenderjaar in overeenstemming met het daarvoor geldende format aan Onze Minister de gegevens aan over de door hen jaarlijks in Nederland in de handel gebrachte hoeveelheid kunststofhoudend vistuig en ingezameld afval van dat vistuig door havenontvangstvoorzieningen of door gelijkwaardige inzamelsystemen die niet onder de richtlijn havenontvangstvoorzieningen vallen.

Artikel 8

Wijzigt het Besluit beheer verpakkingen 2014.

Artikel 9

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van 3 juli 2021. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 2 juli 2021, treedt het besluit in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

2.

In afwijking van het eerste lid:

a. a. treden de artikelen 6 en 8, onderdeel A, in werking met ingang van 1 januari 2022; b. b. treden de artikelen 4 en 7 in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 10

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik.