40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit ministeriële goedkeuring van besluiten van bedrijfslichamen | BWBR0022891 | AMvB | geldend | 2007-11-28 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0022891 | Besluit ministeriële goedkeuring van besluiten van bedrijfslichamen |
Besluit ministeriële goedkeuring van besluiten van bedrijfslichamen
Artikel 1
1. Als Minister wie het aangaat wordt voor de toepassing van de artikelen 100, derde lid, 104, tweede en derde lid, en 126, vierde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie de minister aangemerkt die de primaire beleidsverantwoordelijkheid draagt voor het onderwerp dan wel voor de economische sector waarop een verordening of besluit uitsluitend of in hoofdzaak betrekking heeft.
2.
Als Minister wie het aangaat wordt aangemerkt Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid indien een verordening of besluit uitsluitend of in hoofdzaak betrekking heeft op:
a. a. arbeidstijden; b. b. arbeidsomstandigheden; c. c. medezeggenschapsregelingen; d. d. arbeidsmarktvoorzieningen; e. e. scholing; f. f. lonen en andere arbeidsvoorwaarden.
3.
Als Minister wie het aangaat wordt aangemerkt Onze Minister van Economische Zaken, indien een verordening of besluit uitsluitend of in hoofdzaak betrekking heeft op:
a. a. marktordeningsvraagstukken; b. b. onderzoek en ontwikkeling; c. c. exportbevordering; d. d. agrarische sectoren dan wel afkomstig is van een bedrijfslichaam dat in hoofdzaak in de agrarische sector werkzaam is.
Artikel 2
1. Indien Onze Minister wie het aangaat van oordeel is dat een goed te keuren verordening of besluit mede, maar niet in hoofdzaak, onderwerpen of economische sectoren betreft die tot de primaire beleidsverantwoordelijkheid van een of meer andere ministers behoren, legt hij de verordening of het besluit aan die ministers voor met de vraag of deze medebetrokken wensen te zijn bij de goedkeuring.
2. Als medebetrokken ministers worden voor de toepassing van de artikelen 100, derde lid, 104, tweede en derde lid, en 126, vierde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie in elk geval aangemerkt de in artikel 1, tweede tot en met vierde lid, genoemde ministers, ieder voorzover een goed te keuren verordening of besluit mede maar niet in hoofdzaak onderwerpen of economische sectoren betreft die in die leden te zijnen aanzien zijn genoemd.
3. Als medebetrokken minister voor de goedkeuring van besluiten als bedoeld in artikel 104, derde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie wordt in elk geval aangemerkt Onze Minister van Veiligheid en Justitie.
Artikel 3
Indien het bij koninklijke boodschap van 14 mei 2007 ingediende voorstel van wet, houdende wijziging van de Wet op de bedrijfsorganisatie met betrekking tot de ministeriële goedkeuring van besluiten van bedrijfslichamen (Kamerstukken II 2006/07, 31 039, nr. 2), nadat het tot wet is verheven, in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking.