rijk/amvb/besluit-organisch-halogeengehalte-van-brandstoffen/BWBR0004501
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit organisch-halogeengehalte van brandstoffen BWBR0004501 AMvB geldend 2008-04-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0004501 Besluit organisch-halogeengehalte van brandstoffen

Besluit organisch-halogeengehalte van brandstoffen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. brandstoffen: stoffen of preparaten, dienende voor verbranding; b. b. gehalte aan polychloorbifenylen: gehalte aan de afzonderlijke polychloorbifenyl-congeneren 28, 52, 101, 118, 138, 153 of 180; c. c. gehalte aan organische halogeenverbindingen: gehalte aan organische halogeenverbindingen, berekend als chloor.

Artikel 2

1.

Het is verboden brandstoffen toe te passen

a. a. met een gehalte aan polychloorbifenylen van meer dan 0,5 mg/kg per congeneer, of b. b. met een gehalte aan organische halogeenverbindingen van meer dan 50 mg/kg.

2. In afwijking van het eerste lid, onder b, mogen vliegtuigbenzines worden toegepast met een gehalte aan organische halogeenverbindingen van meer dan 50 mg/kg, maar niet meer dan 500 mg/kg.

3. Het is verboden organische halogeenverbindingen, of preparaten waarin een van de in het eerste of tweede lid genoemde gehalten wordt overschreden, ten behoeve van de vervaardiging van brandstoffen aan te wenden. Onder het ten behoeve van de vervaardiging van brandstoffen aanwenden van de bedoelde stoffen of preparaten wordt mede begrepen het mengen van deze stoffen of preparaten in brandstoffen.

4. Het is voorts verboden organische halogeenverbindingen, of preparaten waarin een van de in het eerste of tweede lid genoemde gehalten wordt overschreden, als brandstof of ten behoeve van de vervaardiging van brandstoffen in te voeren in Nederland, te bewaren, voorhanden te hebben, ten verkoop aan te bieden, ten verkoop in voorraad te hebben, te verkopen of zich ervan te ontdoen door afgifte.

Artikel 3

1.

De in artikel 2 gestelde verboden gelden niet voor zover het betreft:

a. a. de toepassing, het bewaren of het voorhanden hebben in of het zich ontdoen door afgifte vanuit particuliere huishoudens; b. b. het invoeren, voorhanden hebben of bewaren van organische halogeenverbindingen of preparaten welke direct na invoer in Nederland zijn of worden opgeslagen in een ruimte dan wel plaats voor tijdelijke opslag of in een douane-entrepot als bedoeld in artikel 147, eerste lid, onderscheidenlijk artikel 210, van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PbEU 2013, L 269) en waarvan uit begeleidende documenten blijkt dat zij zonder enigerlei vorm van bewerking zullen worden doorgevoerd naar een bestemming buiten Nederland, en waarvan tevens aangetoond wordt dat zij tijdens het vervoer naar die bestemming niet als brandstof ingezet zullen worden; c. c. preparaten op basis van tetraethyllood of tetramethyllood, bestemd voor de aanwending als anti-klopmiddel en als zodanig aanwezig in lichte olie als bedoeld in de Wet op de accijns van minerale oliën (Stb. 1964, 207); d. d. brandstoffen, aanwezig in de brandstoffentank van een vaartuig, voertuig of luchtvaartuig dat binnen Nederlands grondgebied wordt gebracht.

2.

De in artikel 2 gestelde verboden gelden voorts niet voor zover:

a. a. de in artikel 2 genoemde handelingen worden verricht in overeenstemming met een vergunning of ontheffing als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, de artikelen 10.54 juncto 10.63, tweede lid, van de Wet milieubeheer of artikel 3, eerste lid, van de Wet verontreiniging zeewater, waarbij uitdrukkelijk de bevoegdheid is verleend handelingen te verrichten ten aanzien van gevaarlijke afvalstoffen, waarin zich polychloorbifenylen of andere organische halogeenverbindingen bevinden; b. b. het betreft het zich ontdoen door afgifte aan of het bewaren of voorhanden hebben met het oog op het zich ontdoen door afgifte aan een persoon als bedoeld onder a. Dit moet blijken uit een schriftelijke overeenkomst met deze persoon; c. c. het betreft het zich ontdoen door afgifte aan of het bewaren of voorhanden hebben met het oog op het zich ontdoen door afgifte aan een in een ander land dan Nederland gevestigd persoon, met wie schriftelijk is overeengekomen dat deze de organische halogeenverbindingen of preparaten daarheen brengt; d. d. het betreft invoer en met een persoon als bedoeld onder a schriftelijk is overeengekomen dat deze de organische halogeenverbindingen of preparaten in ontvangst zal nemen.

Artikel 4

Onze Minister stelt regels omtrent de methoden volgens welke het gehalte aan polychloorbifenylen of het gehalte aan andere organische halogeenverbindingen in brandstoffen of grondstoffen voor brandstoffen wordt vastgesteld.

Artikel 4a

Dit besluit berust op artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer.

Artikel 5

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de eenendertigste dag na de datum van de uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

2. Het kan worden aangehaald als Besluit organisch-halogeengehalte van brandstoffen.