rijk/amvb/besluit-overgangsrecht-wijzigingswet-mediawet-herziening-organisatiestructuur-va/BWBR0009175
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit overgangsrecht Wijzigingswet Mediawet (herziening organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep) BWBR0009175 AMvB geldend 1998-02-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0009175 Besluit overgangsrecht Wijzigingswet Mediawet (herziening organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep)

Besluit overgangsrecht Wijzigingswet Mediawet (herziening organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep)

Artikel 1

Indien de eerste benoeming van de leden van de raad van bestuur met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van de wet van 13 november 1997 (Stb. 544), tot wijziging van bepalingen van de Mediawet in verband met een herziening van de organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep, is geschied in voorafgaand overleg met het algemeen bestuur van de Nederlandse Omroep Stichting, zoals dat bestond op de dag voorafgaande aan genoemd tijdstip, wordt deze benoeming aangemerkt als een benoeming in de zin van artikel 19, tweede lid, van de Mediawet.

Artikel 2

1. Voor het kalenderjaar 1998 stelt de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, in afwijking van artikel 101, eerste lid, aanhef, van de Mediawet, het in artikel 101, eerste lid, onderdeel f, van de Mediawet bedoelde bedrag dat beschikbaar is voor de versterking van de programmering, vast voor 1 maart 1998.

2. De raad van bestuur kan, in afwijking van artikel 101, vierde lid, van de Mediawet, het in het eerste lid bedoelde bedrag gedeeltelijk ten goede laten komen aan de instellingen die zendtijd hebben verkregen voor landelijke omroep in het volgende kalenderjaar, voor zover dat bedrag niet nodig is voor versterking van de programmering in het kalenderjaar 1998. Laatstbedoeld bedrag wordt verrekend met het voor het kalenderjaar 1999 ter beschikking te stellen bedrag voor versterking van de programmering.

Artikel 3

Voor de indiening en afhandeling van bezwaar- en beroepschriften tegen besluiten van het Commissariaat voor de Media, genomen op grond van de artikelen 99 tot en met 106 en 109 tot en met 109d van de Mediawet, zoals deze artikelen luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet van 13 november 1997 (Stb. 544), tot wijziging van bepalingen van de Mediawet in verband met een herziening van de organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep, blijft het recht zoals het gold voor dat tijdstip van toepassing.

Artikel 4

Voor de toepassing van artikel III van de wet van 13 november 1997 (Stb. 544), tot wijziging van bepalingen van de Mediawet in verband met een herziening van de organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep, zijn de in dat artikel bedoelde leden van het algemeen bestuur, onderscheidenlijk voorzitter van NOS, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van genoemde wet lid, respectievelijk voorzitter van de raad van toezicht van de Nederlandse Omroep Stichting voor het restant van de termijn waarvoor benoeming tot lid van het algemeen bestuur, respectievelijk voorzitter van de NOS, heeft plaatsgevonden.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 13 november 1997 (Stb. 544), tot wijziging van bepalingen van de Mediawet in verband met een herziening van de organisatiestructuur van de landelijke publieke omroep in werking treedt.