40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit vaststelling nadere voorschriften inhoud jaarverslag banken | BWBR0027739 | AMvB | geldend | 2010-06-12 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0027739 | Besluit vaststelling nadere voorschriften inhoud jaarverslag banken |
Besluit vaststelling nadere voorschriften inhoud jaarverslag banken
Artikel 1
Dit besluit is van toepassing op banken als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht met zetel in Nederland die beschikken over een vergunning als bedoeld in het Deel Markttoegang Financiële Ondernemingen van die wet. Met betrekking tot een ingevolge artikel 3:111, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht vrijgestelde groep banken, is dit besluit van toepassing op de centrale kredietinstelling, bedoeld in dat artikel.
Artikel 2
Als gedragscode bedoeld in artikel 391 lid 5 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt aangewezen de code banken zoals gepubliceerd in Staatscourant nr. 20060 d.d. 23 december 2009.
Artikel 3
1. Een bank als bedoeld in de eerste zin van artikel 1 doet in het bestuursverslag in een specifiek onderdeel betreffende corporate governance, mededeling over de naleving van de principes van de in artikel 2 aangewezen gedragscode. Indien de desbetreffende bank die principes niet heeft nageleefd of niet voornemens is deze in het lopende en daaropvolgende boekjaar na te leven, doet zij daarvan in het bestuursverslag gemotiveerd opgave.
2. Indien een bank als bedoeld in de eerste zin van artikel 1 aan het hoofd staat van een groep, kan die bank in het bestuursverslag mededeling doen over de naleving van de principes van de in artikel 2 aangewezen gedragscode ten aanzien van de groep als geheel en doet deze bank in het bestuursverslag gemotiveerd opgave indien de groep die principes niet heeft nageleefd of niet voornemens is deze in het lopende en daaropvolgende boekjaar na te leven.
3. De mededelingsplicht van lid 1 is niet van toepassing op een dochtermaatschappij als bedoeld in artikel 24a lid 1 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, van een bank die op grond van lid 2 mededeling doet ten aanzien van de groep als geheel, mits de desbetreffende dochtermaatschappij in haar bestuursverslag verwijst naar de mededeling ten aanzien van de groep als geheel en het Besluit van 23 december 2004 tot vaststelling van nadere voorschriften omtrent de inhoud van het bestuursverslag (Stb. 747) niet op haar van toepassing is.
4. De centrale kredietinstelling, bedoeld in de tweede zin van artikel 1 doet in het bestuursverslag in een specifiek onderdeel betreffende corporate governance, mededeling over de naleving van de principes van de in artikel 2 aangewezen gedragscode ten aanzien van de groep als geheel. Indien de groep die principes niet heeft nageleefd of niet voornemens is deze in het lopende en daaropvolgende boekjaar na te leven, doet de centrale kredietinstelling daarvan in het bestuursverslag gemotiveerd opgave.
5. De mededeling, bedoeld in lid 1, 2 en 4 kan ook worden gedaan in een bijlage bij het bestuursverslag of langs elektronische weg waardoor de mededeling rechtstreeks en permanent toegankelijk is, mits in het bestuursverslag wordt vermeld waar de mededeling voor het publiek elektronisch beschikbaar is. Indien gebruik wordt gemaakt van de laatste mogelijkheid, wordt de mededeling geacht onderdeel uit te maken van het bestuursverslag.
5. Bij de mededeling, bedoeld in lid 1, 2 en 4 wordt vermeld waar de tekst van de gedragscode, bedoeld in artikel 2, voor het publiek beschikbaar is.
Artikel 4
De accountant, bedoeld in artikel 393 lid 1 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, gaat na of de in artikel 3 bedoelde mededeling in het bestuursverslag of in een bijlage bij het bestuursverslag is opgenomen.
Artikel 5
Dit besluit is van toepassing op jaarverslagen die betrekking hebben op een boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 2010.
Artikel 6
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2010.