rijk/amvb/besluit-vergoedingen-telecommunicatiewet-en-wet-telecommunicatievoorzieningen-be/BWBR0010334
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet en Wet telecommunicatievoorzieningen BES BWBR0010334 AMvB geldend 2022-05-03 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010334 Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet en Wet telecommunicatievoorzieningen BES

Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet en Wet telecommunicatievoorzieningen BES

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • aanbieder: onderneming die openbare elektronische communicatiediensten, openbare elektronische communicatienetwerken of bijbehorende faciliteiten aanbiedt;
  • vergoeding: vergoeding, bedoeld in artikel 16.1 van de wet of artikel 31 van de Wtv BES;
  • wet: Telecommunicatiewet;
  • Wtv BES: Wet telecommunicatievoorzieningen BES.

Artikel 2

1. De vergoeding dient ter dekking van de kosten van de werkzaamheden of diensten die ingevolge het bepaalde bij of krachtens de wet of de Wtv BES door Onze Minister worden verricht.

2.

De vergoeding bestaat uit:

a. a. een bedrag dat verband houdt met de eenmalig gemaakte uitvoeringskosten van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of b. b. een bedrag dat verband houdt met de kosten, anders dan die genoemd onder a, van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of c. c. een jaarlijkse bijdrage als bedoeld in artikel 16.1, derde of vierde lid, van de wet.

3. De bedragen, bedoeld in het tweede lid, worden voor de duur van een jaar of voor onbepaalde tijd vastgesteld.

4. Het bedrag en de jaarlijkse bijdrage, bedoeld in het tweede lid, onder b en c, zijn jaarlijks verschuldigd en worden jaarlijks in rekening gebracht.

Artikel 3

1.

Ter zake van de kosten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, gelden als uitgangspunten dat:

a. a. de directe kosten rechtstreeks worden toegerekend aan categorieën van gelijksoortige werkzaamheden of diensten; b. b. de indirecte kosten worden toegerekend aan categorieën van gelijksoortige werkzaamheden of diensten naar rato van hun beslag op de onderscheiden werkzaamheden of diensten; c. c. deze kosten, voor zover het kosten op grond van de wet betreft op bedrijfseconomische wijze worden berekend door middel van een door Onze Minister toe te passen kostencalculatiemodel dat zodanig is ingericht dat daaruit op elk moment op eenduidige en inzichtelijke wijze de kosten van de desbetreffende categorieën van gelijksoortige werkzaamheden of diensten kunnen worden afgeleid.

2. Onze Minister maakt het kostencalculatiemodel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, bekend op een door hem te bepalen wijze.

3. Voorzover de kosten bestaan uit afschrijvingskosten, worden deze kosten door middel van evenredige afschrijving op de aanschafwaarden van de investeringsgoederen per kalenderjaar geraamd op basis van de economische levensduur.

4. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat voor de toepassing van artikel 2, tweede lid, onderdeel a, geen onderscheid wordt gemaakt tussen uitvoeringskosten voor het inwilligen van een aanvraag, uitvoeringskosten voor het geheel of gedeeltelijk afwijzen van een aanvraag of uitvoeringskosten die gemaakt zijn ter behandeling van een aanvraag die wordt ingetrokken.

Artikel 4

1.

Categorieën als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a en b, zijn werkzaamheden of diensten als bedoeld in de wet of de Wtv BES met betrekking tot:

a. a. het gebruik van frequentieruimte voor:

        1°.
        elektronische communicatienetwerken en elektronische communicatiediensten;
      
      
        2°.
        omroep;
      
      
        3°.
        straalverbindingen;
      
      
        4°.
        frequentiegebruik waarvoor een meld- en registratieverplichting geldt,

1°. 1°. elektronische communicatienetwerken en elektronische communicatiediensten; 2°. 2°. omroep; 3°. 3°. straalverbindingen; 4°. 4°. frequentiegebruik waarvoor een meld- en registratieverplichting geldt, b. b. apparaten en radioapparaten als bedoeld in hoofdstuk 10 van de wet, c. c. de aanwijzing van instellingen als bedoeld in artikel 18.17a, eerste lid, van de wet, d. d. de categorieën, bedoeld in artikel 31 Wtv BES.

2. Bij ministeriële regeling kunnen per categorie, bedoeld in het eerste lid, subcategorieën van gelijksoortige werkzaamheden of diensten worden vastgesteld en kunnen andere categorieën van gelijksoortige werkzaamheden of diensten worden vastgesteld.

Artikel 5

1. Bij ministeriële regeling wordt de hoogte van de vergoeding per categorie of subcategorie van gelijksoortige werkzaamheden of diensten vastgesteld op basis van de geraamde kosten die per categorie of per subcategorie zijn toegerekend als bedoeld in artikel 4.

2. Bij de regeling worden de bedragen en de jaarlijkse bijdrage, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a tot en met c, afzonderlijk vastgesteld.

Artikel 5a

Vervallen

Artikel 5b

Vervallen

Artikel 5c

Vervallen

Artikel 6

Onverminderd artikel 2, eerste tot en met derde lid, kan in afwijking van de artikelen 2, vierde lid, 3, 4 en 5, bij ministeriële regeling een vergoeding worden vastgesteld, voorzover noodzakelijk ter dekking van onvoorziene kosten van werkzaamheden of diensten als bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Artikel 7

Tenzij bij ministeriële regeling anders wordt bepaald, wordt de vergoeding door degene die de vergoeding is verschuldigd, bij vooruitbetaling voldaan.

Artikel 7a

Aan een krachtens dit besluit vast te stellen ministeriele regeling kan terugwerkende kracht worden verleend tot een bij die regeling te bepalen tijdstip.

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Wijzigt het Besluit vergoedingen OPTA.

Artikel 12

1. Wijzigt de Wet op de telecommunicatievoorzieningen.

2. Wijzigt de Vergunningenwet kabelgebonden telecommunicatie-infrastructuur.

3. Wijzigt het Besluit radio-elektrische inrichtingen.

4. Wijzigt het Besluit elektromagnetische compatibiliteit.

5. Wijzigt het Besluit randapparatuur en apparatuur voor satellietgrondstations.

6. Wijzigt het Besluit aanvraagprocedure nummers.

7. Wijzigt het Besluit vergunningen mobiele telecommunicatie.

8. Wijzigt het Besluit kabelgebonden telecommunicatie-infrastructuur.

9. Wijzigt van het Besluit draadomroep- en kabelinrichtingen.

Artikel 13

Wijzigt het Besluit ONP-geschillenbeslechting.

Artikel 14

Wijzigt het Frequentiebesluit.

Artikel 15

Na de inwerkingtreding van dit besluit berusten de Regeling vergoedingen RDR 1999 en de Regeling vergoedingen OPTA 1999 I op de artikelen 4, 5, 6 en 7 van dit besluit.

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 april 1999.

Artikel 18

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet en Wet telecommunicatievoorzieningen BES.