rijk/amvb/examenbesluit-accountants-administratieconsulenten-1994/BWBR0006454
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Examenbesluit Accountants-Administratieconsulenten 1994 BWBR0006454 AMvB geldend 1994-02-23 https://wetten.overheid.nl/BWBR0006454 Examenbesluit Accountants-Administratieconsulenten 1994

Examenbesluit Accountants-Administratieconsulenten 1994

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. a. examen: het examen, bedoeld in artikel 80 van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten; b. b. examenbureau: het examenbureau, bedoeld in artikel 85 van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten; c. c. curatorium: het curatorium, bedoeld in artikel 89 van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten.

Hoofdstuk 2. Het theoretische gedeelte van het examen

Paragraaf 1. Toelatingseisen

Artikel 2

1. Tot het afleggen van het theoretische gedeelte van het examen wordt toegelaten degene die in het bezit is van een diploma dat recht geeft op toelating tot een hogeschool in de zin van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

2. Indien het in het eerste lid bedoelde diploma is behaald na het met goed gevolg afleggen van een examen dat een of meer vakken niet heeft omvat waarvan het met goed gevolg afgelegd hebben vereist is voor de toelating tot examens in de bedrijfseconomie aan een hogeschool als bedoeld in het eerste lid, dient de daarvoor benodigde kennis in dat vak of in die vakken aangetoond te worden door middel van schriftelijke bewijzen of bij een toets door het examenbureau.

Artikel 3

1. Degene die niet beschikt over het in artikel 2, eerste lid, bedoelde diploma wordt tot het theoretische gedeelte van het examen toegelaten, indien hij blijkens overgelegde schriftelijke bewijzen naar het oordeel van het examenbureau kennis heeft van de vakken Nederlands, Engels en wiskunde, alsmede van drie van de vakken economie, Frans, Duits, geschiedenis en aardrijkskunde op een niveau dat overeenkomt met het niveau dat voor die vakken geëist wordt voor het behalen van het in artikel 2, eerste lid, bedoelde diploma.

2. Bij gebreke van de in het eerste lid bedoelde bewijzen toetst het examenbureau bij een toelatingsonderzoek, met inachtneming van door het curatorium vast te stellen beleidsregels, of de betrokkene beschikt over de in dat lid vereiste kennis.

Paragraaf 2. Inhoud van het theoretische gedeelte van het examen

Artikel 4

Het theoretische gedeelte van het examen bestaat uit een of meer tentamens in de volgende vakken:

a. a. algemene economie, b. b. bedrijfseconomie, c. c. recht, d. d. wiskunde, e. e. statistiek, f. f. boekhouden, g. g. algemene organisatie, h. h. belastingrecht, i. i. externe verslaggeving, j. j. administratieve organisatie, k. k. leer van de accountantscontrole en l. l. kennis van het midden- en kleinbedrijf.

Artikel 5

1. Het examenbureau stelt onder goedkeuring van het curatorium de eisen vast voor elk tentamen, alsmede de tot in bijzonderheden uitgewerkte omschrijvingen van de eisen voor elk tentamen met vermelding van de te bestuderen literatuur.

2. Het examenbureau legt de in het eerste lid bedoelde regeling, alsmede de wijzigingen daarvan, na de goedkeuring door het curatorium ter inzage op zijn kantoor. Het examenbureau stelt voorts desgevraagd een exemplaar van de regeling tegen vergoeding van de kostprijs ter beschikking aan degenen die aan het examen willen deelnemen.

Artikel 6

1. Het examenbureau kan, onder goedkeuring van het curatorium, om onderwijskundige redenen de geldigheidsduur van met goed gevolg afgelegde tentamens beperken.

2. Artikel 5, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de in het eerste lid bedoelde regeling.

Paragraaf 3. Vrijstellingen

Artikel 7

Het examenbureau stelt degene die beschikt over schriftelijke bewijzen waaruit blijkt dat hij de kennis heeft die is vereist voor het met goed gevolg afleggen van een of meer tentamens, vrij van het afleggen van de desbetreffende tentamens.

Hoofdstuk 3. Het praktijkgedeelte van het examen

Paragraaf 1. Toelatingseisen

Artikel 8

Tot het praktijkgedeelte van het examen wordt toegelaten degene die

1°. 1°. alle tentamens van de in artikel 4, onder a tot en met h, genoemde vakken van het theoretische gedeelte van het examen met goed gevolg heeft afgelegd, en voorts ten minste één tentamen met goed gevolg heeft afgelegd in elk van de in artikel 4, onder i, j en k, genoemde vakken, waaruit blijkt dat hij de beginselen van deze vakken in theorie beheerst, dan wel van het afleggen daarvan ingevolge artikel 7 is vrijgesteld of 2°. 2°. beschikt over schriftelijke bewijzen waaruit blijkt dat hij met de in het eerste lid genoemde tentamens vergelijkbare toetsen met goed gevolg heeft afgelegd bij een onderwijsinstelling die beschikt over een verklaring van gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 91 van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten.

Paragraaf 2. Inhoud van het praktijkgedeelte van het examen

Artikel 9

1. Bij het praktijkgedeelte van het examen toetst het examenbureau de vaardigheid in de praktijk in de in artikel 4 genoemde vakken en in het bijzonder in de vakken externe verslaggeving, administratieve organisatie en leer van de accountantscontrole.

2.

De werkzaamheden aan de hand waarvan de in het eerste lid bedoelde vaardigheid wordt getoetst betreffen in ieder geval:

    • controleplanning;
      
    • vastlegging en beoordeling van administratieve organisatie en interne controlesystemen en daarmee samenhangende automatiseringssystemen;
      
    • opstellen van een gedetailleerd controleprogramma;
      
    • toepassen van verschillende controletechnieken;
      
    • beoordelen van jaarrekeningen;
      
    • opstellen van accountantsrapporten en accountantsverklaringen.
      

Artikel 10

Ten behoeve van de in artikel 9 bedoelde toetsing stelt degene die aan het praktijkgedeelte van het examen deelneemt gedurende drie jaar na de aanvang van dat gedeelte elk half jaar een praktijkverslag op waarin de aard en de omvang van de door hem verrichte werkzaamheden zijn vastgelegd. Het verslag wordt voorzien van een beoordeling van die werkzaamheden door degene bij wie de praktijkopleiding wordt gevolgd.

Artikel 11

Degene die deelneemt aan het praktijkgedeelte van het examen dient voor de aanvang van het derde jaar van de in artikel 10 bedoelde drie jaar

1°. 1°. alle tentamens in de in artikel 4, onder i, j en k, genoemde vakken van het theoretische gedeelte van het examen met goed gevolg te hebben afgelegd of 2°. 2°. een examen ter zake waarvan een verklaring van gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 91 van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten is afgegeven, met goed gevolg te hebben afgelegd.

Artikel 12

Indien naar het oordeel van het examenbureau de vaardigheid van degene die aan het praktijkgedeelte van het examen deelneemt na afloop van de in artikel 10 bedoelde drie jaar onvoldoende is stelt het hem in de gelegenheid nog gedurende ten hoogste twee jaar elk half jaar een in artikel 10 bedoeld praktijkverslag op te stellen aan de hand waarvan het examenbureau de vaardigheid wederom toetst.

Paragraaf 3. Vrijstellingen

Artikel 13

Het examenbureau stelt degene die beschikt over schriftelijke bewijzen waaruit blijkt dat hij met goed gevolg gedurende een bepaalde periode voor het praktijkgedeelte van het examen relevante werkzaamheden heeft verricht op het gebied van de controle van jaarrekeningen, geconsolideerde jaarrekeningen of soortgelijke financiële opstellingen, vrij van een door het examenbureau te bepalen deel van het praktijkgedeelte van het examen.

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Artikel 14

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 15

Dit besluit wordt aangehaald als: Examenbesluit Accountants-Administratieconsulenten 1994.