rijk/amvb/vaststellingsbesluit-eenmalige-uitkering-enz-arbeidsvoorwaardenovereenkomst-sect/BWBR0013916
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Vaststellingsbesluit eenmalige uitkering, enz. (Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Defensie) BWBR0013916 AMvB geldend 2002-09-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0013916 Vaststellingsbesluit eenmalige uitkering, enz. (Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Defensie)

Vaststellingsbesluit eenmalige uitkering, enz. (Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Defensie)

Hoofdstuk 1. Toekenning van een eenmalige uitkering over 2001, 2002 en 2003 aan het defensiepersoneel

Artikel I

A.

Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:

a. a.

      *militair:* de militaire ambtenaar in de zin van artikel 1 van de Militaire Ambtenarenwet 1931 die is aangesteld bij het beroepspersoneel, alsmede de geestelijk verzorger die in burgerlijke openbare dienst is aangesteld om bij de krijgsmacht doorlopend werkzaam te zijn;

b. b.

      *de peildatum:* 1 december 2001 onderscheidenlijk 1 december 2002 onderscheidenlijk 1 december 2003;

c. c.

      *betrokkene:*
    
    
      
        1°.
        de militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal die op de peildatum in werkelijke dienst was;
      
      
        2°.
        de burgerlijke ambtenaar defensie die aanspraak heeft op een salaris volgens bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en die op de peildatum in dienst van het Ministerie van Defensie was;
      
      
        3°.
        de burgerlijke ambtenaar defensie, bedoeld in artikel 1, derde lid, van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie die op de peildatum in dienst van het Ministerie van Defensie was;
      
      
        4°.
        de gewezen militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal, die ingevolge artikel 18, zesde lid, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie op de peildatum in het genot is van wachtgeld of een uitkering, dan wel van een uitkering op grond van de Uitkeringswet gewezen militairen geniet;
      
      
        5°.
        de gewezen burgerlijke ambtenaar defensie die aanspraak had op salaris volgens bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en die ingevolge artikel 18, zesde lid, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie op de peildatum in het genot is van wachtgeld of een uitkering, dan wel van een uitkering op grond van het Besluit uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag burgerlijke ambtenaren defensie;

1°. 1°. de militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal die op de peildatum in werkelijke dienst was; 2°. 2°. de burgerlijke ambtenaar defensie die aanspraak heeft op een salaris volgens bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en die op de peildatum in dienst van het Ministerie van Defensie was; 3°. 3°. de burgerlijke ambtenaar defensie, bedoeld in artikel 1, derde lid, van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie die op de peildatum in dienst van het Ministerie van Defensie was; 4°. 4°. de gewezen militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal, die ingevolge artikel 18, zesde lid, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie op de peildatum in het genot is van wachtgeld of een uitkering, dan wel van een uitkering op grond van de Uitkeringswet gewezen militairen geniet; 5°. 5°. de gewezen burgerlijke ambtenaar defensie die aanspraak had op salaris volgens bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en die ingevolge artikel 18, zesde lid, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie op de peildatum in het genot is van wachtgeld of een uitkering, dan wel van een uitkering op grond van het Besluit uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag burgerlijke ambtenaren defensie; d. d.

      *berekeningsbasis:*
    
    
      
        1°.
        de over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar genoten bezoldiging volgens hetgeen daaronder wordt verstaan in het Inkomstenbesluit militairen;
      
      
        2°.
        het over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar genoten salaris volgens hetgeen daaronder wordt verstaan in het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie;
      
      
        3°.
        het wachtgeld of de uitkering die over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar op grond van één van de onder c, 4 en 5 genoemde besluiten is genoten na toepassing van de bij of krachtens die besluiten geldende vermindering wegens inkomsten uit of in verband met arbeid of bedrijf.

1°. 1°. de over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar genoten bezoldiging volgens hetgeen daaronder wordt verstaan in het Inkomstenbesluit militairen; 2°. 2°. het over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar genoten salaris volgens hetgeen daaronder wordt verstaan in het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie; 3°. 3°. het wachtgeld of de uitkering die over de bij de peildatum bedoelde maand december van het toepasselijke jaar op grond van één van de onder c, 4 en 5 genoemde besluiten is genoten na toepassing van de bij of krachtens die besluiten geldende vermindering wegens inkomsten uit of in verband met arbeid of bedrijf.

B. De betrokkene, bedoeld in onderdeel A, onder c, 1 tot en met 3, heeft op de peildata aanspraak op een eenmalige uitkering ter grootte van 10,4% in 2001, van 9,1% in 2002 en van 10,4% in 2003 van de voor hem geldende berekeningsbasis.

C. De betrokkene, bedoeld in onderdeel A, onder c, 4 en 5, heeft op de peildata aanspraak op een eenmalige uitkering ter grootte van 9,6% in 2001, van 8,4% in 2002 en van 9,6% in 2003 van de voor hem geldende berekeningsbasis.

D. De eenmalige uitkering als bedoeld onder A en B heeft geen algemeen karakter en wordt niet gerekend tot de bezoldiging of het salaris in de zin van de bezoldigingsvoorschriften en maakt evenmin deel uit van de pensioengrondslag of het inkomen in de zin van de Uitkeringswet gewezen militairen, de Kaderwet militaire pensioenen dan wel het Pensioenreglement van de Stichting Pensioenfonds ABP.

Hoofdstuk 2. Wijzigingen met ingang van 1 oktober 2001

Artikel II

Wijzigt het Besluit volgorde verhouding rangen en standen zee-, land- en luchtmacht.

Artikel III

Wijzigt het Besluit personenchauffeurs defensie.

Artikel IV

Wijzigt het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel V

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Artikel VI

Wijzigt het Interimbesluit ziektekosten burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel VII

Wijzigt het Verplaatsingskostenbesluit militairen.

Hoofdstuk 3. Wijzigingen met ingang van 1 december 2001

Artikel VIII

Wijzigt het Algemeen militair ambtenarenreglement.

Artikel IX

Wijzigt het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie.

Artikel X

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Hoofdstuk 4. Wijzigingen met ingang van 1 januari 2002

Artikel XI

Wijzigt het Algemeen militair ambtenarenreglement.

Artikel XII

Wijzigt het Besluit personenchauffeurs defensie.

Artikel XIII

Wijzigt het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel XIV

Wijzigt het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie.

Artikel XV

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Artikel XVI

Wijzigt het Verplaatsingskostenbesluit militairen.

Hoofdstuk 5. Wijzigingen met ingang van 1 juli 2002

Artikel XVII

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Hoofdstuk 6. Wijzigingen met ingang van 1 november 2002

Artikel XVIII

Wijzigt het Besluit personenchauffeurs defensie.

Artikel XIX

Wijzigt het Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel XX

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Hoofdstuk 7. Overige wijzigingen

Artikel XXI

Wijzigt het Algemeen militair ambtenarenreglement.

Artikel XXII

Wijzigt het Besluit klachtrecht militairen.

Artikel XXIII

Wijzigt het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie.

Artikel XXIV

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Artikel XXV

Wijzigt de Premieregeling en aanvullende voorzieningen beroepsmilitairen van de krijgsmacht.

Artikel XXVI

Wijzigt de Regeling ziektekostenvoorziening defensiepersoneel.

Hoofdstuk 7. Overgangsbepalingen

Artikel XXVII

A. In afwijking van artikel 8, vierde lid, van het Inkomstenbesluit militairen wordt het salarisnummer van de korporaal der eerste klasse van de Koninklijke Landmacht of van de Koninklijke Luchtmacht op 1 oktober 2001 met één verhoogd. Deze verhoging is niet van invloed op de datum van de jaarlijkse verhoging van het salarisnummer, bedoeld in artikel 7, vierde lid, of artikel 8a, tweede lid.

B. Buitengewoon verlof dat reeds is verleend voor de datum van inwerkingtreding van de artikelen VIII en IX op basis van een artikel in het Algemeen militair ambtenarenreglement of het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie, zoals deze op dat moment luidde, wordt geacht te zijn verleend op basis van het toepasselijke artikel in dit besluit zoals dat luidt na inwerkingtreding daarvan.

Hoofdstuk 8. Slotbepalingen

Artikel XXVIII

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, met dien verstande dat:

a. a. de hoofdstukken 1 en 2 terugwerken tot en met 1 oktober 2001; b. b.

    hoofdstuk 3 terugwerkt tot en met 1 december 2001;

c. c.

    hoofdstuk 4 terugwerkt tot en met 1 januari 2002;

d. d.

    hoofdstuk 5 terugwerkt tot en met 1 juli 2002;

e. e.

    artikel XXI, onderdeel A, en artikel XXIII terugwerken tot en met 4 juli 2002;

f. f.

    hoofdstuk 6 in werking treedt met ingang van 1 november 2002;

g. g.

    artikel XXIV, onderdelen A tot en met C, en artikel XXV terugwerken tot en met 1 juni 2000;

h. h.

    artikel XXIV, onderdelen D en E, en artikel XXVI terugwerken tot en met 1 januari 2001.