rijk/amvb/warenwetbesluit-gastoestellen/BWBR0005384
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Warenwetbesluit gastoestellen BWBR0005384 AMvB geldend 2016-05-10 https://wetten.overheid.nl/BWBR0005384 Warenwetbesluit gastoestellen

Warenwetbesluit gastoestellen

Artikel 1

1.

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. gas: elke brandstof die bij een temperatuur van 15° C onder een druk van 1 bar in gasvormige toestand verkeert; b. b. gastoestellen: toestellen bestemd of geschikt voor koken, verwarmen, warmwaterproduktie, koeling, verlichting of wassen die, indien van toepassing, een normale watertemperatuur van ten hoogste 105° C hebben alsmede ventilatorbranders en voor dergelijke branders bedoelde warmtegeneratoren, en bij gebruik waarvan gas als brandstof wordt gebezigd; c. c. toebehoren: beveiligings-, controle- en regelapparatuur en onderdelen, met uitzondering van ventilatorbranders en voor dergelijke branders bedoelde warmtegeneratoren, welke bestemd zijn om in een gastoestel te worden ingebouwd dan wel tot een gastoestel te worden geassembleerd; d. d. normaal gebruik: gebruik waarbij gastoestellen,

        1.
        op een juiste wijze zijn geïnstalleerd en regelmatig worden onderhouden overeenkomstig de instructies van de fabrikant;
      
      
        2.
        worden aangewend met een normale schommeling van de gaskwaliteit en de gasdruk en;
      
      
        3.
        overeenkomstig hun bestemming of op een redelijkerwijs te verwachten manier worden aangewend;
    1.   op een juiste wijze zijn geïnstalleerd en regelmatig worden onderhouden overeenkomstig de instructies van de fabrikant;
      
    1.   worden aangewend met een normale schommeling van de gaskwaliteit en de gasdruk en;
      
    1.   overeenkomstig hun bestemming of op een redelijkerwijs te verwachten manier worden aangewend;
      

e. e.

      *G+-gas:* gas met de samenstelling en kenmerken als vermeld in de tweede gasfamilie onder^2 in bijlage VI bij dit besluit;

f. f.

      *H-gas:* gas van een kwaliteit als bedoeld in groep E vermeld in bijlage VI bij dit besluit;

g. g.

      *te koop aanbieden:* het in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken met het oog op distributie, consumptie of gebruik op de Nederlandse markt.

2. In afwijking van het eerste lid, wordt in dit besluit onder gastoestellen niet verstaan gastoestellen specifiek bestemd voor gebruik in industriële processen. Artikel 2, vierde lid, en artikel 6, vijfde lid, zijn niet van toepassing op gastoestellen die niet bestemd zijn om in Nederland op het aardgasnet te worden aangesloten.

3. In dit besluit wordt, voor zover het berust op de Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie, onder verhandelen verstaan: ten verkoop voorhanden hebben, ten verkoop aanbieden, verkopen, verhuren of afleveren.

Artikel 2

1. Het is verboden gastoestellen en toebehoren te verhandelen die niet voldoen aan de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit.

2. Het is verboden gastoestellen en toebehoren te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot de aanduiding en het bezigen van vermeldingen.

3. Het is verboden met gebruikmaking van de in dit besluit aangegeven aanduiding andere gastoestellen te verhandelen dan die waarvoor die aanduiding in dit besluit is voorbehouden.

4. Het is verboden om een gastoestel te koop aan te bieden dat niet aantoonbaar geschikt is voor G+-gas en H-gas, dan wel niet aantoonbaar geschikt is voor G+-gas en aantoonbaar geschikt is te maken voor H-gas.

Artikel 3

1. Gastoestellen en toebehoren dienen zodanig te zijn samengesteld en zodanige eigenschappen te hebben alsmede van zodanige vermeldingen te zijn voorzien, dat zij bij normaal gebruik van het gastoestel geen bijzonder gevaar opleveren voor de veiligheid van personen, huisdieren of goederen.

2. Gastoestellen en toebehoren moeten voldoen aan de in bijlage I opgenomen fundamentele voorschriften inzake de veiligheid en het doelmatig gebruik van energie van gastoestellen en toebehoren.

Artikel 4

Gastoestellen en toebehoren worden vermoed te voldoen aan het in artikel 3, tweede lid bepaalde, indien zij voldoen aan de door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport daartoe aangewezen normen.

Artikel 5

1. Gastoestellen dienen door de fabrikant te zijn voorzien van de in bijlage II, onder A, bedoelde aanduiding.

2.

De in het eerste lid bedoelde aanduiding mag uitsluitend worden gebezigd:

a. a. na het verkrijgen van een EG-type-onderzoekcertificaat voor het desbetreffende type gastoestel, als bedoeld in het in bijlage III, onderdeel A, genoemde EG-type-onderzoek en zolang de vervaardiging van het type toestel geschiedt met inachtneming van één van de vier in bijlage III, onderdeel B, genoemde procedures inzake de vervaardiging van gastoestellen, dan wel, b. b. na inachtneming van de in onderdeel C van bijlage III genoemde procedure inzake EG-keuring per eenheid, voor ieder gastoestel afzonderlijk.

3. Toebehoren mogen niet zijn voorzien van de in het eerste lid bedoelde aanduiding maar dienen te zijn voorzien van een door de fabrikant afgegeven verklaring dat zij voldoen aan de van toepassing zijnde eisen als opgenomen in bijlage I en waarin tevens de kenmerken van het toebehoren zijn vermeld alsmede de voorschriften voor het inbouwen in een gastoestel of het assembleren daarvan, welke van belang zijn voor het voldoen aan de voor gastoestellen bij of krachtens dit besluit gestelde voorschriften.

4. De in het derde lid bedoelde verklaring mag slechts worden afgegeven voor toebehoren ten aanzien waarvan één van de vier in bijlage III, onderdeel B, genoemde procedures voor gastoestellen op overeenkomstige wijze in acht is genomen, met uitzondering van het in die procedures bepaalde aangaande de CE-markering en waarvoor een EG-type-onderzoekcertificaat als bedoeld in het in bijlage III, onderdeel A, genoemde type-onderzoek, is verkregen voor het desbetreffende type toebehoren.

Artikel 6

1. Gastoestellen dienen te zijn voorzien van de in bijlage II, onderdeel B, genoemde opschriften.

2. De in het eerste lid bedoelde opschriften en de in artikel 5, eerste lid, bedoelde aanduiding dienen zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en onuitwisbaar op het gastoestel of op een daarop bevestigde plaat, te zijn aangebracht.

3. De in het tweede lid bedoelde plaat moet zodanig zijn aangebracht, dat verwijdering niet mogelijk is zonder duidelijk zichtbare beschadiging ervan.

4. Ten aanzien van gastoestellen mogen geen vermeldingen, vaststellingen of aanduidingen worden gebezigd, welke met de in bijlage II, onder A, bedoelde aanduiding kunnen worden verward.

5. Een te koop aan te bieden gastoestel bevat een onlosmakelijke op of in het toestel op een duidelijke plaats aangebrachte, onuitwisbare aanduiding van geschiktheid voor G+-gas of H-gas.

6. De in het eerste lid bedoelde aanduiding is voor G+-gas: I2(43,46 45,3 MJ/m^3 (0°C)) en voor H-gas: I2E.

Artikel 7

1.

Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wijst de instellingen aan die:

a. a. bevoegd zijn het in artikel 5, tweede lid, onder a, bedoelde EG-type-onderzoek te verrichten; b. b. bevoegd zijn tot het verrichten van steekproeven, EG-toezicht en EG-keuring zoals omschreven in de in artikel 5, tweede lid, onder a en b, bedoelde procedures.

2. Voor een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, komen in aanmerking instanties die tenminste voldoen aan de in bijlage V genoemde voorwaarden.

3. Aan de krachtens het eerste lid aangewezen instellingen worden gelijkgesteld de door de daartoe bevoegde autoriteiten van de lid-staten van de Europese Gemeenschappen dan wel die van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, in het kader van de richtlijn 90/396/EEG (PbEG L 196) aangewezen instellingen.

4.

Onze Minister kan een aanwijzing schorsen, wijzigen of intrekken:

a. a. op grond van feiten of omstandigheden waarvan Onze Minister bij de aanwijzing redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan hij de aanwijzing niet zou hebben gegeven; b. b. op grond van door de aangewezen instelling verstrekte onjuiste inlichtingen over feiten of omstandigheden, tenzij de onjuistheid daarvan aan de instelling onbekend was of kon zijn; c. c. indien de aangewezen instelling niet meer voldoet aan de in bijlage V genoemde voorwaarden; d. d. indien de aangewezen instelling gedurende een aaneengesloten periode van twee jaren geen werkzaamheden waarvoor zij is aangewezen, heeft uitgevoerd; of e. e. indien de aangewezen instelling haar wettelijke verplichtingen niet naar behoren nakomt of de taken waarvoor zij is aangewezen, niet naar behoren uitvoert.

Artikel 8

Gastoestellen en toebehoren die niet voldoen aan het bepaalde bij of krachtens dit besluit mogen nog tot 1 januari 1996 worden verhandeld.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 10

Dit besluit kan worden aangehaald als: Warenwetbesluit gastoestellen.

Bijlage I. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

Opmerking vooraf

De in de fundamentele voorschriften van deze bijlage vervatte verplichtingen voor toestellen zijn ook van toepassing op toebehoren indien zij gevaren betreffen die zich tevens kunnen voordoen bij toebehoren.

Bijlage II. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

Bijlage III. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

Bijlage IV. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

De ontwerp-documentatie omvat de volgende informatie, voor zover die voor de instelling als bedoeld in artikel 7, eerste lid, dan wel een daaraan ingevolge het derde lid van artikel 7 gelijkgestelde instelling met het oog op de beoordeling nodig is:

In voorkomend geval bevat de ontwerp-documentatie ook de volgende gegevens:

Bijlage V. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

De voor aanwijzing in aanmerking komende instellingen moeten aan de volgende voorwaarden voldoen:

Bijlage VI. behorende bij het Warenwetbesluit gastoestellen

^2 Deze groep is specifiek voor Nederland. Het betreft gassen die een lage Wobbe-index hebben en een relatief hoog aandeel hogere koolwaterstoffen en koolstofdioxide kunnen bevatten. Deze groep was nog niet opgenomen in appendix B van de geharmoniseerde norm EN 437. De start van distributie van deze naamloze specifieke groep laag calorisch gas is op zijn vroegst per 1-1-2022;

^3 De veilige werking van de gastoestellen van deze groep moet verzekerd zijn voor gassen die veel koolstofdioxide, moleculair waterstof of hogere koolwaterstoffen bevatten. Voor gebruikers op uitzonderlijke geografische locaties kan een hogere Wobbe-index gelden, waardoor effectief een andere gasgroep geldt.

^4 De leveringsdrukken tonen de gasdruk, na de eventuele gasdrukregelaar, voor de gasmeter bij de eindverbruiker. Leveringsdrukken aan industriële gebruikers kunnen aanzienlijk hoger zijn.

^5 start van distributie van gas van Groep E aan de huidige gebruikers van laag calorisch gas op zijn vroegst per 1-1-2030»

^6 Dit is de nationale bandbreedte van de Wobbe-index.

^7 De leveringsdrukken weerspiegelen de druk bij binnenkomst in de meter voor huishoudelijke gebruikers. Leveringsdrukken aan niet-huishoudelijke gebruikers kunnen aanzienlijk hoger zijn.