rijk/amvb/warenwetbesluit-kruidenpreparaten/BWBR0012174
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Warenwetbesluit Kruidenpreparaten BWBR0012174 AMvB geldend 2001-02-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0012174 Warenwetbesluit Kruidenpreparaten

Warenwetbesluit Kruidenpreparaten

Artikel 1

1.

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. a. kruidensubstantie: substantie bestaande uit plantenmateriaal; b. b. kruidenpreparaat: een kruidensubstantie, al dan niet bewerkt, die bestemd is te worden gebruikt door de mens, daaronder begrepen kruidenextracten; c. c. toxische pyrrolizidine-alkaloïden: esteralkaloïden die zijn afgeleid van necinediol (7-hydroxy-1-hydroxy-methylpyrrolizidine) met een 1,2-onverzadigde binding, inclusief de onderscheiden N-oxides; d. d.

      *verordening (EG) 1334/2008:* verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 (PbEU L 354) inzake aromas en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van verordening (EG) nr. 1601/91 van de Raad, verordening nr. (EG)2232/96, verordening (EG) nr. 110/2008 en richtlijn 2000/13/EG.

2.

Dit besluit is niet van toepassing op:

a. a. kruidensubstanties of kruidenpreparaten waarvan aannemelijk gemaakt kan worden dat ze bestemd zijn om te worden bewerkt, onderscheidenlijk verder bewerkt tot geneesmiddelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Geneesmiddelenwet; b. b. geneesmiddelen als bedoeld onder a; c. c. cosmetische producten als bedoeld in het Warenwetbesluit cosmetische producten 2011; d. d. specerijen en kruiden als genoemd in het Warenwetbesluit Specerijen en kruiden; e. e. aroma's als bedoeld in verordening (EG) 1334/2008.

Artikel 2

Het is verboden kruidenpreparaten of waren die kruidenpreparaten bevatten, te bereiden, te vervaardigen of te verhandelen, indien deze niet voldoen aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen.

Artikel 3

Kruidenpreparaten bevatten slechts kruidensubstanties in hoeveelheden die niet schadelijk zijn voor de volksgezondheid.

Artikel 4

1.

Kruidenpreparaten bevatten geen:

a. a. aconitine of derivaten hiervan; b. b. aristolochiazuren of derivaten hiervan; c. c. atropine of derivaten hiervan; d. d. colchicine of derivaten hiervan; e. e. hyoscyamine of derivaten hiervan; f. f. m- en o-synefrine of derivaten hiervan; g. g. olie uit Artemisia absinthium (absintalsem), onverminderd de bij artikel 6, tweede lid, en bijlage III, deel B, van verordening (EG) 1334/2008 gestelde voorschriften inzake de toegelaten aanwezigheid van thujon in bepaalde samengestelde levensmiddelen; h. h. pilocarpine of derivaten hiervan; i. i. scopolamine of derivaten hiervan; j. j. strychnine of derivaten hiervan; en k. k. yohimbe-alkaloïden of derivaten hiervan.

2. Kruidenpreparaten bevatten geen materiaal dat geheel of ten dele afkomstig is van planten en schimmels bedoeld in de bijlage.

3. Kruidenpreparaten bevatten per dagelijks volgens de gebruiksaanwijzing te nuttigen hoeveelheid ten hoogste 27 mg p-synefrine.

4. In afwijking van het derde lid mogen kruidenpreparaten olie bevatten die gewonnen is uit de zaden van Ricinus communis, voor zover het voorgeschreven gebruiks- en doseringsadvies, bedoeld in artikel 6, eerste lid, niet leidt tot een hogere inname van deze olie dan 0,4 g per dag.

Artikel 5

1. De verhandelaar die een kruidenpreparaat met een bewering over de werking of eigenschappen daarvan voor de eerste keer in de handel brengt, beschikt over objectieve gegevens waaruit die werking of eigenschappen blijken.

2. De verhandelaar die een kruidenpreparaat met een bewering over de werking of eigenschappen daarvan op de datum van inwerkingtreding van dit besluit in de handel heeft, beschikt over objectieve gegevens waaruit die werking of eigenschappen blijken.

3. De in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens worden desgevraagd door de daar bedoelde verhandelaar ter beschikking gesteld van de ambtenaar die belast is met het toezicht op de naleving van dit besluit.

Artikel 6

1. Onverminderd Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten (PbEU 2011, L 304) wordt bij kruidenpreparaten, zijnde eet- of drinkwaren, een vermelding gebezigd inzake een gebruiks- en doseringsadvies.

2. Bij kruidenpreparaten, niet zijnde eet- of drinkwaren, wordt een vermelding gebezigd inzake een lijst van ingrediënten, een gebruiks- en doseringsadvies en een vermelding van de naam of de handelsnaam en het adres of de vestigingsplaats van de fabrikant of persoon die verantwoordelijk is voor het in de handel brengen van de waar.

3. Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld over het in het eerste en tweede lid bedoelde gebruiks- en doseringsadvies.

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Kruidenpreparaten.

Bijlage

Deze bijlage behoort bij artikel 4.

De in artikel 4 bedoelde planten en schimmels zijn: