rijk/beleidsregel/beleidsregel-bestuurlijke-boeten-dienst-toeslagen/BWBR0051123
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel bestuurlijke boeten Dienst Toeslagen BWBR0051123 beleidsregel geldend 2025-06-20 https://wetten.overheid.nl/BWBR0051123 Beleidsregel bestuurlijke boeten Dienst Toeslagen

Beleidsregel bestuurlijke boeten Dienst Toeslagen

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

a. Awir: Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen; b. Awb: Algemene wet bestuursrecht; c. overtreder: degene aan wie, op grond van artikel 5:1, tweede en derde lid, van de Awb en artikel 40, 41 en 41bis Awir, in de hoedanigheid van pleger, medepleger, doen pleger, uitlokker, medeplichtige, feitelijk leidinggever of opdrachtgever een bestuurlijke boete kan worden opgelegd; d. kinderopvangorganisatie: kindercentrum en gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang; e. recidive: recidive als bedoeld in artikel 41, tweede lid, van de Awir.

Artikel 2

1. In dit besluit worden beleidsregels gegeven die gelden bij het opleggen van bestuurlijke boeten door Dienst Toeslagen op grond van hoofdstuk 2, paragraaf 6, van de Awir.

2. Op beboetbare feiten die zijn begaan ná de inwerkingtredingsdatum van dit besluit zijn de beleidsregels van dit besluit van toepassing.

3. Op beboetbare feiten die zijn begaan vóór de inwerkingtredingsdatum van dit besluit blijven de (oude) beleidsregels van toepassing, zoals deze luidden ten tijde van het begaan van het beboetbare feit. Indien ter zake van deze feiten op het moment van inwerkingtreding van dit besluit nog geen boete is opgelegd of de boetebeschikking nog niet onherroepelijk vaststaat, dan zijn de beleidsregels van dit besluit van toepassing voor zover deze gunstiger zijn voor overtreder.

Artikel 3

1. Ter zake van een overtreding als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van de Awir kan Dienst Toeslagen een boete opleggen.

2. Dienst Toeslagen herinnert de overtreder voorafgaande aan de aanmaning, als bedoeld in artikel 38 van de Awir, schriftelijk aan de informatieverplichting en de constatering van de overtreding. Deze brief geldt als een waarschuwing.

3.

Als een kinderopvangorganisatie de in artikel 38 van de Awir genoemde informatie niet of niet tijdig verstrekt en Dienst Toeslagen een boete oplegt dan wordt de boetehoogte vastgesteld conform onderstaand schema tenzij bijzondere omstandigheden een andere boetehoogte rechtvaardigen.

Verzuimboete

Kindercentra, boete per LRK, per maand Bedrag per 1/1/25
• 10% van maximum € 671
• recidive 25% van maximum € 1.677
Maximum: bedrag genoemd in artikel 40, eerste lid, van de Awir (per 1 januari 2025 € 6.709)
Gastouderbureau, boete op basis van aantal geregistreerde kinderen, per maand Bedrag per 1/1/25
• 1-10 kinderen: 5% van maximum, 1^e overtreding € 335
• recidive 10% van maximum € 671
• 10-20 kinderen: 7.5% van maximum, 1^e overtreding € 503
• Recidive 15% van maximum € 1.006
• > 20 kinderen: 10% van maximum, 1^e overtreding € 671
• Recidive 20% van maximum € 1.342
Maximum: bedrag genoemd in artikel 40, eerste lid, van de Awir (per 1 januari 2025 € 6.709)

4. Dienst Toeslagen vermindert de hoogte van de boete indien bijzondere omstandigheden daartoe aanleiding geven. In afwijking van de voorgaande leden kan in uitzonderlijke gevallen een boete tot het wettelijk maximum van artikel 40, eerste lid, van de Awir worden opgelegd.

5. Als het aan grove schuld of opzet van de overtreder te wijten is dat de gegevens of inlichtingen niet zijn verstrekt, moet Dienst Toeslagen vooraf een keuze maken tussen het opleggen van een boete op grond van artikel 40, eerste lid, van de Awir of een boete op grond van artikel 41, eerste lid, van de Awir.

Artikel 4

1.

Ter zake van een overtreding als bedoeld in artikel 41 van de Awir kan Dienst Toeslagen een boete opleggen. Bij het bepalen van de hoogte van de boete aan een overtreder niet zijnde kinderopvangorganisatie gaat Dienst Toeslagen uit van het volgende schema:

Opzet

Nadeelbedrag van: Nadeelbedrag tot: Boetehoogte opzet Boetehoogte opzet, recidive
€ 0 € 1.000 Afzien van boete € 150 met inachtneming van wettelijk maximum
€ 1.000 € 3.000 € 150 € 300
€ 3.000 € 10.000 € 450 € 900
€ 10.000 € 20.000 € 1.200 € 2.400
€ 20.000 maximum Handmatig, uitgaand van 10% nadeelbedrag Handmatig, uitgaand van 20% nadeelbedrag

Grove schuld

Nadeelbedrag van: Nadeelbedrag tot: Boetehoogte grove schuld Boetehoogte grove schuld, recidive
€ 0 € 1.000 Afzien van boete Afzien van boete
€ 1.000 € 3.000 € 75 € 150
€ 3.000 € 10.000 € 225 € 450
€ 10.000 € 20.000 € 600 € 1.200
€ 20.000 maximum Handmatig, uitgaand van 5% nadeelbedrag Handmatig, uitgaand van 10% nadeelbedrag

2. Als een bedrag is teruggevorderd op grond van artikel 41, eerste lid, van de Awir dan geldt dit bedrag als uitgangspunt voor het opleggen van de bestuurlijke boete. Als geen bedrag is teruggevorderd dan geldt voor het bedrag dat zou zijn teruggevorderd het bedrag dat zou zijn teruggevorderd als overeenkomstig het systeem van bevoorschotting was uitbetaald, op het moment van beschikken. In de individuele straftoemeting kan het feit dat geen voordeel is behaald meewegen.

3.

Ter zake van een vergrijp als bedoeld in artikel 41 van de Awir kan Dienst Toeslagen aan een kinderopvangorganisatie een boete opleggen van ten hoogste 100 procent van het bedrag van de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, vastgesteld conform onderstaand schema.

Vergrijpboete

Kindercentra, boete per LRK, per maand Bedragen per 1 januari 2024
• grove schuld 10% van maximum € 2.575
• recidive grove schuld 25% € 6.437
• opzet 40% € 10.300
• recidive opzet 60% € 15.450
Maximum: bedrag overeenkomstig 4^e categorie strafrecht (per 1 januari 2024 € 25.750)
Gastouderbureau, boete op basis van aantal geregistreerde kinderen, per maand
110 kinderen:
• grove schuld 5% van maximum € 1.287
• recidive grove schuld 15% van maximum € 3.862
• opzet 20% van maximum € 5.150
• recidive opzet 30% van maximum € 7.725
1020 kinderen:
• grove schuld 10% van maximum € 2.575
• recidive grove schuld 20% van maximum € 5.150
• opzet 25% van maximum € 6.437
• recidive opzet 40% van maximum € 10.300
> 20 kinderen:
• grove schuld 20% van maximum € 5.150
• recidive grove schuld 40% van maximum € 10.300
• opzet 40% van maximum € 10.300
• recidive opzet 60% van maximum € 15.450
Maximum: bedrag overeenkomstig 4^e categorie strafrecht (per 1 januari 2024 € 25.750)

4. Wanneer het opleggen van een vergrijpboete door Dienst Toeslagen wordt overwogen wordt de procedure van afdeling 5.4.2. van de Awb gevolgd.

5. Bij het opleggen van een vergrijpboete zal Dienst Toeslagen steeds toepassing geven aan artikel 5:53 van de Awb, waarbij een kennisgeving van het voornemen om een boete op te leggen wordt aangemerkt als een rapport in de zin van artikel 5:48 van de Awb.

Artikel 5

1. Een eenmaal opgelegde verzuimboete sluit het opleggen van een vergrijpboete voor hetzelfde feit uit behoudens bij nieuwe bezwaren. Het opleggen van een vergrijpboete sluit het nadien opleggen van een verzuimboete voor hetzelfde feit uit. Een opgelegde vergrijpboete kan niet worden omgezet in een verzuimboete.

2. Met een strafrechtelijke sanctie genoemd in artikel 41, tweede lid, onderdeel b, van de Awir wordt gelijkgesteld het vervallen van het recht tot strafvordering vanwege een transactie ingevolge artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht.

3. Het opleggen van een bestuurlijke boete aan overtreder sluit in beginsel strafvervolging tegen hem ter zake van hetzelfde feit uit. Op grond van artikel 243, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering blijft het echter mogelijk een zaak te heropenen, indien bij nader inzien blijkt dat zij te ernstig is om bestuurlijk te worden afgedaan. Er moet dan sprake zijn van nieuwe bezwaren in de zin van artikel 255 van het Wetboek van Strafvordering.

4. Het Protocol aanmelding en afdoening van fiscale delicten en delicten op het gebied van douane en toeslagen (Stcrt. 2023, 16878) bevat aanvullende voorschriften voor de afdoening van toeslagendelicten en afstemming daarover met het Openbaar Ministerie.

5. Voor een mogelijke vermindering van de boete als gevolg van overschrijding van de redelijke termijn gelden de nadere regels die de Hoge Raad heeft gegeven in zijn arrest van 19 december 2008, nr. 42763, en zoals daarna bekrachtigd door de Raad van State.

Artikel 6

Het Besluit Bestuurlijke Boeten Dienst Toeslagen (Stcrt. 2024, 22935) wordt ingetrokken.

Artikel 7

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 8

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel bestuurlijke boeten Dienst Toeslagen.

De citeertitel kan worden afgekort tot: BBBDT.