|
…
|
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleidsregel handhaving vervangende treindienst Fyra | BWBR0032902 | beleidsregel | geldend | 2013-02-16 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0032902 | Beleidsregel handhaving vervangende treindienst Fyra |
Beleidsregel handhaving vervangende treindienst Fyra
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
- HSA: de naamloze vennootschap HSA Beheer N.V.;
- HSL-concessie: de op 1 juli 2009 in werking getreden Vervoerconcessie voor het hogesnelheidsnet;
- Staatssecretaris: de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;
- Opdrachtbrief: brief van 6 februari 2013 (IENM/BSK-2013/19028) waarin de Staatssecretaris nadere opdrachten geeft ter uitvoering van de Overeenkomst;
- Overeenkomst: de op 1 februari 2013 door de Staatssecretaris, NMBS, NS en HSA ondertekende overeenkomst vervangende treindienst Fyra.
Paragraaf 2. De overeenkomst vervangende treindienst Fyra
Artikel 2
1. Aan HSA is met ingang van 1 juli 2009 op grond van de artikelen 20, eerste lid, en 64, eerste lid, van de Wet personenvervoer 2000 een concessie verleend ter uitvoering van treindiensten over hogesnelheidsinfrastructuur en aansluitende conventionele infrastructuur tussen Amsterdam en Brussel.
2. Nu de dienstverlening sedert 17 januari 2013 gedeeltelijk is uitgevallen, heeft HSA conform artikel 34, tweede lid, van de Wet personenvervoer 2000 noodmaatregelen getroffen bestaande uit aanvullende openbaredienstverplichtingen. In de Brief heeft de Staatssecretaris ingestemd met de wijze waarop HSA het vervangend vervoer op grond van artikel 34 van de Wet personen vervoer 2000 inricht.
Paragraaf 3. Handhaving afspraken overeenkomst vervangende treindienst
Artikel 3
HSA verstrekt de Staatssecretaris alle informatie bedoeld in artikel 19 van de HSL-concessie, alsmede alle inlichtingen die de Staatssecretaris vordert om zich een oordeel te vormen over de naleving van de vervoersverplichtingen die op HSA rusten ingevolge de Overeenkomst en de Brief.
Artikel 4
De Staatssecretaris vormt zich een oordeel over de kwaliteit van de uitvoering van de afspraken die zijn gemaakt in de Overeenkomst en de Brief. Daarbij baseert hij zich mede op de informatie die HSA hem op grond van artikel 3 verstrekt.
Artikel 5
Bij constatering van het niet nakomen van de op HSA rustende verplichtingen omtrent het aantal volgens de Overeenkomst en de Brief te verrichten treindiensten kan aan HSA een last onder dwangsom worden opgelegd met een begunstigingstermijn van drie weken en een dwangsom van € 5.000.– per dag waarop de overtreding voortduurt, met een maximum van € 1.000.000.–.
Artikel 6
Bij constatering van het overschrijden van de norm ten aanzien van de rijtijd zoals opgenomen in de Brief met meer dan vijftien minuten deelt de Staatssecretaris aan HSA het voornemen mee een last onder dwangsom op te leggen met inachtneming van proportionaliteit in verhouding tot de ernst van de overtreding en de omvang van de Vervangende treindienst. Voor zover HSA binnen twee weken aantoont tot het nakomen van deze verplichtingen niet in staat te zijn, ziet de Staatssecretaris van het opleggen van een last onder dwangsom af. Voor het overige kan de last onder dwangsom worden opgelegd.
Artikel 7
Bij constatering van het niet nakomen van de op HSA rustende verplichtingen ten aanzien van de kwaliteit van het dienstenaanbod zoals opgenomen in de Brief, krijgt HSA de gelegenheid binnen het volgende dienstregelingsjaar de prestaties op het niveau van de gestelde normen te brengen. Indien dit niet gerealiseerd is en HSA niet kan aantonen dat dit niet aan haar is toe te rekenen, kan de Staatssecretaris aan HSA vanaf dat moment op grond van artikel 93, tweede lid, van de Wet personenvervoer 2000 een last onder dwangsom opleggen met inachtneming van proportionaliteit in verhouding tot de ernst van de overtreding en de omvang van de Vervangende treindienst.
Artikel 8
Voor zover HSA aantoont dat NMBS niet of slechts onder onredelijke voorwaarden bereid is medewerking aan HSA te verlenen zoals opgenomen in de Brief ziet de Staatssecretaris af van het opleggen van een last onder dwangsom.
Paragraaf 4. Slotbepalingen en inwerkingtreding
Artikel 9
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel handhaving vervangende treindienst Fyra.
Artikel 10
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze wordt geplaatst.