rijk/beleidsregel/beleidsregel-niet-industriële-hulparbeid-van-lichte-aard/BWBR0010578
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel niet-industriële hulparbeid van lichte aard BWBR0010578 beleidsregel geldend 1999-07-07 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010578 Beleidsregel niet-industriële hulparbeid van lichte aard

Beleidsregel niet-industriële hulparbeid van lichte aard

. Uitvoeringsdeel

. Beleidsregel 1

  1. Onder niet-industriële arbeid als bedoeld in artikel 3;2, tweede lid, onderdeel b, van de Arbeidstijdenwet en de daarop gebaseerde Nadere regeling kinderarbeid wordt in beginsel verstaan: arbeid die wordt verricht in een niet-industriële omgeving.
  2. Onder niet-industriële hulparbeid als bedoeld in de Nadere regeling kinderarbeid wordt verstaan: arbeid die wordt verricht in een niet-industriële omgeving en die uitsluitend bestaat uit het verlenen van hand- en spandiensten.

. Beleidsregel 2

  1. Bij de vaststelling of een kind van 15 jaar niet-industriële arbeid van lichte aard verricht, wordt rekening gehouden met de feitelijke werkzaamheden en de omgeving waarin die werkzaamheden worden verricht.
  2. Bij de feitelijke werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, gaat het om werkzaamheden die:

a. niet te zwaar mogen zijn; b. geen gevaar opleveren, en c. niet schadelijk zijn voor de gezondheid. 3. Te zware werkzaamheden, als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, zijn in ieder geval:

1° het tillen van lasten van meer dan 10 kilogram; 2° het duwen of trekken van voorwerpen waarbij meer dan 20 kilogram kracht nodig is; 3° het aanneming van een werkhouding die langer dan 8 minuten moet worden volgehouden: 4° die werkzaamheden waarbij langdurig op de knieën gewerkt moet worden. 4. Onder werkzaamheden die gevaar opleveren, als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, wordt in ieder geval verstaan werkzaamheden met of aan machines die snij-, knel- of pletgevaar kunnen veroorzaken. 5. Onder werkzaamheden die schadelijk zijn voor de gezondheid, als bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, wordt in ieder geval verstaan die werkzaamheden waarbij:

a. de mogelijkheid bestaat dat het kind in contact komt met gevaarlijke stoffen b. het kind persoonlijke beschermingsmiddelen zou moeten dragen. 6. De omgeving waarin het kind werkzaamheden verricht, bedoeld in het eerste lid, wordt aangemerkt als een industriële omgeving, wanneer in die omgeving werkzaamheden worden verricht die gevaar voor dat kind opleveren dan wel schadelijk zijn voor de gezondheid van dat kind.

. Beleidsregel 3

Voor een kind van 15 jaar wordt onder niet-industriële arbeid van lichte aard in ieder geval niet verstaan:

1° het verrichten van werkzaamheden als caissière; 2° werkzaamheden verricht aan een lopende band; 3° werkzaamheden in een magazijn, zoals het in- en uitladen van vrachtautos.

. Beleidsregel 4

  1. Bij de vaststelling of een kind van 13 of 14 jaar niet-industriële hulparbeid van lichte aard verricht, wordt rekening gehouden met de feitelijke werkzaamheden en de omgeving waarin die werkzaamheden worden verricht.
  2. Op de in het eerste lid bedoelde feitelijke werkzaamheden en de omgeving waarin die werkzaamheden worden verricht zijn de beleidsregels 2 en 3 van overeenkomstige toepassing.