rijk/beleidsregel/beleidsregel-tegemoetkoming-verhuurders-sportaccommodaties-covid-19/BWBR0044085
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties COVID-19 BWBR0044085 beleidsregel geldend 2020-09-15 https://wetten.overheid.nl/BWBR0044085 Beleidsregel tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties COVID-19

Beleidsregel tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties COVID-19

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • amateursport: activiteiten op het gebied van sport die niet worden uitgeoefend in loondienst of als bezoldigde dienst, ongeacht of er een formele arbeidsovereenkomst is opgesteld tussen de sportbeoefenaar en de sportorganisatie;
  • amateursportorganisatie: een privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid zonder winstoogmerk die als doelstelling heeft om amateursport voor lokale gebruikers aan te bieden;
  • huurinkomsten: inkomsten uit pacht en verhuur van sportaccommodaties aan amateursportorganisaties;
  • minister: Minister voor Medische Zorg;
  • particuliere verhuurder: verhuurder, niet zijnde een gemeente of sportbedrijf, die een sportaccommodatie ter beschikking stelt aan een amateursportorganisatie en hiervoor een huursom ontvangt;
  • sportaccommodatie: voorziening, bestemd en in gebruik voor activiteiten op het gebied van amateursport;
  • sportbedrijf: een aan een gemeente verbonden lichaam, zoals beschreven in de Beleidsregels inhoudende de beoordeling van aanvragen van gemeenten voor de Regeling specifieke uitkering stimulering sport.

Artikel 2

1. De minister kan op aanvraag een tegemoetkoming verstrekken aan een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder voor de in de periode van 1 maart 2020 tot 1 juni 2020 gederfde huurinkomsten als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19.

2. Een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder komt slechts in aanmerking voor een tegemoetkoming indien de huur ten laste van de amateursportorganisatie daadwerkelijk is kwijtgescholden gedurende de periode van 1 maart 2020 tot 1 juni 2020.

3. Een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van onderhavige beleidsregel.

4. De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien de aanvrager voor de gederfde huurinkomsten als bedoeld in het eerste lid reeds een tegemoetkoming ontvangt op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19.

Artikel 3

1. Het totaal beschikbare bedrag voor het verstrekken van tegemoetkomingen bedraagt € 89.500.000.

2. Het beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt naar rato verdeeld indien het totaal aangevraagde bedrag het totaal beschikbare bedrag overschrijdt.

3. Artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op het verstrekken van tegemoetkomingen op grond van onderhavige regeling.

Artikel 4

1. Voor de aanvraag wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

2. De aanvraag voor een tegemoetkoming kan worden ingediend in de periode van 15 september 2020 tot 15 oktober 2020.

Artikel 5

1. De minister beslist binnen 15 weken na sluiting van de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 4, tweede lid, op een aanvraag voor een tegemoetkoming.

2. De minister betaalt het bedrag van de tegemoetkoming in één keer uit.

Artikel 6

1.

Indien de tegemoetkoming minder dan € 100.000 bedraagt, toont de aanvrager na de verlening op verzoek van de minister aan dat hij voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 2 van deze beleidsregel door het overleggen van in ieder geval:

a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie; b. een mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende de periode van 1 maart 2020 tot 1 juni 2020 is kwijtgescholden.

2. Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming na 1 juli 2021 ambtshalve vastgesteld.

Artikel 7

1. Indien de tegemoetkoming meer dan € 100.000 bedraagt, dient de ontvanger, om aan te tonen dat hij voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 2, in de periode van 1 maart 2021 tot 1 april 2021 een aanvraag tot vaststelling in.

2. Voor de aanvraag tot vaststelling van de tegemoetkoming wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

3.

De aanvraag tot vaststelling gaat in ieder geval vergezeld van:

a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie; b. een mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende de periode van 1 maart 2020 tot 1 juni 2020 is kwijtgescholden.

4. De minister besluit binnen 13 weken op een aanvraag tot vaststelling.

Artikel 8

1.

De minister kan de vaststelling van de tegemoetkoming intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen indien:

a. de aanvrager aan wie een tegemoetkoming is toegekend onjuiste of onvolledige informatie heeft verschaft, waardoor een tegemoetkoming ten onrechte is toegekend; b. het besluit tot toekenning van een tegemoetkoming anderszins onjuist was en de aanvrager dit wist, dan wel behoorde te weten.

2. De minister vordert een bedrag dat als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid ten onrechte is uitbetaald terug van degene aan wie is uitbetaald.

Artikel 9

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 15 september 2020 en vervalt met ingang van 1 juli 2021.

Artikel 10

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties COVID-19.