rijk/beleidsregel/beleidsregel-vergoeding-kosten-aardbevingsbestendige-industrie-groningen/BWBR0044799
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen BWBR0044799 beleidsregel geldend 2021-02-10 https://wetten.overheid.nl/BWBR0044799 Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen

Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven: Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven, januari 2021, NCG;
  • gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
  • gevaarlijke stoffen: gevaarlijke stoffen als bedoeld in artikel 12.11, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 1°, van de Wet milieubeheer;
  • Handreiking gebruik LoC-methode: Handreiking Aardbevingsbestendigheid Industrie, Fase 2a/b (LoC-methode) en fase 2c, 25 juli 2019, Witteveen en Bos;
  • Handreiking Industrie fase 1: Handreiking Fase 1 voor het uitvoeren van studies naar het effect van aardbevingen voor bedrijven in de industriegebieden in Groningen, juni 2018, TNO en Deltares;
  • Handreiking rekenmethodiek industrie fase 2: Rekenmethodiek voor het uitvoeren van studies naar het effect van aardbevingen voor bedrijven in de industriegebieden in Groningen 8 juni 2018, TNO en Deltares;
  • inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
  • minister: Minister van Economische Zaken en Klimaat;
  • onafhankelijke kennisinstelling: openbare universiteit te Delft;
  • piekgrondversnelling: hoogste waarde op maaiveldniveau van de grondversnelling tijdens een aardbeving;
  • Selectiemethodiek aardbevingsgevoelige industriële installatie: Selectiemethodiek aardbevingsgevoelige industriële installatie [23 januari 2020, Arcadis];
  • Standaardmethode leidingen op leidingbruggen: Generic approach for pipe systems and pipe racks, 23 september 2019, Royal HaskoningDHV;
  • Standaardmethode opslagtanks: Generic approach liquid storage tanks, 23 april 2018, Witteveen en Bos.

Artikel 2

1.

Deze beleidsregel is van toepassing op bedrijven die de volgende inrichtingen oprichten of in werking hebben:

a. inrichtingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, b, d, e, g of h van het Besluit externe veiligheid inrichtingen; b. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) (PbEU 2010, L 334); c. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is; d. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt.

2. Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op de installaties van het bedrijf en op de gebouwen die functioneel verbonden zijn met die installaties.

3. Deze beleidsregel is niet van toepassing op nieuw te bouwen gebouwen waarop de Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw Groningen van toepassing is.

Artikel 3

1. Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op een bedrijf als bedoeld in artikel 2 dat is gelegen op een locatie waar de piekgrondversnelling ten minste 0,05 g is, berekend en vastgesteld bij een herhalingstijd van 475 jaar.

2. Indien een installatie of gebouw nog niet is gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 5, eerste lid, 7, eerste lid, 9, 12, 14, 16, eerste lid, 19 of 22, eerste lid, wordt in afwijking van het eerste lid bij het berekenen en vaststellen van de piekgrondversnelling uitgegaan van het moment van verwachte oplevering van de nieuw te bouwen installatie of het nieuw te bouwen gebouw.

Hoofdstuk 2. Vergoeding bij uitgebreide beoordeling

Afdeling 2.1. Bestaande bouw

Paragraaf 2.1.1. Reikwijdte

Artikel 4

Deze afdeling is van toepassing op het verstrekken van een vergoeding aan een bedrijf indien:

a. het bedrijf is opgenomen in bijlage I of het een bedrijf is als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c; en b. het installaties en gebouwen betreft die reeds zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.

Paragraaf 2.1.2. Kwalitatieve risicoanalyse

Artikel 5

1.

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het opstellen van een plan van aanpak voor het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse van de installaties en gebouwen; b. het uitvoeren van de kwalitatieve risicoanalyse; en c. het selecteren van de installaties en gebouwen die in aanmerking kunnen komen voor een kwantitatieve risicoanalyse of het treffen van maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

2. Het opstellen van een plan van aanpak en het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse vindt plaats met toepassing van de Handreiking Industrie fase 1.

3. Het selecteren van de installaties en gebouwen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, vindt plaats met toepassing van de Selectiemethodiek aardbevingsgevoelige industriële installatie.

Artikel 6

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 5, eerste lid, wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:

a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten; b. een openbare samenvatting van de resultaten van de kwalitatieve risicoanalyse; c. een verklaring van de onafhankelijke kennisinstantie dat de kwalitatieve risicoanalyse is uitgevoerd volgens de Handreiking industrie fase 1; en d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Paragraaf 2.1.3. Kwantitatieve risicoanalyse

Artikel 7

1.

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het opstellen van een basis of design voor het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde installaties en gebouwen; en b. het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde installaties en gebouwen.

2.

Het opstellen van de basis of design en het uitvoeren van de kwantitatieve risicoanalyse vinden plaats met gebruikmaking van:

a. de Handreiking gebruik LoC-methode; b. de Handreiking rekenmethodiek industrie fase 2; c. als de te analyseren installatie een opslagtank is: de Standaardmethode opslagtanks; of d. als de te analyseren installatie een leiding op een leidingbrug is: de Standaardmethode leidingen op leidingbruggen.

Artikel 8

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 7, eerste lid, wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:

a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten; b. een openbare samenvatting van de resultaten van de kwantitatieve risicoanalyse; c. een verklaring van de onafhankelijke kennisinstantie dat de kwantitatieve risicoanalyse is uitgevoerd volgens een in artikel 7, tweede lid, voorgeschreven methode; en d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Paragraaf 2.1.4. Maatregelen

Artikel 9

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor het bepalen, ontwerpen en uitvoeren van organisatorische of technische maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

Artikel 10

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 9 wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:

a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten; b. een openbare samenvatting van de maatregelen die zijn getroffen; c. de gegevens, bedoeld in artikel 6, en, indien van toepassing, de gegevens, bedoeld in artikel 8; en d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Afdeling 2.2. Nieuwbouw

Paragraaf 2.2.1. Reikwijdte

Artikel 11

Deze afdeling is van toepassing op het verstrekken van een vergoeding aan een bedrijf als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, b of c, indien het installaties of gebouwen betreft die nog niet zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.

Paragraaf 2.2.2. Kwalitatieve risicoanalyse

Artikel 12

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het opstellen van een plan van aanpak voor het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse van de te bouwen installaties en gebouwen; b. het uitvoeren van de kwalitatieve risicoanalyse; en c. het selecteren van de onderdelen van de te bouwen installaties en gebouwen die in aanmerking kunnen komen voor een kwantitatieve risicoanalyse of het treffen van maatregelen die nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

Artikel 13

De artikelen 5, tweede en derde lid, en 6 zijn van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 2.2.3. Kwantitatieve risicoanalyse

Artikel 14

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het opstellen van een basis of design voor het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde te bouwen installaties en gebouwen; en b. het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse op de geselecteerde te bouwen installaties en gebouwen.

Artikel 15

De artikelen 7, tweede lid, en 8 zijn van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 2.2.4. Maatregelen

Artikel 16

1. De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor het bepalen, ontwerpen en uitvoeren van organisatorische of technische maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

2. Een vergoeding wordt verstrekt voor de incrementele kosten van de realisatie van het ontwerp, waarbij maatregelen zijn opgenomen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad ten opzichte van een ontwerp zonder deze maatregelen.

Artikel 17

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 16, eerste lid, wordt na het ontwerpen van de daar bedoelde maatregelen ingediend en bevat:

a. een overzicht van de te treffen maatregelen; b. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het bepalen en ontwerpen van de te treffen maatregelen; c. een onderbouwing van de verwachte incrementele kosten voor het uitvoeren van de maatregelen; en d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Hoofdstuk 3. Vergoeding bij beoordeling met checklist

Afdeling 3.1. Bestaande bouw

Artikel 18

Deze afdeling is van toepassing op het verstrekken van een vergoeding aan een bedrijf als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d, indien het installaties en gebouwen betreft die reeds zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.

Artikel 19

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het uitvoeren van een beoordeling van installaties en gebouwen volgens de Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven; en b. het bepalen, ontwerpen en uitvoeren van organisatorische of technische maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

Artikel 20

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 19 wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten gedaan en bevat:

a. de Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven, ingevuld; b. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten; en c. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Afdeling 3.2. Nieuwbouw

Artikel 21

Deze afdeling is van toepassing op het verlenen van een vergoeding aan een bedrijf als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d, indien het installaties en gebouwen betreft die nog niet zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.

Artikel 22

1.

De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:

a. het uitvoeren van een beoordeling van de te bouwen installaties en gebouwen volgens de Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven; en b. het bepalen, ontwerpen en uitvoeren van technische maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.

2. Een vergoeding wordt verstrekt voor de incrementele kosten van de realisatie van het ontwerp, waarbij maatregelen zijn opgenomen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad ten opzichte van een ontwerp zonder deze maatregelen.

Artikel 23

Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 22, eerste lid, wordt na het ontwerpen van de daar bedoelde maatregelen gedaan en bevat:

a. de Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven, ingevuld; b. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het bepalen en ontwerpen van de te treffen maatregelen; c. een onderbouwing van de verwachte incrementele kosten voor het uitvoeren van de maatregelen; en d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister worden verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.

Hoofdstuk 5. Overige bepalingen

Artikel 24

Een vergoeding wordt slechts verstrekt voor de kosten die direct verbonden zijn aan de activiteiten, bedoeld in de artikelen 5, 7, 9, 12, 14, 16, 19 en 22.

Artikel 25

De openbare samenvatting, bedoeld in de artikelen 6, onderdeel b, 8, onderdeel b, en 10, onderdeel b, bevat de informatie die is opgenomen in bijlage II.

Artikel 26

De minister wijst een aanvraag af indien:

a. een aanvraag niet voldoet aan de bij of krachtens deze beleidsregel gestelde bepalingen; b. aan de aanvrager eerder op grond van deze beleidsregel een vergoeding is verstrekt voor een activiteit als bedoeld in artikel 5, 7, 9, 12, 14, 16, 19 of 22; c. de aanvrager eerder een privaatrechtelijke vergoeding van de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. heeft gekregen voor het uitvoeren van een activiteit als bedoeld in artikel 5, 7, 9, 12, 14, 16, 19 of 22, of daarvoor een aanvraag heeft gedaan waarop nog niet onherroepelijk is beslist.

Artikel 27

Wijzigt de Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw Groningen.

Artikel 28

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2021.

Artikel 29

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen.

Bijlage I. behorende bij

Bijlage II. behorende bij

De openbare samenvatting, bedoeld in artikel 25, bevat ten minste de volgende gegevens:

Gegevens over het bedrijf

Gegevens over het onderzoek: