|
…
|
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleidsregels dierenwelzijn 2009 | BWBR0025046 | beleidsregel | geldend | 2020-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0025046 | Beleidsregels dierenwelzijn 2009 |
Beleidsregels dierenwelzijn 2009
Artikel 1
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
- besluit: Besluit houders van dieren;
- minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
- transportverordening: verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van de Europese Unie van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en Verordening (EG) nr. 1255/97 (PbEU 2005, L 3).
Artikel 2
Vervallen
Artikel 3
Vervallen
Artikel 4
Vervallen
Artikel 4a
Vervallen
Artikel 5
Vervallen
Artikel 6
Vervallen
Artikel 7
Vervallen
Artikel 7a
Vervallen
Artikel 7b
Vervallen
Artikel 8
Vervallen
Artikel 9
Vervallen
Artikel 10
Vervallen
Artikel 11
Vervallen
Artikel 12
Vervallen
Artikel 13
Vervallen
Artikel 14
Vervallen
Artikel 15
Vervallen
Artikel 16
Vervallen
Artikel 16a
1.
Als voldoende stahoogte als bedoeld in artikel 3, onderdeel g, van de transportverordening wordt beschouwd:
a. Voor runderen, behoudens voor slachtrunderen ouder dan één jaar: ten minste 20 centimeter ruimte boven de kruin van het grootste dier; b. Voor slachtrunderen ouder dan één jaar: ten minste 25 centimeter boven de schofthoogte van het hoogste dier; c. Voor schapen en geiten: ten minste 20 centimeter ruimte boven de kruin van het grootste dier; d. Voor varkens: ten minste 30 centimeter ruimte boven het hoogste punt van het grootste dier.
2. Indien het vervoermiddels is voorzien van een geforceerd ventilatiesysteem wordt in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, 15 centimeter ruimte boven het hoogste punt van het grootste dier als voldoende stahoogte beschouwd.
3. Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt als maximum toegestane hoogte van bedrijfsauto’s de hoogte gehanteerd die bepaald is bij artikel 5.3.6 van de Regeling voertuigen.
Artikel 17
Vervallen
Artikel 18
1. Bij gebruik van een zwevende trog waarvan de onderkant zich minimaal 20 centimeter boven de vloer bevindt, mag in de gevallen dat het varken ongehinderd met zijn kop onder de trog kan rusten, de ruimte onder de zwevende trog als vrije ruimte als bedoeld in artikel 2.19, derde lid, van het besluit, worden meegerekend.
2. Bij gebruik van een verzonken trog zonder obstakels mag van de vrije ruimte als bedoeld in artikel 2.19, derde lid, van het besluit, 15 centimeter verzonken zijn.
Artikel 19
Vervallen
Artikel 20
Vervallen
Artikel 21
Vervallen
Artikel 22
Vervallen
Artikel 23
Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels dierenwelzijn 2009
Artikel 24
Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 januari 2009.