|
…
|
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen | BWBR0013935 | beleidsregel | geldend | 2002-08-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013935 | Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen |
Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen
Artikel 1
1. Op basis van de bij de aanvraag gevoegde informatie wordt de netto explosieve massa voor vuurwerk als volgt bepaald: de sommatie van de totale netto massa in kilogrammen van de explosieve stof in vuurwerk uit de subklassen 1.1 tot en met 1.3 en 50% van de totale netto massa in kilogrammen van de explosieve stof in vuurwerk uit de subklasse 1.4.
2. In afwijking van het eerste lid, kan op basis van toepassing van de in bijlage 1 opgenomen standaardclassificatie van vuurwerkartikelen de netto explosieve massa voor vuurwerk als volgt worden bepaald: de sommatie van de totale netto massa in kilogrammen van de explosieve stof in vuurwerk uit de subklassen 1.1 tot en met 1.3 en 5% van de totale netto massa in kilogrammen van de explosieve stof in vuurwerk uit de subklasse 1.4.
Artikel 2
1.
Voor de toepassing van deze beleidsregel wordt verstaan onder kwetsbare objecten:
a. woningen, niet zijnde bedrijfswoningen; b. woonketen of woonwagens als bedoeld in de Woningwet; c. ligplaatsen als bedoeld in de Huisvestingswet; d. gebouwen waar dagopvang van minderjarigen plaatsvindt; e. gebouwen die uitsluitend of in hoofdzaak gebruikt worden door een onderwijsinstelling; f. ziekenhuizen, verpleeginrichtingen en zorginstellingen; g. andere gebouwen die bestemd zijn voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten; h. hotels, penitentiaire inrichtingen en asielzoekerscentra; i. kantoren; j. winkels, restaurants en cafés; k. kampeerterreinen; l. gebouwen ten behoeve van het belijden van godsdienst of levensovertuiging; m. andere objecten en terreinen die als kwetsbaar moeten worden aangemerkt uit hoofde van de aard van hun functie of de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven; n. objecten met een hoge infrastructurele waarde, voor zover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen de gevolgen van dat ongeval.
2. De objecten genoemd onder i, j, m en n worden niet aangemerkt als kwetsbaar object voor zover zij zijn gelegen op gronden die in een bestemmingsplan, gemeentelijk structuurplan of bij of krachtens een gemeentelijke verordening zijn aangewezen ten behoeve van of mede ten behoeve van de vestiging van havengebonden activiteiten.
Artikel 3
Een ontheffing van de maximale hoeveelheden ontplofbare stoffen aan boord van zeeschepen wordt, indien het verzoek geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op het vervoer van vuurwerk van en naar zee, voor vuurwerk uitsluitend verleend indien wordt voldaan aan het bepaalde in deze beleidsregel.
Artikel 4
De belanghebbende richt zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 10 werkdagen voor verwachte aankomst van het zeeschip in de haven, een complete aanvraag om een ontheffing aan de Inspectie Verkeer en Waterstaat, te 's-Gravenhage. Deze aanvraag bevat ten minste de volgende in het Nederlands of in het Engels gestelde informatie:
- totale hoeveelheid netto explosieve massa,
- een correct ingevuld multi-modal dangerous goods form, en
- de voorgenomen ligplaats en de afstand tot kwetsbare objecten, gerekend vanaf de plaats waar het vuurwerk aan boord van het zeeschip zich bevindt.
Indien de voorgenomen ligplaats gebaseerd is op toepassing van artikel 1, tweede lid, bevat de aanvraag tevens alle informatie, waaronder paklijsten, benodigd voor het toepassen van de standaardclassificatie van vuurwerkartikelen, zoals opgenomen in bijlage 1.
Artikel 5
Bij een verzoek om ontheffing wordt de externe veiligheid beoordeeld op basis van de te vervoeren hoeveelheid netto explosieve massa aan boord van het zeeschip, in combinatie met de afstand van de voorgenomen ligplaats tot kwetsbare objecten.
Artikel 6
Op basis van deze beleidsregel gelden voor de voorgenomen ligplaats ten minste de in onderstaande tabel aangegeven afstanden tot kwetsbare objecten, gebaseerd op de netto explosieve massa aan boord van het zeeschip. Bedoelde afstanden worden gemeten vanaf de plaats bij de voorgenomen ligplaats waar het vuurwerk zich aan boord van het zeeschip bevindt.
Artikel 7
Indien niet voldaan wordt aan de voorwaarden van artikel 4 wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.
Artikel 8
Indien niet voldaan wordt aan de voorwaarden van artikel 6 wordt de ontheffing geweigerd.
Artikel 9
De beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen (Stcrt. 2002, 126) wordt ingetrokken.
Artikel 10
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 augustus 2002.
Artikel 11
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: 'Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen'.
Bijlage . als bedoeld in
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
Opmerking 1: Percentages in deze tabel hebben, tenzij anders aangegeven, betrekking op de totale massa pyrotechnische mengsels (bij voorbeeld: vuurpijlmotor, voortdrijvende lading, breeklading en effectlading).
Opmerking 2: In deze tabel heeft ‘flitspoeder’ betrekking op pyrotechnische mengsels die een oxiderende stof en een metaalpoeder als brandstof bevatten. Deze mengsels worden gebruikt om een hoorbaar knaleffect te verkrijgen of als breeklading in vuurwerkartikelen.
Opmerking 3: Afmetingen in mm verwijzen:
Opmerking 4: Een aantal synoniemen uit de lijst is weergegeven in gangbare Nederlandstalige synoniemen.
Bijlage 2. Handhaving vuurwerk/ explosieve stoffen aan boord van zeeschepen
In samenhang met het toelatingsbeleid voor transport voor vuurwerk c.q. Explosieve stoffen met zeeschepen is een gestructureerde, transparante en eenduidige wijze van handhaving noodzakelijk.
Voor een zeeschip dat meer dan de in art. 13, eerste lid van de Regeling vervoer van gevaarlijke stoffen met zeeschepen (Rvgz) genoemde hoeveelheden vuurwerk/explosieve stoffen binnen Nederland wil brengen, dient een ontheffing te worden aangevraagd bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW).
Na beoordeling van de aanvraag kan de IVW tot het volgende besluiten:
Meerdere overtredingssituaties zijn mogelijk. Dit betreft onder meer:
Uitgangspunt bij overtreding is het zo spoedig mogelijk opheffen van de onrechtmatige situatie. Hierbij kunnen de volgende (straf- en of bestuursrechtelijke) maatregelen worden genomen: