rijk/beleidsregel/richtlijn-voor-strafvordering-joyriding-polarisnummer-540/BWBR0032022
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Richtlijn voor strafvordering joyriding (polarisnummer 5.40) BWBR0032022 beleidsregel geldend 2012-10-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0032022 Richtlijn voor strafvordering joyriding (polarisnummer 5.40)

Richtlijn voor strafvordering joyriding (polarisnummer 5.40)

. Beschrijving

Met deze strafvorderingrichtlijn wordt beoogd te komen tot een uniform strafvorderingsbeleid in het geval van joyriding. Deze richtlijn is verwant met de richtlijn voor strafvordering jeugd. Dit delict wordt zowel door minderjarigen als door jong volwassenen begaan.

Joyriding is een in het wegverkeer voorkomend feit dat kan worden gezien als een ernstige vorm van vandalisme, met weinig respect voor de bezittingen van een ander. Naast deze schending van eigendommen speelt eveneens de potentiële ingevaarbrenging van het verkeer. De opname in de Wegenverkeerswet 1994 brengt mee dat dit laatste prevaleert.

Als uitgangspunt is v.w.b. de first offenders aangesloten bij de richtlijn voor strafvordering jeugd. In de praktijk is de scheidslijn tussen strafrechtelijk minderjarigen en jong volwassenen uiterst dun en wordt bij dit delict regelmatig samengewerktdoor jong volwassenen met strafrechtelijk minderjarigen. Dientengevolge rechtvaardigt dit geen onderscheid in strafmaat.

Verkeer

joyriding

11 WVW1994 jo. 176, lid 2 WVW 1994

. Basisdelict joyriding 5.40.01

Dit basisdelict ziet op overtreding van art. 11 van de Wegenverkeerswet 1994: het opzettelijk wederrechtelijk een aan een ander toebehorend motorrijtuig op de weg gebruiken (joyriding).

Hoewel onder gebruiken het als bestuurder gebruiken moet worden verstaan, aldus de Hoge Raad, is het niet uitgesloten dat een passagier zo nauw bij het besturen is betrokken, dat ook hij zich schuldig maakt aan joyriding. Omdat dit delict vaak in groepsverband wordt gepleegd is de factor medeplegen in het delict begrepen en niet in een beoordelingsfactor. Het aantal basispunten is voor plegen en medeplegen derhalve hetzelfde.

Aanwijzing kader voor strafvordering

24 punten

Indien van toepassing: afhankelijk van beleid van het parket

Geen

Geen

Geen

Mate van recidive (5 jaar)

Geen recidive +0 % 1 maal +50 % Meermalen +100 % (DV)

(DV) + dagvaarden

Geen

Geen

Sanctieregeling Wegenverkeerswet 1994 joyriding

Geen