rijk/beleidsregel/specifiek-interventiebeleid-nvwa-tabak-en-rookwaren-ib02-spec-31-versie-12/BWBR0045583
..
README.md

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren (IB02-SPEC 31, versie 12) BWBR0045583 beleidsregel geldend 2021-10-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045583 Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren (IB02-SPEC 31, versie 12)

Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren (IB02-SPEC 31, versie 12)

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 13 van de Tabaks- en rookwarenwet, artikel 10, eerste lid, onderdeel d, en artikel 13 van de Mandaatregeling VWS en het Algemeen Interventiebeleid Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;

Besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:

1. Onderwerp

Het specifiek interventiebeleid tabak en rookwaren beschrijft, binnen de kaders van het algemeen interventiebeleid (NVWA-IB02) (AIB), de klasseindeling van en de interventies voor de beoordeling van specifieke overtredingen van de wetgeving in het domein tabak en rookwaren.

Overtredingen die door de inspecteur/toezichthouder worden waargenomen en die niet in dit IB02-SPEC 31 zijn opgenomen, worden voorgelegd aan de Afdeling Expertise van de Directie Handhaven teneinde een interventie te bepalen.

2. Definities en wettelijke basis

2.1. Definities

In aanvulling op de definities en begrippen uit het AIB gelden de volgende definities:

  • Inspectie: Elke vorm van controle door een inspecteur van de NVWA om na te gaan of de wet- en regelgeving inzake tabak en rookwaren wordt nageleefd. De inspecteur kan, als dit de efficiency van de uit te voeren inspectie ten goede komt, ervoor kiezen om deze van te voren aan te kondigen. Dit laat onverlet dat de inspecteur ook zonder aankondiging een inspectie kan uitvoeren;
  • Herinspectie: Een inspectie (op afstand) ingesteld door een inspecteur van de NVWA die volgt op een eerder ingestelde inspectie, waarbij een overtreding is geconstateerd van de wet- en regelgeving inzake tabak en rookwaren en naar aanleiding waarvan het noodzakelijk wordt geacht om na te gaan of afdoende corrigerende maatregelen zijn genomen om de overtreding op te heffen en nieuwe overtredingen te voorkomen.

2.2. Wettelijke basis

In het domein tabak en rookwaren gelden zowel nationale als internationale (EU) regels. De belangrijkste wettelijke bepalingen die van belang zijn voor dit specifiek interventiebeleid zijn de Tabaks- en rookwarenwet en het daarop gebaseerde Tabaks- en rookwarenbesluit en de Tabaks- en rookwarenregeling. Daarnaast geldt de Richtlijn 2014/40/EU betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten en de bijbehorende Uitvoeringsbesluiten van de Commissie ((EU) 2015/2186, 2015/2183, 2015/1842, 2015/1735 en 2016/586).

3. Werkwijze

3.1. Het bepalen van de ernst van de overtreding

Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het AIB. Bij het beoordelen van de op te leggen interventie wordt rekening gehouden met de omvang van (het risico op) gevolgen voor de volksgezondheid, de herstelbaarheid daarvan en of er sprake is van calculerend en/of bewust risiconemend gedrag. Hoe groter (het risico op) de gevolgen, des te hoger wordt de overtreding in de bijlagen geclassificeerd.

In de bijlagen 1a, 1b, 1c, 1d en 1e van dit document zijn de bepalingen van de geldende wetgeving ingedeeld in een overtredingsklasse met bijbehorende interventie(s).

Afwijken van de in dit document voorgeschreven interventie is alleen mogelijk in overleg met, en na akkoord van, het afdelingshoofd. De onderbouwing van de reden om af te wijken wordt vastgelegd.

3.2. Het bepalen van interventies bij een overtreding

Overtredingen van de Tabaks- en rookwarenwet worden doorgaans bestuurlijk beboet maar kunnen, als de NVWA daar aanleiding toe ziet, aan het Openbaar Ministerie (OM) worden voorgelegd voor strafrechtelijke afdoening. Het OM beslist of het overgaat tot strafrechtelijke afdoening. In één geval schrijft de Tabaks- en rookwarenwet voor dat uitsluitend strafrechtelijk kan worden gesanctioneerd, namelijk indien de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economische voordeel (artikel 11b, derde lid, Tabaks- en rookwarenwet).

Afgezien van het in artikel 11b, derde lid, van de Tabaks- en rookwarenwet beschreven geval is strafrechtelijke afdoening niet voorbehouden aan een vooraf aan te geven overtreding van een bepaald voorschrift, maar kan in beginsel bij alle overtredingen van de bij of krachtens de Tabaks- en rookwarenwet gestelde voorschriften noodzakelijk zijn.

De kolommen interventies en follow-up na overtreding; interventies bij herhaalde overtreding in de bijlagen van dit document vermelden uitsluitend de bestuurlijke boete als sanctionerende interventie die doorgaans wordt toegepast. Dit laat onverlet dat, als een overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk kan worden afgedaan, op grond van de specifieke feiten en omstandigheden kan worden besloten om in plaats van een bestuurlijke boete een proces-verbaal op te maken ten behoeve van strafrechtelijke afdoening. Op voorhand is niet in de bijlagen van dit document aan te geven wanneer wordt overgegaan tot een strafrechtelijke sanctionerende interventie. Daarom vormt deze paragraaf een aanvulling op bovengenoemde kolommen in de bijlagen.

In alle gevallen geldt overigens dat een strafrechtelijke sanctionerende interventie (een proces-verbaal) te allen tijde kan worden gecombineerd met een bestuursrechtelijke corrigerende interventie (een herstelmaatregel).

Corrigerende interventies kunnen naast of in plaats van sanctionerende interventies worden ingezet. Dat kan nuttig zijn zodra blijkt dat sanctionerende interventies (alleen) onvoldoende leiden tot naleving van de regelgeving. Voor welke corrigerende interventie gekozen wordt verschilt van geval tot geval. Een voorbeeld hiervan is een ontzegging van de tabaksverkoop voor een periode van één tot twaalf weken, als bedoeld in artikel 8a van de Tabaks- en rookwarenwet. Deze interventie kan ingezet worden bij drie overtredingen binnen een tijdsbestek van twaalf maanden (3 strikes out). In bijlage 2 van dit document is nader gespecificeerd hoe lang ontzegging van de tabaksverkoop wordt toegepast.

Corrigerende interventies hebben als doel te bevorderen dat bestaande overtredingen worden beëindigd en nieuwe worden voorkomen. Een corrigerende interventie moet proportioneel en toegesneden zijn op de specifieke situatie van de overtreder. Een corrigerende interventie mag niet ingrijpender voor de overtreder zijn dan strikt noodzakelijk om de overtreding te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Overgaan tot meer ingrijpende corrigerende interventies is mogelijk indien kan worden gemotiveerd waarom een minder ingrijpende corrigerende interventie onvoldoende effect heeft gehad of zal hebben.

Als één of meer overtredingen worden geconstateerd die in ernst, aantal en tijdsbestek een corrigerende interventie rechtvaardigen, wordt met een specifieke corrigerende interventie ingegrepen. Dit ingrijpen kan betrekking hebben op:

a. beëindiging van een overtreding; of b. voorkoming van nieuwe overtredingen.

Aan een specifieke corrigerende interventie kan, voor zover van toepassing, een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang worden verbonden.

Als opnieuw overtredingen worden geconstateerd wordt opnieuw een corrigerende interventie ingezet als ernst, aantal en tijdsbestek van de overtreding(en) dit rechtvaardigt. Zonodig met ingrijpendere maatregelen of, voor zover van toepassing, een hogere dwangsom.

3.3. Herhaalde overtreding en verscherpt toezicht

Er is sprake van een herhaalde overtreding wanneer tijdens een (her)inspectie opnieuw een overtreding wordt vastgesteld van dezelfde wettelijke norm, of van een wettelijke norm die hetzelfde doel beoogt, waarvoor tegen de overtreder in de daaraan voorafgaande periode van drie jaar reeds een interventie werd toegepast.

Tijdens een (her)inspectie kunnen meerdere overtredingen van verschillende wettelijke voorschriften en van verschillende overtredingsklassen binnen het domein tabak en rookwaren geconstateerd worden. Voor het handelen in dergelijke situaties zie 2.3 van het AIB. Ten aanzien van het stapelen van overtredingen geldt, bij het opleggen van de bestuurlijke boete, dat er wordt uitgegaan van maximaal vijf overtredingen per overtreder, per controlemoment, per locatie.

Na het constateren van een overtreding klasse B of C kan een extra inspectie worden uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.

Als bij meerdere opeenvolgende (her)inspecties blijkt dat overtredingen zich blijven voordoen, kan de NVWA besluiten verscherpt toezicht in te stellen. Dit wordt ook aan de overtreder medegedeeld. Verscherpt toezicht houdt in dat de NVWA vaker inspecteert en, indien zij overtredingen constateert, naast een sanctionerende interventie ook, voor zover van toepassing, corrigerende interventies kan opleggen die passend zijn om de geconstateerde overtreding(en) te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Per overtreder wordt een maatwerkaanpak opgesteld. Na afloop van een van tevoren vastgestelde periode wordt geëvalueerd of voortzetting van het verscherpt toezicht wenselijk is. Ook dit wordt gecommuniceerd met de overtreder.

3.4. Internettoezicht

Op internet worden op handelssites (digitale platforms) geregeld advertenties geplaatst met verboden content. De NVWA kan in die gevallen gegevens bij zowel de aanbieder als de beheerder van de handelssite vorderen op basis van de Algemene wet bestuursrecht. Beheerders van handelssites kunnen de NVWA alternatieven bieden om te interveniëren, zoals het verwijderen van advertenties. In dergelijke gevallen kan de NVWA volstaan met nalevingshulp aan de aanbieder bijvoorbeeld vlak nadat de advertentie is verwijderd. Indien er sprake is van herhaling dan kunnen alsnog gegevens worden gevorderd en kan worden opgeschaald in de handhaving.

4. Arbo, milieu en veiligheid

Niet van toepassing

5. Divers

Deze beleidsregel vervangt het op 15 juni 2021 vastgestelde Specifieke Interventiebeleid tabak en rookwaren (IB02-SPEC 31, versie 11). Het hoofddocument en de bijlagen 1a, 1b, 1c en 1d zijn ingericht volgens een uniforme opzet, geldend voor alle domeinen. Bijlage 1d van dit document vervangt de regels 04 tot en met 18 van de bijlage 1d van IB02-SPEC31, versie 11, met betrekking tot de producteisen en de verpakkingseisen. Interventiebeleid dat betrekking heeft op de themas rookverboden (bijlage 1a), reclamebeperkingen (bijlage 1b), verkoopbeperkingen (bijlage 1c) en rapportageverplichtingen (bijlage 1e) is ongewijzigd ten opzichte van versie 11.

Ten opzichte van versie 11 zijn de wettelijke normen en overtredingsklassen met betrekking tot productregulering (producteisen en verpakkingseisen) vollediger en eenduidiger geformuleerd.

Voor dit thema is de normadressaat, daar waar dit mogelijk was, uitgebreid naar marktdeelnemer en aan alle interventieregels is de mogelijkheid van een corrigerende interventie (bij eerste of herhaalde overtreding) toegevoegd. Daarnaast is nieuw interventiebeleid opgenomen in het kader van de wetgeving omtrent neutrale verpakkingen van sigaretten en shag, die vanaf 1 oktober 2021 in werking treedt.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren (IB02-SPEC 31, versie 12).

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 oktober 2021.

Bijlagen bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren:

Bijlage 1a: Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema rookverboden; Bijlage 1b: Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema reclamebeperkingen; Bijlage 1c: Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema verkoopbeperkingen; Bijlage 1d: Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema productregulering; Bijlage 1e: Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema rapportageverplichtingen; Bijlage 2: Tabel behorend bij interventiebeleid ten aanzien van artikel 8, eerste lid, Tabaks- en rookwarenwet. Bijlage 3: Uitleg TNCO onderzoek behorend bij interventiebeleid bijlage 1d.

Bijlage 1a. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema rookverboden

Bijlage 1b. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema reclamebeperkingen

Bijlage 1c. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema verkoopbeperkingen

Bijlage 1d. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, thema productregulering

Bijlage 1e. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel met specifieke interventies tabak en rookwaren, overige themas

Bijlage 2. bij IB02-SPEC 31, versie 12: Specifiek interventiebeleid NVWA tabak en rookwaren; Tabel behorend bij interventiebeleid ten aanzien van

De onderstaande tabel geeft per overtreding de maatregel weer per soort bedrijf. Dit kan zijn een boete of een boete plus een x-aantal weken ontzegging van de tabaksverkoop.

^1 Er wordt uitgegaan van het aantal medewerkers op de dag dat de overtreding plaatsvond.

^2 Overige verkooppunten zijn supermarkten, tankstations, horeca, kiosken, ed.

^3 BB = bestuurlijke boete.

^4 Aantal weken waarin de tabaksverkoop wordt stilgelegd.

Bijlage 3. TNCO onderzoek bij sigaretten en shag

Periodiek worden alle sigaretten en shag gescreend voor wat betreft de waarden van teer, nicotine en koolmonoxide. Dit is vastgelegd in de Tabaks- en rookwarenwet in artikel 2 en artikel 3, het Tabaks- en rookwarenbesluit in artikel 2.1 en de Tabaksproductenrichtlijn artikel 3. Als tijdens het screeningsonderzoek de grenswaarden overschreden worden, zullen deze producten bemonsterd worden voor een handhavingsonderzoek. Hieronder nog een nadere duiding voor de type producten.

Sigaretten: Voor het vaststellen of het onderzochte monster voldoet aan de wettelijke eisen wordt gebruik gemaakt van de in ISO 8243:2013, par 6.4, tabel 3 onder Sampling at one point in time vermelde betrouwbaarheidsintervallen (incl NOTE). Voor het vaststellen of een screeningsmonster sigaretten in aanmerking komt voor handhavingsonderzoek wordt gebruik gemaakt van de in ISO 8243:2013, par 6.4, tabel 3 onder Sampling at one point in time vermelde betrouwbaarheidsintervallen (incl NOTE) verminderd met 5%.

Shag: Voor het vaststellen of het onderzochte monster voldoet aan de wettelijke eisen wordt gebruik gemaakt van de in ISO 8243:2013, par 6.4, tabel 3 onder Sampling at one point in time vermelde betrouwbaarheidsintervallen (incl NOTE) vermeerderd met 5%. Deze vermeerdering met 5% wordt toegepast omdat in ISO 15592-1:2001 nog geen betrouwbaarheidsintervallen voor shag zijn vastgesteld. Voor het vaststellen of een screeningsmonster shag in aanmerking komt voor handhavingsonderzoek wordt gebruik gemaakt van de in ISO 8243, par 6.4, tabel 3 onder Sampling at one point in time vermelde betrouwbaarheidsintervallen (incl NOTE).