rijk/circulaire/circulaire-wijzigingen-in-de-financiële-arbeidsvoorwaarden-per-1-januari-2017-vo/BWBR0039033
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2017 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk BWBR0039033 circulaire geldend 2017-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0039033 Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2017 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk

Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2017 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk

. Inleiding

Zoals te doen gebruikelijk ontvangt u aan het einde van het kalenderjaar een circulaire over de wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk.

U treft in deze circulaire informatie aan over de volgende onderwerpen:

    1. Vergoeding van reis- en verblijfkosten bij dienstreizen
    1. Tegemoetkomingen in het woon-werkverkeer
    1. Emolumenten
    1. Tegemoetkoming representatiekosten
    1. Te werken uren op jaarbasis
    1. Arbeidsduur detachering Europese Unie
    1. Werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel
    1. Werkkostenregeling/IKAP-regeling
    1. Stagevergoedingen en pensionkosten voor stagiairs
    Klokkenluidersregeling: vergoeding rechtsbijstand
    Wijzigingen algemene wet- en regelgeving
    Wijzigingen sectorale regelgeving en circulaires
    Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk

1. Vergoeding van reis- en verblijfkosten bij binnenlandse dienstreizen

De bedragen voor lunch en avondmaaltijd worden geïndexeerd met de gemiddelde wijziging van de consumentenprijsindexen voor restaurants en cafés en voor fastfood en afhaalservice. De bedragen voor logies en ontbijt worden geïndexeerd met de consumentenprijsindex voor accommodaties. De bedragen voor de vergoeding van kleine uitgaven overdag en kleine uitgaven s avonds worden geïndexeerd met de gewogen gemiddelde stijging van het totaal van de componenten ontbijt, lunch en avondmaaltijd.

De vergoedingen voor verblijfkosten tijdens binnenlandse dienstreizen worden met ingang van 1 januari 2017:

Totaal Netto Bruto
Lunch 14,96 8,75 6,21
Avondmaaltijd 22,63 21,95 0,68
Logies 91,13 90,13 1,00
Ontbijt 8,90 8,90
Kleine uitgaven overdag 4,76 4,24 0,52
Kleine uitgaven s avonds 14,20 8,50 5,70

De vergoedingsbedragen voor het gebruik van een privé vervoermiddel bij dienstreizen, € 0,37 en € 0,09 per kilometer, wijzigen niet.

2. Tegemoetkomingen in het woon-werkverkeer

Het maximumbedrag per maand van de hoge tegemoetkoming per kilometer wordt vastgesteld op een twaalfde deel van de grootverbruikcontractprijs van een OV jaarkaart 2e klasse per 1 januari 2017. Deze grootverbruikcontractprijs bedraagt € 4.614,84 op 1 januari 2017.

Het maximumbedrag per maand van de lage tegemoetkoming per kilometer wordt geïndexeerd met de prijsstijging van een OV jaarkaart 2e klasse. Deze prijsstijging bedraagt 0,31%.

De bedragen per dag worden vastgesteld door de betreffende maandbedragen te vermenigvuldigen met twaalf (maanden) en te delen door 214 (het reguliere aantal reisdagen per jaar, zoals opgenomen in de formule in artikel 12 van de Verplaatsingskostenregeling 1989).

De hoge tegemoetkoming per kilometer wordt vastgesteld, door het niet afgeronde bedrag van 1 januari 2016 (18,91 eurocent) te indexeren met de prijsstijging van een OV jaarkaart 2e klasse van 0,31% en de uitkomst (18,97 eurocent) rekenkundig af te ronden op hele eurocenten (19 eurocent).

De lage tegemoetkoming wordt vastgesteld, op een derde deel van de niet afgeronde hoge tegemoetkoming per kilometer, dat resulteert in een bedrag van 6,32 eurocent, en is rekenkundig afgerond op hele eurocenten (6 eurocent).

Samenvattend wijzigen met ingang van 1 januari 2017 de bedragen die in het kader van het woon-werkverkeer als tegemoetkoming voor het gebruik van eigen vervoer kunnen worden verstrekt als volgt:

het bedrag van de hoge kilometervergoeding blijft € 0,19; het bedrag van de lage kilometervergoeding blijft € 0,06; het maximum bedrag per maand voor de hoge kilometervergoeding wijzigt van € 383,38 in € 384,57 en per dag van € 21,50 in € 21,56; het maximumbedrag per maand van de lage kilometervergoeding wijzigt van € 56,78 in € 56,96 en per dag van € 3,18 in € 3,19.

De hoogte van een tegemoetkoming in het woon-werkverkeer wordt berekend met toepassing van de AND-routeplanner. Een nieuwe berekening van deze tegemoetkoming vindt plaats als er sprake is van een standplaatswijziging of van een adreswijziging en wanneer de vergoeding opnieuw wordt aangevraagd nadat deze eerder is stopgezet wegens afwezigheid van zes weken of langer (bijvoorbeeld bij langdurige ziekte of buitengewoon verlof). Anders dan in 2009 aangekondigd (Stcrt. 2009, 10878) wordt de tegemoetkoming sindsdien niet jaarlijks herberekend. Indien daar aanleiding toe is (bijvoorbeeld als een nieuwe weg is aangelegd) kan het bevoegd gezag uiteraard wel tot een herberekening besluiten. Ook kan de ambtenaar de vergoeding opnieuw aanvragen.

3. Emolumenten

De bedragen, die de ambtenaar maximaal verschuldigd is voor het genot van verwarming, energie en leidingwater genoemd in artikel 3, eerste lid, onder b tot en met e, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, wijzigen op de gebruikelijke wijze aan de hand van de consumentenprijsindex. Met ingang van 1 januari 2017 worden deze bedragen:

Verwarming van de woning 112,29
Energie voor kookdoeleinden 34,56
Elektrische energie anders dan voor verwarming van de woning en voor kookdoeleinden 23,13
Leidingwater 16,07

Voor de volledigheid wordt erop gewezen dat in de definitie van de berekeningsbasis van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel (artikel 1, onderdeel c) de aflopende toelage bedoeld in artikel 18b van het BBRA 1984 ontbreekt in de opsomming van toelagen die niet moeten worden betrokken bij het vaststellen van de berekeningsbasis. Deze omissie zal worden hersteld. Tot dit is gerealiseerd dient deze toelage ook niet te worden betrokken bij de berekeningsbasis.

De bedragen van de huurwaarde van dienstwoningen, die mede van belang zijn voor de uitvoering van artikel 3, tweede lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, dienen per 1 januari 2017 met 2,1% te worden verhoogd.

Woningen die op of na 1 januari 2016 gereed zijn gekomen, vallen buiten deze verhoging.

Er dient een extra huurverhoging in aanmerking te worden genomen in gevallen waarin de economische huurwaarde van een dienstwoning, behalve door de algemene verhoging van 2,1%, mede door andere factoren is beïnvloed. Bijvoorbeeld als gevolg van een door of vanwege de inhoudingsplichtige aangebrachte verbetering aan de dienstwoning.

Het verschuldigde bedrag voor het privé-gebruik van een dienstauto, zoals genoemd in artikel 3a, eerste lid van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, blijft gehandhaafd op € 0,22 per afgelegde kilometer.

4. Tegemoetkoming representatiekosten

Het bedrag dat de ambtenaar per maand maximaal kan ontvangen als vaste tegemoetkoming voor representatiekosten wordt aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex in de periode september 2015 september 2016. Hierdoor wijzigt de maximale tegemoetkoming per maand van € 541,36 met ingang van 1 januari 2017 in € 541,90.

5. Te werken uren op jaarbasis

Het aantal te werken uren op jaarbasis bedraagt in 2017 bij een volledige arbeidsduur van gemiddeld 36 uur per week afgerond 1822 uren.

Dit aantal is het resultaat van de volgende berekening

Aantal dagen in 2017 365
Aantal zaterdagen 52
Aantal zondagen 53
Nieuwjaarsdag, zondag 1 januari
Tweede Paasdag, maandag 17 april 1
Koningsdag, donderdag 27 april 1
Bevrijdingsdag, vrijdag 5 mei 1
Hemelvaartsdag, donderdag 25 mei 1
Tweede Pinksterdag, maandag 5 juni 1
Eerste Kerstdag, maandag 25 december 1
Tweede Kerstdag, dinsdag 26 december 1
Totaal zaterdagen, zondagen en feestdagen 112
Totaal aantal te werken dagen 2017 253
Aantal te werken hele uren (253 x 7,2) 1.822

6. Arbeidsduur detachering Europese Unie

De standaard werkweek bij de Europese instellingen bedraagt 40 uur per week. Deze werkweek geldt ook voor de Experts Nationaux Détachés (ENDers) die door de ministeries zijn gedetacheerd. Rijksbreed is afgesproken om de arbeidsduur voor deze gedetacheerden op hun verzoek voor de duur van de detachering uit te breiden naar gemiddeld 38 uur per week. Per week wordt dan gemiddeld twee uur compensatieverlof opgebouwd welk verlof verminderd wordt met de bij de EU verplichte feestdagen voor zover die in aantal uitgaan boven de voor de sector Rijk geldende Nederlandse feestdagen.

Voor 2017 zijn de volgende vrije dagen voor de instellingen van de Europese Unie vastgesteld*:

1 januari Nieuwjaarsdag, zondag
2 januari Dag na Nieuwjaarsdag, maandag
13 april Witte Donderdag
14 april Goede Vrijdag
17 april Tweede Paasdag, maandag
1 mei Dag van de Arbeid, maandag
9 mei Verklaring President Robert Schuman in 1950, dinsdag
25 mei Hemelvaartsdag, donderdag
26 mei Dag na Hemelvaartsdag, vrijdag
5 juni Tweede Pinksterdag, maandag
21 juli Nationale feestdag België, vrijdag
15 augustus Maria-hemelvaart, dinsdag
1 november Allerheiligen, woensdag
2 november Allerzielen, donderdag
25 t/m 29 december Vijf dagen eindejaarsvakantie, maandag t/ vrijdag
  • afhankelijk van de standplaats kunnen er verschillen zijn in door de EU vastgestelde feestdagen.

7. Werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel

In de Regeling werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel wordt bij het vaststellen van de hoogte van de bijdrage een uurprijs in aanmerking genomen die niet hoger is dan de op basis van artikel 7 van de Wet kinderopvang vastgestelde uurprijs. De uurprijzen worden voor 1 januari 2017 geïndexeerd met 4,2% (zie Staatsblad 2016, 371) en bedragen:

a. a. dagopvang: een bedrag van maximaal € 7,18; b. b. buitenschoolse opvang: een bedrag van maximaal € 6,69; c. c. gastouderopvang: een bedrag van maximaal € 5,75.

8. Werkkostenregeling/IKAP-regeling

De Werkkostenregeling (WKR) is per 1 januari 2013 rijksbreed ingevoerd. De toepassing van de WKR ten opzichte van 2017 wordt ongewijzigd voortgezet. Voor nadere informatie over de toepassing van de WKR binnen het Rijk verwijs ik u naar de circulaire over dit onderwerp, die met een jaar wordt verlengd.

Met ingang van 1 januari 2016 is in de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 de vrije vergoeding of verstrekking voor de fiets voor woon-werkverkeer, vakbondscontributie en bedrijfsfitness vervallen en daarmee ook de daaraan gekoppelde specifieke voorwaarden. Deze specifieke voorwaarden worden met ingang van 1 januari 2017 opgenomen in de IKAP-regeling rijkspersoneel, waarvan de wijziging binnenkort wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

9. Stagevergoedingen en pensionkosten voor stagiairs

De stagevergoedingen zijn sinds 1 januari 2016 als volgt vastgesteld:

Voor wo- en hbo-studenten wordt een vaste stagevergoeding gehanteerd van € 578,00 bruto per maand bij een stage van 40 uur per week. Voor stages op mbo-niveau wordt een vaste stagevergoeding gehanteerd van € 420,00 bruto per maand bij een stage van 40 uur per week.

Daarnaast wordt de maximale vergoeding voor eventueel te verstrekken pensionkosten bij binnenlandse en buitenlandse stages met ingang van 1 januari 2017 verhoogd naar € 346,00 per maand vanwege de overeenkomstige indexering van de vergoedingsbedragen van logies bij dienstreizen. Overigens wordt de circulaire Beleid rechtspositie stagiair en modelstageovereenkomsten uit 2012 (Staatscourant 2012, 2726) op korte termijn geactualiseerd.

10. Klokkenluidersregeling: vergoeding rechtsbijstand

Met ingang van 1 januari 2017 wordt als gevolg van de Wet Huis voor klokkenluiders het Besluit melden vermoeden van misstand bij Rijk en Politie vervangen door de Interne Klokkenluidersregeling Rijk, Politie en Defensie. In deze regeling is in artikel 17, eerste lid, onderdeel b, de maximale vergoeding voor kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand opgenomen. Deze vergoeding bedraagt maximaal € 250,00 per uur tot maximaal € 6.000,00 per afzonderlijke procedure. Deze bedragen worden jaarlijks aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex in de periode van september tot september.

11. Wijzigingen algemene wet- en regelgeving

De op 1 januari 2017 in werking tredende belastingmaatregelen bevatten, behoudens de gebruikelijke aanpassingen van tarieven, voor afdelingen personeelszaken geen relevante wijzigingen.

De Eerste Kamer heeft op 8 november jl. ingestemd met het door D66 en CDA ingediende initiatiefvoorstel Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA). In februari 2014 ging de Tweede Kamer hier al mee akkoord. Voordat het wetsvoorstel de status van wet krijgt, moet het eerst door de regering bekrachtigd worden. De wet zal ervoor zorgen dat de meeste ambtenaren dezelfde rechtspositie krijgen als werknemers in het bedrijfsleven: beide groepen vallen straks onder het private arbeidsrecht.

Voordat de nieuwe wet in werking kan treden moet nog veel wet- en regelgeving worden aangepast en moeten de werkgevers aanpassingen in hun organisatie doorvoeren. Dit zal ongeveer tweeënhalf tot drie jaar in beslag nemen. Het implementatietraject voor de sector Rijk wordt begin 2017 ingezet.

Met ingang van 1 januari 2017 treedt de Wet tegemoetkomingen loondomein gedeeltelijk in werking. Deze wet vormt bestaande premiekortingen voor oudere uitkeringsgerechtigden en mensen met een arbeidsbeperking om tot loonkostenvoordelen voor de werkgever en regelt dat daarbij gebruik wordt gemaakt van bestaande gegevens bij uitvoerende organisaties.

Vanaf 1 januari 2017 krijgen werkgevers door deze wet onder voorwaarden aanspraak op een lage-inkomensvoordeel (LIV) voor werknemers die tussen 100% en 120% van het minimumloon verdienen. De Belastingdienst keert op basis van gegevens van UWV de vergoeding over 2017 aan werkgevers in 2018 automatisch uit, zonder dat daarvoor een aanvraag hoeft te worden ingediend.

Voor meer informatie verwijs ik u naar de website Rijksoverheid.nl, naar de website van de Belastingdienst en naar de nieuwsberichten op Rijksportaal Personeel.

12. Wijzigingen sectorale regelgeving en circulaires

In de bijlage vindt u een overzicht van de (wijzigingen van) algemene maatregelen van bestuur, ministeriële regelingen en circulaires die tot stand zijn gekomen sinds de vorige eindejaarscirculaire en circulaires die worden verlengd dan wel ingetrokken.

13. Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk

Via Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk wordt melding gemaakt van in het Staatsblad en de Staatscourant gepubliceerde regelgeving en circulaires. Deze worden niet per post verzonden. Indien u de signalering automatisch wilt ontvangen, kunt u zich aanmelden via https://abonneren.rijksoverheid.nl en vervolgens via Aanmelden nieuwsbrieven de volgende selectie toepassen:

Afzender: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Thema: Werk en loopbaan

om de Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie te vinden.

Ik verzoek u met de inhoud van deze circulaire rekening te houden en daaraan voor zover nodig uitvoering te geven.

Bijlage . bij circulaire 2016-0000761341

^1 Wordt ingetrokken omdat de circulaire is verouderd met de komst van de IKAP-regeling rijkspersoneel

^2 Wordt ingetrokken omdat de bron vakbondscontributies is toegevoegd aan de IKAP-regeling rijkspersoneel

^3 Vervalt omdat de geldigheidsduur beperkt was tot het formaliseren van de afspraak in regelgeving.

^4 Vervalt omdat de geldigheidsduur beperkt was tot formalisering van de (salaris)bedragen in regelgeving.

^5 Vervalt omdat de geldigheidsduur beperkt was tot formalisering van de (salaris)bedragen in regelgeving.