rijk/kb/bijzonder-reglement-van-politie-voor-de-bergsche-maas-en-het-heusdensch-kanaal/BWBR0001861
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Bijzonder reglement van politie voor de Bergsche Maas en het Heusdensch kanaal BWBR0001861 KB geldend 1894-11-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0001861 Bijzonder reglement van politie voor de Bergsche Maas en het Heusdensch kanaal

Bijzonder reglement van politie voor de Bergsche Maas en het Heusdensch kanaal

Artikel 1

Voor de toepassing van dit en van het Algemeen Reglement worden de tot lossen en laden bestemde inrichtingen in de rivier de Maas met havens gelijkgesteld.

Artikel 2

Vaartuigen mogen alleen geladen en gelost worden op de daartoe bestemde of door de kanaalbeambten aangewezen plaatsen.

Artikel 3

Bij het laden of lossen van vaartuigen mogen de wegen en bermen niet versperd worden.

De schippers der naast elkander liggende vaartuigen zijn verplicht ten gerieve van elkander de noodige ruimte te maken tot het bezigen van lichters en tot het verhalen.

Artikel 4

De schipper van een vaartuig, liggende bij eene aanlegplaats, moet gedoogen, dat een ander vaartuig ter zijde van het zijne komt en daarover gemeenschap met den wal hebbe, mits niet om te laden of te lossen.

Artikel 5

De schipper moet zijn vaartuig, zoodra het geladen of gelost is, terstond doen verhalen, wanneer een ander vaartuig terzelfder plaatse moet geladen of gelost worden.

In geval van gebrek aan ruimte hebben bij gelijktijdige aankomst de vaartuigen, welke komen laden, den voorrang boven die, welke komen lossen.

Artikel 6

Het is verboden op de los- en laadplaatsen andere goederen of voorwerpen neder te leggen dan welke moeten worden ingescheept of zijn ontladen, of goederen te laten liggen na verloop van den door de kanaalbeambten voor de inlading of wegvoering bepaalden termijn.

Artikel 7

Behoudens verkregen rechten is het verboden, zonder vergunning van den Minister, in, op, onder of over de havens, bermslooten, bermen, dijken, kaden, jaagpaden, wegen of andere tot deze rivieren behoorende gronden of werken, eenig werk uit te voeren of te hebben.

Artikel 8

Behoudens verkregen rechten is het verboden zonder schriftelijke vergunning van den hoofdingenieur over de rijksgronden of werken, welke geene openbare wegen zijn, met paarden of andere dieren of met eenig middel van vervoer te rijden, vee te drijven of voorwerpen te vervoeren.

Dit verbod is niet toepasselijk op de voertuigen van de ambtenaren van den waterstaat en van de kanaalbeambten, en voor zooveel de jaagpaden betreft op de jaagpaarden.

Artikel 9

Het is verboden, zonder vergunning van den hoofdingenieur:

1°. 1°. de rijksgronden of werken met paarden of ander vee te beweiden of daarop pluimgedierte te laten loopen; 2°. 2°. op de rijksgronden of werken, welke geen los- of laadplaatsen zijn, voorwerpen te brengen of te doen verblijven.

Dit verbod geldt niet voor hen, die uit krachte van eene pacht- of huurovereenkomst of eene ingebruikgeving van den grond door den Minister tot die handelingen gerechtigd zijn.

Artikel 10

Het is verboden:

1°. 1°. het gebruik der werken te belemmeren of te beletten; 2°. 2°. zonder daartoe door de kanaalbeambten te zijn aangezocht, tot hunnen dienst behoorende werkzaamheden te verrichten; 3°. 3°. zich op eenig werk te begeven, waartoe de toegang op eene voor ieder blijkbare wijze verboden is; 4°. 4°. de aanwijzingen te overtreden, welke betreffende het gebruik der werken door den Minister zijn gegeven en op voor ieder blijkbare wijze met vermelding der daartoe betrekkelijke ministerieele beschikking bij of aan de werken zijn bekend gemaakt; 5°. 5°. de bevelen te overtreden, door de kanaalbeambten ter bescherming der werken of ter verzekering van hun doelmatig en veilig gebruik gegeven

Artikel 11

Met afwijking van art. 90, 2de lid, van het Algemeen Reglement, wordt voor deze rivieren bepaald, dat van de bevelen of beslissingen van de kanaalbeambten of van den ingenieur, onverminderd de verplichting om aan de bevelen onmiddellijk te voldoen, hooger beroep is toegelaten op den hoofdingenieur en van dezen op den Minister.

Artikel 12

Met uitbreiding van art. 91, 2de lid, van het Algemeen Reglement, wordt voor deze rivieren bepaald dat een afschrift van het proces-verbaal, zoo mogelijk ook gezonden wordt aan dengeen, die tot de vergoeding der schade gehouden wordt geacht.

Artikel 13

Overtreding van de bepalingen van dit reglement is een strafbaar feit.