rijk/ministeriele-regeling/aanwijzing-ex-artikel-7-wet-marktordening-gezondheidszorg-proeftuinen-meerzorg-2/BWBR0037906
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg (proeftuinen meerzorg 2.0) BWBR0037906 ministeriele-regeling geldend 2016-07-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0037906 Aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg (proeftuinen meerzorg 2.0)

Aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg (proeftuinen meerzorg 2.0)

Artikel 1

In deze aanwijzing wordt verstaan onder:

  • de zorgautoriteit: de Nederlandse Zorgautoriteit, genoemd in artikel 3 van de wet.

Artikel 2

Deze aanwijzing is van toepassing op meer zorg als bedoeld in artikel 3.1.1, tweede lid, van het Besluit langdurige zorg.

Artikel 3

De zorgautoriteit voorziet, met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2015, in een experiment proeftuinen meerzorg 2.0 met een looptijd van maximaal drie jaar.

Artikel 4

De zorgautoriteit neemt bij de vaststelling van de regelgeving voor het experiment als bedoeld in artikel 3 de volgende uitgangspunten in acht:

a. a. doel van het experiment is dat Wlz-uitvoerders, zorgaanbieders en het Centrum voor Consultatie en Expertise in gezamenlijkheid en in overleg met cliëntenvertegenwoordigers, streven naar een andere werkwijze bij de meerzorg die per saldo leidt tot een bredere (en daarmee wellicht betere) inzet van de middelen die beschikbaar zijn voor de meerzorg. b. b. personen aan wie zorg wordt verleend komen door het experiment niet in een nadeliger positie te verkeren, dan wanneer het experiment niet zou plaatsvinden; c. c. een zorgaanbieder kan geen beroep doen op extra financiële middelen in verband met deelname aan het experiment.

Artikel 5

Indien de zorgautoriteit het niet langer verantwoord vindt het experiment onveranderd voort te zetten, laat zij mij dat onmiddellijk weten.