40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Aanwijzing kapitaallasten transitiemodel prestatiebekostiging medisch specialistische zorg 2012 | BWBR0030586 | ministeriele-regeling | geldend | 2011-11-02 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0030586 | Aanwijzing kapitaallasten transitiemodel prestatiebekostiging medisch specialistische zorg 2012 |
Aanwijzing kapitaallasten transitiemodel prestatiebekostiging medisch specialistische zorg 2012
Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze aanwijzing wordt verstaan onder:
a. a.
*minister:* de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. b.
*wet:* de Wet marktordening gezondheidszorg;
c. c.
*zorgautoriteit:* de Nederlandse Zorgautoriteit, genoemd in artikel 3 van de wet;
d. d.
*aanwijzing transitiemodel:* de Aanwijzing van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, nr. MC-U-3072825, van 29 juli 2011 inzake transitiemodel prestatiebekostiging medisch specialistische zorg 2012 (Stcrt. 2011, 13950);
e. e.
*transitiemodel prestatiebekostiging:* het transitiemodel geschetst in de aanwijzing transitiemodel;
f. f.
*transitiebedrag:* bedrag als bedoeld in artikel 5 van de aanwijzing transitiemodel;
g. g.
*verrekenbedrag:* bedrag als bedoeld in artikel 6 van de aanwijzing transitiemodel;
h. h.
*aanwijzing overgangsregeling kapitaallasten:* de Aanwijzing inzake overgangsregeling kapitaallasten algemene en academische ziekenhuizen van 22 juni 2010 (Stcrt. 2010, nr. 10255);
i. i.
*overgangsregeling kapitaallasten:* de overgangsregeling kapitaallasten als bedoeld in de aanwijzing overgangsregeling kapitaallasten.
Artikel 2
De zorgautoriteit stelt ter uitvoering van deze aanwijzing beleidsregels en regels vast.
Hoofdstuk II. Kapitaallasten en transitiemodel algemene en academische ziekenhuizen
Artikel 3
Dit hoofdstuk is van toepassing op zorg of diensten als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet welke wordt geleverd door instellingen als bedoeld in artikel 3 van de aanwijzing transitiemodel.
Artikel 4
1. De overgangsregeling kapitaallasten blijft ongewijzigd van kracht en wordt separaat van het transitiemodel prestatiebekostiging toegepast.
2. De zorgautoriteit voert de overgangsregeling kapitaallasten uit met inachtneming van de berekening van de vergoeding voor kapitaallasten die instellingen als bedoeld in artikel 3 behouden na de vaststelling van het verrekenbedrag.
Hoofdstuk III. Overgangsregeling kapitaallasten categorale instellingen
Artikel 5
Dit hoofdstuk is van toepassing op zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet welke wordt geleverd door zelfstandige revalidatiecentra, radiotherapeutische centra en dialysecentra.
Artikel 6
1. De zorgautoriteit voorziet erin dat de instellingen als bedoeld in artikel 5 bij beëindiging van het systeem van budgetbekostiging gedurende een periode van 5 jaar, te rekenen met ingang van 2012, een in omvang afnemende garantie wordt geboden voor de kapitaallastenvergoeding die zij onder budgetbekostiging zouden hebben gehad.
2. De garantie als bedoeld in het eerste lid is uitsluitend van toepassing op de kapitaallasten die betrekking hebben op investeringen die onder het bouwregime van de Wet toelating zorginstellingen (toelating met bouw en vergunning), en diens voorganger de Wet ziekenhuisvoorzieningen (verklaring en vergunning), en de meldingsregeling inzake trekkingsrechten en instandhouding op grond van de wet en diens voorganger Wet tarieven gezondheidszorg, zijn gerealiseerd.
3. De zorgautoriteit neemt daarbij in acht dat instellingen in vertrouwen op continuïteit van het oude bekostigingsregime hebben geïnvesteerd, de exploitatielasten hiervan op korte termijn niet of slechts beperkt kunnen beïnvloeden en zij vooral in de eerste jaren hun kapitaallasten nog voor een belangrijk deel krijgen gegarandeerd.
4.
De garantie wordt voor instellingen als bedoeld in artikel 5 als volgt afgebouwd:
| Jaar | Garantiepercentage |
|---|---|
| 2012 | 90% |
| 2013 | 85% |
| 2014 | 80% |
| 2015 | 75% |
| 2016 | 70% |
| 2017 e.v. | 0% |
Artikel 7
Bij het toepassen van de garantie als bedoeld in artikel 6 houdt de zorgautoriteit rekening met het volgende:
a. a. een suppletie wordt toegekend als de kapitaallastenvergoeding onder het nieuwe bekostigingsregime lager is dan de genoemde garantiepercentages vermenigvuldigd met de kapitaallastenvergoeding onder de door de zorgautoriteit vastgestelde budgetsystematiek in het laatste jaar waarin deze budgetsystematiek wordt toegepast; b. b. de afschrijving van eventuele resterende boekwaarden van buiten gebruik gestelde gebouwen zal regulier met het thans toepasselijke jaarlijkse afschrijvingspercentage van de aanschafwaarde tot uiterlijk 1 januari 2017 in de garantie meelopen (bouw 2%, verbouwingen uit trekkingsrechten 5%); c. c. indien budgetbekostiging later dan met ingang van 2012 wordt beëindigd, blijft de ingangsdatum en einddatum van de regeling ongewijzigd.
Artikel 8
1. De overgangsregeling kapitaallasten als bedoeld in artikel 6 wordt separaat van het transitiemodel prestatiebekostiging voor de instellingen als bedoeld in artikel 5 toegepast.
2. De zorgautoriteit voert de overgangsregeling kapitaallasten als bedoeld in artikel 6 uit met inachtneming van de berekening van de vergoeding voor kapitaallasten die instellingen als bedoeld in artikel 5 behouden nà de vaststelling en de verrekening van het verrekenbedrag.
Artikel 9
De zorgautoriteit voorziet er met betrekking tot de voor de in het budget opgenomen afschrijvingen in dat de immateriële vaste activa die ultimo 2011, met inachtneming van de reguliere afschrijvingen 2011 resteren, volledig ten laste van de budgetten 2011 worden afgeschreven.
Hoofdstuk IV. Overgangs- en slotartikelen
Artikel 10
1. Indien de som van de opbrengsten ten behoeve van de dekking van de kapitaallasten van de instellingen, bedoeld in de artikelen 3 en 5, uit de DOT systematiek, het verrekenbedrag en beschikbaarheidbijdragen naar het oordeel van de zorgautoriteit lager is dan het bedrag waar de desbetreffende instelling op grond van de voor die instellingen geldende overgangsregeling inzake kapitaallasten recht op heeft, wordt door de zorgautoriteit een bedrag per relevante zorgverzekeraar vastgesteld naar rato van het marktaandeel van de desbetreffende zorgverzekeraar per instelling. Onder DOT-systematiek in de eerste volzin wordt volstaan de som van de tarieven die met betrekking tot de zorg verleend door de instellingen, bedoeld in de artikelen 3 en 5, in rekening zijn gebracht of hadden kunnen worden gebracht met toepassing van de beleidsregels die gelden voor het desbetreffende jaar.
2. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien en voor zover bij of krachtens algemene maatregel van bestuur de toepassing van artikel 56a van de wet voor de afwikkeling van het transitiemodel is toegestaan, daartoe op grond van artikel 59, aanhef en onder e, van de wet een aanwijzing aan de zorgautoriteit is gegeven en de zorgautoriteit op grond van die aanwijzing met betrekking tot die afwikkeling beleidsregels heeft vastgesteld.
Artikel 11
Deze aanwijzing wordt aangehaald als: Aanwijzing kapitaallasten transitiemodel prestatiebekostiging medisch specialistische zorg 2012
Artikel 12
1. Met uitzondering van de artikelen 4, 8 en 10, tweede lid, treedt deze aanwijzing terstond in werking.
2. De artikelen 4 en 8 treden in werking nadat het bij koninklijk besluit op 25 mei 2010 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet houdende wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg en enkele andere wetten in verband met de aanvulling met instrumenten voor bekostiging tot wet is verheven en in werking is getreden.
3. Artikel 10, tweede lid, van deze aanwijzing treedt in werking nadat het bij koninklijk besluit op 25 mei 2010 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet houdende wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg en enkele andere wetten in verband met de aanvulling met instrumenten voor bekostiging tot wet is verheven en in werking is getreden, indien en voor zover bij of krachtens algemene maatregel van bestuur de toepassing van artikel 56a van de wet voor de afwikkeling van het transitiemodel is toegestaan en daartoe op grond van artikel 59, aanhef en onder e, van de wet een aanwijzing aan de zorgautoriteit is gegeven.
Artikel 13
Deze aanwijzing wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.