rijk/ministeriele-regeling/besluit-aanvaarding-voogdij-en-gezinsvoogdij-instellingen/BWBR0004659
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit aanvaarding voogdij- en gezinsvoogdij-instellingen BWBR0004659 ministeriele-regeling geldend 1989-12-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0004659 Besluit aanvaarding voogdij- en gezinsvoogdij-instellingen

Besluit aanvaarding voogdij- en gezinsvoogdij-instellingen

Artikel 1

1. Een verzoek van een rechtspersoon tot aanvaarding als voogdij-instelling of als gezinsvoogdij-instelling wordt bij de Minister van Justitie ingediend. Het verzoek gaat vergezeld van de statuten en van het werkplan, bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder h, van de Wet op de jeugdhulpverlening.

2. Over het verzoek worden de kinderrechter en de raad voor de kinderbescherming in het arrondissement waar de instelling haar zetel heeft, gehoord.

Artikel 2

Indien daartoe naar het oordeel van de Minister van Justitie aanleiding bestaat, kan deze van de rechtspersoon verlangen dat hij zijn verzoek mondeling of schriftelijk nader toelicht.

Artikel 3

Het besluit tot aanvaarding op grond van artikel 60, eerste lid, van de Wet op de jeugdhulpverlening vermeldt in elk geval de statutaire naam van de instelling, het gebied waarover haar werkzaamheden zich uitstrekken, alsmede de levens- of wereldbeschouwelijke grondslag.

Artikel 4

Over een voornemen tot intrekking van de aanvaarding worden de kinderrechter en de raad voor de kinderbescherming in het arrondissement waar de instelling haar zetel heeft.

Artikel 5

Van een besluit tot aanvaarding en de afwijzing daarvan, en van een besluit tot intrekking van de aanvaarding, wordt door de Minister van Justitie onverwijld mededeling gedaan aan het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 14 van de Wet op de jeugdhulpverlening in de regio als bedoeld in artikel 4 van die wet, waarin de instelling is gevestigd, alsmede aan de kinderrechter en de raad voor de kinderbescherming in het arrondissement waar de instelling haar zetel heeft.

Artikel 6

In geval de rechtspersoon op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling, op grond van de Beginselenwet voor de kinderbescherming (Stb. 1961, 403) was aanvaard, blijft artikel 1, tweede lid, buiten toepassing voor de behandeling van het eerste verzoek tot aanvaarding krachtens artikel 60 van de Wet op de jeugdhulpverlening. In dit geval wordt het werkplan, bedoeld in artikel 1, eerste lid, in ieder geval zo spoedig mogelijk ingediend.

Artikel 7

Deze regeling kan worden aangehaald als Besluit aanvaarding voogdij- en gezinsvoogdij-instellingen en treedt in werking met ingang van de dag volgende op die waarop het in de Staatscourant is bekendgemaakt.