rijk/ministeriele-regeling/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-ivw-2006/BWBR0020220
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar IVW 2006 BWBR0020220 ministeriele-regeling geldend 2006-09-02 https://wetten.overheid.nl/BWBR0020220 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar IVW 2006

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar IVW 2006

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a a buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 2 van dit besluit; b. b. inspecteur-generaal: de inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.

Artikel 2

Maximaal 300 personen, werkzaam bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel 3

1. De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu, welzijn en infrastructuur, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar aangevuld met de wetten op het gebied van verkeer en waterstaat, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.

2. De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland en daarbuiten voor zover de Nederlandse rechtsmacht strekt en voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.

3. De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld.

Artikel 4

1. Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het Landelijk Parket Team Verkeer.

2. Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het Korps Landelijke Politiediensten.

Artikel 5

De buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover hij strafbare feiten onderzoekt terzake het wegvervoer, is bevoegd bij de opsporing van de strafbare feiten waarvoor aan hem opsporingsbevoegdheid is toegekend, gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993. Hij gedraagt zich daarbij overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel 6

De inspecteur-generaal brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand aan de Minister van Justitie verslag uit over:

a. a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december van dat jaar werkzaam was bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat; b. b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte opsporingsactiviteiten en het aantal gevallen waarin daarbij gebruik is gemaakt van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993; c. c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd; d. d. het aantal klachten dat is ingediend tegen buitengewoon opsporingsambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat en de aard van die klachten.

Artikel 7

Aan de buitengewoon opsporingsambtenaar, genoemd in artikel 2, wordt ontheffing verleend van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, onder de voorwaarden gesteld in het onderdeel semi-permanente ontheffing van bijlage B-IV van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel 8

Ingetrokken worden:

a. a. het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar IVW-DV 2002. b. b. het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar divisie Scheepvaart 2004.

Artikel 9

De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 24 augustus 2006, nr. 5438509/06/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.

Artikel 10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na de datum van inwerkingtreding.

Artikel 11

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar IVW 2006.

Bijlage

Vervallen