40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Utrecht 2001 | BWBR0012245 | ministeriele-regeling | geldend | 2001-02-12 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0012245 | Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Utrecht 2001 |
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Utrecht 2001
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 2.
Artikel 2
De ambtenaren van politie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, van de Politiewet 1993, werkzaam als medewerker centrale opvang bij de regiopolitie Utrecht zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel 3
1. De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van alle strafbare feiten. De opsporingsbevoegdheid dient te worden beperkt tot het opmaken van processen-verbaal van aangifte van strafbare feiten en daarmee verband houdende getuigenverklaringen.
2. De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de politieregio Utrecht.
Artikel 4
1. Het College van procureurs-generaal is bevoegd tot beëdiging van de buitengewoon opsporingsambtenaar.
2. Op grond van dit besluit kunnen maximaal 200 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd.
Artikel 5
1. Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het arrondissementsparket te Utrecht.
2. Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Korpschef van de politieregio Utrecht.
Artikel 6
1.
De Korpschef van regiopolitie Utrecht brengt jaarlijks, voor 1 april, met betrekking tot de onder diens verantwoordelijkheid werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren verslag uit over:
a. a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam in de artikel 2 genoemde functie; b. b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd.
2. Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder, als bedoeld in artikel 5 van dit besluit, alsmede aan het Minister van Justitie, directie Bestuurszaken, afd. IBB, postbus 20300, 2500 EH Den Haag.
Artikel 7
Het Besluit BOA, medewerkers centrale opvang/publieksopvang in de politieregio Utrecht, Nr. 95/6025-7564/Asd, d.d. 18 december 1995, alsmede de daaropvolgende wijzigingsbesluiten worden ingetrokken.
Artikel 8
De op naam gestelde akten van beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, welke zijn uitgevaardigd op basis van de in artikel 7 van dit besluit omschreven besluiten, zijn van kracht tot de aan de in die akten en overige benoemingsbescheiden vermelde geldigheidsdatum.
Artikel 9
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie van de Staatscourant waarin het is geplaatst en werkt terug tot 6 januari 2001 en vervalt op 6 januari 2006.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar medewerkers centrale opvang regiopolitie Utrecht 2001.