40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit mandaatverlening, machtiging en tekenbevoegdheid Wet bescherming persoonsgegevens 2017 | BWBR0039638 | ministeriele-regeling | geldend | 2017-06-17 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0039638 | Besluit mandaatverlening, machtiging en tekenbevoegdheid Wet bescherming persoonsgegevens 2017 |
Besluit mandaatverlening, machtiging en tekenbevoegdheid Wet bescherming persoonsgegevens 2017
Artikel 1
1. De algemeen directeuren, landelijk directeuren en directeuren van de organisatieonderdelen van de Belastingdienst, genoemd in artikel 3, eerste lid, onderdelen a1, b1, b2, c1, c2, d en f, van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003, hebben mandaat voor het nemen van besluiten als bedoeld in de artikelen 30, derde lid, 35, 36, 38, tweede lid, 40 en 41 van de Wet bescherming persoonsgegevens, alsmede voor het nemen van beslissingen op het bezwaar tegen voornoemde besluiten.
2. De functionarissen, genoemd in het eerste lid, kunnen met betrekking tot het nemen van besluiten als bedoeld in het eerste lid ondermandaat verlenen aan door hen aan te wijzen medewerkers van de Belastingdienst.
3. De functionarissen, genoemd in het eerste lid, en de medewerkers, bedoeld in het tweede lid, oefenen de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, onderscheidenlijk tweede lid, niet uit voor zover de afhandeling uitdrukkelijk is voorbehouden door een hogergeplaatste functionaris dan wel de afhandeling door een hogergeplaatste functionaris noodzakelijk of gewenst is.
Artikel 2
1. De functionarissen, genoemd in artikel 1, eerste lid, zijn gemachtigd tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken inzake besluiten als bedoeld in artikel 1, eerste lid.
2. De functionarissen, genoemd in het eerste lid, zijn bevoegd aan onder hen ressorterende ambtenaren ondermachtiging te verlenen tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken.
3. Indien na een procedure als bedoeld in het eerste lid hoger beroep wordt ingesteld, dan wel de uitspraak van de rechtbank mogelijk aanleiding geeft tot het instellen van hoger beroep, wordt het desbetreffende dossier ter verdere afdoening overgedragen aan het cluster Bedrijf/Juridische zaken van het directoraat-generaal Belastingdienst.
Artikel 3
De ondertekening door de functionarissen, genoemd in artikel 1, eerste lid, en de medewerkers, bedoeld in artikel 1, tweede lid, zal luiden als volgt:
De Minister van Financiën,
namens deze,
[naam],
[functie van de (onder)gemandateerde functionaris of medewerker]
Artikel 4
Het besluit van 3 maart 2004, nr. DGB2004/265M wordt ingetrokken.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2017.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaatverlening, machtiging en tekenbevoegdheid Wet bescherming persoonsgegevens 2017.